Op de tafel liggen zeven voorwerpen: drie rammelaars, een trommel, een leren schild, een penning die ooit onderdeel uitmaakte van een hoofdtooi en een groot pakket, ingepakt in een deken. In het pakket zit de Póhojèt wintertrommel. Met de deken eromheen is het muziekinstrument – na 142 jaar tentoongesteld te zijn geweest – nu onttrokken aan het zicht; er mogen ook geen foto’s van worden gemaakt.
„Het genezingsproces kan nu beginnen”, zegt Omar Villaneuva, war captain van de Ysleta del Sur Pueblo en in deze functie verantwoordelijk voor alle ceremoniële voorwerpen van de gemeenschap uit El Paso, Texas.
Villaneuva is vandaag, donderdag 20 maart, in het Wereldmuseum Leiden voor de officiële restitutie van de zeven voorwerpen. Hij is met zes andere afgevaardigden uit de Verenigde Staten afgereisd om ze in ontvangst te nemen. In ceremoniële kleding nemen ze plaats voor de plechtigheid. De avond ervoor hebben zij de deken om de trommel gewikkeld tijdens een eerste rituele ceremonie achter gesloten deuren. Vanaf nu bepalen zíj wat er met de voorwerpen gebeurt. „Hij is jarenlang tentoongesteld als levenloos voorwerp”, zegt Villaneuva, „terwijl hij voor ons leeft. Je moet hem voeden, verzorgen en hij moet herenigd worden met zijn broer.”
Zijn broer, daarmee doelt Villaneuva op de zomertrommel die nog in het bezit is van de Ysleta del Sur Pueblo, die deel uitmaakt van het inheems Amerikaanse Tigua volk. De gemeenschap bestaat wereldwijd uit ongeveer 4.500 mensen. Binnen hun cultuur staan de twee trommels centraal, een voor de zomerdansen en een voor de dansen in de winter. Maar 142 jaar geleden werd er een van hen afgenomen.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719331-f83d11.jpg|https://images.nrc.nl/VpAn1wx4OduM1bSLEFcap_kRVfA=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719331-f83d11.jpg|https://images.nrc.nl/TMtw7eCtQqSibJtwbBZir7ZWmLM=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719331-f83d11.jpg)
Herman Frederik Carel ten Kate jr. (1858-1953), Nederlands antropoloog en professioneel avonturier, reisde de wereld over. Vaak was dit in opdracht van Nederlandse opdrachtgevers, om zo informatie of voorwerpen te verzamelen. Zo bezocht Ten Kate jr. de Ysleta del Sur Pueblo in 1882, waar hij de war captain Bernardo Holguin, een voorganger van Villaneuva, wist te overtuigen vijf voorwerpen te verkopen. In zijn reisverslag schrijft ten Kate dat Holguin de volgende dag spijt heeft van de verkoop, maar Ten Kate jr. was niet van plan de spullen bij de stam te laten: „Met moeite hield ik vast aan wat ik had verworven en bovendien kon ik nog een van zijn grijze lokken bemachtigen.”
De voorwerpen kwamen terecht in de collectie van het huidige Wereldmuseum Leiden, waar ze nu na ruim 142 jaar en vier afgewezen restitutieverzoeken werden teruggegeven aan hun rechtmatige eigenaren.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719356-3afedc.jpg|https://images.nrc.nl/faQq_FwypRBZXRIhZJeRoE1-uZg=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719356-3afedc.jpg|https://images.nrc.nl/3na7pS29CdEFjpwtmRnkuXIJF7Q=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719356-3afedc.jpg)
Koloniale context
De teruggave is bijzonder. Het is voor het eerst dat er wordt gerestitueerd aan de Verenigde staten. In deze kwestie is er niet direct sprake van een koloniale relatie met Nederland. Toch is het handelen van Ten Kate jr. in een koloniale context te plaatsen, en past bij de manier waarop het Westen eeuwenlang is omgegaan met inheemse volkeren over de hele wereld. Lilian Gonçalves-Ho Kang You, voorzitter van de Commissie Koloniale Collecties, onderstreepte in een korte speech de conclusies van het rapport: Herman ten Kate jr. „aarzelde niet om omkoping en dwang te gebruiken”, zei ze. Daarnaast, zo stelt ze, was Bernardo Holguin in zijn rol als bewaarder niet bevoegd de voorwerpen te verkopen.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719544-aa6ee2.jpg|https://images.nrc.nl/QvRFyHBDXk_IG10ZTdnMC_JgwPI=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719544-aa6ee2.jpg|https://images.nrc.nl/hniEjKoZ1N4T1nH7RuRASuesQgM=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719544-aa6ee2.jpg)
Ook is het de eerste keer dat Nederland voorwerpen teruggeeft aan een specifiek volk, niet aan een land, zegt Christianne Mattijssen, directeur Erfgoed & Kunsten bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: „Normaal gesproken gebeurt restitutie van land tot land, maar ditmaal vroeg de Amerikaanse federale overheid ons om het direct met de Ysleta del Sur Pueblo te regelen. Normaal gesproken gaan objecten terug naar een land om vervolgens tentoongesteld te worden in een museum. Maar nu gaan ze naar de mensen zelf, om weer gebruikt te worden.”
De eerste restitutieaanvraag werd gedaan in 1967, vertelt E. Michael Silvas, gouverneur van Ysleta del Sur Pueblo. Deze werd afgewezen, evenals aanvragen in 1990, 2012 en 2017. Hier werden in de loop der jaren verschillende redenen voor gegeven. Zo zouden de voorwerpen legaal volgens de Amerikaanse wetten door Ten Kate jr. zijn gekocht of ze werden bijvoorbeeld als niet ‘essentieel voor de uitvoering van traditionele gebruiken’ geacht. „Bij ons laatste verzoek werden de voorwerpen wel een aantal jaren uitgeleend, op voorwaarde dat ze werden tentoongesteld in het El Paso Museum of History.” Villaneuva valt bij: „Toen konden ze ons gebruiken om de expositie mooi in te richten, maar we mochten de voorwerpen verder niet gebruiken.” In 2019 ging alles weer terug naar Leiden.
/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719476-9f5973.jpg|https://images.nrc.nl/3hFzEKoirJyo7BAc5NauTTL5uro=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719476-9f5973.jpg|https://images.nrc.nl/55xkwqeg5MhR_kRmLCAm9Fab8OY=/5760x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data129719476-9f5973.jpg)
Erkennen van onrecht
Maar na bijna 60 jaar van afgewezen aanvragen, was de laatste in 2024 wél succesvol en krijgt het volk alles onvoorwaardelijk terug. Hoe dat voelt? Silvas aait de deken van de wintertrommel en zegt: „Ik voel zo veel tegelijk. Onze voorvaderen hebben onze gebeden gehoord.”
Waarom hebben de Ysletas del Sur Pueblo zo lang moeten wachten op hun voorwerpen? Wayne Modest, inhoudelijk directeur het Wereldmuseum, ziet dat er nu verschillende dingen samenkomen: „Er is nu nationaal beleid, er is meer erkenning voor koloniaal onrecht en het Wereldmuseum is erg toegewijd aan gedegen herkomstonderzoek, waardoor teruggave nu eindelijk mogelijk is. Hoe we met ons verleden omgaan is aan het veranderen en vooral: hoe we het gebruiken om de toekomst vorm te geven. Lang hebben we in musea vanuit ons perspectief naar andere culturen gekeken, nu helpen zij zelf mee om het narratief over hun cultuur te vormen.”
De delegatie van de Ysleta del Sur Pueblo, stapt bijna meteen na de overdrachtsplechtigheden in het vliegtuig terug naar Texas. Villaneuva zal de rest van zijn leven waken over de spullen. „Je hebt deze rol voor je leven en het is mijn hele leven. De wintertrommel gaat eindelijk naar huis, daar kan hij genezen en verenigen we hem weer met zijn broer.”
