De slachtoffers van de gijzeling in het Edese Café Petticoat hebben alle vier een tatoeage laten zetten. Faith over Fear. De gijzeling bracht de medewerkers van het café – drie negentienjarigen en een twintiger – dichter bij elkaar. Ze zijn in de rechtbank in Zutphen, omdat eind maart een man onder bedreiging vier medewerkers urenlang gegijzeld hield in de kroeg. De medewerkers houden elkaars hand vast, geven elkaar papieren zakdoekjes. Bang zijn ze nog allemaal.
Na sluitingstijd, rond kwart over vijf zaterdagochtend, zaten vier medewerkers aan de ‘sluitborrel’ toen Corné H. de Petticoat binnen kwam lopen. Hij toonde twee messen en zei dat in zijn rugzak explosieven zaten. Hij vroeg om een onderhandelaar en wilde 10.000 euro. De gijzeling duurde in totaal zeven uur.
Iets na elven werden de eerste drie gijzelaars vrijgelaten, ruim een uur later de laatste. De gijzelnemer bleek geen explosieven bij zich te hebben.
Uit een reconstructie van NRC bleek eerder deze week dat verdachte Corné H. een lange geschiedenis in instellingen en de geestelijke gezondheidszorg heeft.
Lees ook
Gijzeling in café in Ede was het sluitstuk van een lange zoektocht naar psychische hulp
Nachtmerrie
De slachtoffers vertellen tijdens de rechtszaak dat ze niet meer goed slapen en hoe ze zich in het café – waar ze nog altijd werken – niet meer op hun gemak voelen. Ze hebben paniekaanvallen, schrikken veel, zijn doorverwezen naar een psycholoog. Het was een nachtmerrie, die nog steeds voortduurt. Ze snappen dat Corné H. ziek is, maar hopen toch dat hij wordt gestraft. „Je hebt je problemen”, zegt een van hen. „Maar je hebt van jouw probleem ons probleem gemaakt.”
Verdachte Corné H. luistert aandachtig als de slachtoffers hun verhaal vertellen. Daarna draait hij zich om. Het is het enige moment tijdens de zitting dat de slachtoffers weer zijn gezicht zien, het getatoeëerde kruis op zijn adamsappel en de drie druppeltjes onder zijn ogen trekken de aandacht. „Heel veel sterkte”, zegt hij dan. De slachtoffers huilen. De ouders van Corné ook.
De zaak tegen H. gaat over meerdere dingen. Wat in het café is gebeurd en wat daarvan de impact is geweest. En de voorgeschiedenis van H., die volgens zijn advocaat Petra Breukink ook een slachtoffer is: van „falende” hulpverlening. „Corné en zijn familie zoeken al jaren naar de juiste hulp”, zegt zij. „Maar die komt niet van de grond.”
Zo zijn er in 2023 lange wachtlijsten bij instellingen en wijzen sommige hem af. Uit rapporten blijkt dat een psycholoog en psychiater hem verminderd en sterk verminderd toerekeningsvatbaar vinden voor wat er in het café is gebeurd.
Dwangverpleging
De officier van justitie stelt dat er juridisch geen sprake is van een gijzeling, maar van een wederrechtelijke vrijheidsberoving. Dat komt omdat H. niet in het café was met als doel rijk te worden, maar dat er iets anders aan de hand was. Ze vindt behandeling noodzakelijk, maar zegt ook dat Corné H. deels verantwoordelijk is voor wat zich heeft voorgedaan. Daarom wil ze dat hij een jaar gevangenisstraf krijgt, plus tbs met dwangverpleging. Ook moet hij een voorwaardelijke straf die hij eerder kreeg alsnog uitzitten.
Ook advocaat Breukink vraagt om tbs met dwangverpleging plus een straf die gelijk is aan het voorarrest. Ze maakt zich zorgen om de wachttijden die er ook voor tbs-klinieken zijn. „Corné wil zo snel mogelijk hulp, niet meer pappen en nathouden.”
Tijdens de zitting komt Corné H. uitgebreid aan het woord. Hij praat met vlakke stem, bijna in slow motion. Zijn bovenlichaam lijkt wel bevroren. Het motief – „de why”, noemt hij het zelf – is voor hem nog steeds „een grote vraag”. Dat hij vroeger weleens in de Edese kroeg kwam, was geen reden. „Het had zoals ik het nu zie elk ander café daarnaast kunnen zijn.” Hij ziet het nu als „een schreeuw om hulp”.
De rechtbank neemt twee weken om zich over de zaak te buigen. Een dag voor Kerstmis wordt de uitspraak verwacht.
Lees ook
Gijzeling in Ede is ten einde: ‘Ja, ze hebben hem te pakken’
Patrick Stevens kan het bijna niet geloven. Hij werkt al een kwart eeuw in de cannabisindustrie en eindelijk hoeft hij niet meer geheimzinnig te doen. Zelfs als hij in de trein zit, neemt de teler telefoontjes van coffeeshophouders aan. „En heb je nog voorgedraaide joints nodig?”, horen medepassagiers Stevens dan vragen.
Stevens werkt bij Holigram, een van de legale cannabiskwekers die meedoen aan het langverwachte wietexperiment dat deze maandag van start gaat. Vier jaar lang kunnen gebruikers uitsluitend legale wiet en hasj kopen bij coffeeshops in de gemeentes Nijmegen, Arnhem, Groningen, Zaanstad, Almere, Voorne aan Zee, Heerlen, Maastricht, Breda en Tilburg. De proef moet uitwijzen of Nederland kan overstappen op de legalisering van softdrugs.
Het huidige gedoogbeleid is „een idiote, rare situatie”, vindt de Tilburgse burgemeester Theo Weterings. „Er worden bakken met geld verdiend in het illegale circuit, terwijl het eindproduct gewoon in een legale coffeeshop verkocht mag worden.” Ook zijn ambtsgenoot Paul Depla is een voorvechter van legalisering. „We hebben lange tijd de rode loper uitgerold voor de georganiseerde criminaliteit en illegale telers met de illegale achterdeur”, zegt de burgemeester van Breda.
Kwaliteit van de hasj
Het wietexperiment werd zevenenhalf jaar geleden aangekondigd in het regeerakkoord van kabinet-Rutte II. Anderhalf jaar geleden begonnen coffeeshops in Tilburg en Breda met de verkoop van de eerste legale producten, sinds vorige zomer zijn die ook beschikbaar in de andere acht gemeenten. In het najaar moest de daadwerkelijke start van het wietexperiment volgen, maar die werd uitgesteld omdat de kwekers er nog niet klaar voor waren.
Samples in Coffeeshop Smokery in Wormerveer. Op elke verpakking staat verplicht veel informatie over het product. Foto Olivier Middendorp
De regering heeft tien telers aangewezen om legale cannabis te produceren. Zij bouwden de afgelopen jaren kassen en fabrieken om plantjes te kweken. Nu zeven van de tien telers kunnen leveren, kan het experiment beginnen. Voor de experimenteerfase was bepaald dat telers minimaal 570 kilogram wiet en 160 kilogram hasj per week moeten kunnen leveren, met een voorraad van 6800 kilogram wiet en 2000 kilogram hasj.
Veel van onze klanten denken dat het gemaakt wordt door de staat. Dat de ministers met z’n allen in de kwekerij zitten om de jointjes te draaien
De telers kweken inmiddels voldoende, maar de kwaliteit van de hasj laat nog te wensen over. Dat was de voornaamste zorg van de 57 coffeeshophouders uit deelnemende gemeenten, die vorige maand om uitstel van het experiment vroegen in een brandbrief aan hun burgemeesters. Ze vrezen dat klanten naar andere gemeenten of de illegale markt trekken als de legale producten niet goed zijn. Het uitstel kwam er niet, besloot het kabinet. Wel mogen de coffeeshophouders tot 10 juni gedoogde hasj blijven verkopen. Zo’n twintig procent van de verkoop van coffeeshops bestaat uit hasj.
Op dit moment heeft slechts één kweker altijd hasj op voorraad: CanAdelaar, een van oorsprong Oostenrijkse producent die in Hellevoetsluis de grootste legale cannabiskas van Europa heeft. Gebruikers roken liever gedoogde Marokkaanse hasj dan deze legale nederhasj, zegt coffeeshophouder Maikel van Nieuwkasteele van Smokery uit Wormerveer (Zaanstad). Die legale hasj is „niet van de kwaliteit die klanten van ons gewend zijn”. Volgens Max Scherder van CanAdelaar zullen gebruikers gewend raken aan nederhasj en is die wel degelijk „van erg goede kwaliteit”. Marokkaanse hasj kan in Nederland niet nagemaakt worden, zegt Karina Zuidinga van Q-Farms uit Veendam, al werkt deze kweker aan een soort die in de buurt moet komen. De hasj uit Marokko is ook goedkoper, zeggen beide telers. „Marokkaanse hasj kost 6 tot 10 euro per gram in de shop, dan zit je al op of onder de kostprijs van nederhasj”, zegt Zuidinga.
Voorgedraaide joints in Coffeeshop Smokery. Foto Olivier Middendorp
Er zijn ook andere zorgen, blijkt uit een rondgang van NRC. Sommige telers kampen met personeelstekort voor het inpakken van hasj en wiet. Op elke verpakking zit een unieke code, waarmee de overheid die kan traceren tot aan de verkoop. Coffeeshophouders moeten op hun beurt de zaak inrichten op de verschillende formaten die telers leveren. Als het traceersysteem uitvalt, zoals al een keer gebeurd is, moeten ze foto’s maken van alle producten die over de toonbank gaan, om ze later alsnog te scannen.
Begint het experiment te vroeg? „De een maakt zich heel erg zorgen. De ander zegt: het zal misschien een jaar duren voordat de hele keten op elkaar aangesloten is, maar ik wil wel m’n schouders eronder zetten”, zegt Margriet van der Wal, voorzitter van de vereniging van Actieve Bredase Coffeeshopondernemers. Niet alle coffeeshops die de brandbrief hadden ondertekend, waren daadwerkelijk voor uitstel, laten enkele eigenaren aan NRC weten. Wel deelden ze de zorgen.
Vrij van bestrijdingsmiddelen
Over die zorgen is burgemeester Depla (Breda) sceptisch. „Alle beren op de weg zijn in de praktijk een klein beertje gebleken, of angstbeelden die helemaal niet zijn uitgekomen. Niet alle problemen die naar voren worden gebracht doen zich werkelijk voor. Als burgemeester moet ik oppassen dat ik niet wordt gebruikt als lobby voor gigantische financiële belangen”, zegt hij. Met dat laatste doelt hij op klachten uit het illegale circuit.
Gebruikers gaan er in alle opzichten op vooruit, zeggen telers en coffeeshophouders
Gebruikers gaan er in alle opzichten op vooruit, zeggen telers en coffeeshophouders. Niet alleen is legale, schone wiet vrij van bestrijdingsmiddelen en zware metalen, ook zijn de prijzen volgens hen vergelijkbaar met gedoogd spul. „Eén kilo amnesia kost via de achterdeur drieënhalf tot vierduizend euro. Bij ons is het ongeveer viereneenhalf duizend per kilogram”, zegt kweker Stevens. „En als er meer telers bij komen, gaat het aanbod omhoog en de prijs naar beneden.”
Vaste klanten bij coffeeshop Smokery in Wormerveer moeten nog wennen aan legale wiet. Van Nieuwkasteele schat dat hij op dit moment zestig procent van zijn omzet uit legale producten haalt. „Veel van onze klanten denken dat het gemaakt wordt door de staat. Dat de ministers met z’n allen in de kwekerij zitten om de jointjes te draaien, bij wijze van spreken.” Dus vertelt de coffeeshopeigenaar hoe het wel zit, biedt hij samples van legale wiet aan en krijgen klanten geld terug „als ze het niks vinden”.
De opslag van coffeeshop Smokery. Coffeeshops mogen onder de oude regelgeving 500 gram aan voorraad hebben, in de nieuwe situatie mag dat veel meer zijn. Foto Olivier Middendorp
Van Nieuwkasteele verwacht „een rommelige markt” in de eerste maanden van het experiment. Hij zette teeltbedrijven op in Californië, waar cannabis in 2010 gelegaliseerd werd, en in Canada, waar dat in 2018 gebeurde. Ook in Nederland kent Van Nieuwkasteele de keten van begin tot eind. Hij is niet alleen coffeeshophouder, maar verzorgt als cannabiskoerier ook het transport vanaf de telers.
Burgemeester Depla roept minister Van Weel op „marktverstoring te voorkomen” tijdens het experiment. Hij doelt op geheime prijsafspraken tussen telers en coffeeshops, ook al is er een beperkt aantal dat meedoet. Dat het kabinet daarop beducht is, blijkt uit het feit dat het de Autoriteit Consument & Markt (ACM) op 12 maart een presentatie over marktwerking en concurrentie liet geven aan coffeeshophouders en telers.
Landelijke schaal
Het experiment duurt ‘in principe’ vier jaar, met een mogelijke verlenging van anderhalf jaar. Coffeeshophouder Van Nieuwkasteele verwacht dat de proef al eerder uitgebreid wordt. „Ik voorspel dat het een jaar of twee jaar duurt voordat andere gemeenten mee willen doen. Dan heb je toch overproductie.” Burgemeester Weterings (Tilburg): „Ik sluit niet uit dat we halverwege zeggen: hebben we niet genoeg geleerd? Dat kan betekenen dat we het experiment eerder naar landelijke schaal brengen.”
Alle beren op de weg zijn in de praktijk een klein beertje gebleken
Binnen de huidige regeringspartijen heerst terughoudendheid. De PVV is fel tegen en probeerde het experiment in maart 2024 via een motie stil te leggen. NSC vreest dat het experiment cannabisgebruik normaliseert en daarmee leidt tot een toename onder jongeren. De BBB erkent dat het huidige beleid criminele verdienmodellen in stand houdt, maar wil eerst afstemming op Europees niveau. Ook de VVD is afwachtend en wil eerst de resultaten van het experiment zien voordat er conclusies worden getrokken.
Als Nederland softdrugs volledig zou legaliseren, zou dit niet per se in strijd zijn met het internationaal recht, concluderen strafrechtgeleerden Masha Fedorova en Piet Hein van Kempen in hun onderzoek naar cannabisregulering en internationale verdragen. Hoewel de VN-drugsverdragen staten verplichten cannabis te verbieden, biedt het internationaal recht ruimte voor gereguleerde legalisering, vooral wanneer dit helpt om aan mensenrechtenverplichtingen te voldoen. Steeds meer landen, zoals Luxemburg en Duitsland, reguleren de teelt, wat de druk op hervormingen in het internationale beleid vergroot.
„Wij zijn de enige die nog krampachtig vasthoudt aan het boekje”, zegt Weterings. „Dat is toch een bizarre situatie? Dat wij hier in Nederland nog steeds tegen dezelfde muren aanlopen, terwijl andere landen al stappen hebben gezet.”
Teler Stevens verwacht dat het wietexperiment zijn werk voorgoed legaal zal maken. „Ik ga ervan uit dat ik tot aan mijn pensioen, en hopelijk nog een paar jaar daarna, lekker wiet aan het verkopen ben.”
‘Met sommige foto’s wil ik aan mijn familie vertellen hoe moeilijk het was om mijn gevoel van verantwoordelijkheid voor hen los te laten”, vertelt fotograaf Dominique de Vries (27). Meer dan drie jaar lang fotografeerde hij het landschap achter zijn ouderlijk huis, een sociale huurwoning, gelegen tegen de polder bij Hellevoetsluis (Zuid-Holland). Niet met een expositie of boek in gedachten, maar om voor zijn verhuizing naar Rotterdam afscheid te nemen.
Toch kwam er een project uit voort, Now I Know How to Tell You. Het is ingetogen werk dat toont wat De Vries niet in woorden wist uit te drukken: gemis, schuldgevoel, maar ook de lichtheid van jong zijn tussen de modderpoelen en groene sloten.
„Ik was zeven toen mijn ouders scheidden”, vertelt hij aan de telefoon. Hij wil over de omstandigheden weinig kwijt, wel vertelt hij dat zijn vader vanaf toen niet meer bijdroeg aan het gezin.
Hij bleef achter met zijn moeder en broertje. Als puber voelde hij druk om er voor hen te zijn. „Mijn moeder besprak alles met mij – hoe we de zorg voor mijn broertje moesten aanpakken, bijvoorbeeld. En als zij het emotioneel zwaar had, zag ik het als mijn taak om haar te steunen.”
Foto Dominique de Vries
Foto’s Dominique de Vries
Ze leefden van het minimumloon van zijn moeder. „Ik was me constant bewust van onze situatie. Toen ik naar de middelbare school ging, wilde ik wel hangen en puberen met vrienden, maar nog meer dan dat voelde ik me geroepen om thuis te helpen. En zo was de polder nauwelijks een plek waar ik mijn jonge jaren beleefde, maar gewoon een uitzicht uit mijn raam. De weg waar ik reed, van en naar huis.”
Totdat zijn vertrek in zicht kwam. Hij kreeg een vaste baan kreeg en wilde een eigen thuis. Het leven zoals dat jarenlang vanzelf had doorgedraaid, maakte plaats voor een gevoel van onvoldaanheid. „Als ik later aan deze plek zou terugdenken, wat moest ik me dan voor de geest halen?” Met de camera kon hij in beeld brengen wat hij eerder niet had kunnen vastpakken. „Ik kwam mijn jeugd tegen – juist ook het deel dat ik gemist had.”
Op foto’s: een boomhut, een mandje met appels. Een sloot vol drab. „Als kind zat ik bij zulke sloten te vissen en te prutsen. Ik kijk naar het plaatje en voel me weer speels. Maar ik zie ook een troosteloze plek in een verlaten landschap.”
Foto Dominique de VriesFoto Dominique de Vries
Zijn moeder en oma hadden in Polen hun familie en hun kansen om zelf door te leren achtergelaten. Het was midden jaren negentig, Polen was al een paar jaar een democratie, maar het land leefde nog met de naweeën van het communistische bewind. Er was weinig werkgelegenheid en de koopkracht was laag.
Beiden begonnen ze in Nederland als schoonmaakster. Hun afscheid daar werd een erfenis voor zijn toekomst hier. „Ik kon het niet maken om niet te gaan studeren, of om niet een stabiele baan te vinden [in de GGZ, red.]. Als ik alleen maar fotograaf was geworden, had ik het gevoeld alsof ik niet genoeg had gedaan met de kansen die zij met hun opofferingen voor mij mogelijk hebben gemaakt.
„Als jonge gast stond ik soms vol spanning met mijn camera tegenover boeren. Zo was er een meneer die in zijn eentje op een enorm stuk land leefde. Tussen de modder en de kou. Zijn vrouw en kinderen waren bij hem weggegaan. Ik herkende de situatie: een volwassen man, in een harde omgeving, die in zijn eentje alle zorgen op zijn schouders droeg. Ik besefte toen dat ik niet zo wil worden.”
De hoofdverdachte in de afpersingszaak van fruitbedrijf De Groot Fresh Group in Hedel heeft vrijdag in hoger beroep de maximale celstraf van 26,5 jaar opgelegd gekregen. Die straf is gelijk aan de eis van het Openbaar Ministerie (OM).
Ali G., een 40-jarige man uit Bussum, is volgens het gerechtshof in Arnhem de drijvende kracht geweest in een grootschalige afpersings- en bedreigingszaak van een van de grootste fruitbedrijven van Nederland. In 2019 vond de directie van het bedrijf 400 kilo cocaïne tussen een lading bananen, waarna G. dreigende sms’jes begon te sturen waarin hij grote geldbedragen eiste van het bedrijf. Als niet aan de betaling zou worden voldaan, zou een medewerker van het bedrijf worden geliquideerd, dreigde G.
Omdat het bedrijf weigerde te betalen, volgden in 2020 en 2021 vijftien aanslagen met vuurwerkbommen en beschietingen op meerdere huizen in Hedel. Een boerderij brandde volledig af.
Blunder van OM
In 2019 werd de verdachte veroordeeld tot negentien jaar cel, maar zijn verdediging ging in hoger beroep. Vrijdag oordeelt het gerechtshof echter dat ook sprake was van poging tot moord, waardoor de straf hoger uitvalt. Nog elf verdachten stonden terecht tijdens het hoger beroep. Zij zijn veroordeeld tot gevangenisstraffen tussen de twee en tien jaar. Eén verdachte werd vrijgesproken.
Het OM keerde eerder aan meer dan honderd slachtoffers van de zaak een schadevergoeding uit, vanwege een blunder die gevoelige persoonsgegevens van personeelsleden van het fruitbedrijf blootlegde. Een deel van de aanslagen werd voorbereid toen G. en andere verdachten al vastzaten. Toen werd ontdekt dat namen van honderden personeelsleden van De Groot Fresh Group per ongeluk waren opgenomen in het strafdossier van de zaak.
Lees ook
‘OM betaalt ruim honderd slachtoffers na fouten afpersingszaak Hedel’