Kabinet wil meer stikstofruimte via ruimere norm voor natuurverslechtering

Om meer stikstofruimte voor vergunningverlening te verkrijgen, wil het kabinet de norm voor natuurverslechtering ophogen. Het kabinet werkt aan een adviesaanvraag hierover aan de Raad van State, bevestigt een woordvoerder van landbouwminister Femke Wiersma (BBB) na berichtgeving in De Telegraaf.

Het gaat om de zogenoemde ‘rekenkundige ondergrens’, de waarde waaronder stikstofneerslag niet langer wordt geacht de natuur te schaden. Deze grens ligt momenteel heel laag op 0,005 ‘mol’ per hectare stikstof per jaar. Het kabinet wil deze grens optrekken naar 1 mol.

Stikstofcrisis

Het is een van de maatregelen die het kabinet overweegt om uit de slepende stikstofcrisis te komen. Een ministeriële commissie wil begin april met een breder plan van aanpak tegen stikstof komen. Een uitspraak van de Raad van State in december, en een uitspraak in de zaak-Greenpeace in januari dwingen het kabinet om werk te maken van minder uitstoot en natuurverbetering.

Een hogere ondergrens moet onder meer helpen bij een oplossing voor de zogenoemde PAS-melders: honderden boeren die zonder vergunning zitten sinds de Raad van State het voormalige Programma Aanpak Stikstof afkeurde. Meer stikstofruimte moet ook helpen bij woningbouw om de woningnood tegen te gaan. „De meeste PAS-melders zijn dan inderdaad uit de problemen, de meeste woningbouwprojecten ook. Die zitten vér onder de 1 mol ondergrens, dus hebben geen natuurvergunning meer nodig”, zegt Wiersma tegen De Telegraaf.

Rechtszaak

Het kabinet heeft aanpassing van de rekenkundige ondergrens laten onderzoeken door hoogleraar Arthur Petersen, hoogleraar wetenschap, techniek en beleid aan het University College London. Petersen heeft zijn bevindingen aangescherpt na een beoordeling door vakgenoten, en nu zou er een „sterke onderbouwing” liggen, volgens de woordvoerder van de minister. De verwachting is dat de nieuwe rekengrens zal worden getoetst tijdens een rechtszaak.

Milieuwetenschappers zijn sceptisch over het verhogen van de rekenkundige ondergrens. Zij voorspellen dat het versoepelen van het vergunningenbeleid tot een toename van stikstofneerslag zal leiden.

„Je zet de deur op een kier om allerlei kleine stijgingen van de uitstoot – en dus onvermijdelijk de depositie van stikstof – toe te staan”, zei Raoul Beunen, hoogleraar Omgevingsbeleid bij de Open Universiteit, eerder tegen NRC. Die toename laat zich volgens hem moeilijk rijmen met de slechte staat van de natuur.

Nederland loopt momenteel ver achter bij wettelijk vastgelegde doelen om de stikstofbelasting van natuurgebieden te reduceren. Het verhogen van de ondergrens zal de druk opvoeren, constateerden onderzoekers van onder andere het KNMI, het PBL en het RIVM vorig jaar in een onderzoek naar het ophogen van de rekengrens. „Een hogere rekenkundige ondergrens biedt kansen, maar is geen wondermiddel en komt met verantwoordelijkheden”, staat erin.

Noodwet

Een ‘noodwet’ om uit de stikstofimpasse te komen is een andere optie die het kabinet onderzoekt, bevestigde Wiersma vrijdag. Zo’n noodwet is bedoeld om buiten de geldende stikstofregels om alsnog vergunningen voor bedrijfsactiviteiten te kunnen verlenen. Hoe die wet eruit zou komen te zien, is nog onbekend.

BBB, de partij van Wiersma, is al langer voorstander van een noodwet tegen stikstof. „Dit is nog maar het begin. We strijden ervoor dat boeren, bouwers en ondernemers perspectief krijgen en niet langer de dupe zijn van Haagse papieren werkelijkheid”, aldus een persbericht van partijleider Caroline van der Plas van vrijdag.