De grond zou nooit verkocht worden – maar toen kwam het idealistische grondfonds in de knel

Eind jaren zestig bogen vier antroposofen zich over de vraag hoe geld duurzamer zou kunnen worden aangewend. Er was een hoogleraar fiscaal recht bij, een econoom, een managementadviseur en een bankier. Ze keken ook naar grond, met name landbouwgrond. Die zou geen koopwaar moeten zijn, vonden ze. Dat zou leiden tot speculatie en prijsverhogingen, en daardoor tot ongezonde praktijken bij het verbouwen van voedsel. „Grondverkoop is gif voor de economie”, schreef een van hen.

Vanuit dat idee werd in 1978 de stichting BD Grondbeheer opgericht. Officieel heet die stichting Grondbeheer Biologisch Dynamische Landbouw. Deze vorm van landbouw is als het ware de agrarische tak van de antroposofische beweging, zoals de vrije scholen daar de onderwijstak van vormen. BD-landbouw is biologisch, zonder gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen – maar gaat verder dan dat. De BD-boer houdt bijvoorbeeld rekening met de veronderstelde invloed van hemellichamen op de vruchtbaarheid van de aarde. De producten, met het Demeter-keurmerk, worden vooral verkocht in natuurwinkels.

Stichting BD Grondbeheer zou met ‘schenkgeld’, zoals de antroposofen donaties noemen, grond verwerven en die voor altijd, tegen een lage pacht, beschikbaar houden voor deze vorm van landbouw. Eenmaal verworven terreinen zouden nooit meer verkocht worden. Inmiddels zijn er tal van idealistische grondfondsen, zoals Land van Ons en Lenteland, maar Grondbeheer was de eerste.

Decennialang bleef de omvang van Grondbeheer bescheiden. Door een groeispurt, na de overname van het bekende biologisch-dynamische complex Loverendale, kwam de organisatie afgelopen jaren in diepe problemen. Voorzitter Kees van Biert zoekt nog steeds financiële ondersteuning.

Verwerking van de oogst op Loverendale Ter Linde.

Foto Walter Herfst

Landbouwgrond als asset

Uit de werkgroep van antroposofen kwam uiteindelijk ook de Triodos Bank voort. Dit werd de financiële tak van de antroposofische beweging. De geestverwanten BD Grondbeheer en Triodos hielden nauwe banden, al zouden die wel gaan knellen.

Toen de huidige voorzitter Van Biert in 2012 aantrad, had BD Grondbeheer zo’n tweehonderd hectare in bezit. Via schenkingen en legaten kwam jaarlijks zo’n 50.000 euro binnen, destijds genoeg om één hectare landbouwgrond te kopen. Dat terwijl een gemiddelde boerderij zeker dertig hectaren beslaat. Van Biert streefde naar groei om de duurzame landbouw te stimuleren.

Grond moet interessant worden voor grote beleggers, zoals pensioenfondsen, vond Van Biert. Hij had zelf een bedrijf opgezet dat adviseerde over de financiering van schepen, een branche waar miljoenen in omgaan en het, net als bij grond, gaat om langetermijninvesteringen.

Van Biert zet tijdens een gesprek in Driebergen uiteen wat hij voor ogen had: „Mijn droom was van grond voor bio-boeren een asset-categorie te maken.” Oftewel: duurzame investeerders zouden naast aandelen, obligaties en vastgoed duurzame landbouwgrond in hun portefeuille moeten hebben. Dat levert geen hoog rendement op, misschien 1 of 2 procent. Maar het bezit van duurzame landbouwgrond heeft een concrete, positieve impact op de bodem, de biodiversiteit en het voedselaanbod, en eten blijft altijd nodig. Dus het is een veilige belegging, is nog steeds de inschatting van Van Biert. Maar om interessant te worden voor grote beleggers, zou BD Grondbeheer wel moeten groeien.

Zolang die grote beleggers er niet waren, was er een andere mogelijkheid om sneller land aan te kunnen kopen: lenen van de bank. Dat BD Grondbeheer daar rond 2012 mee begon, kwam voort uit een bijzondere situatie. De gemeente Driebergen-Rijsenburg had plannen voor het terrein waar het kantoor van BD Grondbeheer en keurmerk Demeter gevestigd zijn. Daar zouden tachtig woningen moeten komen. Met een lening kon het landgoed worden aangekocht en behouden blijven voor de beweging.


Lees ook

Coöperaties die zelf grond kopen voor duurzame landbouw. ‘Ze zijn een aanjager

Het aanplanten van fruitbomen in 2016 door deelnemers van de voedselcoöperatie Herenboeren in Boxtel. Foto Walter Herfst

In de jaren daarna sloot BD Grondbeheer meer leningen af, steeds bij Triodos. Daar stond grond tegenover, de pacht van de boeren en inkomsten uit donaties van particulieren. Die donaties namen toe, naar een paar ton per jaar. De stichting ging daarnaast eeuwigdurende obligaties uitgeven. In de jaarrekening over 2017 schreef ze dat „gezien de goede relatie tussen BD Grondbeheer en Triodos Bank en gezien de situatie van voldoende onderpand” er vertrouwen was dat leningen van de bank steeds hergefinancierd zouden worden.

Op een biodynamische boerderij houden koeien hun hoorns.

Foto Walter Herfst

Natuurkrachten

Het jaar daarop kreeg Van Biert een belangrijk telefoontje, dat zou leiden tot overname van het roemruchte biologische landbouwcomplex Loverendale – en tot een groot risico voor zijn stichting. In het telefoongesprek werd duidelijk dat landbouwbedrijf Loverendale in Zeeland failliet dreigde te gaan. „Loverendale gaat verkocht worden aan de hoogstbiedende”, was de mededeling.

Loverendale heeft in de BD-wereld een bijna mythische status. Het is het oudste bedrijf uit die beweging in Nederland, met wortels die zowat rechtstreeks teruggaan naar Rudolf Steiner (1861-1925), de grondlegger van de antroposofie en van de biologisch-dynamische landbouw.

Aan de basis ervan stond Marie Tak van Poortvliet, dochter van een bekende politicus en antroposofe. Haar landerijen op Walcheren waren in 1926 de basis voor wat uitgroeide tot de stichting Loverendale, waar meerdere landbouwbedrijven onder vallen. Er werd vee gehouden, tarwe verbouwd, fruit geteeld, er waren tuinderijen. Monocultuur is uit den boze.

In die bijna honderd jaar heeft Loverendale het nodige meegemaakt. Eerst kwam de crisis in de jaren dertig, daarna de oorlog met de desastreuze gevolgen van de inundatie van Walcheren. Dat kwam onder water te staan doordat de geallieerden de dijken hadden gebombardeerd.

De jaren zeventig waren een bloeiperiode. Het Loverendale-brood dat in Zeeland werd gebakken, stond bij progressieve tijdgenoten in het hele land op tafel. Provo Roel van Duijn deed op de boerderij zijn idee op voor de Kabouterbeweging, geïnspireerd door het antroposofische geloof dat natuurkrachten verantwoordelijk zijn voor de groei van planten.

Rond 2017 werd het erg moeilijk. „Er waren iets te veel schulden om de exploitatie zoals we toen bezig waren rond te krijgen”, zegt Maria van Boxtel, toenmalig voorzitter van de stichting Loverendale, in een telefoongesprek. De schulden zijn aangegaan om te investeren, vertelt ze. „Je probeert dingen uit.” De locatie, tamelijk ver van de BD-klanten in de steden, bracht hoge kosten met zich mee. „Voor het transport van de melk naar de BD-melkfabriek, toen in Limmen, in Noord-Holland, moest je extra betalen. Dan levert de melk minder op dan nodig is.”

Van Biert is harder in zijn oordeel over de toenmalige bedrijfsvoering: „Sommige boeren hebben er een puinhoop van gemaakt. Je krijgt iets gratis, vervolgens lukt het een jaar niet, dat kan natuurlijk. Dan ga je naar de bank, geld halen, en dat ging van kwaad tot erger. Dat bedrijf is zich vol gaan lenen.”

Maar hoe de bedrijfsvoering ook was, het zou voor de biologisch dynamische landbouw een klap zijn als Loverendale zou verdwijnen.

De bioboerderijwinkel op Loverendale Ter Linde.

Foto Walter Herfst

Lijfrente

Na het telefoontje ging Van Biert met de bank – uiteraard Triodos – en andere betrokkenen spreken. Rond een van de bedrijven van Loverendale bestond een constructie waarbij de voormalige eigenaar het vruchtgebruik had gehouden. Dat werd gewaardeerd op 3 miljoen euro. „Ik ben met haar gaan praten en heb gevraagd of ze het wilde schenken. Dat wilde ze wel, als ze een lijfrente van ongeveer 20.000 euro per jaar zou krijgen. Daarna ben ik naar de bank gegaan en heb gezegd dat BD Grondbeheer de schulden van 5 miljoen euro zou overnemen, en nog 1 miljoen wilde lenen voor investeringen.”

Het totale bezit werd getaxeerd op 14,5 miljoen, dus het leek een zeer gunstige overeenkomst.

De Stichting Loverendale ging per 1 januari 2020 op in BD Grondbeheer. Van Biert was tevreden: hij had het grondbezit van de stichting in een klap met 165 hectare uitgebreid en een biologisch-dynamisch icoon gered. Van Biert: „Ik scoorde wel punten bij onze achterban, maar dat is ook wel nodig, want die moet die 5 miljoen aan donaties op tafel leggen.”

Grote rivier

Het eerstvolgende jaarverslag was jubelend: „Het jaar 2020 gaat waarschijnlijk de boeken in als het jaar waarin we van een klein beekje een grote rivier zijn geworden. Een vitaliserende waterader die voor vruchtbaar land gaat zorgen, voor huidige en toekomstige generaties.” Het verslag meldde ook de omvang van de schulden aan de bank: ruim 17 miljoen euro. Risico’s werden amper genoemd.

Een paar jaar later was dat wel anders. De rente, met name op de leningen voor Loverendale, was gestegen van 1,5 procent tot 5 procent. Op een lening van zo’n 6 miljoen euro scheelt dat nogal; de rente zou een grote hap nemen uit de begroting.

In mei 2024 luidde Van Biert de noodklok in een nieuwsbrief aan alle donateurs en op de website van BD Grondbeheer: „Als niemand bijspringt op dit dossier moeten we linksom of rechtsom een deel van onze landbouwgrond gaan verkopen.” Dat zou regelrecht indruisen tegen het doel van de stichting: grond voor altijd uit de handel halen.

Ook met de bank werden gesprekken gevoerd. De banden daarmee leken versterkt. Peter Blom, voormalig topman van Triodos, was voorzitter van de raad van toezicht geworden. Een ex-communicatiemedewerker van de bank was toegetreden tot het bestuur. In Aardpeer, een nieuw project om grond te verwerven via obligaties, werd samengewerkt met het Triodos Regenerative Money Centre, onderdeel van Triodos Bank. Aardpeer haalde miljoenen op voor boeren die biologisch of natuurinclusief werken.

Tot een voorkeursbehandeling leidde dat niet. Wat de leningen en de rente betreft, was de relatie zakelijk. Dat zegt Triodos nadrukkelijk in een summier commentaar omdat de bank geen informatie over klanten kan delen. De banden uit verleden en heden spelen „geen” rol, aldus Triodos.

Was het niet riskant een langetermijninvestering te doen met geld dat tegen een variabele rente is geleend? Van Biert zegt dat hij weinig keuze had. Toen Loverendale werd overgenomen, zaten deze leningen erbij. „We namen het lock, stock and barrel over.”

Ergens zal het geld vandaan moeten komen om de leningen af te betalen. Van Biert is de laatste om dat een probleem te vinden. „Ik ben met twee families in gesprek, die hebben het geld gewoon liggen om de leningen over te nemen.” Een vervolgactie is een publiekscampagne. Daarmee wacht BD Grondbeheer tot volgend jaar. Dan bestaat Loverendale honderd jaar, een mooi aangrijpingspunt voor publiciteit.

Van Biert kan verkoop van grond nog niet honderd procent uitsluiten, ook al gaat dat lijnrecht in tegen het principe van zijn stichting. „Je zou één keer kunnen zeggen: we hebben gedaan wat we konden om het te redden. Het is niet gelukt. Ik verwijt u niet dat u me niet geholpen hebt. Maar ik kan het niet mooier maken dan het is. Ik kan me voorstellen dat ik er één keer mee wegkom.”

Op Loverendale Ter Linde worden groente en fruit verbouwd en biodynamische snijbloemen geteeld.

Foto Walter Herfst

1 miljard

Van Biert en zijn stichting hebben wel lessen getrokken uit de gang van zaken rond Loverendale. De tijd van lenen om grond aan te kopen is voorbij. De band met Triodos wordt losser. Aankopen moeten gebeuren op basis van schenkingen of langlopende obligaties met lage rente, zegt Van Biert. Er is geld genoeg, denkt hij, bij vermogende families en „mannen die veel verdiend hebben op een manier waar ze eigenlijk zelf niet zo trots op zijn. Je bent toch geen knip voor je neus waard als je op de Zuidas werkt en niet ook een stukje landbouwgrond hebt? Dat moet het idee worden.”

Toen hij net was aangetreden, had Van Biert het binnenshuis weleens over de omvang die BD Grondbeheer zou moeten krijgen. Met 1 miljard euro aan bezit zou de stichting een serieuze speler zijn. Dat is het niet geworden. „Het is 50 miljoen”, zegt hij lachend.

Fruitteelt op Loverendale Ter Linde.

Foto Walter Herfst