‘Dit boek hielp me met lastige vragen’

‘Vijf jaar geleden maakte ik een sombere periode door. Ik kwam net uit een quarter-life crisis en zocht zingeving en houvast. Toen ik De wetten van Connie Palmen las, herkende ik die zoektocht in het boek.

Het boek draait om Marie, die worstelt met haar overgave aan het schrijverschap. Ze ontmoet zeven mannen die haar helpen haar weg te vinden in het leven: de astroloog, de epilepticus, de filosoof, de priester, de fysicus, de kunstenaar en de psychiater. Maar net als Marie leren zij ook zichzelf kennen door de ontmoetingen. De onzekerheid en het constante vragen stellen spraken me enorm aan.

Toen ik het boek voor het eerst las, kende ik Connie Palmen nog helemaal niet. Omdat ik ben opgegroeid in Paramaribo, was ik niet zo bekend met Nederlandse klassiekers. Kort daarvoor had ik haar bij een lezing gezien en ze intrigeerde me. Ik wilde iets van haar lezen en besloot te beginnen bij haar debuut.

Op dat moment was ik veel bezig met mijn kunstenaarschap: zou ik van mijn muziek kunnen leven? Marie worstelt in het boek met dezelfde vraag, maar dan over het schrijven. Haar verhaal leest als een vorm van uitstelgedrag, totdat ze uiteindelijk accepteert wat ze diep van binnen al weet: dat ze gewoon móet schrijven.

Toen ik uit die moeilijke periode kwam, ontwikkelde ik een soortgelijk besef: ik bepaal zelf wat voor mij van waarde is. Dat inzicht hielp me om, net als Marie, een keuze te maken en me helemaal te wijden aan mijn muziek.

Voordat ik De wetten nu voor de tweede keer begon te lezen, dacht ik na over wat me van de eerste keer was bijgebleven. Eén inzicht was dat je soms een beetje moet liegen om de waarheid mooier te maken. Dat herken ik bij het schrijven van muziek. Dan maak je de werkelijkheid ook vaak net iets romantischer.

Marie zet in het boek vraagtekens bij de bekende uitspraak: ‘Je moet van jezelf houden voordat je van iemand anders kan houden.’ Daar gelooft ze niet in, je hebt elkaar immers nodig om ‘houden van’ te ervaren. Dat is een ‘wet’ die voor haar daarom niet opgaat; dat vond ik verfrissend.

Bij deze tweede lezing merkte ik dat sommige personages me beter waren bijgebleven dan andere. Er komt een begrafenis voor in het boek. In de afgelopen vijf jaar heb ik zelf ook meer begrafenissen meegemaakt. In dat hoofdstuk is Marie samen met de fysicus, iemand die ze nauwelijks kent, maar uit wie ze toch troost haalt in gedeeld verdriet. Die vorm van troost herkende ik. Dat juist dit hoofdstuk me nu bijblijft heeft natuurlijk te maken met de ervaringen die ik in de tussentijd heb opgedaan met begrafenissen.

Ik herlees eigenlijk nooit boeken, dus dit was voor mij een tamelijk unieke ervaring. Muziek opnieuw beluisteren en opnieuw beleven doe ik wel vaak. Als tiener zong ik bijvoorbeeld graag ‘Landslide’ van Fleetwood Mac, maar pas later begreep ik echt waar het nummer over ging. Net zoals bepaalde scènes uit De wetten nu veel dieper bij me binnenkomen. De ervaring van kunst verandert met je mee.”