Vooral de heel aparte en heel dure woningen doen mee aan de openhuizendag

De route door zijn huis bedacht Marcel de Reus (51) van tevoren: beginnen op zolder, eindigen in de woonkamer. „Want boven is het minst sexy, ik bewaar the best for last”. Wie hem niet kent, zou denken dat De Reus de makelaar is van dit grote vrijstaande huis in IJsselstein, dat sinds februari te koop staat. Maar zijn makelaar is niet aanwezig. Tijdens de NVM Open Huizen Dag, waarvan deze zaterdag de 31ste editie werd gehouden, moeten verkopers zélf hun huis laten zien.

De Reus heeft zich goed voorbereid, op elke vraag heeft hij een antwoord, voor elke tekortkoming een oplossing. De keuken is wat klein? „Hij is wel op maat gemaakt.” De woonkamer is niet volledig vierkant? „Dan lijkt het tenminste niet op een ballroom.” Zelf heeft hij overigens nooit in het huis gewoond. Gekocht nadat zijn relatie op de klippen liep, vertelt hij zijn eerste gasten in het zonverlichte trappenhuis op weg naar de zolder. Die knikken begripvol. „Nu heb ik weer rust in mijn donder”, zegt De Reus. Voorlopig wil hij daarom zijn huidige huis in Culemborg niet verlaten en zoekt hij nieuwe eigenaren voor het huis in IJsselstein.

De landelijke Open Huizen Dag is ontstaan in 2008, omdat de Nederlandse Vereniging voor Makelaars (NVM) de drempel voor potentiële kopers wilde verlagen om een woning te bezichtigen. Maar de markt ziet er tegenwoordig totaal anders uit. „Rond 2011 en 2012 deden er veel meer woningen mee”, vertelt NVM-woordvoerder René Loman. „Toen ging het om 56.000 woningen.” Nu zijn het er krap 6.000, op een woningaanbod van 44.000 beschikbare woningen totaal.

Iedereen die nu een huis zoekt weet: je moet er snel bij zijn. Wie een woning wil verkopen weet: er zijn genoeg mensen die een huis willen. Makelaar Rob Polderman, actief in de omgeving van IJsselstein, buitenstad van Utrecht en vorig jaar „dé favoriet op Funda”, adviseert zijn klanten dan ook vooral niet mee te doen aan deze dag. „Haal je dat niet op je hals, je hebt voldoende bezichtigingen”, laat hij ze weten.

Een open dag is daarom een achterhaald concept in de huidige markt, vindt Polderman. Mensen die actief zoeken houden huizensite Funda namelijk constant in de gaten. Zij hebben genoeg overzicht van het aanbod dat bij hen past en hebben zo’n open dag „helemaal niet nodig”, zegt Polderman. Dat hebben, zo lijkt het, meer makelaars in de populaire stad gedacht: er doen slechts drie woningen in IJsselstein mee, waarvan twee met een vraagprijs van ruim een miljoen.

Onbereikbaar voor Nederlanders met een modaal inkomen. Maar dat geldt voor het woningaanbod in zijn geheel: slechts 1,7 procent van het totale woningaanbod was afgelopen augustus beschikbaar voor een eenverdiener, en 29,1 procent voor modale tweeverdieners, meldde de Hypotheker.

Nelson (51) en Carolina (46) Pereira, de eerste bezoekers van De Reus, laten zich door de vraagprijs niet afschrikken. Ze bedachten deze week dat ze wilden verhuizen. Zij zijn blij met de open dag, want vandaag hoeven zij niet te werken. Én ze hoefden geen makelaar in te schakelen, zegt Carolina. Nelson: „Zo’n concept lijkt me onhandig voor een appartement in een lagere prijsklasse, daar komen te veel mensen op af. Hier is het rustig.” Voor dit huis van 1,2 miljoen is de open dag ideaal, denkt hij.

Goede doorloop

Het goedkoopste open huis dat meedoet is een appartement van 61 vierkante meter in Leeuwarden, met een balkon van vier vierkante meter: 165.000 euro. Het duurste kost ruim drieënhalf miljoen. Daarvoor krijgt de koper een woning van 360 vierkante meter op een terrein van 4 hectare, met daarbij een „complete hippische accommodatie” die „volop mogelijkheden biedt voor de professionele paardenliefhebber”, staat in de Funda-beschrijving. Van de deelnemende woningen hebben net 1.300 woningen een vraagprijs tót 400.000 euro.

Marcel de Reus heeft nooit in het huis dat hij nu verkoopt gewoond.

Foto Mona van den Berg

Bij de woning van Werner Vervaet (51), vraagprijs 850.000 euro, lijkt het in eerste instantie rustig, maar vanaf half 12 zit de doorloop er goed in. „Je koopt de locatie natuurlijk, je koopt een stukje Nieuwendammerdijk”, zegt hij tegen Manuel Schmaranzer (43) en Els Duran (43), zijn eerste bezoekers. Liefdevol toont hij zijn huis aan de idyllische dijk, met de bekende Zaanse gevels, in Amsterdam-Noord.

Vervaet heeft het, vertelt hij ze, zes jaar geleden gekocht, maar vlak daarna vertrok hij naar het buitenland. Tegen de tijd dat hij terugkwam had hij „een totaal andere privésituatie”. Dus gaat hij het huis, waarvoor hij al complete bouwtekeningen voor een grootse verbouwing heeft laten maken, met een beetje pijn in zijn hart tóch verkopen.

Duran en Schmaranzer zijn op zoek naar een woning met iets meer ruimte, voor zichzelf en hun twee kinderen van 6 en 9 jaar, die nu een slaapkamer moeten delen in hun huis in de Pijp. Schmaranzer is al eerder bij het dijkhuis wezen kijken. „We hebben geprobeerd eerder een vervolgafspraak te maken, maar dat lukte niet met de makelaar. Daarom zijn we er nu tijdens de open dag”, zegt Duran. „We zijn geen bezichtigingsfanaten.”

Vervaet steekt niet onder stoelen of banken dat het een huis is dat liefde nodig heeft. „Ik verdoezel niks, what you see is what you get, dus dit deel van het huis moet je afbreken”, zegt hij in het deel waar de keuken is gesitueerd. Ook de Funda-omschrijving verhult niet dat er iets aan het huis gedaan moet worden. „Vergund bouwplan om de woning te verbouwen en uit te breiden tot een woonoppervlak van circa 130 vierkante meter”, is de eerste zin van de Funda-advertentie, waarna het plan van aanpak wordt omschreven.

Het is ook gewoon een leuke dag, ik deed het vroeger ook hoor, een dagje hobby bezichtigen

buurman

Ondanks die verbouwingsplannen komen er veel mensen op het huis af. Terwijl Duran en Schmaranzer nog rondlopen druppelen er ook andere gegadigden binnen. De Nieuwendammerdijk-buurman van Vervaet ondersteunt waar nodig. Een oudere man heeft niet behoefte om de steile trapjes naar boven of beneden te trotseren. „Te gevaarlijk”, zegt hij. Een ander stel laat de Vespa-helmen bovenaan de trap liggen en gaat op de billen per tree de trap af. Weer een ander stel is enthousiast, maar gaat „ook nog bij een huis in Abcoude kijken”. De buurman vindt het allemaal gezellig. „Het is ook gewoon een leuke dag, ik deed het vroeger ook hoor, een dagje hobby bezichtigen.”

Interieurdesigners

Het ís ook leuk, bij andere mensen binnen kijken, maar wat je ziet is niet altijd wat je krijgt. Tijdens de rondleiding bekent De Reus dat van de meubels en aankleding niks van hem is. Het is in februari aangekleed door interieurdesigners. Voor de Open Huizen Dag bracht hij wel wat „persoonlijke accenten” aan. Op de veranda staan gele tuinstoeltjes, binnen draait een JBL-box popmuziek en er staan twee plastic bossen tulpen, omdat hij „onwijs allergisch” is voor stuifmeel.

Over het huis aan de Nieuwendammerdijk gaan Duran en Schmaranzer nog goed nadenken. „Het is wel een flinke klus. En daarbij zou het ook wel een omslag zijn, weggaan uit de stad.”

In IJsselstein zijn Nelson en Carolina Pereira zekerder van hun zaak. „De prijs is fors, maar we gaan thuis even goed rekenen”, zegt Nelson. „We gaan zeker een bodje doen.” En ze waren niet de enigen. Nog twee stelletjes kwamen vandaag langs, uit Utrecht en Breukelen. „Allebei serieuze bieders”, zegt De Reus als hij terugkijkt op de open dag. „De mensen die vandaag zijn langsgekomen hebben het absoluut waardevol gemaakt.”