Column | Trump met Poetin

‘Schoften regeren de wereld”, schreef ik een poosje geleden, vooral doelend op Trump, Poetin en Xi Jinping. De betrokkenen hebben het zich niet aangetrokken, maar wel bleek bij de Amerikaanse overheid een luis in de pels werkzaam („The enemy within”, noemt Trump dat) die mij in staat stelde mee te luisteren met het recente telefoongesprek tussen Trump en Poetin. Hier volgt een ongekuiste weergave. Primeur!

Trump: „Hallo, Vladi, weer lekker bezig vandaag?”

Poetin: „Ik maak er een rustige dag van, Don. Bommetje hier, raketje daar, liefst op Kyiv, want daar schrikken ze al van één dode. Maar waarom bel je?”

Trump: „Oekraïne natuurlijk. Ik wil er vanaf, ik wil geen pain in the ass overnemen van Biden, die loser. Ik zal het in één dag oplossen, heb ik mijn kiezers beloofd, en jij gaat mij daarbij helpen.”

Poetin: „Ik luister.”

Trump: „Om te beginnen ben ik blij dat jullie bereid waren die Amerikaanse sukkel, ik weet zijn naam niet meer, vrij te laten, die jullie nog jaren wilden vasthouden vanwege bezit van een paar grammetjes stuff.”

Poetin: „Kleine moeite. En verder?”

Trump: „Het wordt tijd dat die Zelensky nu eindelijk eens zijn grote bek houdt. Daar hebben we allebei belang bij, want hij heeft meer invloed dan je van zo’n acteurtje mag verwachten. Hoe gaan we dat doen?”

Poetin: „Nooit toegeven. Schijt hebben aan alles en iedereen. Dat hoef ik jou toch niet te vertellen? We geven hem een stukje bezet land cadeau, zo’n gebied waarop we alles, maar dan ook alles, hebben verwoest. Dat mag-ie dan zelf weer opbouwen. Maar de rest houden we. En Koersk moet hij ook als de sodemieter weer teruggeven. Dat is verdomme van ons!”

Trump: „Rustig maar. We denken met je méé. Dacht je soms dat Oekraïne mij ook maar iets kan schelen? Ik wist niet eens waar het precies lag, maar wél dat het in Europa was. Dus laten die slappe zakken in Europa met hun speelgoedpistooltjes dat maar mooi zelf oplossen. Jij krijgt van ons een leuk gebied cadeau waar je eigenlijk helemaal geen recht op had, je kunt op de Krim blijven, Zelensky houden we zoet met wat vage toezeggingen en in de NAVO komt-ie never nooit. Maar als ik jou was, en dit heb je niet van mij, zou ik Zelensky wel proberen te lozen.”

Poetin: „Daar wordt al aan gewerkt. Maar kun jij hem niet dwingen om op te stappen?”

Trump: „Krijg ik allerlei gezeik mee.”

Er klinkt nu enig geruis op de lijn, opeens is een stem met een zachte g hoorbaar.

Trump: „Verrek, dat is Gurt.”

Poetin: „Géért. We kennen hem hier goed. We hebben hem in Moskou een tijdje geleden in het zonnetje gezet. Hij genóót, al wil hij daar nu liever niet meer aan herinnerd worden. Ik wilde hem niet ontvangen, daarvoor was hij te onbelangrijk. Maar hij is wel een fan van ons allebei. En hij vond dat Nederland leed aan ‘hysterische russofobie’.”

Trump: „Hij doet mij te veel na. Hou ik niet van. Er is maar één Trump, en dat ben ik. Dus ik gooi hem nu van de lijn.”

Poetin: „Wat spreken we af?”

Trump: „Wij geven in ruil voor hun zeldzame aardmetalen nog wat pistooltjes aan Oekraïne, en jij gaat je gang. Deal?”

Poetin: „Yes!”