‘YouTuber and Spermdonor’ noemt Jonathan Meijer zichzelf. Met 25.000 volgers online en zo’n 500 tot 3.000 kinderen in de echte wereld lijken zijn twee beroepen elkaar nu te kruisen. In zijn online content geeft hij advies over het eten van rauwe varkenshersenen, de vermeende onzin van zonnebrandcrème en doet hij oproepen aan ‘teenage boys’ om een ‘tradwife’ te zoeken die op henzelf lijkt.
Deze week stond hij in de rechtbank tegenover Stichting Donorkind, die hem in een kort geding beschuldigt van het ongewenst contact zoeken met en beïnvloeden van donorkinderen en hun ouders via zijn YouTube-kanaal. Donorcontracten schrijven voor dat donoren niet zomaar contact mogen leggen met kinderen. Meijer zou deze maatregelen met zijn publieke video’s omzeilen en dus eist de stichting dat hij stopt met zijn kanaal.
Verbod
In 2023 stonden de twee partijen al tegenover elkaar in de Haagse rechtbank. Toen besloot de rechter dat Meijer geen zaad meer mocht doneren aan nieuwe wensouders en dat hij al zijn advertenties, ook die onder pseudoniemen, direct moest verwijderen. Tussen 2007 en 2019 doneerde Meijer, die internationaal bekend werd door de Netflix-documentaire ‘The Man with 1000 Kids’, zijn sperma via officiële spermabanken en onofficiële fora en websites wereldwijd. Hoe vaak hij doneerde en waar is niet bekend. Hij begon hiermee omdat hij naar eigen zeggen „iets goeds” wilde doen. Tegen vrouwen die gebruik maken van zijn diensten zegt hij dat 25 kinderen, de Nederlandse richtlijn, zijn maximum is.
Hoeveel donorkinderen er achttien jaar later precies zijn is niet duidelijk. Zelf zegt Meijer dat het er 550 zijn en dat hij het verwerpelijk vindt om over kinderen te praten in nummers: „Het zijn unieke individuen met een eigen ziel.” In de Netflix-documentaire ligt de schatting rond de drieduizend donorkinderen. Meijer noemt de documentaire, waarin een benadeelde moeder hem een ‘god-complex’ toeschrijft, een „propagandafilm vol leugens”.
Ties van der Weer, zelf donor en verbonden aan Stichting Donorkind stelt dat zijn handelswijze verwerpelijk en schadelijk is. „Er is wetenschappelijk bewijs dat dit incest kan veroorzaken en dat het negatieve psychosociale gevolgen kan hebben voor donorkinderen.” Veel kinderen zijn benieuwd naar hun afkomst en gaan daar actief naar opzoek. „Het is nogal wat als je opeens honderden broers en zussen blijkt te hebben”, aldus Van der Weer.
Vanuit elke keer een ander land adviseert hij jongeren om geen opleiding te volgen en geen baan te zoeken: dat zou slavernij zijn
De zelfbenoemde ‘ooievaar uit Den Haag’ koketteert op zijn YouTube-kanaal „de BESTE en nobelste, loyaalste en eerlijkste spermadonor” te zijn. Waar hij in het begin nog vlogte over investeren in crypto en kwaadaardige tandartsen, geeft hij nu vooral tips over het leven in bredere zin. Zijn laatste video’s zijn neemt hij op in Zurich, Toronto, Rimini en Winterberg. Vanuit elke keer een ander land adviseert hij jongeren om geen opleiding te volgen en geen baan te zoeken: dat zou slavernij zijn. Meisjes doen er goed aan om een ‘tradwife’ te worden, een traditionele vrouw die veel kinderen baart en thuis voor het gezin zorgt terwijl haar man werkt. Jongens leert hij hoe ze zo’n vrouw aan zich kunnen binden, om vervolgens zo veel mogelijk kinderen te krijgen en in de natuur te gaan wonen, waar ze hun gezinnen kunnen voeden met rauw vlees en rauwe melk.
Volgens advocaat Lotte van Schuylenburg, die Stichting Donorkind bijstaat, heeft Meijer verantwoordelijkheid om zich ook in het publieke domein te houden aan de omgangswensen van de ouders en kinderen, zoals vastgelegd in de donorcontracten. Zo plaatste Meijer op 22 mei 2024 een video met in hoofdletters de titel „belangrijke boodschap voor al mijn kinderen”, waarin hij oproept om contact met hem te zoeken als kinderen zich slecht behandeld voelen door hun ouders.
„Feit is dat hij de biologische vader is van al deze kinderen. Dit maakt dat hij automatisch een zekere invloed op hen heeft”, zegt van Schuylenburg. In het lopende kortgeding eist ze namens Stichting Donorkind dat Meijer zijn YouTube-kanaal verwijdert. „Het leven van deze ouders en kinderen is al lastig genoeg door de keuzes van Meijer. Via deze boodschappen ontneemt hij hen het recht op een ongestoord familieleven zonder het betrekken van de donor.”
Advocaat van Meijer
Kaspar Ripken, de advocaat van Meijer, betoogt dat hij zich niet tot zijn donorkinderen richt met zijn boodschappen en dat het verwijderen van zijn YouTube-account een te vergaande inperking vormt van Meijers recht op vrijheid van meningsuiting. Hij zou de video’s die de stichting problematisch vindt inmiddels hebben verwijderd, en Meijer zou hebben toegezegd „zijn publieke uitingen te beperken”.
Afgelopen maanden verdwenen inderdaad meerdere video’s van het kanaal van Meijer. Van Schuylenburg zegt dat hij deze op privé heeft gezet, waardoor hij ze alsnog kan delen. Onder een van zijn videos vraagt iemand wat hij zou doen als zijn kinderen deze beelden in de toekomst zouden bekijken. Meijer antwoordt: „Veel van hen kijken mijn video’s al.”
Het kort geding loopt nog. Woensdag gaf de rechter beiden partijen nog een kans om er gezamenlijk uit te komen. Als dat niet lukt, doet de rechter alsnog uitspraak.
In een recente video op zijn YouTube-kanaal met de titel ‘Belangrijkste stap om een tradwife aan te trekken’ laat de inmiddels 43-jarige Meijer in een Hawaii-shirt vanuit Marbella weten zelf ook nog graag een traditioneel gezin te stichten. Op zijn Facebookpagina zegt hij nog single te zijn.
‘YouTuber and Spermdonor’ noemt Jonathan Meijer zichzelf. Met 25.000 volgers online en zo’n 500 tot 3.000 kinderen in de echte wereld lijken zijn twee beroepen elkaar nu te kruisen. In zijn online content geeft hij advies over het eten van rauwe varkenshersenen, de vermeende onzin van zonnebrandcrème en doet hij oproepen aan ‘teenage boys’ om een ‘tradwife’ te zoeken die op henzelf lijkt.
Deze week stond hij in de rechtbank tegenover Stichting Donorkind, die hem in een kort geding beschuldigt van het ongewenst contact zoeken met en beïnvloeden van donorkinderen en hun ouders via zijn YouTube-kanaal. Donorcontracten schrijven voor dat donoren niet zomaar contact mogen leggen met kinderen. Meijer zou deze maatregelen met zijn publieke video’s omzeilen en dus eist de stichting dat hij stopt met zijn kanaal.
Verbod
In 2023 stonden de twee partijen al tegenover elkaar in de Haagse rechtbank. Toen besloot de rechter dat Meijer geen zaad meer mocht doneren aan nieuwe wensouders en dat hij al zijn advertenties, ook die onder pseudoniemen, direct moest verwijderen. Tussen 2007 en 2019 doneerde Meijer, die internationaal bekend werd door de Netflix-documentaire ‘The Man with 1000 Kids’, zijn sperma via officiële spermabanken en onofficiële fora en websites wereldwijd. Hoe vaak hij doneerde en waar is niet bekend. Hij begon hiermee omdat hij naar eigen zeggen „iets goeds” wilde doen. Tegen vrouwen die gebruik maken van zijn diensten zegt hij dat 25 kinderen, de Nederlandse richtlijn, zijn maximum is.
Hoeveel donorkinderen er achttien jaar later precies zijn is niet duidelijk. Zelf zegt Meijer dat het er 550 zijn en dat hij het verwerpelijk vindt om over kinderen te praten in nummers: „Het zijn unieke individuen met een eigen ziel.” In de Netflix-documentaire ligt de schatting rond de drieduizend donorkinderen. Meijer noemt de documentaire, waarin een benadeelde moeder hem een ‘god-complex’ toeschrijft, een „propagandafilm vol leugens”.
Ties van der Weer, zelf donor en verbonden aan Stichting Donorkind stelt dat zijn handelswijze verwerpelijk en schadelijk is. „Er is wetenschappelijk bewijs dat dit incest kan veroorzaken en dat het negatieve psychosociale gevolgen kan hebben voor donorkinderen.” Veel kinderen zijn benieuwd naar hun afkomst en gaan daar actief naar opzoek. „Het is nogal wat als je opeens honderden broers en zussen blijkt te hebben”, aldus Van der Weer.
Vanuit elke keer een ander land adviseert hij jongeren om geen opleiding te volgen en geen baan te zoeken: dat zou slavernij zijn
De zelfbenoemde ‘ooievaar uit Den Haag’ koketteert op zijn YouTube-kanaal „de BESTE en nobelste, loyaalste en eerlijkste spermadonor” te zijn. Waar hij in het begin nog vlogte over investeren in crypto en kwaadaardige tandartsen, geeft hij nu vooral tips over het leven in bredere zin. Zijn laatste video’s zijn neemt hij op in Zurich, Toronto, Rimini en Winterberg. Vanuit elke keer een ander land adviseert hij jongeren om geen opleiding te volgen en geen baan te zoeken: dat zou slavernij zijn. Meisjes doen er goed aan om een ‘tradwife’ te worden, een traditionele vrouw die veel kinderen baart en thuis voor het gezin zorgt terwijl haar man werkt. Jongens leert hij hoe ze zo’n vrouw aan zich kunnen binden, om vervolgens zo veel mogelijk kinderen te krijgen en in de natuur te gaan wonen, waar ze hun gezinnen kunnen voeden met rauw vlees en rauwe melk.
Volgens advocaat Lotte van Schuylenburg, die Stichting Donorkind bijstaat, heeft Meijer verantwoordelijkheid om zich ook in het publieke domein te houden aan de omgangswensen van de ouders en kinderen, zoals vastgelegd in de donorcontracten. Zo plaatste Meijer op 22 mei 2024 een video met in hoofdletters de titel „belangrijke boodschap voor al mijn kinderen”, waarin hij oproept om contact met hem te zoeken als kinderen zich slecht behandeld voelen door hun ouders.
„Feit is dat hij de biologische vader is van al deze kinderen. Dit maakt dat hij automatisch een zekere invloed op hen heeft”, zegt van Schuylenburg. In het lopende kortgeding eist ze namens Stichting Donorkind dat Meijer zijn YouTube-kanaal verwijdert. „Het leven van deze ouders en kinderen is al lastig genoeg door de keuzes van Meijer. Via deze boodschappen ontneemt hij hen het recht op een ongestoord familieleven zonder het betrekken van de donor.”
Advocaat van Meijer
Kaspar Ripken, de advocaat van Meijer, betoogt dat hij zich niet tot zijn donorkinderen richt met zijn boodschappen en dat het verwijderen van zijn YouTube-account een te vergaande inperking vormt van Meijers recht op vrijheid van meningsuiting. Hij zou de video’s die de stichting problematisch vindt inmiddels hebben verwijderd, en Meijer zou hebben toegezegd „zijn publieke uitingen te beperken”.
Afgelopen maanden verdwenen inderdaad meerdere video’s van het kanaal van Meijer. Van Schuylenburg zegt dat hij deze op privé heeft gezet, waardoor hij ze alsnog kan delen. Onder een van zijn videos vraagt iemand wat hij zou doen als zijn kinderen deze beelden in de toekomst zouden bekijken. Meijer antwoordt: „Veel van hen kijken mijn video’s al.”
Het kort geding loopt nog. Woensdag gaf de rechter beiden partijen nog een kans om er gezamenlijk uit te komen. Als dat niet lukt, doet de rechter alsnog uitspraak.
In een recente video op zijn YouTube-kanaal met de titel ‘Belangrijkste stap om een tradwife aan te trekken’ laat de inmiddels 43-jarige Meijer in een Hawaii-shirt vanuit Marbella weten zelf ook nog graag een traditioneel gezin te stichten. Op zijn Facebookpagina zegt hij nog single te zijn.
Uit de ochtendnevel boven de wateren rond Eemshaven doemt begin november een blauw-wit gevaarte op. Voorzichtig nadert de Patriot, een Amerikaans vrachtschip uit Wilmington (Delaware), de kleine Groningse haven. De kades zijn eigenlijk te kort voor het 200 meter lange schip.
Nederlandse militairen van de landmacht en marechaussee die even verderop staan te koukleumen, zwermen uit als het ‘RoRo schip’ (Roll On Roll Off) afmeert. Zij begeleiden de aankomst en het urenlang lossen van het immense schip. De stilte in de Groninger haven vult zich met gepiep en geronk als een van de twee laadkleppen opent en zicht biedt op de ‘ingewanden’ van de Patriot. In de binnenruimtes storten Amerikaanse militairen zich op de honderden kettingen waarmee het legermateriaal is vastgeketend: tientallen tanks en pantservoertuigen, vaak zandgeel geschilderd, bekend van de oorlogen die de VS in het Midden-Oosten en Afghanistan uitvochten. Maar ook jeeps en raketinstallaties, geschilderd in het nog bekendere legergroen.
Een voor een rollen en rijden de honderden voertuigen de kade op. Een deel van de colonne perst zich vervolgens via de Kwelderweg richting het zuiden. Een ander deel gaat op de trein met dieplaadwagons richting Oost-Europa, waar duizenden Europese en Amerikaanse militairen gelegerd zijn. Het legermaterieel moet hen binnen een week bereiken; of dat lukt is niet bekend omdat de evaluaties van dit soort NAVO-inspanningen geheim zijn. Een ander deel van de voertuigen en het wapentuig gaat door naar het slagveld in Oekraïne, of wordt opgeslagen als voorraad.
Tijdige en ononderbroken toevoer vanuit het ‘achterland’ naar het front is centraal onderdeel geworden van de NAVO-strategie. Zonder goede toevoer geen geloofwaardige afschrikking, is de redenatie. Moskou kan immers vanuit het immense Russische achterland materieel en manschappen aanvoeren, nodig voor een uitputtingsslag van meerdere jaren, zoals nu in Oekraïne.
Daarmee vergeleken staat de NAVO op achterstand. Het bondgenootschap heeft te maken met drie à vier verschillende landen waar transporten vanaf bijvoorbeeld Nederland en België richting ‘Oostfront‘ doorheen moeten. Dat vergt een goed gestroomlijnde infrastructuur, spoorlijnen die aansluiten, bruggen die zware diepladers kunnen dragen en afstemming van allerlei (milieu-)regels. De aankomst van een enorme lading Amerikaans materieel zoals november vorig jaar in Eemshaven, een primeur voor het Gronings gebied, gold als een zeer noodzakelijke oefening van de soepele doorvoer richting oosten.
Sinds 2021 heeft de NAVO een apart hoofdkwartier in het Duitse Ulm, nabij München. Het Joint Support and Enablement Command (JSEC) overlegt nauw met bondgenoten over de snelle aanvoer van mensen en materieel. De NAVO-planners hebben ook Nederland in het vizier. Met de havens in Rotterdam, Vlissingen en Eemshaven en luchthavens als Eindhoven en Woensdrecht speelt het land een cruciale rol bij de aanvoer van manschappen en materieel. Nederland beschikt over een dicht web van wegen, spoorlijnen en rivieren dat ons land nauw verbindt met Duitsland en voor de NAVO belangrijke havens daar, zoals die van Hamburg en Bremerhaven. Ook ligt Nederland gunstig voor de inrichting van de zogeheten Noordelijke Corridor richting de Baltische staten. Een Nederlands-Duits-Poolse werkgroep van hoge militairen moet alle obstakels op deze noordelijke route uit de weg ruimen.
Hoewel de precieze route naar het oosten onbekend is, volgt de Noordelijke Corridor voor een flink deel de zogeheten ‘Noordzee-Baltische’ route die al in de jaren negentig door de Europese Commissie werd ontwikkeld met het oog op de oostwaartse uitbreiding van de EU. Het trans-Europese netwerk bundelde wegen, spoorwegen, energievoorzieningen en andere relevante infrastructuur zoveel mogelijk.
Slijtage aan viaducten
In Nederland is luitenant-kolonel Pieter-Bas Groen de leider van het defensie-programma dat buitenlands militair materieel zo snel en soepel mogelijk oostwaarts moet dirigeren De zogeheten Host Nation Support waaraan hij leiding geeft, moet minstens twee keer per jaar operaties in Eemshaven en Vlissingen goed laten verlopen; de Rotterdamse haven komt daar waarschijnlijk nog bij.
Groen en zijn mensen kijken bijvoorbeeld of de wegen en bruggen waarover materieel richting het buitenland wordt vervoerd pakweg 30 ton aan gewicht aankunnen, en waar spoorwegen moeten worden aangepast. Hoe ernstig dit probleem kan zijn, bleek vorige week toen minister Barry Madlener (Infrastructuur, PVV) meldde dat bijna honderd viaducten door constructiefouten veel sneller slijten dan bekend was. De kans is groot dat daar viaducten bij zijn waar diepladers van defensie overheen moeten. En dan zijn er nog de vele werkzaamheden aan de belangrijkste spoorwegroutes richting het oosten, zoals de Betuweroute, die voor veel oponthoud zorgen.
De enorme invloed die infrastructuur kan hebben op militaire prestaties, werd overduidelijk in maart 2022. Een colonne met tientallen Russische tanks kwam in de beginfase van de oorlog vast te staan ten noorden van Kyiv als gevolg van slechte wegen en ernstige bevoorradingsproblemen. De stilstaande colonne werd grotendeels vernietigd door Oekraine, en ontwikkelde zich tot symbool van de slechte Russische voorbereiding van de aanval.
Om de infrastructuur in Nederland op orde te houden voor defensie, spreekt luitenant-kolonel Groen met partners, varierend van ProRail en Rijkswaterstaat tot milieudiensten en veiligheidsregio’s. Ook het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen komt voorbij. Dat moest begin dit jaar haar toetsen voor het theorie-examen aanpassen qua herkenning van de vlaginstructie van de militaire colonnes (Niet doorsnijden als weggebruiker!). Sinds 1 januari voeren alle colonnes van de NAVO op de weg een blauwe vlag links voor bij het voorste voertuig, en een groene vlag links bij het achterste voertuig.
Groen roemt de „publiek-private samenwerking” met bedrijven die een „intrinsieke motivatie voor het versterken van onze nationale veiligheid” hebben. Verbrugge Zeeland Terminals in Vlissingen werkt bijvoorbeeld al enkele jaren intensief met defensie samen, vertelt Groen, ook afgelopen november. Voor zijn aankomst in Eemshaven meerde de Patriot eerst vrij lang af in de Zeeuwse haven om daar materieel uit te laden, maar ook vanwege motorpech. Nederlandse milieuregels verhinderden de doorvaart met een zwaar rokende motor door beschermd Natura 2000-gebied in de Waddenzee boven Eemshaven, vertelt Groen. Door de onvoorziene vertraging moest defensie langere tijd kades en ruimtes huren en werd het speciale militaire regime dat dan geldt – waarbij burgers bijvoorbeeld alleen met speciale toestemming naar binnen mogen – verlengd.
Verbrugge Terminals bewoog soepel mee om een langer verblijf van de Patriot te faciliteren, vertelt Groen. Dat gebeurde tegen ruime betaling door defensie. Eveneens vorig jaar wist Verbrugge Terminals, samen met spoorwegbeheerder ProRail, meer dan 50 miljoen euro aan Brusselse subsidie binnen te halen. Dat gaat besteed worden aan de aanleg van spoorlijnen in onder meer het Zeeuwse havengebied. Een van de gebruikers wordt defensie.
Meer naar het noorden is de firma Wagenborg vooral bekend van de veerdiensten naar de Waddeneilanden. Ze is ook eigenaar van een grote terminal met hijskranen aan de Eemshaven. Daarvan kan defensie, alweer tegen ruime betaling, gebruikmaken als een giga-vrachtschip uit de VS aanmeert en zeshonderd stuks aan materieel snel van boord moeten worden gehaald.
Legervoertuigen in de spits
Groen blijft tamelijk stoïcijns onder de reeks voorstellen van politici om defensie nog meer ruim baan te geven. Diverse partijen zoals het CDA bepleitten meer vervoersbewegingen van de krijgsmacht overdag op de weg, om het gevoel van urgentie bij het publiek te vergroten. Andere politici, zoals oud-NAVO-secretaris-generaal Jaap de Hoop Scheffer en Europarlementariër Bart Groothuis (VVD), wilden luchtdoelraketten in de Rotterdamse haven als afweer tegen mogelijke Russische aanvallen.
„Misschien dat zulke maatregelen op den duur nodig zijn”, reageert Groen. „Maar voor nu heeft het geen zin om bijvoorbeeld de spits te ontwrichten met massieve vervoersbewegingen van onze kant. We kunnen nu goed ons werk doen in de avond, nacht en vroege ochtend.” Over de wenselijkheid van luchtafweerraketten zegt Groen „Je veiligheidsmaatregelen moeten in overeenstemming zijn met het dreigingsbeeld. En wat dat betreft gaat het momenteel over heel andere gevaren.”
Die zijn er genoeg. Meer dan zeven jaar geleden al, in juni 2017, kwam een groot deel van de Rotterdamse haven stil te liggen nadat een zeer schadelijk computervirus (Non Petya) tienduizenden bedrijven over de hele wereld had platgelegd. Het Westen beschuldigde Moskou, mede omdat Oekraïense bedrijven de eerste slachtoffers werden van de cyberaanval. Rusland ontkende.
In maart 2022 was het opnieuw raak. Toen werden internet-routers van honderden kleinere bedrijven, ook in en rond de Rotterdamse haven, het doelwit van een zeer schadelijke hack. De MIVD wees een bekende Russische militaire hackersgroep aan als schuldige. Sindsdien is de ‘digitale afweer’ opgeschroefd in en rond havens waar militair materieel wordt doorgevoerd.
Westerse inlichtendiensten vermoeden dat de onbemande vliegtuigjes kwetsbare plekken in de Europese infrastructuur in kaart brengen.
Inmiddels doemt een ander gevaar op. Op meerdere plekken in Europa verschenen mysterieuze drones boven strategisch belangrijke plekken. Hun herkomst was onduidelijk, bestuurders werden zelden getraceerd. Ramstein Air Base, de belangrijkste Amerikaanse basis in Duitsland, had er last van, net als de Duitse wapenfabrikant Rheinmetall in Düsseldorf en chemie-gigant BASF in Ludwigshafen. Ook verschenen de onbemande vliegtuigjes boven een terminal voor vloeibaar aardgas (LNG) in het Duitse Brunsbüttel ten noordwesten van Hamburg. In het Verenigd Koninkrijk vlogen drones boven luchtmachtbases in Mildenhall (Suffolk) en Feltwell (Norfolk). Westerse inlichtendiensten vermoeden dat de onbemande vliegtuigjes kwetsbare plekken in de Europese infrastructuur in kaart brengen.
Neerhalen van drones
Nederland is druk bezig zich te wapenen tegen dit soort nieuwe spionage-acties, zegt Groen, die als voorbereiding kunnen dienen voor sabotage van delen van de route en tussenstops. Tot dusver zijn dergelijke drones niet boven belangrijke doorvoerhavens in Nederland gesignaleerd, maar dat kan volgens Groen veranderen. Inmiddels zijn installaties opgesteld voor „elektronische verstorings-maatregelen”. „Die kunnen drones desnoods uit de lucht halen”, aldus de officier.
De ‘wat als-vraag’ blijft over: wat als Donald Trump en Vladimir Poetin het op een akkoordje gooien inzake Oekraïne, en de VS zich minder met Europa gaan bemoeien waardoor er aanzienlijk minder Amerikaanse schepen aanmeren in Nederlandse havens? Luitenant-kolonel Groen haalt – opnieuw – zijn schouders op. „Als wij nu aan vrede kunnen bijdragen met een goed aanvoersysteem dat helpt bij de afschrikking, dan doen wij ons werk niet slecht.”
Hij heeft „onwijs te doen” met de directeur van het Drents Museum in Assen, waar afgelopen weekeinde archeologische topstukken uit Roemenië werden gestolen. „Het Drents Museum is een parel in Nederland en ik heb veel respect voor de blockbusters die het heeft georganiseerd.” Maar, zegt veiligheidsdeskundige Ton Cremers: „Deze roof had absoluut voorkomen kunnen worden.”
Cremers (76) was van 1996 tot 2002 hoofd van de beveiliging van het Amsterdamse Rijksmuseum, en heeft, overigens naar eigen zeggen, over de hele wereld 450 musea van advies gediend over beveiliging.
Hoe kijkt u naar deze roof?
„Ik heb de berichtgeving van dag tot dag gevolgd en heb me vooral verbaasd over de reacties uit de museumwereld. Er wordt gezegd dat er nu eenmaal een zware buitendeur is opgeblazen en dat daar niets tegen te doen is.”
Er was wel iets tegen te doen?
„Er wordt gezegd dat als er met explosieven wordt gewerkt, er tegen een roof als deze geen kruid gewassen is. Zelfs de Museumvereniging zegt dat. Als dat waar is, geef je toe dat je risico’s neemt door deze tentoonstellingen te organiseren.”
Maar dat is niet waar.
„De beveiliging van een museum moet je zien als een ui. Die heeft verschillende schillen. Tot je bij de kern bent, met de kostbaarste stukken. Blijkbaar had de ui in dit geval niet meer dan alleen een buitenste schil. Als mensen een zware buitendeur opblazen, mogen ze niet binnen twee minuten de belangrijkste stukken kunnen weghalen. ”
Waar heeft het aan ontbroken?
„Er moeten achter de buitendeur meer deuren zijn waar men doorheen moet zien te breken. Daarna heb je de vitrines. Ik heb al meer dan twintig jaar geleden een programma van eisen gemaakt op grond waarvan een museum een vitrine liet bouwen met een inbraakveiligheid van twintig minuten. Er zijn toen professionals ingehuurd die een half uur met een hamer op die vitrine hebben ingeslagen, af en toe het zweet van hun voorhoofd afvegend, maar die er niet in slaagden het glas stuk te slaan.
Is zo’n vitrine duur?
„Duur moet je relateren aan het te beschermen belang. Zes jaar geleden liet een klein provinciaal museum in Nederland voor 24.000 euro een speciale vitrine bouwen voor een vaas uit het Louvre. Die was groot genoeg geweest voor de Dacische helm. Dat was een voorwaarde van het Louvre, medewerkers kwamen kijken.”
Wat is dat voor vitrine?
„Het is altijd maatwerk. Om te beginnen moet het glas van een vitrine altijd in een frame zitten. Ik weet dat mensen een ononderbroken zicht willen hebben op het object, maar zonder frame kan het glas nooit heel sterk zijn. Dan heb ik het over gelaagd glas. In dat gelaagde glas moet bovendien een folie zitten dat je niet, zoals in de voorruit van een auto, kunt doorsnijden. Dat doe je met polycarbonaat, een heel hard plastic. Dat glas hebben veel juweliers. De gemiddelde juwelier heeft betere vitrines dan het Drents Museum.”
Is te zien wat voor glas het is?
„Criminelen zijn deskundig genoeg om te zien of een vitrine inbraakveilig is. Als je aan aansteker voor enkel glas houdt, zie je het vlammetje twee keer. Als je het vlammetje vier, zes of acht keer ziet, is het gelaagd glas. Op de kunstbeurs Tefaf in Maastricht werden op klaarlichte dag ook vitrines ingeslagen. In aanwezigheid van het publiek. Daar zat slappe folie in het glas.”
Had er een bewaker moeten zijn?
„Die was er niet. Dat is normaal. Je kunt niets doen. In mijn tijd bij het Rijksmuseum zaten er beveiligers in de meldkamer die als opdracht hadden om in geval van inbraak zich terug te trekken en de politie te bellen. Sterk glas geeft politie de tijd in te grijpen. Het tijdpad van de beveiliging moet korter zijn dan de tijd die criminelen nodig hebben om hun slag te slaan. Als criminelen al niet zélf vertrekken als ze merken dat het niet lukt de vitrines kapot te slaan. Mijn stelling is dat je zonder sterke vitrines je personeel in gevaar brengt.”
Als de beveiliging niet op orde was, deugde ook de verzekering niet?
„Museumdirecteuren zeggen soms dingen over beveiliging die niet kloppen. Verzekeraars lijken onvoldoende deskundigheid over beveiliging in huis te hebben. De Roemenen hebben gefaald door geen duidelijke eisen te stellen aan de beveiliging. De verzekeraar heeft gefaald. Het Drents Museum heeft gefaald. En de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed die zich garant stelde voor een deel van de schade heeft gefaald. De keten heeft gefaald. Het is hier hartstikke fout gegaan.”
Reactie museumdirecteur
Directeur Harry Tupan van het Drents Museum liet op een persconferentie eerder weten dat er „absoluut” extra veiligheidsmaatregelen waren getroffen voor de gestolen topstukken. Op televisie zei Tupan dinsdagavond: „Alle beveiligingsmaatregelen die we moesten nemen, zijn belegd in het verzekeringscontract. We zijn onze verplichtingen nagekomen.”
Het museum stelde woensdag in antwoord op vragen van NRC: „Lopende het onderzoek kunnen wij vanuit veiligheidsoverwegingen geen antwoord geven op deze vragen.”
Voor commentaar op de uitspraken van veiligheidsdeskundige Cremers was het museum woensdag niet bereikbaar.
Lees ook
De grote gele Tefaf-diamant is nog altijd spoorloos