Uit enquete blijkt: ook kiezers van de PVV zijn in meerderheid voor het versterken van de Europese defensie

De situatie rond de oorlogsdreiging verandert zo snel, dat kan een wetenschapper nauwelijks bijbenen, zegt onderzoeker Riccardo di Leo telefonisch vanuit het European University Institute in Florence. In 2022 publiceerde de als econoom opgeleide politicoloog met twee collega’s een onderzoek naar opvattingen over de dienstplicht in vijftien Europese landen. Destijds zagen Europese politici dienstplicht vooral als een manier om de maatschappelijke betrokkenheid van jongeren te vergroten. Nu gaat het ineens weer over de traditionele opdracht van dienstplicht: verdediging van de landsgrenzen, marcheren, schieten, sneuvelen. „We zijn druk bezig met nieuw onderzoek naar de motieven om dienst te nemen”, zegt Di Leo.

Uit een enquête die onderzoeksbureau Ipsos woensdag publiceerde blijkt dat de zorgen over de oorlog in Oekraïne nu zo groot zijn, dat bijna zes op de tien Nederlanders vindt dat defensie moet worden versterkt. Dat geldt van PVV-kiezers (55 procent) tot aan D66’ers (74 procent). Bijna de helft van de 1.944 ondervraagden in een representatieve steekproef vindt dat het tijd wordt voor een Europees leger in plaats van losse nationale legers. En ruim een derde is voor herinvoering van de militaire dienstplicht die in 1997 werd opgeschort in de euforie van het eind van de Koude Oorlog.

Herinvoering van de dienstplicht is volgens 36 procent van de ondervraagden in de Ipsos-enquête een goed idee

De nieuwe realiteit met Russische agressie op het Europees continent en een nieuwe Amerikaanse president die hier geen halt aan lijkt te willen toeroepen, heeft zo te zien sterke invloed op de Nederlandse publieke opinie. De verschillen in de antwoorden tussen december vorig jaar en eind februari, toen de laatste ondervraging werd gedaan, zijn veelbetekenend. Op een stelling als ‘Nederland moet Oekraïne helpen door NL militairen naar Oekraïne te sturen’ antwoordde in december 11 procent ‘ja’. Nu is dat 25 procent. De oorlog in Oekraïne, waar een jaar geleden nog één op de zeventien Nederlanders zich zorgen over maakte, is nu het belangrijkste politieke thema voor bijna één op de vijf ondervraagden. Alleen migratie en asiel zijn belangrijker thema’s, en het klimaat is even belangrijk.

De verschuivingen in de publieke opinie gaan dwars door alle partijen heen. Kiezers van GroenLinks-PvdA waren in december nog niet erg enthousiast over versterking van de defensie: 38 procent zei dat toen te willen – alleen bij de Partij voor de Dieren lag dat percentage nog lager. Twee maanden en één Amerikaanse machtswisseling later is dat aantal bij GroenLinks-PvdA kiezers bijna verdubbeld naar 68 procent. De Ipsos-onderzoekers noemen het „opvallend” dat „ook kiezers van de PVV in meerderheid (55 procent) voor het versterken” van de Europese defensie zijn. Meer van de ondervraagde PVV-kiezers zijn nu ook vóór (39 procent) dan tégen (25 procent) een gezamenlijk Europees leger. Dat is opvallend omdat PVV-leider Wilders zich jarenlang heeft uitgesproken voor uittreding van Nederland uit de Europese Unie. „Ook rechtse politici en kiezers vinden het moeilijk de veranderingen bij te benen”, zegt Di Leo.

Rekrutering

In zijn onderzoek van 2022 sprak Di Leo nog van een ‘rekruteringscrisis’ in de Europese landen. „De defensie-organisaties in de verschillende landen haalden nooit hun doelstellingen voor het aantal nieuwe rekruten”, zegt hij telefonisch. Maar dat was toen een baan bij het leger niet zozeer leek op te leiden voor daadwerkelijke gevechtssituaties, meer voor vredesmissies. „Nu de balans verschuift naar landsverdediging, kan dat ook de balans tussen kosten en baten veranderen, zowel voor de rekruten als voor de overheid.”

Herinvoering van de dienstplicht is volgens 36 procent van de ondervraagden in de Ipsos-enquête een goed idee. Daarbij moet worden opgemerkt dat het grootste aandeel van de voorstanders (52 procent) te vinden is onder mensen die ouder dan 65 jaar zijn. Bij de ondervraagden tussen 18 en 24 jaar, de leeftijd waarbinnen de dienstplicht zou vallen, is meer dan de helft ronduit tegen.

De bereidheid om zelf dienst te nemen in zo’n leger is dan ook gering: 18 procent van de ondervraagden zegt „bereid en in staat” te zijn om het leger in te gaan als Nederland wordt aangevallen. Dat is 1 procent meer dan bij de ondervraging van december. Op de vraag of ze zouden willen en kunnen vechten als de Europese Unie wordt aangevallen, antwoordt 9 procent instemmend.


Lees ook

Debat over internationale troepenmacht in Oekraïne is voorbarig

President Zelensky met andere wereldleiders op de derde verjaardag van de inval van Rusland in Oekraïne. Foto EPA

Een intrigerend gegeven komt uit de antwoorden op de vraag of de ondervraagde er achter zou staan als een ouder, een kind, een partner of vrienden zou worden gevraagd mee te vechten in een oorlog. Bij een ouder stemt 9 procent in, bij een partner 14 en bij een kind 16 procent. Van vrienden zou 49 procent het prima vinden wanneer die ten strijde moesten trekken.

Over de mogelijkheid dat Nederland zou deelnemen aan een vredesmacht als buffer tussen de Russische en Oekraïense troepen, door premier Schoof nadrukkelijk geopperd, zijn de ondervraagden dieper verdeeld. Stel dat er in die omstandigheden een beroep wordt gedaan op alle Europese landen om deel te nemen aan zo’n vredesmacht, zónder de Amerikanen? ‘Vindt u dan dat Nederland deel moet nemen en er dus ook Nederlandse militairen naar de Oekraïense grens gestuurd worden om dit vredesbestand te bewaken?’ Bijna de helft (48 procent) is hier voor, zonder daar voorwaarden bij te noemen. Een op drie (32 procent) is sowieso tegen. Daar zijn ondervraagde kiezers van partijen als PVV (52 procent), Denk (71 procent) en Forum voor Democratie (75 procent) in (grote) meerderheid tegen. GroenLinks-PvdA is daar koploper: 68 procent van ondervraagden die op deze partij stemmen, is voor Nederlandse deelname aan een vredesmacht.


Lees ook

Heractivering dienstplicht? Dan eerst meer opleiders, oefenterreinen en wapentuig

Een oefening van Defensie bij Welsum in het kader van het internationale Steadfast Defender.