Column | All our yesterdays

Met mijn moeder (93) aan mijn arm loop ik naar de woonkamer van het verzorgingshuis voor mensen met dementie. We komen een andere bewoonster tegen die altijd goed gekleed is en dat zeg ik tegen haar, dat ze altijd zulke mooie kleren aan heeft. „Ja die maakt mijn moeder”, zegt ze stralend. Haar moeder zou de honderd ruimschoots gepasseerd moeten zijn, maar mijn moeder zegt welwillend: „Ik wou dat ik zo’n moeder had.” De vrouw kijkt meewarig naar mij en zegt: „Daar is ze toch veel te oud voor.”

Ik moet lachen en ik vertel het verhaal thuis en we schudden ons hoofd, jaja, wat er toch allemaal in die hersenen gebeurt. ‘Die hersenen’ zijn altijd de hersenen van iemand anders, niet die van ons. Het zijn altijd de andere toehoorders bij het concert die bejaard zijn. De kennis is ‘wel heel oud’ geworden. Bij de foto van een leeftijdgenoot vragen we met een zeker zelfvertrouwen: zo zie ik er toch nog niet uit? Wij leven binnenin het lichaam dat we zo goed kennen, dat inderdaad hier en daar wel wat slijtage vertoont, maar kom op!

Hoe je lichaam en je leeftijd vertrouwd en vreemd zijn tegelijk. Voor andermans uiterlijk geldt het trouwens ook, mits ze geen onbekenden zijn. Iedereen kent het verschijnsel dat je een vriendin aan ziet komen lopen, op een treinperron bijvoorbeeld, maar net voor je haar herkent is ze zomaar een mevrouw. Een vreemde, ouder, deftiger, rommeliger, afwerender, krommer, hinkender, grijzer, hoe dan ook anders dan je haar kent. En dan valt ze als het ware weer samen met zichzelf en is ze als altijd: ‘niets veranderd’. Al haar vroegere verschijningen worden samengevat in deze.

En tegelijkertijd zie je natuurlijk heus wel dat ze ouder is geworden. We praten over wat we vroeger deden en wat we nu beslist niet meer zouden doen, de slaapzakken op het strand, de mannen, de open laadbakken en de tijmgeur en de onbekenden bij wie we instapten, maar terwijl we praten over die meisjes van ooit, voelen we ze weer in onszelf en verbeelden we ons dat wij dat zijn, nog steeds. Zoals je soms naar een vroegere geliefde kijkt, alsof we nog steeds een geheim delen.

Al die vroegere zelven. ‘Van wie, vraag ik mij af, is mijn verleden?’ schreef Jorge Luis Borges in zijn gedicht ‘All our yesterdays’. Wat die eerdere verschijningen deden, wat ze konden en wilden – wie is dat? Alleen onze verhalen knopen een strik om die hele bundel en zeggen: dat ben ik. Dat ben jij. Altijd zo geweest.

Het is gek hoe waar én onwaar dat is. De vrouw die zeker wist dat haar moeder haar kleren maakte voelde binnenin zich dat meisje nog, nee, ze was dat meisje toen ze het zei. De zomerjurk, eerst gepast en gespeld, voorzichtig uittrekken anders gaan de spelden eruit, en dan op een dag wervelt de cirkelrok om je benen, ligt de kraag met zijn witte randje op je schouders. Binnendoor is dat alles helemaal niet ver weg, binnendoor kun je de stof nog heel precies voor je zien, het prikje van de speld voelen. En wie haar toen kende, ziet dat meisje ook nog wel: de manier waarop ze haar handen beweegt, hoe ze even schuins opzij kijkt, de intonatie waarmee ze iets zegt, haar lachen. Niets veranderd is ze. En nog steeds die mooie kleren!

Borges toont zich over dat alles weinig verheugd: ‘Ik ben degenen die zijn heengegaan./Zij vormen ’s avonds zinloos mijn bestaan.’

Maar dat meisje in die oude vrouw, dat is niet zinloos. Dat leeft, en haar moeder naait haar kleren. Nog steeds.


Opinie | Sneeuwwandeling

Mijn vriend en ik wandelen in een winters bos bij Nijmegen. Voor ons wandelen twee grootmoeders met hun twee kleinkinderen, naar schatting 4 en 6 jaar. De kinderen dwarrelen over het pad en de grootmoeders manen hen aan de kant te gaan (wij hebben zoals altijd de pas erin). Als wij langslopen zegt een van de kinderen: „Oma, moeten die mensen ook een uur wandelen?”

Johanna Somers

Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]


Opinie | Kastenwand

Ik heb een afspraak met de Commissaris van de Koning in Noord– Brabant. In het Bossche provinciehuis word ik ontvangen door de -Kamerbewaarder. Hij brengt mij naar de antichambre.

Eén wand van de kamer wordt gevormd door kasten met in het midden een nauwelijks zichtbare deurklink, die naar de kamer van de Commissaris leidt.

De Kamerbewaarder bereidt mij voor op haar komst. Hij wijst op de deurklink en zegt: „Zo meteen gaat deze klink naar beneden en dan komt de Commissaris uit de kast.”

Mieke Kerkhof

Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]


Column | Negatievelingen

Noa Lang speelde zaterdagavond een redelijke wedstrijd voor PSV, dat weer niet won. Van Willem II notabene. Na afloop ging Lang voor de camera’s tekeer tegen het Eindhovense publiek, waarvan hij niet wist waar ze mee bezig waren. Enig wederzijds onbegrip is begrijpelijk, Noa Lang is in niets Eindhoven en andersom zijn er in Eindhoven ook weinig als Noa Lang.

De functie van publiek is volgens Noa Lang aanmoedigen, andere zaken worden niet op prijs gesteld. Trainer Peter Bosz van PSV vond desgevraagd dat het publiek best zijn afkeuring mocht laten blijken, want er was veel te doen over de uitspraken van Lang.

Natuurlijk mag het publiek zijn onvrede kenbaar maken, maar andersom mag je daar als performer natuurlijk ook best verontwaardigd over zijn. Een schrijver vindt een slechte recensie ook niet leuk, het publiek kan er best naast zitten, misschien spaarden de spelers zich wel om de spionnen van Juventus zand in de ogen te strooien.

Ondertussen was onder de hardcore PSV-supporters de hel losgebarsten. Het was lang geleden dat ze zo waren beledigd, ze zagen zich als twaalfde man als een onderdeel van het team en nou zei Noa Lang ineens dat ze „een slecht publiek” zijn. Je aangesproken voelen omdat je tussen alle goedbedoelde emoties door misschien ook wel heel hard „PSV wakker worden” hebt geroepen: ik ben jaloers. Je thuis verslikken in je bier en chips als je Noa Lang hoort praten: dan zijn oorlog, milieu, inflatie en Trump nog heerlijk ver weg, dan ben je geestelijk nog gewoon vijftien of je hebt je carrière en relatie al opgegeven en je stort je helemaal op de bijzaken. Dan maakt het allemaal niet meer uit, maar dan heb je wel een zware tijd want Noa Lang vind je kut. En de rest van het team ook! Het zal wel weer eindigen met halfbakken excuses, met een noodgedwongen transfer of een geniaal doelpunt op het juiste moment, maar voorlopig is de schade onherstelbaar. Er zijn werelden ingestort: dat hele beeld dat het Philips Stadion in Eindhoven voor tegenstanders van PSV een hel is waar ze bibberend naar toe gaan blijkt niet waar te zijn. Dat bestond alleen in jouw hoofd, zelfs de eigen spelers zijn niet van je onder de indruk.

Bij Vitesse werd trainer Ronald Spelbos ooit weggepest door het publiek omdat hij bij Studio Sport gezegd had dat we negatievelingen waren. Ik had verder ook niets anders aan mijn hoofd en was woedend.

Hoe oud was ik? Zeventien? Achttien?

Een paar jaar ouder dan Noa Lang nu is.

Marcel van Roosmalen schrijft op maandag en donderdag een column.


Opinie | Vliegertjes

We wonen al geruime tijd in België. Maar het blijft oppassen met het Vlaams. Dat een kleedje een jurk is, een jeans een spijkerbroek, de administratie de Belgische belastingdienst en straf sterk weten we intussen wel. Maar nog steeds leer ik nieuwe woorden. Op het postkantoor vraag ik om een strip wereldpostzegels. De vriendelijke postbeambte zegt: „Ook met vliegertjes daarbij?” Ik antwoord verbaasd: „Vliegertjes? Een nieuwe wereldzegel?” Het antwoord: „Nee gewoon, van die blauwe airmailstickers.”

Willemijntje Justa

Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]


Column | Koortsig Drostedromen

Mijn hoofd spookt. Een loodzware griep heeft mij te pakken. Ik waande mezelf gisternacht in een aanleunloft aan de Costa Gaza. Het luxe appartement was ook het onderduikadres van Vivian, de dochter van Elon Musk. Hij heeft zijn Silicon Valley-vriendjes onlangs opdracht gegeven om de naam van Vivian te wissen. Hij wil dat zijn ‘verloren zoon’ gewoon niet meer bestaat. Verdronken in de Golf van Amerika. Alleen op het Chinese DeepSeek leeft ze nog.

Terwijl ik gloeiend lag te ijlen zag ik op een televisie twee miljoen Palestijnen bang bibberen op een steenkoud stukje Groenland. Trump zei hierover dat het hun eigen schuld was omdat ze van dat Gaza een enorme rotzooi hadden gemaakt. Hij en zijn goede vriend Netanyahu hadden dat inmiddels prachtig opgeknapt.

Hoe de Palestijnen waren verdreven? Met megalomane cruiseschepen. Dat was bij veel Amerikaanse bejaarden verkeerd gevallen omdat het midden in hun dobberseizoen was gebeurd. Trump zei verder dat de Palestijnen wat hem betreft best terug mogen komen. Alleen waren de huurprijzen een beetje veranderd.

Gaza was in zijn ogen nog niet helemaal klaar. Er werd nog een voetbalclub opgericht die in het Sepp Blatterstadion gaat spelen. Een reguliere competitie en om de Michel Platini Cup. Hierna kreeg hij een gluiperig kusje van Gianni Infantino. Musk stond ondertussen raar te zwaaien achter de president en het leek of hij de Hitlergroet wilde brengen. Maar hij bedacht zich. Netanyahu kon namelijk elk moment binnenlopen.

Spierpijn en stekende botten maakten van mijn broze lijf een gloeiende woestijn waarin Sywert opeens mompelde dat hij het terugbetalen van die 20 miljoen als een bevrijding zag. Bernd en Camille stonden opgelucht te knikken. Ze hadden het geld nooit gewild. Hierna verscheen Ronald Plasterk met de mededeling dat hij binnenkort misschien wel 30 miljoen moet terugstorten. Dus het trio moest niet zeuren. Daarna feliciteerde hij alle kijkers met het feit dat afgelopen januari de warmste januari ooit is geweest en dat microplastics in je hersenen je denken juist versnellen. Achter Ronald maakte Caroline van der Plas ondertussen een blije pirouette. Zij bedankte ons daarna namens de miljoenen Nederlandse varkens dat ze niet zijn gedeporteerd naar hetzelfde Groenland. Waarna ze een angstaanjagende hoestbui kreeg. Ze stoof uit beeld. Het laatste wat ik haar hoorde roepen was: die kutgeiten ook!

Toen viel ik binnen mijn droom in een diepe slaap en in die slaap droomde ik weer dat ik meedeed aan een datingprogramma vol zwakzinnige B&B-eigenaren, die door allerlei opgewonden mannen en tochtige vrouwen werden belaagd. Het eindigde met een bemoeizieke schoonmoeder die levend gecremeerd werd.

Het dromen binnen een andere koortsdroom wordt in de psychologie Drostedromen genoemd. Ik probeerde later aan de dochter van Musk uit te leggen dat dat weer met Nederlandse cacao-blikjes te maken had. Het ingenieus getekende Drosteblik waar je als kind uren naar kon kijken. Failliet!

Toen ik uit deze Drostedroom ontwaakte zag ik hoe Dick Schoof een joviale Donald Trump op het Catshuis uitgebreid bedankte voor de door de Amerikaanse president opgelegde milde importheffing van slechts 60 procent. De meegekomen Musk wilde weer iets raars met zijn arm doen, maar Dickie fluisterde dat dat hier gevoelig ligt, maar dat het bij onze oosterburen binnenkort weer wel mag. Elon vertelde trots dat hij dat zelf geregeld heeft.

Vrijheid van meningsuiting, joelde Mark Zuckerberg, die de kamer binnen stormde. Gevolgd door een bedremmelde Zelensky en een lachende Poetin. Hij kwam Nederland bedanken voor het zakje chips van het merk ASML. Ik wilde zeggen dat ons land Pakistan ooit aan een atoombom heeft geholpen. Dat ging op dezelfde manier. Maar door de koorts kon ik niet praten. Opeens kwam Badr binnen. Hij was kinderlijk blij omdat hij eindelijk weer eens een potje had gewonnen.

Toen ik mijn ogen opendeed lag ik in mijn eigen slaapkamer. Mijn vrouw voelde aan mijn klamme hoofd en constateerde dat ik nog flinke koorts had. Ik vroeg haar hoelang deze griep gaat duren. Haar antwoord was kort en krachtig: „Zeker vier jaar!”


Opinie | Verkeersborden

Wandelend naar school samen met mijn zoontje van vijf, vraagt hij mij, waarom er een rond rood bord met een witte streep erop aan het begin van onze straat staat. Ik vertel hem dat dit een verkeersbord is, en dat auto’s dan weten dat ze deze straat niet mogen inrijden. Iets verderop wijs ik hem op een rond blauw bord met een witte fiets. Daar is een fietspad, leg ik hem uit, daar mogen alleen fietsers fietsen. Zodra we het voetgangerspad naast de school oplopen voel ik zijn kleine handje in de mijne glijden. „En hier moet je hand in hand lopen mama”, zegt hij.

Maaike Davide

Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]


Column | Trump sluit de Efteling

Geert Wilders was reuze blij met het plan van president Trump om Gaza in „een Rivièra van het Midden-Oosten” om te toveren. In zijn beste Engels schreef hij op X: „Very true! As I always said: Jordan=Palestine. Let Palestinians move to Jordan. Gaza-problem solved!”

Zo eenvoudig zijn die dingen in de wereld van Trump en Wilders. Je neemt een toch al geteisterd volk zijn land af, je stuurt de bewoners naar landen waar ze niet welkom zijn en je maakt van hun gebied één grote strandtent.

Ik besloot me aan een gedachte-experiment te wijden. Trump en Wilders hebben in politiek opzicht veel gemeen. Ik vroeg me af : welk krankjorum plan van Trump zou Wilders níet willen steunen?

Stel dat Trump eist: „De Efteling moet dicht. De concurrentie met vergelijkbare attractieparken in Amerika is te groot. De entreeprijzen zijn te laag, het is een voorbeeld van de manier waarop Europa zich ten koste van Amerika verrijkt. Willen ze dat niet in Kaatsheuvel, of all places? Dan sluit ik geweld niet uit. Efteling-problem solved!

Dat zou bij Wilders keihard aankomen. Hij heeft ooit tijdens de corona-periode in de Tweede Kamer een motie ingediend met het verzoek „mijn favoriete pretpark” zo snel mogelijk te heropenen. Hij wilde weer zo graag een ‘Droomvlucht’ maken, een ritje waarbij de bezoeker via hangende gordels vervoerd wordt door een vijftal scènes, gebaseerd op sprookjes en folklore, waaronder wezens uit de Noordse en Germaanse mythologie als elfen, faunen en trollen in hun natuurlijke habitat.

Ik baseer me niet op eigen ervaringen, maar op een beschrijving in een online naslagwerk over de Efteling. Vooral het woord ‘trollen’ trof me: wie kritisch over Wilders schrijft, krijgt meteen met ze te maken. Het zijn doorgaans zielige mannen die geen vrouw hebben kunnen krijgen en daarvoor te laat zijn behandeld.

Zou Wilders een door Trump afgedwongen sluiting van de Efteling uiteindelijk toch accepteren? Ik vermoed van wel, maar denk dat hij zijn grote held eerst probeert over te halen om andere doelen in Nederland aan te pakken. Welke?

Allereerst uiteraard „het tuig van de richel”: de pers, door Trump „fake news” genoemd. Alle kranten kunnen dicht, zal Wilders suggereren, behalve De Telegraaf. Waarom die niet, zal Trump willen weten. Wilders: „Vanwege de columns van Ronald Plasterk en Leon de Winter en de stukken van Wierd Duk. Trump: „Weird Duck?” Wilders: „Met afstand de beste journalist van Nederland.” Trump: „Dan zou hij bij mij minister van Binnenlandse Veiligheid, of zoiets, worden.”

Wilders zal Trump ook aanraden het Mediapark in Hilversum zo snel mogelijk te sluiten. „Daar zitten de linkse boeven van de NPO, de mensen die mij altijd lastigvallen met kritische vragen. De meesten wonen in de Amsterdamse grachtengordel. Bovendien werd in dat park uw belangrijkste voorganger vermoord.”

„Is dit alles?”, zal Trump vragen. Wilders: „Ik vergeet bijna het belangrijkste. We hebben in Nederland een parlement dat helemaal geen serieus parlement is. Daarom heb ik het een nepparlement genoemd. Weg met die slappe hap.” Trump: „We zijn er?”

Wilders: „Doe de rechters er ook nog even bij. De lafbekken.”

Trump: „Hebben ze jou soms ook al veroordeeld?”


Column | Naar de slacht

De BoerBurgerBeweging (BBB) is een als een stapel hooibalen: trek er een paar onderuit en alles valt om. De boer of boerin kan dan een paar dagen de hooizolder niet op vanwege de stofwolken. Maandag was het weer zo’n dag. Het Kamerlid Lilian Helder, die eerder van de PVV naar de BBB was overgestapt, stapte nu helemaal op. Ze had het regeerakkoord ook nooit ondertekend, zei ze. Ze had eigenlijk helemaal niets want er werd toch niet naar haar geluisterd. En ook in de provincie Overijssel brak de halve fractie met de provinciale fractie van BBB uit de stal van Carla Evers wier man Edwin een pluimvee- en akkerbedrijf runt, maar dat doet verder eigenlijk niet terzake.

Partijleider Caroline van der Plas heeft haar partij naar grote hoogte gestuwd, maar weet zich inmiddels omringd door zoveel stoethaspels – eigenlijk blijft alleen haar hartsvriendin Mona Keijzer als vicepremier overeind – dat ze van gekkigheid niet meer kan kiezen welke kant ze nu weer op moet blazen.

Dinsdag legde ze aan verslaggevers uit dat ze intern geen tiran en/of dictator is en gisteren deelde ze op haar favoriete podium X hoe ze deze partijcrisis te lijf gaat. „Gisteren was een rotdag voor BBB, vandaag weer een nieuwe dag. Rug recht, kop omhoog, zoals ik mijn hele leven al heb gedaan. Stormen zijn er om getrotseerd te worden.” Het kwam me bekend voor. Vlak voor de grote kladderadatsch lanceerde mijn favoriete voetbalclub Vitesse een bijna identieke publiekscampagne. We waren trots en voor niemand bang, een paar maanden later moesten we op de knieën voor geld.

Uiteraard werd Caroline op X vanwege haar ongehoorde eerlijkheid overstelpt met bijval. Het regende begrip van mensen die van het eigen leven ook een puinhoop hebben gemaakt. Stug doortrappen bij wind tegen vinden ze stoer, ook als je van niks naar nergens fietst. Het zal wel weer een ingeving van haar trouwe maat Henk Vermeer zijn, die had vroeger een reclamebureautje en broedde ook de partijleus ‘Iedere dag BBBeter!’ uit, een zin waarmee alles en tegelijkertijd ook niets wordt gezegd. Als Kamerlid is Henk de hele dag aan het redderen. Op de jampotjes uit Tiel staat Flipje, Berend Botje vertrok met een scheepje uit Zuidlaren en Henk plukt lukraak wat moties uit de ochtendkranten die hij dan op verkeerde momenten indient.

Henk Vermeer denkt dat de Tweede Kamer een koeienstal is waar je mag loeien wat je wilt, maar dat is alleen zo bij de fractievergaderingen van de BBB, waar hij en Caroline onderonsjes hebben over alles, behalve over de zaken waarvoor de BBB is opgericht, want voor de boeren kunnen ze helaas niets betekenen. De BBB houdt van de boer op dezelfde manier als de boer van zijn beesten houdt: het is bijvoederen en aaien zolang de camera’s draaien en daarna hup naar de slacht.

Marcel van Roosmalen schrijft op maandag en donderdag een column.


Opinie | Veteranenproject

Ik word gebeld door twee jongedames van het vwo in mijn stad. Ze hebben een project over veteranen en hebben mijn naam doorgekregen van het plaatselijke Comité 4 en 5 mei. Ze nemen graag een interview af. Ik vraag of ze het op school of bij mij thuis willen houden. „Nou meneer, het leukste is natuurlijk om de veteraan in zijn eigen natuurlijke omgeving te zien.” Oh, en ze willen het graag combineren met een werkstuk over PTSS. „Nou meneer, het zou ontzettend leuk zijn om u ook daarover te kunnen spreken.”

Raymond Hiltrop

Lezers zijn de auteurs van deze rubriek. Een Ikje is een persoonlijke ervaring of anekdote in maximaal 120 woorden. Insturen via [email protected]