Met de miljoenen uit Saoedi-Arabië had sportstichting Klabu jaren vooruit gekund

Sport Van de vloed aan Saoedische sportinvesteringen gaan druppels naar liefdadigheid. Dat stelde het Amsterdamse Klabu voor een groot dilemma.

Rohingya-jongeren voetballen in een vluchtelingenkamp in Bangladesh, waar Klabu actief is.
Rohingya-jongeren voetballen in een vluchtelingenkamp in Bangladesh, waar Klabu actief is. Foto Kaan Bozdogan / Anadolu Agency / Getty Images

Het duurde even voordat Jan van Hövell (37) doorhad hoevéél geld er op tafel lag en met wie hij precies te maken had. Het eerste mailtje kwam medio januari via een tussenpersoon en sprak over een partij die geïnteresseerd was in ‘een samenwerking’ met Klabu, het initiatief dat Van Hövell vijf jaar geleden is begonnen om vluchtelingen toegang te geven tot sport. Zulke berichten kreeg hij wel vaker, niets om op voorhand al te opgewonden van te raken.

Maar in de eerste gesprekken werd duidelijk dat het dit keer ging om partij die meer wilde dan een bescheiden bijdrage leveren aan de missie van Klabu, vertelt Van Hövell. Het ging om LIV Golf, een met Saoedisch geld gefinancierde organisatie van nog geen twee jaar oud die wereldwijd professionele golftoernooien organiseert. LIV Golf wilde mogelijk sponsor worden van Klabu. Voor grote bedragen, begreep Van Hövell. „Tonnen dacht ik aanvankelijk, maar dat bleek al gauw om miljoenen te gaan.” In mailcorrespondentie, ingezien door NRC, wordt gerept van een mogelijk ‘budget’ van tien miljoen euro.

Voor LIV Golf is dat kleingeld. Volgens Amerikaanse media gaf de organisatie vorig jaar 784 miljoen dollar uit, vooral aan prijzengeld en contracten om topgolfers aan zich te binden. Voor Klabu waren de bedragen waarover werd gesproken „een droom”, zegt Van Hövell, „iets wat je associeert met tech-startups, niet met sociale initiatieven als Klabu”. Zijn organisatie, afhankelijk van donaties en inkomsten uit de verkoop van zelf ontworpen sportkleding, werkt dit jaar met een budget van 8 ton, vertelt hij.

Klabu, ‘club’ in het Swahili, gebruikt het geld om ‘low-budget’ sportclubs op te zetten in vluchtelingenkampen. Een omgebouwde zeecontainer fungeert als ‘clubhuis’ en ontmoetingsplek waar sport kan worden gekeken. Verder dient de container als een soort sportbibliotheek waar vluchtelingen sportkleding en -materialen kunnen lenen. Op dit moment is Klabu, dat onder meer samenwerkt met de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR, actief in kampen in Kenia, Bangladesh, op Lesbos en in het aanmeldcentrum voor asielzoekers in Ter Apel. Daarnaast organiseert de stichting wekelijks sportbijeenkomsten voor vluchtelingen in en rond Amsterdam.

Luister ook naar deze aflevering van de podcast NRC Vandaag: Waarom bood Saoedi-Arabië miljoenen aan een kleine Amsterdamse sportstichting?

De kracht van Klabu volgens Van Hövell: er is in vrijwel ieder vluchtelingenkamp behoefte aan, want in die vaak massale opvanglocaties is doorgaans niet of nauwelijks iets te doen, terwijl de leefomstandigheden zwaar zijn. Bovendien is het concept relatief makkelijk schaalbaar. De uitrusting van de zeecontainer is overal min of meer hetzelfde. Veel van de materialen – ballen, schoenen, televisies – worden door partnerbedrijven cadeau gedaan. Hoe snel Klabu kan ‘opschalen’, hangt vooral af van de inkomsten die de organisatie weet te genereren.

Intrinsiek gemotiveerd

Met de miljoenen van LIV Golf zou Klabu jaren vooruit kunnen, tientallen clubhuizen kunnen realiseren en vele duizenden vluchtelingen kunnen bereiken, realiseerde Van Hövell zich. In de gesprekken leken vertegenwoordigers van de golforganisatie bovendien „intrinsiek gemotiveerd” om de missie van Klabu te steunen, was zijn indruk. Dat is ook de overtuiging van Sam Shave, directeur van het Brits-Amerikaanse consultancybureau thinkBeyond, dat LIV Golf adviseert over zijn duurzaamheidsstrategie en bemiddelde in het contact tussen LIV Golf en Klabu.

ThinkBeyond heeft zijn opdrachtgever uitgebreid doorgelicht, vertelt Shave in een videogesprek met NRC, en geconcludeerd dat LIV Golf gedreven wordt door een „oprechte wens” bij te dragen aan een meer sociale en groenere wereld. Vorige maand publiceerde LIV Golf nog een ronkende duurzaamheidsstrategie (‘Potential Unleashed’) met de nadruk op de strijd tegen klimaatverandering en hulp aan vluchtelingen. Eerder kondigde de organisatie al aan 100 miljoen dollar voor die missie te reserveren.

Toch waren Van Hövell en zijn team behalve „heel enthousiast” al snel óók ongemakkelijk met het aanbod. LIV Golf wordt gefinancierd door het staatsinvesteringsfonds van Saoedi-Arabië (PIF), een met oliemiljarden gevuld investeringsvehikel dat direct valt onder kroonprins en machthebber Mohammed bin Salman. Sterker, het PIF is „de drijvende kracht achter de oprichting, financiering, het toezicht op en de operaties van LIV Golf”, stelde een Amerikaanse rechter onlangs vast in een rechtszaak waarin de golforganisatie was verwikkeld.

De steun voor Klabu zou, indirect weliswaar, dus komen van de Saoedische staat, een dictatoriaal regime met een slechte mensenrechtenreputatie dat zich volgens Amnesty International schuldig heeft gemaakt aan oorlogsmisdrijven in Jemen. Een land bovendien dat, in de woorden van de Saoedische onderzoeker Eman Alhussein, sport beschouwt als „centraal [element] in zijn rebranding en [economische] diversificatiestrategie”.

LIV Golf is slechts een van de grote sportinvesteringen waar het PIF achter zit. Het Saoedische investeringsfonds is ook eigenaar van de Engelse voetbalclub Newcastle United en meerdere Saoedische topclubs, die de voorbije maanden voor honderden miljoenen dollars topvoetballers als Christiano Ronaldo, Karim Benzema en N’Golo Kanté naar de Golfstaat hebben gehaald. Het moet onder meer bijdragen aan de internationale profilering en aantrekkingskracht van Saoedi-Arabië. „Investeringen in sport, of het nu voetbal is of golf, kunnen helpen om buitenlandse bedrijven en toeristen te trekken”, stelt Alhussein.

Charme-offensief

Door sponsormiljoenen aan te nemen van LIV Golf zou Klabu, hoe klein ook, indirect onderdeel worden van het charme-offensief van Saoedi-Arabië, besefte Van Hövell. Via publiciteit die de golforganisatie zou creëren rond projecten van Klabu bijvoorbeeld. „Tegelijkertijd valt de mensenrechtenreputatie van Saoedi-Arabië, de financier van LIV Golf, moeilijk te rijmen met de missie van Klabu, zegt hij. „Wij steunen juist vluchtelingen die slachtoffer zijn van mensenrechtenschendingen.”

„Ontzettend moeilijk”, noemt Van Hövell de afweging waar Klabu voor stond. In een van de eerste projecten van Klabu, in een kamp voor Rohingya-vluchtelingen in Bangladesh, werkt de organisatie al samen met de liefdadigheidsstichting van voetbalclub Paris Saint-Germain, die op haar beurt weer eigendom is van Qatar, eveneens een land met een dubieuze mensenrechtenreputatie. Het logo van de club is groot op de Klabu-container geschilderd, PSG publiceert er filmpjes en foto’s van op sociale media.

Wat de samenwerking met de stichting van PSG „echt anders” maakt volgens Van Hövell: de aanwezigheid van de Parijse club in het kamp betekent veel voor kinderen die vaak gek zijn van PSG-sterren als Kylian Mbappé en eerder Lionel Messi, zelfs de lokale autoriteiten zijn ervan gecharmeerd volgens Van Hövell. Ook past voetbal, anders dan golf, goed blij Klabu, vindt hij, omdat het een toegankelijke sport is die overal wordt beoefend.

Op 24 maart, ruim twee maanden nadat het eerste contact was gelegd, stuurde Van Hövell een mail naar zijn contactpersonen bij thinkBeyond. Na overleg met de raad van toezicht had Klabu besloten de mogelijke steun van LIV Golf af te wijzen. Op ethische gronden, maar ook omdat het risico bestond dat andere partijen juist níet meer met Klabu geassocieerd wilden worden als het zijn naam verbond aan een golforganisatie die wordt gefinancierd met Saoedisch geld. „We moesten concluderen dat er teveel was dat we probeerden te rechtvaardigen”, schreef Van Hövell. „Het is de zwaarste beslissing die ik heb moeten nemen sinds ik Klabu heb opgericht.”