Opinie | Publiekstrekker

Wie zei dat hulpbehoevende senioren zijn uitgeblust? Mijn vrouw werkt al enkele jaren in een zorgcentrum in de seniorenzorg als beweegcoach. Ze verzint en voert oefeningen uit op maat voor allerlei type patiënten. De animo is redelijk groot maar kan op zijn tijd wel wat beter. Daarom heeft ze onlangs ‘stoeldansen op muziek’ geïntroduceerd, naar blijkt een publiekstrekker. Aangemoedigd door het succes heeft ze een gevarieerde afspeellijst gemaakt maar de vraag is of dát nou wel nodig was. Ze hebben bijna allemaal één favoriet: ‘Stayin’ Alive’, van de Bee Gees.

Wim Kok

Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]


Column | Ontzettend blij met Faber

Als iemand een lintje verdient”, zei Geert Wilders woensdag in de Tweede Kamer, „dan is het minister Faber. Een uitstekende minister, wij zijn ontzettend blij met haar.”

Hoe zou het voelen om zo – tegen het tij in – geprezen te worden? Als een veel bespot kind dat op het schoolplein door zijn vader in bescherming wordt genomen? Prettig of toch vooral pijnlijk? Er leek een vleugje voldoening over het gezicht van Faber te glijden, maar ze viel snel terug in een soort demonstratieve berusting, alsof ze wilde zeggen: „Jullie doen maar.”

Je kunt dergelijke uitspraken van Wilders op twee manieren interpreteren. Hier spreekt een politicus die het contact met de werkelijkheid volledig kwijt is. Of, hier spreekt een politicus die de werkelijkheid probeert te versluieren, juist omdat hij dondersgoed weet wat er gaande is: hij heeft de regering een volledig incompetente minister van Asiel en Migratie opgedrongen.

Als ervaren Wilders-watcher kies ik voor de tweede optie. Wilders beseft terdege dat Faber een misgreep is geweest, hij had destijds veel liever partijgenoot Gidi Markuszower op die positie gehad, maar die viel af vanwege een ongunstig verlopen veiligheidscheck. Toegeven dat Faber een verkeerde keus is geweest, betekent een erkenning van eigen onvermogen – iets wat we nooit van Wilders hoeven te verwachten. Ook daarin is hij een echte trumpiaan: liever voluit in de tegenaanval dan het toegeven van eigen fouten.

Wilders is helemaal niet blij met Faber, hij zou dolgraag van haar afkomen maar beseft dat dit grote politieke schade voor hemzelf betekent. Intussen doet hij alsof die arme Faber het slachtoffer is van tegenwerking door zijn politieke vijanden. Het bracht hem in een heftige confrontatie met Frans Timmermans, die hem van niet mis te verstane repliek diende: „Faber is de grootste prutser die ooit in Vak K gezeten heeft.”

Het was op tv het meest herhaalde fragment uit het debat. Het werd Timmermans hier en daar kwalijk genomen dat hij zijn toevlucht zocht tot zo’n bijna wilderiaanse belediging. Ik vermoed dat Timmermans er geen gewoonte van zal maken, hij gaf alleen even toe aan de invoelbare verleiding om een grote bek met een grote bek te beantwoorden. En het werkte ook nog, want Wilders was de rest van de dag voor zijn doen nogal tam, alsof hij snakte naar het einde van dit voor hem ongemakkelijke debat – het eerste debat waarin Timmermans hem duidelijk de baas was.

Wilders maakt een moeilijke periode door. Hij daalt in de voor hem altijd zo belangrijke peilingen, hij voelt zich tegengewerkt in ‘zijn’ kabinet en hij wordt met terugwerkende kracht steeds kwetsbaarder door de steun die hij de afgelopen jaren heeft verleend aan autocraten als Poetin en – tot op de dag van vandaag – Orbán en Trump.

Deze ontwikkeling veroorzaakt in progressieve kringen enig optimisme over een snelle val van het kabinet-Schoof. Ik deel dat optimisme niet. De regeringspartijen PVV, BBB en NSC dalen aanzienlijk in de peilingen en hebben daarom geen enkel belang bij snelle verkiezingen. Bovendien zal Wilders beseffen dat hij hierna nooit meer aan de macht komt in Nederland, tenzij hij meer dan 75 zetels wint en een regering kan vormen met állemaal uitstekende PPV-ministers waarmee hij ontzettend blij kan zijn.


Maffia, het perfecte kraslotontwerp en meer

Podcastmaker Ian Coss houdt van grootschalige projecten die – zoals hij het noemt – de ‘machinaties van de staat’ blootleggen. In The Big Dig reconstrueerde hij de moeizame geschiedenis van een enorme snelwegtunnel in Boston, die symbool kwam te staan voor het Amerikaanse cynisme rond infrastructuurprojecten. En in zijn nieuwste serie, Scratch & Win, onderzoekt hij de meest succesvolle loterij van de VS: de staatsloterij van Massachusetts. Van de strijd tegen de maffia tot het perfecte kraslotontwerp, van vriendjespolitiek tot belastingprotesten en Amerikanen die tegen beter weten in dromen van rijkdom en succes: Coss laat zien hoe dat alles samenhangt. Zijn historische series zijn voorbeelden van slow listening en zijn stijl vraagt geduld. Maar wie zijn aandacht erbij weet te houden, wordt beloond.


Complotvader drijft gezin uit elkaar

In de podcast Embedded brengt NPR korte journalistieke series met persoonlijke verhalen. Eerder belichtten journalisten van de Amerikaanse omroep er onder meer een Oeigoerse familie in de Chinese surveillancestaat, een sergeant die meedeed aan de bestorming van het Capitool en atletes die niet vrouwelijk genoeg werden bevonden voor deelname aan hardloopwedstrijden. Het nieuwste drieluik is nóg persoonlijker. In Alternate Realities probeert journalist Zach Mack zijn familie te redden. Zijn vader gelooft in complottheorieën, wat het gezin steeds verder uit elkaar drijft. Mack sluit een weddenschap met hem over tien politieke – en voor de gemiddelde luisteraar nogal apocalyptische – voorspellingen, hopend dat de uitkomst daarvan zijn vader van gedachten zal doen veranderen. Maar hoewel Mack wint, valt zijn familie definitief uiteen. Zijn moeder verlaat haar man en zijn lesbische zus verbreekt alle contact met vader die haar seksualiteit niet accepteert. Ironisch genoeg brengt het project vader en zoon juist dichter bij elkaar.


Column | Dokter Galesloot (77) is een fenomeen in Rotterdam-Zuid. Afgelopen week ging hij met pensioen

Dokter Jan Galesloot (grijs piekhaar, 77) gaat zo min mogelijk naar de Afrikaandermarkt. Want dan komt hij er niet meer weg. ‘Goeiemorgen dokter! Hoe gaat het met u?’ De markt ligt vlakbij de praktijk waar hij 42 jaar huisarts was. Hij krijgt er kaas, of een appel, soms een bloemkool of een visje. In Bloemhof, Hillesluis en de Afrikaanderwijk is de huisarts een fenomeen. Afgelopen week ging hij met pensioen.

42 jaar geleden kwam hij als activistische, jonge dokter met lang haar, baard en snor in Rotterdam-Zuid terecht, met vrouw en drie kinderen. Hij zat daarvoor drie jaar in Afrika en kortstondig in Limburg. Het was even wennen. Het Rotterdam ten zuiden van de Nieuwe Maas was altijd al ruig en arm. Ooit werd het de boerenzij genoemd, toen mannen van het Nederlandse platteland erheen trokken om de havens uit te diepen. Daarna migranten uit Spanje, Marokko en Turkije om zwaar werk te doen.

Dokter Galesloot zag in de jaren tachtig en negentig veel patiënten die moe en versleten waren. Kapotte rug. Kapotte knieën. Mensen die Nederland opbouwden na de oorlog, witte Rotterdammers én eerste generatie migranten.

Toen was zwaarlijvigheid nog geen groot probleem. Drie maaltijden per dag, het Hollands prakkie van aardappelen, groente, vlees was nog normaal. Dat eet niemand meer. Hij begon daarna wel steeds meer ‘leefstijlziekten’ te zien. Door ongezond vet en zoet eten, weinig bewegen. En veel stress door weinig geld en schulden. Slecht betaalde baantjes, soms twee naast elkaar. Meer dan medicijnen voorschrijven werd zijn werk uitleggen, uitleggen, uitleggen. Stop met fris en energydrank maak dagelijks een wandeling, dan bent u al een énorme stap verder. Hij denkt aan de Surinaamse vrouw die geen diabetesmedicijnen meer nodig had, nadat ze gezond ging leven.

Iedereen kwam bij dokter Galesloot. Hij ging op huisbezoek. Marokkaanse, Turkse, Nederlandse, Hindoestaanse, Kaapverdische, Eritrese, Poolse, Hongaarse gezinnen. Lege kamers zonder meubels. Of juist lange, fluwelen banken met plek voor dertig gasten. Thee, koekjes, dankbaarheid. Agressie, verdriet en boosheid. God wat is hij gaan houden van de bewoners van zuid, de vele kleine zaakjes, die eindeloze mix van culturen. Overlevers. Iedereen is er anders maar met dezelfde allergie voor minachting. „Voel je je beter dan zij, dan ben je weg.”

Galesloot is geen vechtersbaas maar vocht wel een keer met een junk die zware pijnstillers eiste, in de tijd van heroïneverslaafden. Galesloot zette hem eigenhandig de praktijk uit. „Dat voorval sterkte me, ik durfde vaker ‘nee’ te zeggen. Het maakte me een betere dokter.”

Eén keer was hij bijna weg gegaan. Nachtdiensten, lange dagen en lage tarieven braken huisartsen in armere wijken op. Hij kon een plattelandspraktijk overnemen in Nieuwpoort, aan de Lek. Makkelijke patiënten, beter betaald. Hij zag zichzelf al op een brommertje over de dijk tuffen, dokterstas achterop. Op het laatste moment zegde hij af. Hij bleef waar hij thuis was.

Sheila Kamerman doet wekelijks ergens vanuit Nederland verslag.


Lentekriebels in de rechtbank: is er sprake van laster of vrijheid van meningsuiting?

‘Vieze pedo’s”, roept een man tegen de medewerkers van kenniscentrum Rutgers die donderdagmiddag de rechtszaal in Utrecht binnengaan. Hij is voor hen geen onbekende: vorig jaar stond hij onverwacht en dreigend in hun kantoor, waarna de stichting de beveiliging opschroefde. Toch mag hij de rechtszaal in, als hij zich verder stilhoudt. Hij is gekomen als medestander van de conservatief-katholieke genootschap Civitas Christiana, waartegen Rutgers een kort geding heeft aangespannen wegens het verspreiden van „aanhoudende leugens en laster”.

Als iedereen in de zaal is gaan zitten, begint de advocaat van Rutgers aan haar pleidooi. Ze betoogt dat Civitas al jaren een lastercampagne voert tegen Rutgers. Civitas zou onder de naam ‘Gezin in Gevaar’ leugens verspreiden over Rutgers zelf en over het lespakket voor seksuele vorming dat de stichting heeft gemaakt voor scholen en de Week van de Lentekriebels, een themaweek voor basisscholen die maandag is begonnen.

Seksuele voorlichting is geen wiskunde met harde uitkomsten

advocaat van Civitas Christiana

Dit jaar heeft Civitas een Zwartboek Lentekriebels gepubliceerd, dat als ondertitel draagt: Hoe Rutgers schoolkinderen seksualiseert. Daarin staat dat het kenniscentrum jonge kinderen informatie over seks opdringt waar ze niet aan toe zijn en hen aanzet tot seksuele handelingen, zoals zelfbevrediging en ‘sexting’, het sturen van blootfoto’s en -filmpjes.

Lees ook

Ze willen de paus aan de macht en zien links als groot gevaar voor de westerse cultuur. Wat is Civitas Christiana precies?

Een demonstratie tegen de stichting Civitas Christiana, die een contrarevolutie bepleit: terug naar de christelijke, conservatieve waarden die sinds de Verlichting steeds meer naar de achtergrond zijn verdwenen. Foto Marcel Krijgsman

De advocaat betoogt dat het „aantoonbaar onjuist” is dat Rutgers met het lespakket en de themaweek een gevaar is voor kinderen en aanzet tot onzedelijk gedrag. Goede seksuele voorlichting op school kan helpen om kindermisbruik te voorkomen, zegt zij, omdat kinderen daarbij leren hun grenzen aan te geven en over misbruik te praten. Ze wordt even persoonlijk als ze vertelt over haar zoontje van vier die deze week op school ook les kreeg over de Lentekriebels. Daarbij is echt niets onzedelijks gebeurd, zegt ze.

Volgens de advocaat is het niet Rutgers die seksualiseert, maar Civitas. Die baseert de beschuldigingen op een „extreem conservatieve” en „perverse” blik op voorlichting over weerbaarheid, relaties en seksualiteit.

Geheime agenda

In het zwartboek wordt volgens de advocaat de indruk gewekt dat het normaliseren van pedofilie de ‘geheime agenda’ is achter de Week van de Lentekriebels. Niets is minder waar, betoogt ze. „Rutgers heeft seksueel contact tussen kinderen en volwassenen altijd afgekeurd en zet zich al tientallen jaren in tegen seksueel grensoverschrijdend gedrag en geweld, waaronder kindermisbruik.”

Rutgers vindt het genoeg geweest: dit zwartboek vol desinformatie en laster moet onmiddellijk worden teruggetrokken en gerectificeerd. Dat is dan ook de reden dat Rutgers niet heeft gekozen voor een bodemprocedure, maar voor een kort geding, waarbij sprake is van spoedeisend belang.

Het zwartboek veroorzaakt volgens Rutgers niet alleen onrust bij ouders. Het maakt het voor leerkrachten moeilijk om les te geven over seksualiteit, zoals begin deze week bleek uit een enquête, en zet ook aan tot haat en bedreigingen tegenover medewerkers van Rutgers. „Dat hebben wij zojuist ook weer meegemaakt bij het binnengaan van de rechtszaal”, zegt de advocaat.

Geen wiskunde

Civitas kiest voor de tegenaanval: het is niet het genootschap dat iets moet rectificeren, maar Rutgers. De advocaat dient dit bij de rechter in als tegenvordering. Volgens de advocaat van Civitas Christiana probeert Rutgers Gezin in Gevaar weg te zetten als ‘extreem-conservatief’, „om haar voor het grote publiek in de extremistische hoek te drukken”. Daarmee maakt Rutgers zich volgens hem schuldig aan het verspreiden van lasterlijke desinformatie.

„Seksuele voorlichting is geen wiskunde met harde uitkomsten”, zegt de advocaat. „Mensen kunnen hier anders over denken en mogen hier in een democratische rechtsstaat een andere mening over hebben en die openbaren.” Civitas vindt de inhoud van het lesmateriaal te expliciet, te promotend en gericht op een te jonge doelgroep. Die mening is volgens hem gebaseerd op „uitvoerig onderzoek” en harde feiten. Van leugens, desinformatie of laster zou geen sprake zijn. Rutgers moet als bekende organisatie die zelf vaak media-aandacht zoekt, ook kritiek kunnen incasseren.

Tot een uitspraak in de Week van de Lentekriebels zal het niet meer komen, zegt de rechter. De partijen zullen twee weken moeten wachten.

Lees ook

Blootplaatjes in de klas? Gender in groep 2? Dilemma’s in lesmethodes

Lesstof voor groep 1 en 2 uit de methode 'Kriebels in je buik', van Stichting Rutgers.


Column | Anti-Amerikaanse ideologie in de dierentuin? Maar natuurlijk, die is hartstikke woke!

Arme biseksuele pinguïns, Chinese panda’s en transgender vissen! Meteen laten inslapen of een vuurpeloton? Per decreet liet Trump weten dat het Smithsonian Instituut, de daaraan gerelateerde prestigieuze onderzoeks-, onderwijsinstellingen en musea, en de National Zoo verschoond moeten blijven van anti-Amerikaanse ideologie. Wacht even, de dierentuin? Maar natuurlijk, die is hartstikke woke! „De dierentuin pocht prominent op zijn website dat ze ‘meer dan 2.200 dieren heeft die bijna 400 verschillende soorten vertegenwoordigen.’ Zou er een brutalere omarming van DEI [diversiteit, gelijkheid en inclusie, red.] mogelijk zijn?”, aldus Dana Milbank in een satirische column in The Washington Post, die kennelijk door de censuur glipte.

Na de genders, nu dus de dieren. Ik citeer uit datzelfde verrukkelijke stuk: „Het zou tijd worden, zeg ik. Geen van de 2.200 ‘bewoners’ (zoals de dierentuin ze noemt) is een burger, eigenaar van een green card of zelfs maar in het bezit van een studentenvisum. Vele van hen zijn koelbloedige moordenaars – totale beesten, in feite.”

Uit ervaring weet ik dat dieren, maar ook plekken waar ze zich ophopen, zoals dierentuinen, een doorn in het oog zijn van ultraconservatieve bolwerken. Ooit zat ik in een dierentuinonderzoeksgroep en deed ik onderzoek naar de beeldvorming van apen. Wie zich bezighoudt met dierentuinen, houdt zich per definitie bezig met exotische import, extinctie, evolutietheorie, én met educatie. Ik bestudeerde onder meer hoe humoristen apen inzetten om conservatieve mannelijke leiders te bespotten als evolutionair onderontwikkeld. George W. Bush is bijvoorbeeld vaak met een chimpansee vergeleken, Trump met een orang-oetan (want oranje), en Erdogan met een zilverrug. Trump staat sowieso niet als grote dierenvriend op de kaart; hij is de eerste zonder First Dog in het Witte Huis, vrouwen scheldt hij uit voor ‘vet varken’ en ‘hond’ en migranten ‘eten katten en honden’.

Maar toch, waarom heeft Trump het op een dierentuin gemunt? Zit er een plan achter, of is het om Hillary Clinton te citeren, „hardnekkige domheid”? Hoewel Democraten vaak als ezel worden voorgesteld (Clinton zelf ook), en Republikeinen als olifant, maakt ze hem op meesterlijke wijze een kopje kleiner: niks slim, niks plan, gewoon megadom. Míjn eerste ingeving is dat de natuur angstaanjagend is voor iedere dictator met een afkeer van lhbtiq+. Het dierenrijk is immers een zalige orgie, alles komt daar voor: homoseksualiteit, hermafrodieten, groepsseks, zelf-voortplanting. Doodeng.

Maar instincten zijn er om te wantrouwen, en dus raadpleeg ik een van mijn favoriete filosofen, Rosi Braidotti. Ik bel haar vanaf een drukke kinderboekenbeurs in Bologna. Hoe ziet zij dat, deze jacht op de dierentuin? Ze oppert dat dierentuinen vaak belangrijke onderzoekscentra zijn, die flink investeren in wetenschappelijk onderzoek naar uitgestorven (dier)soorten en klimaatverandering. Precies waar Trump een hekel aan heeft. Ze wijst me ook op kritische denkstromingen als ‘green colonialism’ en ‘ecoracisme’. In het kort komt het neer op de uitroeiing en verwoesting van ‘indigenous’ soorten door westerlingen bij landschapsinlijving. Ze worden vervangen door planten en dieren die voor de nationale identiteit staan, zoals paarden en koeien – soorten die vaak ook problemen opleveren voor het klimaat. Kortom, een dierentuin aanvallen past naadloos in ‘Plan 2025’ dat kolonialisme verdedigt als een goede zaak.

Ik dwarrel over de beurs en overal zie ik afbeeldingen van dieren, want kinderboeken zijn veelal animistische feesten, van pratende dinosauriërs tot wijze aapjes (nieuw decreet?). Ik raak aan de praat met een Amerikaanse drukker, en vraag hoe hij aankijkt tegen de dierentuinkwestie. Hij is cynisch. Overal waar geld is, zal zakenman Trump het opeisen en ‘de Amerikaanse ideologie’ en ‘anti-woke’ opportunistisch inzetten. Smithsonian zal het trouwens wel redden, vermoedt hij, dat drijft op fondsen. Maar zo’n dierentuin, dat is gemakkelijk geld binnenharken, want hier komt er geen Congres aan te pas om Trump te stoppen. Nu we toch op een boekenbeurs zijn, hij heeft nog wel een goed idee voor een boek. Het is eten of gegeten worden! Eating the Rich. A Cookbook, is dat niet wat? Poetin, met welke saus smaakt die het beste? Trump, hoe dien je hem op? Musk, op een bedje van Tesla? Make Eat The Rich Great Again! Geestig, die referentie naar de aloude linkse leuze, maar waar blijven de grote protesten in Amerika? Hij vertelt me dat afgelopen week dertigduizend mensen bij elkaar kwamen om Democraat en activist Alexandra Ocasio-Cortez aan te moedigen. Dat lezen Europeanen niet in het nieuws, want die lelijke brulaap domineert alles. Maar heus, er is beweging, er is verzet. Elke dierentuin zal het bevestigen: inheemse en exotische diersoorten roei je niet zomaar uit.

Stine Jensen is filosoof en schrijver. Ze schrijft om de week een column op deze plek.


Geen overleg, vluchtend in oneliners: minister Faber vaart stoïcijns haar eigen koers

Als minister zou Marjolein Faber „geen partijpoliticus” meer zijn, beloofde ze afgelopen zomer, als kandidaat-minister van Asiel en Migratie namens de PVV. „Ik wil dat er iets gaat veranderen, en veranderen kan ik alleen maar door samen te werken”, zei ze tijdens haar hoorzitting met de Tweede Kamer. Samenwerking was volgens haar niet alleen nodig met Kamerleden, maar ook „met mijn toekomstige collega’s binnen het kabinet”.

De minister lag deze week, opnieuw, overhoop met Kamer en kabinet, omdat ze had geweigerd te tekenen voor de koninklijke onderscheiding van vijf vrijwilligers die zich jarenlang inzetten voor asielzoekers en erkende vluchtelingen. In haar plaats besloten premier Dick Schoof en minister Judith Uitermark (Binnenlandse Zaken, NSC) het Koninklijk Besluit te ondertekenen.

Ik denk dat ze een heel goed oog heeft voor wat ze uiteindelijk wil

Eduard Nazarski
voormalig directeur van Vluchtelingenwerk

Het gedoe rond de lintjes laat zien hoe Faber in haar ministerschap staat. „Hun werk staat haaks op mijn beleid”, verklaarde ze over de vrijwilligers. „Ik sta voor streng asielbeleid.” Het asieldossier was voor de PVV, groot winnaar van de verkiezingen, de belangrijkste reden om in het kabinet te stappen. In het hoofdlijnenakkoord spraken PVV, VVD, NSC en BBB af dat ze het „strengste asielbeleid” ooit zouden voeren. Het belonen van „mensen die meewerken aan het pamperen van asielzoekers” past daar niet bij, vindt ook partijleider Geert Wilders.

Strenger asielbeleid

Waar wil Faber naartoe? „Ik denk dat ze een heel goed oog heeft voor wat ze uiteindelijk wil”, zegt Eduard Nazarski, voormalig directeur van Vluchtelingenwerk. Ze moet weten dat haar beleid „bepaald niet zal helpen om alles soepeler te laten lopen”, zegt hij. Faber weet volgens hem dat „een groot deel van de bevolking” haar steunt „in haar wens tot een strenger asielbeleid te komen”.

Lees ook

Minister Faber komt opnieuw weg met een blunder

Minister Faber komt opnieuw weg met een blunder

Vorig jaar bleek uit een onderzoek dat ze een van de bekendste kabinetsleden is, met een sterk polarisende werking („enthousiasme en afkeuring”. Het is moeilijk om géén mening over haar te hebben. Zeker bij PVV-kiezers kan zij op veel waardering rekenen. Woensdag bleek uit een panelonderzoek dat tweederde van de PVV-stemmers achter haar keuze staat om niet te tekenen voor de lintjes.

Faber laat zien dat ze „onvoldoende in de gaten heeft wat het ministerschap behelst”, zegt een oud-bewindspersoon op het asieldossier. Weliswaar speelt „partijpolitiek een rol bij het maken van beleid”, maar bewindspersonen die hun beleid doorgevoerd willen zien worden moeten ook bereid zijn om te „luisteren”. De minister is degene die bepaalt, legt de oud-bewindspersoon uit, maar „ik wilde alle argumenten voor en tegen horen”.

Al voor haar aantreden als minister baarde Faber opzien met controversiële uitspraken.

Foto Bart Maat

‘Niet onomstreden’

Ze was tweede keus voor het asielministerschap. Wilders had eerst PVV-Kamerlid Gidi Markuszower voorgedragen, maar die was niet door de veiligheidscheck van de inlichtingendienst gekomen.

Ook zij was „niet een onomstreden kandidaat”, vond VVD-leider Dilan Yesilgöz. NSC had ook bezwaren. Na een crisisoverleg met Wilders bonden deze partijen afgelopen zomer in. Met Faber kreeg het kabinet een duidelijk PVV-signatuur.

Ze was sinds 2011 actief voor de PVV, als Statenlid in Gelderland en als senator. Ze deed in het verleden verschillende controversiële uitspraken. Zo noemde ze Tweede Kamerleden „nep-volksvertegenwoordigers”. Ze suggereerde dat de kabinetten-Rutte opereerden als „vijfde colonne”. Ze verkondigde de radicaal-rechtse complottheorie rond omvolking. En bleef volhouden dat haar tweet over de afkomst van een vermeende dader van een steekincident klopte, zelfs nadat het slachtoffer het tegendeel had verklaard.

Dat was het verleden. Met haar voordracht als minister is „een nieuwe situatie” ontstaan, zei ze tijdens de hoorzitting in de Kamer. Ze zou het allemaal anders doen, beloofde ze. „Een bewindspersoon dient zich natuurlijk te gedragen zoals een bewindspersoon betaamt”, zei ze plechtig. Dat is niet gelukt.

Controverses

Inmiddels geldt ze als een omstreden minister, met meerdere controverses op haar naam. Ze opperde het plaatsen van terugkeerborden bij de ingang van asielzoekerscentra, naar niet-bestaand Deens voorbeeld. Liet terugkeerflyers maken voor Syriërs, met de boodschap dat ze het Suikerfeest weer in eigen land kunnen vieren. Zei dat de Oekraïense president Volodymyr Zelensky „niet democratisch gekozen” is. En ze viel premier Schoof openlijk aan, omdat hij haar intrekkingsplannen voor de spreidingswet nog niet op de agenda van de ministerraad wilde zetten.

Inhoudelijk trekt ze met twee asielwetten haar eigen pad, doof en blind voor waarschuwingen en noodkreten van uitvoeringsorganisaties als de IND en COA, de rechtspraak, de Raad van State, de politie, de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Nationale Ombudsman.

Bestuurders die gewend zijn om inhoudelijk over problemen te praten, zien dat Faber kritische vragen vaak als persoonlijke aanvallen opvat.

Foto Bart Maat

Haar asielwetten, specifiek de ‘asielnoodmaatregelenwet’ en het wetsvoorstel over de invoering van een tweestatusstelsel, betekenen een ingrijpende verbouwing van het asielsysteem. Gevreesd wordt voor grotere werkdruk bij de IND en de rechtspraak, maar ook voor de rechtsbescherming van asielzoekers en vluchtelingen. Toch besloot Faber een beperkt aantal uitvoeringsorganisaties slechts een week de tijd te geven om te reageren op de wetten. Vervolgens adviseerde de Raad van State haar dringend om de wetten pas naar de Kamer te sturen als deze op belangrijke punten zouden zijn aangepast en verduidelijkt. Faber legde ook dat advies volledig naast zich neer.

Nog geen kennis gemaakt

Ze lijkt veel vertrouwen te hebben in de meerderheid die de coalitie in de Tweede Kamer heeft. Dat vertrouwen lijkt zo groot dat ze tot zeker eind vorige maand nog geen kennis had gemaakt met Kamerleden die het woord voeren over asiel, zelfs niet die van VVD en NSC. Evenmin heeft ze haar oor te luisteren gelegd bij senatoren wier instemming van cruciaal belang is voor de doorgang van haar wetten.

De coalitie heeft immers geen meerderheid in de Eerste Kamer, de partijen komen acht zetels tekort. De asielminister is aangewezen op rechtse oppositiepartijen als CDA, SGP en JA21 – samen goed voor elf senaatzetels. Handreikingen van deze partijen slaat ze weg. „De wetten zijn goed”, zei ze vorige maand tijdens een asieldebat toen haar werd gevraagd of ze openstaat voor aanpassingen van haar wetten.

De rechtse oppositie is niet ongevoelig voor de grote zorgen bij uitvoeringsorganisaties en de rechtspraak. Die doet Faber echter af als „onzekerheden” die horen bij grote veranderingen. Op vragen van Kamerleden geeft ze nauwelijks inhoudelijk antwoord. „Dit is gewoon hoe het in elk migratie- en asieldebat gaat. Als de vraag één slagje dieper gaat, dan komt er niks. Dan wordt er lucht verplaatst”, verzuchtte CDA-leider Henri Bontenbal woensdag in de Kamer.

Ook buiten de Tweede Kamer wordt het zelden inhoudelijk. Lokale bestuurders vinden haar nog altijd te weinig betrokken. Er is nauwelijks contact. Bijvoorbeeld waar het gaat om de crisis in de asielopvang. Verzoeken om naar Ter Apel te komen, om met eigen ogen te zien hoe het ervoor staat, sloeg ze steeds in de wind. Pas in februari stapte ze in de auto om met de burgemeesters van de gemeentes Westerwolde en Groningen te praten.

Begin december ging Faber kijken bij het begin van de grenscontroles, op de A2 net over de grens bij Eijsden.

Foto Chris Keulen

Bestuurders die gewend zijn om inhoudelijk over problemen te praten, zien dat Faber kritische vragen als persoonlijke aanvallen opvat. Net als in de Tweede Kamer reageert ze dan met oneliners: „Er waait een nieuwe wind”, „de kiezer heeft gesproken” en „wen er maar aan”. Of zoals een commissaris het eerder samenvatte: „De minister heeft heel weinig nodig om een bestuurlijk gesprek te ervaren als een politiek debat met tegenstanders”.

Steun

„In de geschiedenis is het hobbelen van crisis naar incident naar crisis, en dat heeft voortdurend geleid tot strenger asielbeleid”, zegt Nazarski. Problemen en incidenten met asielzoekers hebben vanaf de tweede helft van de jaren tachtig (met de komst van Tamil-vluchtelingen uit Sri Lanka) „steeds weer opnieuw” tot maatschappelijke discussies geleid, en vervolgens tot „aanscherping van asielbeleid”.

Nazarski denkt dat Faber en Wilders zich bewust zijn van die dynamiek. Hij heeft „geen enkele minister meegemaakt” die niet voor strenger asielbeleid was. Maar niemand was zo duidelijk uit op chaos en mislukking als Marjolein Faber, die met haar eigengereidheid en controverses een „rechtvaardiging voor strenger asielbeleid” aan het creëren is, zegt hij.

De lintjesaffaire van eerder deze week had óók een kans kunnen zijn voor de asielminister om zich iets toegeeflijker op te stellen, om aan Kamer en kabinet te laten zien dat ze wel degelijk wil samenwerken. Ze maakte geen excuses, en kon evenmin beloven dat ze het voortaan anders zou aanpakken. Maar ze moest wel iets kwijt. „Weet u, ik doe enorm mijn best op het ministerie, om het beleid om te zetten. En natúúrlijk maak ik fouten. We maken allemaal fouten. Ik ben ook maar een mens. Maar ik ga nog steeds iedere dag met plezier naar mijn werk.”

Lees ook

Ongrijpbaar voor haar ambtenaren, onbereikbaar voor de buitenwereld: minister Faber opereert ‘volstrekt ongebruikelijk’

Marjolein Faber tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer.


Bonobo’s combineren kreten om nieuwe betekenissen aan hun roep te geven

Een hoge gil bij bonobo’s betekent zoveel als ‘ik ben hier’ of ‘kijk naar mij’. En met een lage gil wil een bonobo iets zeggen als ‘ik ben opgewonden’. Maar de combinatie van die twee betekent iets nieuws: ‘stop daarmee’, of soms ook: ‘let op mij want ik heb stress’.

En bonobo’s blijken meer van die ‘kreet-combinaties met nieuwe betekenis’ te gebruiken, uniek voor dieren. Dat blijkt uit analyses van gedetailleerde observaties van de omstandigheden waaronder bonobo’s hun geluiden maken. Uit al die omstandigheden per kreet en kreet-combinatie werd de vermoedelijke betekenis afgeleid, zo schrijven de biologen Mélissa Berthet, Simon Townsend (beiden Universiteit Zürich) en Martin Surbeck (Harvard) deze week in Science. Bonobo’s zijn samen met chimpansees de naaste verwanten van mensen, met een gemeenschappelijke voorouder die ongeveer 8 miljoen jaar geleden leefde.

De drie hechten veel waarde aan het feit dat de combinatie van kreten een ándere betekenis krijgt dan de simpele optelsom van de losse betekenissen. In menselijke taal is zo’n nieuwe betekenis schering en inslag, al denkt de routineuze taalgebruiker er nauwelijks over na. Maar in dierencommunicatie is zo’n ‘niet-triviale compositionele combinatie’ nog niet eerder vastgesteld. Eksterbabbelaars (Afrikaanse savanne-vogels) kunnen bijvoorbeeld wel hun geluid voor ‘matig alarm’ combineren met dat voor ‘samenkomen!’ om te communiceren dat er een gevaar is dat het nodig maakt om bij elkaar te komen, maar dat geldt als niet meer dan een optelsom. Een simpel mensenvoorbeeld van een betekenisverandering dat de onderzoekers geven is het verschil tussen een ‘blonde danser’ en een ‘slechte danser’. De eerste is een triviale combinatie: een simpele optelsom, blond én danser. Maar de tweede niet: het ‘slecht’ slaat niet op de persoon, maar op zijn of haar danstechniek, de slechte danser kan best een goede dokter zijn.

De jonge bonobo Mia reageert op geroep door verre leden van haar groep.
Foto Martin Surbeck/Kokolopori Bonobo Research Project

Een niet-triviale kreetcombinatie van bonobo’s is ook die van het gewone bonobo-piepje (‘ik wil iets’) met het fluitje (‘laten we bij elkaar blijven’) dat in sociaal gevoelige contexten, zoals paringen of machtsvertoon, zoiets gaat betekenen als ‘ik ben de baas’. Een andere niet-triviale combinatie is de piepkreet (‘kom samen’) met de hoge gil (‘kijk naar mij’) die in combinatie een geheel nieuwe rol krijgt in de coördinatie met andere groepen voorafgaand aan een verplaatsing.

Het aantal kreten dat in de analyses gebruikt werd was niet heel hoog: 560 enkele kreten en 175 combinaties, in 400 uur observatie in drie bonobo-groepen in de Kokolopori Bonobo Reserve in de Democratische Republiek Congo. Maar de omstandigheden werden zeer gedetailleerd bijgehouden, in een lijst van meer dan 300 mogelijke ‘omstandigheden’. Een kreet van een moeder die haar zoon achterna rent kreeg bijvoorbeeld de omstandigheden ‘spelen met een man’, ‘moeder-kindinteractie’ en ‘beweging’ mee. De onderzoekers benadrukken verder dat in hun exploratie van deze mogelijke voorloper van menselijke taal bij primaten veel buiten beschouwing is gelaten. Zoals de rol van gebaren, emotionele uitdrukkingen en ook de mogelijkheid dat een kreet ook weleens helemaal géén betekenis kan hebben.


De ontketende Trump roept in eigen kring weerstand op

Terwijl Donald Trump in de winderige tuin van het Witte Huis zijn menukaart met importheffingen presenteerde, borrelde in de Senaat het eerste Republikeinse verzet. Vier partijgenoten stemden woensdagavond voor een poging van de Democratische oppositie om de eerder afgekondigde tarieven tegen buurland Canada ongedaan te maken. Dankzij het kwartet verklaarde een meerderheid van 51 senatoren de noodtoestand ongeldig die Trump voor zijn handelsoorlog heeft uitgeroepen.

Het zal de Trumpiaanse stoomwals over de vrijhandel niet vertragen. De president kan de resolutie moeiteloos naast zich neerleggen zolang het – nog loyalere – Huis van Afgevaardigden er niet mee instemt. Maar het is de eerste keer sinds Trump weer aan de macht is dat zijn partijgenoten in het Congres íéts van weerstand bieden. Tot nu toe lieten ze de president kritiekloos inhakken op zaken die voor veel Republikeinen heilig waren: internationale bondgenootschappen, de rechtsstaat, beveiliging van staatsgeheime informatie en economische stabiliteit. Ze stemmen in met al zijn controversiële kabinetsbenoemingen en laten hem per decreet regeren.

De vier senatoren kiezen bewust Trumps handelsbeleid om zich tegen af te zetten. Zij willen niet aan hun kiezers verbloemen dat de importheffingen hun staten (Alaska, Kentucky en Maine) een economische klap zullen toebrengen. In tegenstelling tot fractiegenoten kunnen de senatoren Lisa Murkowski, Mitch McConnell, Rand Paul en Susan Collins zich de woede van Trump en zijn achterban permitteren, omdat ze een eigen kiezersbasis hebben of hun pensioen naderen.

„Amerikanen weten dat tarieven belastingen zijn”, schreef de libertaire Paul woensdag over de nieuwe heffingen. De andere drie hielden zich stil.

Kosten van levensonderhoud

Trump toont zich in zijn tweede termijn bereid enorme risico’s te nemen. Het lijkt hem niet meer uit te maken hoe hij er in peilingen voorstaat. Wat zijn beleid met de beurzen doet. Dat de werkloosheid toeneemt en het consumentenvertrouwen afbladdert. En zelfs of de Amerikaanse economie in een recessie belandt. „Het kan me niks schelen als (automakers) hun prijzen verhogen”, zei hij zaterdag in een interview. Een uitspraak die Democraten kunnen bewaren voor hun spotjes in komende politieke campagnes, sneerde een commentaar van The Wall Street Journal.

Beurshandelaren op de vloer van de New York Stock Exchange na Trumps afkondiging van invoerheffingen.

Foto Justin Lane/EPA

Veel kiezers stemden op Trump in de hoop dat hij de inflatie zou beteugelen en de kosten van levensonderhoud zou drukken. Zelfs als Trumps gok zich uitbetaalt en de handelstarieven bedrijven dwingen hun productie naar de Verenigde Staten te verplaatsen, wordt dat voorafgegaan door veel onzekerheid en economische pijn. Die gedroomde fabrieken staan er nooit voordat er in november 2026 cruciale verkiezingen zijn.

Deze week mochten kiezers in twee zwaar Republikeinsgezinde districten in Florida en in swing state Wisconsin al naar de stembus. De Republikeinen behielden twee zetels in het Huis van Afgevaardigden, maar scoorden er beduidend slechter dan in november. Een door Democraten gesteunde rechter won eenvoudig een zetel in het Hooggerechtshof van Wisconsin, ondanks dat ‘first buddy’ Elon Musk met ruim 20 miljoen dollar campagne tegen haar voerde. Het is een eerste indicatie dat de steun voor Trump onder Amerikanen – in ieder geval bij diegenen die geneigd zijn op te komen dagen bij tussenverkiezingen – is afgenomen.

De door de Democraten gesteunde kandidaatrechter Susan Crawford viert haar overwinning in Wisconsin op 1 april.

Foto Vincent Alban/Reuters

Derde termijn

Trump speculeert over een ongrondwettelijke derde termijn, maar hij kan zelf niet herkozen worden en dus niet direct door kiezers worden afgerekend. Volgens bronnen van The New York Times hebben zijn beperkte succes in zijn eerste termijn, zijn vier jaar ballingschap en het schot in zijn oor hem „juridisch, electoraal en psychologisch ontketend”. Hij heeft bewindspersonen uitgekozen, zoals minister van Financiën Scott Bessent en minister van Handel Howard Lutnik, die hard met hem meewerken om het tijdperk van globalisering tot een einde te brengen.

Toch is Trump niet immuun voor de publieke opinie. Hij wil de geschiedenis in gaan als een geweldige president, niet als de slachter van de Amerikaanse economie. Hij heeft nog drie jaar en negen maanden om dat voor elkaar te krijgen. De vraag is of zijn partijgenoten dezelfde roekeloosheid behouden, of dat als over een jaar de economische schade aanzienlijk blijkt, ze afstand durven nemen.