Met een film over een „typisch disfunctioneel Duits gezin” dat door de komst van een mysterieuze Syrische huishoudelijke hulp beseft dat ze eigenlijk niet met elkaar communiceren en „schijt hebben aan elkaar”, opent donderdagavond de 75ste editie van het filmfestival van Berlijn. Regisseur Tom Tykwer (Lola Rennt) omschreef Das Licht in vakblad Variety als een „hardcore politiek” statement.
De Berlinale vindt dit jaar plaats onder een woelig gesternte. Duitsland kiest volgende week een nieuw parlement en door een reeks aanslagen, donderdagochtend nog in München, werd migratie het kernthema van die verkiezingen. Alles bij elkaar een uitdaging voor de nieuwe directeur Tricia Tuttle, die omzichtig omgaat met de reputatie van de Berlinale als het politiekere broertje van de filmfestivals in Cannes en Venetië.
Salonactivist
Tykwers film is een expliciete satire op linkse Gutmenschen die nobele praatjes hebben, maar vooral met zichzelf bezig zijn. Vader en salonactivist Tim (Lars Eidinger) zou volgens zijn zoon vliegreizen het liefst verboden maken en komt zelf overal in een doorweekt fietspak aan – in het Berlijn van Tykwer regent het veelbetekenend permanent.
Tims eigen vrouw neemt voortdurend het vliegtuig naar Nairobi. Zij wil daar een theater voor de plaatselijke jeugd bouwen, maar is drukker met aan de telefoon hangen over subsidies en zelfmedelijden dan met praten met lokale medewerkers. Hun twee tieners vluchten ondertussen in hedonisme en gamen. Een nieuwe, uit Syrië gevluchte, huishoudelijke hulp met een speciale, flikkerende led-lamp die mensen in een soort bijna-doodervaring brengt, neemt de rol van familietherapeut op zich. Veelzeggend is dat zowel de personages als de kijkers pas laat ontdekken wat haar verhaal eigenlijk echt is.
Het levert een bij vlagen geestige film op, vooral Lars Eidinger als pseudo-intellectuele mansplainer die een aai over de bol wil van zijn vrouw. En de film doet pogingen de gebaande paden bij dit onderwerp te ontwijken met dans-en droomintermezzo’s. Maar het geheel voelt soms kort door de bocht en lijkt op twee benen te hinken. Hopelijk slaagt het gehele festival er dit jaar beter in om entertainment en engagement op een minder gekunstelde manier te laten versmelten.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data128009291-9493ae.jpg|https://images.nrc.nl/odl5FJhnMWbnIqXxHTicNG0h8jA=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data128009291-9493ae.jpg|https://images.nrc.nl/nFbDPXG5FKzyLOSwKYPcxH1kWpU=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data128009291-9493ae.jpg)
Als je de indrukwekkende line-up bekijkt van de eerste editie onder Tuttle, zou dat zomaar kunnen. De Amerikaanse, die eerder leiding gaf aan het BFI London Film Festival, nam het stokje over van Mariëtte Rissenbeek en Carlo Chatrian en is er in geslaagd iets meer Hollywoodnamen en internationale awardslievelingen te strikken. De Berlinale, het eerste grote Europese festival van het filmjaar, miste immers wat glamour in vergelijking met rivalen Cannes en Venetië.
Inhaalslag
Tuttle werkt aan een inhaalslag. Zo zit Richard Linklater (Boyhood) dit jaar in de hoofdcompetitie. Hij komt naar Berlijn met een film over liedtekstschrijver Lorenz Hart, de man die samen met Richard Rodgers verantwoordelijk was voor nummers als ‘My Funny Valentine’. Hoofdrollen zijn er voor sterren als Ethan Hawke en Margaret Qualley.
Tussen de negentien films in de hoofdcompetitie die kans maken op de begeerde Gouden Beer of een van de Zilveren Beren, zit ook de Mexicaanse regisseur Michel Franco. Hij heeft na zijn gelauwerde dementiedrama Memory een verhaal gemaakt over een uit Mexico gevluchte balletdanser die hoopt op steun van zijn geliefde, een Amerikaanse socialite en filantroop. Franco gaf Jessica Chastain net als in Memory een hoofdrol. Zowel Linklaters als Franco’s vorige films gingen in première in Venetië.
De Berlinale-jury die de beren uitdeelt onder leiding van de Amerikaanse regisseur Todd Haynes, heeft dit jaar ook keuze uit de nieuwe speelfilms van Roemeen Radu Jude en van de Zuid-Koreaanse ‘Woody Allen’ Hong Sang-soo of uit de documentaire van Kateryna Gornostai, over hoe in Oekraïense scholen wordt geprobeerd een schijn van normaliteit in stand te houden.
Oscarlieveling ‘Parasite’
Zeer opvallend is ook dat regisseur Bong Joon-ho zijn eerste film sinds Oscarlieveling Parasite in Berlijn in première laat gaan. In sciencefictionfilm Mickey 17 speelt Robert Pattinson iemand die op levensgevaarlijke buitenaardse missies gaat en telkens als hij sterft wordt gekloond. Het is wereldwijd een van de films waar dit jaar het meest naar wordt uitgekeken.
Ondanks het extra sterrenstof dat Tuttle toevoegde aan deze editie, is het duidelijk dat Berlijn zich ook wil blijven profileren als een festival dat politiek niet schuwt. De Berlinale was afgelopen jaar onderwerp van behoorlijk wat controverses. Zo kwam het festival in Duitsland onder meer onder vuur te liggen nadat het Israëlisch-Palestijnse regieduo van de bekroonde documentaire No Other Land tijdens de slotceremonie Israël en de oorlog in Gaza bekritiseerde. Duitse politici beschuldigde hen én het festival vervolgens van antisemitisme en eenzijdigheid.
Tuttle laveert sindsdien omzichtig tussen het steunen van filmmakers, politiek en kritiek uit diverse hoeken, maar lijkt niet van plan de gemakkelijke weg te kiezen. In een statement en vragenstuk op de festivalwebsite liet ze nogmaals weten dat „de Berlinale verschillende opvattingen verwelkomt, zelfs als dit spanningen of controverse creëert”. Al volgt meteen dat er wordt geprobeerd „een omgeving te creëren waarin we naar elkaar kunnen luisteren en leren, en vragen we om een respectvolle dialoog en een zekere culturele gevoeligheid”. Hoe dat er dit jaar concreet zal uitzien, zullen de komende tien dagen uitwijzen.
