N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Studentenwoningen Momenteel wonen zo’n 400.000 Nederlandse studenten uit huis en ruim 350.000 studenten thuis. Slechts 19 procent van de thuiswonenden geeft aan er geen behoefte aan te hebben om het ouderlijk huis te verlaten.
Voor 48 procent van de thuiswonende studenten zijn de hoge kosten – vooral huur – de belangrijkste reden om thuis te blijven wonen. Foto Ramon van Flymen/ANP
Het aandeel uitwonende Nederlandse studenten is sinds de invoering van het leenstelsel in het studiejaar 2015-2016 gedaald van 53 procent tot 44 procent dit jaar. Dat blijkt uit donderdag verschenen cijfers van de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting, van branchevereniging Kences. De daling komt door de eerdere afschaffing van de basisbeurs, waardoor studenten minder geld hebben om de huur van een kamer te kunnen betalen, maar ook door het grote tekort aan kamers. Hierdoor woont een kwart van de 25-jarige studenten nog thuis.
Momenteel wonen zo’n 400.000 Nederlandse studenten buiten hun ouderlijk huis, terwijl ruim 350.000 studenten thuis wonen. Van die laatste groep zou een aanzienlijk deel wel degelijk graag op kamers willen wonen. Voor 48 procent van hen zijn de hoge kosten – vooral huur – de belangrijkste reden om toch thuis te blijven wonen. Zo’n 20 procent geeft aan thuis te wonen omdat ze geen geschikte woonruimte kunnen vinden. Dit woonprobleem heerst vooral in de studentensteden Amsterdam, Delft, Eindhoven, Leiden, Nijmegen, Rotterdam, Den Bosch, Utrecht en Zwolle. Slechts 19 procent van de thuiswonenden zegt er geen behoefte aan te hebben om op kamers te wonen.
Het absolute aantal uitwonende studenten in Nederland is wel toegenomen vergeleken met het studiejaar 2015-2016. Dat komt doordat het aandeel internationale studenten sinds 2015 is gestegen van 9 procent tot 16 procent. Vrijwel alle internationale studenten hebben volgens Kences een studentenwoonruimte nodig als ze in Nederland komen studeren.
De Franse rechter had zijn vonnis over de frauderende mevrouw Le Pen nog niet uitgesproken of het Kremlin reageerde al. Ze hadden het over het schenden van democratische normen. Vooral dat ‘schenden van die democratische normen’ was natuurlijk onbedaarlijk grappig. Zal iemand dat in Moskou zonder lachen hebben zitten tikken? Ik vrees van wel. Dat is de tragiek. Ze menen wat ze liegen.
Waarom krijgt die Franse rechter nou de schuld dat hij die ultrarechtse madame het eventuele presidentschap ontzegt? Die rechter heeft toch niet lopen klootviolen met EU-geld? Dat heeft mevrouw Le Pen toch zeer bewust zelf gedaan? En als je zoiets doet mag je niet meedoen aan de verkiezingen. Dat is de wet. En de rechter hanteert die wet. Daarom begrijp ik alle ophef niet. Marine hoopt nu dat ze er in hoger beroep genadiger vanaf komt. Ik hoop dat de rechter zijn poot stijf houdt. Musk weet hoe je dat doet.
Ondertussen waren we hier met veel belangrijker zaken bezig. Lintjesgate. Mevrouw Faber was aan de beurt. Zij is die minister die ooit als enige bordjes in Denemarken zag hangen die er niet hingen en er nog steeds niet hangen. Zij is ook degene die nog niet zo lang geleden zonder blikken of blozen aan Jaïr Ferwerda vertelde dat Zelensky niet democratisch gekozen was. Nu hoor ik u denken: Jaïr Ferwerda? Dat is toch die lieverd van RTL die alleen nog door Beau gedoogd wordt? Die zou ik voor de grap ook van alles wijsmaken.
Dat kan, maar die arme Faber haalde geen geintje uit met deze Kuifje van RTL. Ze meende het. Wist zij veel. Daarna kreeg ze in het Catshuis van iets slimmere collega’s een spoedcursus ‘Geopolitiek voor Dummies’ en kwam ze schoorfoeterend terug van haar domme woorden. Waarna ze angstig naar binnen vluchtte. Ik heb het nog steeds over een minister!
Nu ging het weer mis met die lintjes voor vrijwilligers die weleens iets gedaan zouden kunnen hebben wat haar niet zinde. Namelijk kansloze vluchtelingen geholpen. Inderdaad schande. En wat heerlijk principieel dat ze daar openlijk tegen ageerde.
Wat dat betreft heb ik nog wat tips voor haar:
1. Komende weken geen asperges eten want dat witte goud is gestoken door illegale arbeidsmigranten of ander visumloze scharrelpolen.
2. Ook geen zakjes gesneden groenten bij de supermarkt kopen omdat die allemaal gesneden, gewassen en verpakt zijn door mensen zonder een behoorlijke verblijfsvergunning. Daar zit voor alle beroepspopulisten echt een hele nare bijsmaak aan.
3. Dat geldt ook voor tomaten, paprika’s, courgettes en ander in kassen gekweekt voedsel. Daar is geen Nederlands handje aan te pas gekomen. Hooguit een grote muil om ze op te jutten.
4. Controleer ook nog even wie dagelijks de koeien, varkens en kippen een kopje kleiner maken en daarna vakkundig uitbenen.
Het lijkt me prachtig als de principiële Marjolein zich dit realiseert. Misschien heeft ze als migratieminister afgelopen donderdagavond naar de uitstekende uitzending van Lubach gekeken. Die maakte ons maar één ding overduidelijk: zonder migranten zijn we kansloos. En zonder Faber?
Ondertussen wordt Wilders steeds wanhopiger. Deze week werd hij meedogenloos afgetroefd door Timmermans, die het bijna vergeten woord ‘prutser’ inzette toen hij het over mevrouw Faber had. Marjolein die ondertussen als een demente oma voor zich uit bleef kijken en deed of onze Frans het over de coach van PSV had.
Tot slot heb ik een tip voor Geert: doe die schutterende Schoof een lol en geef hem eervol ontslag. Daar smacht hij naar. Leen daarna Faber uit aan Trump, die haar aan de Mexicaanse grens bordjes laat ophangen. Naar Deens model.
En doe links en rechts Nederland een lol: benoem Ingrid Coenradie met bloedspoed tot premier. Ik hoef niemand uit te leggen waarom. We hunkeren naar deze Rotterdamse niet-lullen-maar-poetsenmevrouw. Geen woorden, maar daden. Wat hebben we haar nodig.
En misschien durft zij dan als enige Europese regeringsleider hardop tegen die enge Erdogan te zeggen dat hij een griezelige, fascistische dictator is die niets binnen de NAVO te zoeken heeft.
Net als tegenwoordig met e-bikes wisselden fietsen in de jaren zeventig vaak onvrijwillig van eigenaar. Zo ook in Groningen. Het werd daar zo erg dat het College van Bestuur van de Rijksuniversiteit zich genoodzaakt voelde een bericht te sturen naar alle instituten en laboratoria. Hierin stond dat als je gesnapt werd bij het stelen van een fiets, dat zeer nadelige gevolgen voor je loopbaan kon hebben. Een student van het laboratorium voor Technische Natuurkunde had hier onder geschreven: ‘Als je een fiets hebt, heb je geen loopbaan nodig!’
Kees Meijer
Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]
Het was een aardig bord dat Donald Trump woensdag deze week omhooghield toen hij een drastische verhoging van Amerikaanse invoerheffingen bekend maakte. Maar de cijfers die erop stonden sloegen nergens op. Economen hoefden zich maar kort het hoofd te breken over de vraag waar de importheffingen die de Amerikaanse president bekendmaakte vandaan kwamen. Het bleek al snel een ruwe, amateuristische calculatie te zijn die, op basis van het handelsoverschot van elk land met de VS, moest aantonen welke heffingen en beperkingen er kennelijk werden losgelaten op in te voeren Amerikaanse goederen. En dáár stonden nu, op het bord, ‘wederkerige’ cijfers, door te voeren door de VS, tegenover.
Het resultaat: torenhoge heffingen voor goederen uit China van 34 procent, bovenop wat al van kracht was, Vietnam (46 procent), Thailand (36 procent), de EU (20 procent) of Japan (24 procent). Rusland werd niet genoemd. Wél een goeddeels onbewoonde eilandengroep bij Australië waar zich vooral pinguïns ophouden.
De gang van zaken zou lachwekkend zijn, als er niet zulke forse consequenties waren: duurdere goederen zorgen voor hoge inflatie, met name in de VS. Als andere landen met eigen heffingen terugslaan, verhogen ze ook de invoerprijzen in eigen gebied. De economie zal onder de maatregelen leiden, de rente wordt hoger dan voorzien en een wereldwijde recessie is niet langer ondenkbaar.
Amerikaanse aandelen verloren donderdag in totaal 5,1 procent aan waarde. Dat staat gelijk aan 2.800 miljard dollar, of ruim 2.500 miljard euro – zo’n anderhalf maal het Nederlandse pensioenvermogen. Ook in de rest van de wereld waren de verliezen omvangrijk. Op vrijdag bleven de beurzen in mineur. Niet alleen techbedrijven zakken weg. Ook, en gevaarlijker, de banken en verzekeraars.
Niets blijkt daadwerkelijk te zijn onderzocht door de regering-Trump. De meest gangbare diagnose voor het Amerikaanse handelstekort – het land geeft meer uit dan het spaart – is terzijde geschoven ten faveure van een bedacht slachtofferschap van vals spel door het buitenland. Ruimte voor snelle onderhandelingen is er nauwelijks: op deze schaal hebben de Amerikaanse autoriteiten daar simpelweg de capaciteit niet voor. Tenzij de maatregelen, wederom zonder oog voor detail, weer even makkelijk worden ingetrokken als ze zijn doorgevoerd.
Wat rest is de indruk van een bijna kwaadaardige lichtzinnigheid waarmee de VS onder Trump in luttele maanden de internationale economische orde afbreken die zij zelf na de Tweede Wereldoorlog hebben geschapen. De roekeloosheid betreft ook de internationale politieke en militai+ verhoudingen. En binnenlands is de sloop van de rechtsorde in Amerika ook in volle gang.
Wat moet, en kan, het antwoord van de rest van de wereld daarop zijn? Een afweging maken tussen incasseren, terugslaan en het zoeken naar alternatieven. Negeren zou economisch gezien de verstandigste oplossing zijn. Volgens veel economen zullen landen die erin slagen hun handel buiten de VS om in stand houden, het best af zijn.
Dat alles blijkt voor veel getroffen landen te veel gevraagd. Vrijdag kondigde China aan de Amerikaanse strafheffing van 34 procent te beantwoorden met exact datzelfde tarief voor Amerikaans producten. Canada deed donderdag hetzelfde: Amerikaanse importen worden met 25 procent extra belast. Europa en veel andere landen beraden zich nog op tegenmaatregelen. Economisch misschien niet de verstandigste route, vanuit een onderhandelingsperspectief wel te begrijpen.
Helemaal negeren is daarbij ook onmogelijk: sinds de Tweede Wereldoorlog zijn de VS, en dan met name hun munt, de dollar, het epicentrum van de wereld geworden. Maar het had ook risico’s: de Amerikaanse mondiale dominantie – die via de dollar ook diplomatiek en militair werd – werd te gemakzuchtig als vanzelfsprekend en zelfs gewenst beschouwd. Dat lijkt een misvatting. De wereld heeft te lang geleund op het idee dat de VS zich te allen tijde een betrouwbare partner zouden tonen. Waarschuwingen dat het mondiale betalingsverkeer te zeer afhankelijk was van de VS zijn genegeerd, zoals ook nu de mondiale afhankelijkheid van Amerikaanse tech-bedrijven (van Meta tot Microsoft) tegenacties nauwelijks mogelijk maakt.
Het is een harde les die Trump met zijn egopolitiek nu afdwingt, maar wellicht een die op langere termijn een evenwichtiger wereld oplevert. Te veel macht in handen van één partij is altijd verkeerd. De politieke situatie binnen de VS laat dat dagelijks zien, maar het geldt evengoed voor de rol die de VS in de wereld hebben gespeeld. Een vriend kan altijd een vijand worden. De prijs die nu voor deze naïviteit betaald wordt is hoog.