Skateboarden tegen het patriarchaat

‘Asha was de eerste uit haar dorp die een paspoort had en de eerste die naar het buitenland reisde. Dat heeft zoveel betekend voor de andere meisjes uit het dorp. Dat iemand dát kan bereiken, dat geeft hen hoop en perspectief.” De Italiaanse fotografe Chantal Pinzi spreekt vol lof over Asha Gond (25), de enige vrouwelijke skateboarder die India vertegenwoordigde op het WK skateboarden in 2018 in Nanjing, China.

Gond is een van de skateboardende meisjes en jonge vrouwen die Pinzi fotografeerde voor Shred the Patriarchy, de fotoserie waarvoor ze in 2024 meer dan 5.000 kilometer door India reisde. „Asha behoort tot de Adivasi, leden van de inheemse Indiase stammen uit een lage kaste. Toen ze met skateboarden begon in haar dorp Janwaar, in het midden van India, kreeg ze te maken met beledigingen en bedreigingen van mensen die vinden dat zij de tradities die aan de vrouwen in het dorp worden opgelegd, moet voortzetten. Als ze niet stopte met skateboarden, zouden ze haar verkrachten en verbranden. Ondanks dit soort gruwelijke bedreigingen tóch doorgaan, dat getuigt van karakter.”

‘Visueel activist’

Chantal Pinzi vertelt erover vanuit Ethiopië, waar ze werkt aan het derde deel van haar serie over skateboardende meisjes en vrouwen – het eerste deel maakte ze in Marokko, deel twee in India. „Mijn project laat zien hoe vrouwen en meisjes die in hun land te maken hebben met onderdrukking en ongelijkheid, en vaak ook met geweld, in opstand komen. Dat doen ze door te gaan skateboarden, iets wat lange tijd absoluut niet voor vrouwen bedoeld was. Ze gaan in tegen wat van hen verwacht wordt, zoals onderdanig zijn, braaf meegaan in de wens van hun familie voor een gearrangeerd huwelijk. ‘Dit is niet iets wat meisjes doen’, kreeg een van de Indiase meisjes te horen van haar oma. ‘Als je iets breekt, wie wil er straks dan nog met je trouwen?’”

Chantal Pinzi (Como, Italië, 28 jaar) noemt zichzelf ‘visueel activist’. Ze behaalde een bachelor fotografie aan de University of Europe for Applied Sciences in Berlijn, en richtte zich met haar documentairewerk eerder op gemarginaliseerde gemeenschappen. Zo maakte ze in 2023 een serie over de Wayuu-gemeenschap in Colombia. Haar werk was te zien in tentoonstellingen en won verschillende prijzen – Shred the Patriarchy is dit jaar genomineerd voor de Sony World Photography Award in de categorie sport.

Hoewel India zich graag afficheert als ‘de grootste democratie van de wereld’ – „Holle retoriek”, vindt Pinzi – is gelijkheid voor veel vrouwen geen realiteit. Plan International zet India op de eerste plaats van gevaarlijkste landen voor meisjes en vrouwen, in de media lezen we met regelmaat berichten over met name het seksuele geweld waar vrouwen mee te maken krijgen. En ondanks de strengere straffen die werden ingevoerd, registreerde de Indiase politie 31.516 verkrachtingszaken in 2022. Een stijging van 20 procent ten opzichte van 2021, meldde The Guardian op 8 maart, Internationale Vrouwendag, naar aanleiding van weer een nieuwe verkrachtingszaak.

Pinzi ziet dat door de successen van de vrouwelijke skateboarders de ideeën over hen langzaam beginnen te schuiven. Er verscheen een aantal films met Indiase skateboarders (Kamali (2018), over een zevenjarig meisje; Skater Girl (2021), met een rol voor nationaal kampioen Shraddha Gaikwad). „En sinds skateboarden bij de Zomerspelen in 2021 in Tokio een olympische sport werd, wordt het serieuzer genomen.”

Asha Gond zette in haar dorp een programma op met steun van de Barefoot Skateboarders, een non-profitorganisatie die mede door haar is opgericht en educatie en ontwikkeling van kinderen uit het dorp wil bevorderen. Haar buurmeisje Puti neem vaak deel aan de activiteiten, onder andere het skateboarden.

Chantal Pinzi: „Skateboarden is oefenen, oefenen, oefenen. Vallen en opstaan. Doorzetten. Dat maakt de meisjes en vrouwen sterk en zelfstandig, voor enkelen brengt het zelfs financiële onafhankelijkheid. Daarmee is skateboarden ook een vorm van verzet tegen het patriarchaat.”


‘Lichaamstaalexperts’ die Zelensky duiden op LinkedIn – ik erger me daar kapot aan

Nou hád ik al niet zo’n beste relatie met LinkedIn. Het sociale medium met al die zelffelicitering, humblebrag en schaamteloze opschepperij om de eigen toko te promoten. Nou, die relatie is er vorige week niet veel beter op geworden.

Want sindsdien kan je LinkedIn namelijk niet meer openen, of je wordt er overstelpt met tips, adviezen en bespiegelingen van allerlei zelfbenoemde ‘experts’ die ongevraagd het bezoek analyseren dat de Oekraïense president Volodymyr Zelensky op vrijdag 28 februari bracht aan Donald Trump in de Oval Office.

Wat Zelensky beter had kunnen doen. Wat we van het incident kunnen opsteken over onszelf en onze „eigen organisatie”. Of nog erger: wat we van Donald Trump en JD Vance kunnen leren.

Tuurlijk, als je geopolitiek adviseur bent, Rusland jaren bestudeerd hebt of nog met Poetin in zijn datsja hebt gezeten kan ik me er nog iets bij voorstellen. Maar al die ‘personal coaches’, managementtrainers, ‘verandermanagers’, ‘strategische communicatieadviseurs’, en ‘teamontwikkelingstrajectbegeleiders’? Ik erger me er helemaal kapot aan.

Een stropdas en een jasje

Zo zijn er de „lichaamstaalexperts” die uitleggen hoe Zelensky scherper op de „non-verbale communicatie” van Trump en Vance had kunnen letten. De organisatiecoaches die met deze ‘casus’ als voorbeeld uitleggen dat een conflict écht oplossen betekent „niet alleen macht uitoefenen, maar ook luisteren, verbinden en samenwerken. Herken jij dit in jouw organisatie?”

De ‘strategische communicatieadviseur’ die Zelensky adviseert zich niet te laten verleiden tot defensieve antwoorden, maar bij zijn eigen boodschap te blijven, „controle te houden over het narratief”, en meer op Trumps ego in te spelen door hem te prijzen om de historische rol die hij zou kunnen spelen in deze crisis.

De ‘expert in teaming’ die, heel toevallig (!), net is begonnen met een serie lezingen over respectvolle omgang binnen bedrijven, en Trump adviseert eens wat vaker in de spiegel te kijken. Een ‘ambitious teamplayer’ die oppert om toenadering tot China te zoeken.

Het ontbreekt er nog maar aan dat er een ‘personalbrandingsexpert’ schrijft dat Zelensky meer autoriteit had uitgestraald met een stropdas en een jasje, in plaats van met zijn slordige trui. Maar het zou me niet verbazen als een van de grote lichten uit die sector dat inmiddels heeft gedaan. O jongens, wtf.

Hollandse bloemkoolwijk

De stuitende pedanterie om te denken dat jij deze geopolitieke nachtmerrie wel even zal duiden. Dat je het überhaupt in je bolle kop haalt om vanuit je keurig aangeharkte Hollandse bloemkoolwijk met een Prius voor de deur schaamteloos te gaan zitten tikken welke „lessen we kunnen trekken” uit deze doodenge wereldcrisis.

Alsof Zelensky bij Trump op bezoek was voor een inspiratiesessie over ‘persoonlijke groei in tijden van conflict’. Alsof we niet aan de vooravond van WOIII waren komen te staan als Zelensky maar beter had opgelet op de takeaways van ‘lichaamstaalexpert’ Johan de Vries uit Nergenshuizen.

Alsof het niet gaat om een held die zijn bevolking de Russische bommen van het lijf probeert te houden, maar om een scrumcoach op een Hollands industrieterrein die met wat basiscommunicatietips de wereldvrede had kunnen herstellen. Alsof de nakende Derde Wereldoorlog een netwerkborrel is, en een kernoorlog een kans voor persoonlijke groei.

Hoezo internationaal horrorscenario?? Hoog tijd om de eigen winkel aan te prijzen, zal je bedoelen, over de rug van een president in oorlogstijd. „Boek mij als spreker op uw event”, „bestel m’n nieuwe boek!”, „abonneer je op mijn nieuwsbrief” – rot toch op. Je zou je toch de ogen uit de kop schamen, als dit je verdienmodel is?

Authentiek leider

Weet je wat ik dacht? Misschien moeten we deze mensen eens uitleggen dat het hier gaat om de dreiging van een nucleaire oorlog in plaats van een ‘lessons learned’ voor kalibrerend Nederland.

Misschien moeten we ze uitleggen dat dit een levensgevaarlijke crisis is, in plaats van wat ‘valuable takeaways’ en ‘insights you don’t want to miss!’

Misschien moeten we uitleggen dat dit geen 360-gradenfeedback is, inspirerende TEDTalk, of een ‘omdenken in crisistijd’, maar de kille nieuwe naakte wereldorde. Dat dit geen ‘Hoe presenteer jij jezelf in een gespannen onderhandeling?’-seminar; maar onze bloedeigen wereld die in de fik staat.

Misschien moeten we uitleggen dat niet alles een ‘leermoment’ is waar je als authentiek leider je voordeel mee kan doen, maar dat we op de drempel van oorlog staan.

Of misschien heb ik zélf gewoon een personal coach nodig, een touch-up voor m’n personal branding en een mindfulnesscursusje in deze onzekere, donkere, doodenge, slapeloze tijden.

Dat kan natuurlijk ook.


Diëten, yoga, supplementen: wat werkt er wel en niet voor PCOS?

Pandora van den Hoven zit in een kamer bij haar huisartsenpraktijk. Ze wil graag zwanger worden, maar dat lukt niet. Haar huisarts had gezegd dat zij en haar partner het een jaar zelf moeten proberen voordat ze mag terugkomen. Maar Van den Hoven voelt dat er iets niet goed zit, dus maakt ze al gauw een nieuwe afspraak. Wát er mis is weet ze nog niet.

Dit keer wordt ze geholpen door een huisarts in opleiding. Die neemt haar zorgen over de uitblijvende zwangerschap serieuzer en wil een inwendig onderzoek doen. De dokter voelt een verdikking op haar eierstokken en stuurt haar door naar het ziekenhuis voor een echo.

Daar is de diagnose onmiskenbaar. Ze heeft PCOS. De afkorting staat voor polycysteus-ovarium-syndroom en betekent letterlijk: meerdere vochtblaasjes in de eierstok.

Hoewel het een bij veel mensen onbekende term is, is PCOS de meest voorkomende hormonale aandoening onder vrouwen. Vaak zijn de mannelijke hormonen in het lichaam hoger dan gebruikelijk. Hierdoor kunnen de ovulatie (de eisprong) en de menstruatie onregelmatig zijn of uitblijven. Zo’n 10 tot 15 procent van de vrouwen (en anderen met eierstokken) heeft PCOS. Soms weten mensen niet dat ze het hebben, omdat ze jarenlang de pil slikken en daardoor hun natuurlijke menstruatiecyclus niet kennen.

Standaardadvies

De hormonale disbalans kan een scala aan uiteenlopende problemen veroorzaken, zoals acne, overgewicht en overbeharing. En 50 procent van de patiënten heeft psychologische problemen zoals depressie of een angststoornis.

Toch focussen huisartsen vaak enkel op de problemen met vruchtbaarheid. Hun standaardadvies: ga aan de pil en kom maar terug als je een kinderwens hebt.

Maar de anticonceptiepil werkt alleen bij een symptoom van PCOS, namelijk overbeharing. Daar heeft lang niet iedereen met PCOS last van, ziet professor en gynaecoloog Joop Laven van het Erasmus MC. Zo kunnen patiënten jarenlang last houden van de andere mentale en fysieke klachten. De pil is geen PCOS-medicijn, daar is het middel niet voor bedacht.

En vrouwen staan de laatste jaren vaker negatief tegenover de pil en andere hormonale anticonceptie – een trend die ook wel hormonofobie wordt genoemd. Het pilgebruik onder seksueel actieve vrouwen tussen de 18 en 24 jaar is in zes jaar afgenomen van 63 procent naar 45 procent, bleek uit de Monitor Seksuele Gezondheid 2023 van Rutgers. Vrouwen maken zich zorgen over het verhoogde risico op borstkanker, trombose en depressie, of hebben principiële bezwaren tegen het gebruik van hormonen.

Pilscepsis

Laven begrijpt de angst voor deze risico’s, maar maakt zich tegelijkertijd zorgen over de toename van het aantal ongewenste zwangerschappen. Het aantal abortussen steeg van ruim 31.000 in 2021 tot ruim 39.300 in 2023. Dat is het hoogste niveau sinds abortus veertig jaar geleden legaal werd. Ruim 40 procent van de vrouwen die een abortus ondergingen had geen anticonceptie gebruikt. Laven vindt het cynisme over de pil niet altijd terecht. De positieve kanten – betrouwbare anticonceptie en het emanciperende effect – wegen volgens hem op tegen de kleine kans op gevaarlijke bijwerkingen.

Op sociale media vergroten influencers de scepsis over de pil en adviseren ze vrouwen hun hormoonhuishouding niet kunstmatig te onderdrukken of te veranderen. En er zijn veel accounts die ‘natuurlijke behandelingen’ tegen PCOS promoten, zoals PCOS-proof diëten, PCOS-yoga en de beste manieren om te sporten met PCOS. Niet zelden hangt aan deze remedies een aardig prijskaartje.

Joop Laven is een van de voorzitters van de internationale richtlijn PCOS, die wordt onderschreven door vijftig internationale instanties, en doet al zijn hele werkende leven onderzoek naar het syndroom. Hij herkent de vaak niet wetenschappelijk onderbouwde adviezen waarmee vrouwen naar zijn behandelkamer komen en waarschuwt dat met dit soort adviezen verkeerde verwachtingen worden gewekt. „PCOS-patiënten zijn wanhopig”, zegt hij. „De gemiddelde patiënt heeft duizend-en-één dingen geprobeerd.”

Een veel voorkomende aanbeveling onder diëtisten en lifestyle-influencers is het slikken van voedingssupplementen. Naast magnesium, vitamine B en zink (minstens 15 mg per dag) is dat inositol. De officiële PCOS-richtlijn stelt inderdaad dat inositol afhankelijk van individuele voorkeuren kan worden overwogen als behandelingsoptie. Het kan de onregelmatige menstruatiecyclus en de overmatige productie van androgenen (‘mannelijke’ hormonen) verbeteren. „Maar”, waarschuwt Laven, „er is geen gerandomiseerde studie naar gedaan. Ook is niet gemeten of vrouwen hun eisprong terugkrijgen.”

Dan de voeding. Wie online naar informatie zoekt over het beste dieet met PCOS krijgt tegenstrijdig advies. Geen gluten, geen zuivel, intermittent fasting of juist de hele dag door eten. Ook ultrabewerkt voedsel wordt vaak als de boosdoener aangewezen. „We denken dat sommige zwaardere PCOS-vrouwen geen PCOS hadden gehad als ze lichter waren gebleven”, zegt Laven. „Ultrabewerkt voedsel is niet goed, maar is niet de oorzaak van PCOS.” Bijna alle vrouwen die hij spreekt leven al heel gezond, omdat ze weten dat ze door de aandoening makkelijk aankomen.

Onderzoek van 2.000 euro

Andere influencers focussen zich op de darmen en bieden soms trajecten aan met een ontlastingsonderzoek van meer dan 2.000 euro. De redenatie: als je darmen niet goed functioneren, raakt ook je hormoonhuishouding in de war.

Laven beaamt dat vrouwen met PCOS een ander microbioom – bacteriën, virussen en schimmels – hebben. „Zo’n test kost 500 euro. Influencers claimen natuurlijk dat zij dat voor je kunnen oplossen. Maar er zijn tientallen studies gedaan naar of je dat met probiotica zoals Yakult of prebiotica kunt herstellen, waaruit blijkt dat het niet werkt. Geen enkele evidence voor.” Er loopt nog wel een onderzoek loopt naar het verbeteren van de darmgezondheid en PCOS, zegt hij.

Wat heeft dan wel een bewezen effect? Van Joop Laven mogen alle supplementen de prullenbak in. Behalve één: „Bijna alle vrouwen in Nederland hebben een tekort aan vitamine D. Wie PCOS heeft, heeft daar nog meer last van. Ik hoor steeds meer vrouwen klagen over hoe moe ze zijn, dat zou wel eens gelinkt kunnen zijn aan vitamine D”, zegt hij. „Als je zwanger wil worden, is het goed om een gezond B6- en B12-niveau te hebben, maar als je gezond leeft, heb je dat.” Verder heeft Laven veel onderzoek gedaan naar diëten. Veel eiwitten, weinig eiwitten: geen verschil. Veel koolhydraten, weinig koolhydraten: geen verschil. High fat, low fat: hetzelfde. Wat wél helpt, is calorieën beperken en vooral niet te veel suiker eten. „Gewoon gezond eten en de Schijf van Vijf volgen”, zegt hij.

Gezonder eten

Bij sommige vrouwen helpt afvallen, maar dat gaat met PCOS moeilijker. Het Erasmus MC organiseerde de enige gerandomiseerde studie ter wereld naar een afvalprogramma. Een intensief traject met meerdere bezoeken aan het ziekenhuis per week en gesprekken met een diëtist en psycholoog. 40 procent van de vrouwen kon het programma niet afmaken. Van de vrouwen die het volhielden, raakte 60 procent 5 procent lichaamsgewicht kwijt. „Dat is niet veel.”

Daarin ziet hij ook een taak voor de politiek. Ongezond eten is te makkelijk beschikbaar en goedkoper dan gezonde producten. „We kunnen wel de alarmklok luiden dat mensen gezonder moeten eten, maar dan moet dat eerst goedkoper worden, want niet iedereen kan dat betalen.” En hij bepleit betere voorlichting aan huisartsen. Huisartsen sturen vrouwen met de diagnose vaak weg totdat zij een kinderwens hebben. Hierdoor krijgen ze het idee dat PCOS alleen te maken heeft met vruchtbaarheid, terwijl er bijvoorbeeld grotere risico’s zijn op diabetes en hart- en vaatziekten.

Wie zwanger wil worden, kan hormoonpreparaten krijgen. Via die weg kreeg Pandora van den Hoven uiteindelijk toch een dochter. Het is inmiddels elf jaar geleden dat ze de diagnose PCOS kreeg. „De voedingshype was toen veel minder”, vertelt ze. Voor haar geen diëten of supplementen. Ze kreeg bij de fertiliteitspoli een kuur om haar menstruatie op te wekken en hormonen voor een regelmatige eisprong. Na haar zwangerschap viel ze ineens veel af zonder daar iets voor te hoeven doen.

En kort na de geboorte van haar dochter werd ze zelfs ongepland zwanger van een zoon. Haar PCOS-symptomen waren nagenoeg weg. „Alsof mijn voortplantingsorganen het kunstje nu snappen.”

Gynaecoloog Joop Laven heeft er een andere mogelijke verklaring voor: PCOS wordt milder naarmate iemand ouder wordt. „Vaak worden vrouwen dan regelmatiger ongesteld en zijn ze daardoor nog tot hun 45ste vruchtbaar. Ze komen later in de menopauze, waardoor ze ook langer leven. Dat is een opmerkelijk voordeel van PCOS.”

Illustratie Noor Bronstring


Hoe weet ik bij wie mijn dochter speelt?

Moeder: „Onze dochter (6) vraagt vaak als we haar ophalen van school of ze bij een klasgenootje mag spelen. Mijn partner zegt meteen dat het niet uitkomt als hij die ouders nog niet kent, maar ik vind dat moeilijker als ik kinderen en ouders tegenover me heb die dat allemaal heel leuk vinden. Het is al een paar keer gebeurd dat ik ‘ja’ zei en achteraf merkte dat ik die huishoudens niet zo fijn vind. Laatst was de moeder van een speelvriendinnetje boodschappen gaan doen, en had haar tienerzoon laten oppassen. De meisjes hadden volgens die moeder in de tussentijd de snoepkast geplunderd. Ik kwam er ook een keer achter dat het bij ouders thuis onveilig was, bijvoorbeeld door een dienblad gloeiend hete thee. Wat meespeelt is dat ik als kind buitenshuis door verschillende mannen ongepast behandeld ben. Hoe weet je aan wie je je kinderen meegeeft? Hoe bied ik weerstand aan de druk van mijn dochter op het schoolplein, wat kan ik daarover met haar afspreken?”

Naam en woonplaats zijn bij de redactie bekend. De rubriek Opgevoed is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar [email protected]

Eerst bij u thuis

Marga Akkerman: „U hoeft niet bij elkaar thuis te zijn geweest om te weten of u uw dochter aan bepaalde ouders durft toevertrouwen. Als u uw kind geregeld zelf van school haalt, en daar met andere ouders praat, merkt u al met wie het klikt.

„Als u van de ouders een positief beeld hebt, laat uw dochter dan meegaan. Heeft u dat beeld niet, vraag het vriendinnetje mee naar uw huis. Zeg tegen uw dochter: ‘Ik ken haar ouders niet, dus ik heb liever dat ze bij ons speelt.’ Houd voet bij stuk als ze protesteert.

„Uw dochter lijkt nieuwsgierig naar wat er bij anderen thuis gebeurt. Die eigenschap helpt bij haar sociale ontwikkeling. Het is juist goed om te zien dat het in andere gezinnen anders gaat.

„Dat een ouder kind even oppast als de moeder van huis is, lijkt me geen probleem. Op kinderen van deze leeftijd hoef je niet meer voortdurend te letten. Als ze al spelend kattenkwaad uithalen, gebruiken ze hun creativiteit en hebben ze een hoop lol. Een mate van onveiligheid is er altijd, ook bij u thuis kunnen kinderen zich bezeren.”

Kennismaken met ouders

Tischa Neve: „Het is belangrijk dat u uw eigen vervelende ervaringen goed verwerkt, anders geeft u uw dochter onnodig gevoelens van wantrouwen en spanning mee. Het is voor haar juist verrijkend om buitenshuis te spelen, en zo de buitenwereld te leren kennen.

„Dat wil niet zeggen dat u haar zomaar hoeft mee te geven. Het is heel normaal om op die leeftijd eerst de ouders te leren kennen. Zeker in een grote stad waar je de ouders van de klasgenootjes mogelijk zelden tegenkomt. U kunt op het schoolplein rustig tegen de ouders zeggen: ‘Ik vind het fijn om elkaar eerst even te leren kennen. Komen jullie volgende week langs, we hebben een zwembadje in de tuin?’

„Als het niet de ouders zijn die komen ophalen, kunt u zeggen: ‘Ik vind het fijn als we altijd eerst even bij ons spelen.’

„Zolang uw kind het er leuk heeft, is het niet erg dat in andere huishoudens dingen anders gaan, bijvoorbeeld als er alleen maar gegamed wordt. Beperk de afspraken dan gewoon, en stuur thuis bij: ‘Jij hebt vandaag al zoveel schermtijd gehad dat we de iPad nu even uitlaten.’

„Laat het andere gezin in z’n waarde. Zeg tegen uw kind: ‘Zo doen zij de dingen, en dat is helemaal prima, maar wij doen de dingen net een beetje anders’.”

Marga Akkerman is niet-praktizerend klinisch jeugd- en kinderpsycholoog. Tischa Neve is kinderpsycholoog en opvoedkundige.

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement.
Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.


‘Manosphere’ duwt jonge mannen richting vrouwenhaat en radicaal-rechts

Een video van zangeres Ariana Grande op de rode loper: ze deelt handtekeningen uit aan fans.

„Ze lijkt op een crackhoer”, reageert influencer Andrew Tate op 19 januari op X, waar hij 10,7 miljoen volgers heeft – hij vindt haar te mager. De Hodgetwins (influencertweeling Keith en Kevin Hodge, 3,3 miljoen volgers), kunnen er wel om lachen. „Kijk hoe groot haar hoofd is”, zeggen ze op X. Tate retweet hun video en zo rolt de sneeuwbal van hatelijke opmerkingen verder.

Een doodnormale dag in de manosphere: de online bubbel waarin vrouwenhaat geldt als – in de woorden van de Hodgetwins – „keiharde eerlijkheid”.

Via sociale media, websites, forums en podcasts verspreidt een groep influencers behalve vrouwonvriendelijk commentaar nu zo’n jaar of vijftien ook ronduit misogyne ideeën. Hun uitingen overlappen met die van extreemrechtse gemeenschappen wereldwijd en met nationalistische en racistische groepen in de VS en elders. De kern: feminisme en ‘woke’-cultuur ondermijnen conservatieve westerse waarden en brengen zo samenlevingen in verval. Mannen moeten zich verzetten tegen deze ideologie, die hen probeert te breken. Vrouwenrechten zijn geen verworvenheid maar een luxe, afhankelijk van de gunfactor van de tijdgeest.

In deze online-wereld heeft de voormalige kickbokser Andrew Tate (38) zich ontpopt als de invloedrijkste stem.

Op de dag dat hij Ariana Grande op de korrel nam, had hij op X nog wel meer te melden over vrouwen: „Vrouwen zijn achterlijk.” „Vrouwen zijn grotendeels incompetent. De meesten zijn nauwelijks bij bewustzijn. Vrouwen die proberen ‘alles te doen wat mannen kunnen’, doen dat alleen omdat ze niet knap genoeg waren om een sugar baby te worden.”

Roemenië

De vrouwenhaat uit de manosphere is inmiddels doorgesijpeld in de echte wereld. Wat heet, sinds het aantreden van Donald Trump en vicepresident JD Vance is de manosphere doorgedrongen tot in het Witte Huis.

Vorige week vlogen Andrew Tate en zijn broer Tristan, die zowel de Amerikaanse als de Britse nationaliteit hebben en ruim twee jaar geleden in Roemenië waren gearresteerd op verdenking van verkrachting, mensenhandel en het vormen van een criminele organisatie, per privéjet naar Florida. Dit gebeurde volgens de Financial Times nadat de regering-Trump druk had uitgeoefend op Roemenië om de reisbeperkingen van de broers op te heffen. De broers landden praktisch op Trumps schoot, op vliegveld Fort Lauderdale, op een steenworp afstand van zijn resort.

Trump – die zelf veroordeeld is voor seksueel misbruik – heeft veel te danken aan Tate. Al tijdens de verkiezingscampagne verschenen Trump en Vance in podcasts en livestreams van conservatieve geestverwanten van Tate. Trumps campagneteam gebruikte ideeën uit de manosphere om de stemmen van jonge mannen te winnen.

In de manosphere zijn vrouwenrechten geen verworvenheid maar een luxe, afhankelijk van de gunfactor van de tijdgeest

Met succes. Bij de presidentsverkiezingen van 2024 bleek een opvallend verschil in stemgedrag tussen jonge mannen en jonge vrouwen. Mannen van 18 tot 29 jaar stemden in groten getale op Donald Trump (56 procent), terwijl jonge vrouwen juist in meerderheid Kamala Harris steunden (58 procent).

Na zijn komeetachtige opkomst, vanaf maart 2022, werd Tate in augustus van dat jaar wegens zijn grensoverschrijdende uitlatingen verbannen van Instagram, Facebook, TikTok en YouTube. Al in 2017 werd hij van Twitter afgegooid, maar nadat Elon Musk het platform had overgenomen gaf hij hem in 2022 zijn account terug. Toch blijft Tates invloed groeien, via alternatieve kanalen en via volgers die zijn boodschap verspreiden. En hij heeft het oor van de president.

Lijntjes

Tal van lijntjes lopen er tussen de kring van Trump en die van Tate. Andrew heeft sinds 2016 nauwe banden met Donald Trump Jr., die de arrestatie van Tate op X omschreef als „totale waanzin”. Vorige maand verscheen Alina Haba, een politiek adviseur van Trump, samen met Tate in een podcast waarin ze zei dat ze een „grote fan” van hem is. „Ik leef met je mee, want ik denk dat jij precies hetzelfde meemaakt als president Trump: dat ze koste wat kost een misdaad bij je willen vinden.”

Een advocaat van Tate, Paul Ingrassia, die staande houdt dat de broers Tate verdacht worden van „misdaden die ze nooit hebben gepleegd”, is benoemd tot contactpersoon tussen het Witte Huis en het ministerie van Justitie.

Vicepresident JD Vance lijkt rechtstreeks uit de manosphere afkomstig. Hij heeft in 2021 gesuggereerd dat mensen zelfs in „gewelddadige” huwelijken niet zouden moeten scheiden. Volgens hem heeft de seksuele revolutie de Amerikaanse bevolking wijsgemaakt dat het verbreken van ongelukkige of gewelddadige relaties mensen uiteindelijk gelukkiger zou maken.

Geruchtmakend was Vances uitspraak, gedaan in 2021 bij Fox News, over de VS als een land dat werd bestuurd door „een stel kinderloze kattenvrouwen die ongelukkig zijn met hun eigen leven en de keuzes die ze hebben gemaakt, en daarom de rest van het land ook ongelukkig willen maken.” Hij doelde onder meer op Kamala Harris en Democratisch Congreslid Alexandria Ocasio-Cortez. Tate noemde vrouwen die geen kinderen willen „miserable dumb bitches” en stelde in een inmiddels verwijderde podcast dat „leven zonder kinderen zinloos is”.

Trump zelf heeft vrouwen herhaaldelijk „dom” en „gek” genoemd. Hij schreef Kamala Harris een „laag IQ” toe en noemde haar „dom als een steen”.

Trump en JD Vance beweren steevast dat dergelijke uitspraken uit hun context zijn gehaald, wat ook veel Tate-fans aanvoeren ter verdediging van hun idool. „Mijn broer en ik worden grotendeels verkeerd begrepen”, zei Andrew Tate nadat hij vorige week in Florida was geland. „We zijn nooit in ons leven veroordeeld voor een misdaad.”

Trump is bepaald niet de enige politicus die meelift op de manosphere en deze tegelijk aanjaagt. In het VK, waar docenten klagen over de misogynie die heerst onder hun mannelijke leerlingen, prees de radicaal-rechtse Nigel Farage Tate als „een belangrijke stem” die „ontmande jongens” hun vertrouwen weer had teruggegeven. Ook Nederlandse politici doen mee. In februari 2024 reisde Thierry Baudet naar Boekarest voor een ontmoeting met Andrew en Tristan Tate. In mei van dat jaar was hij alweer in Roemenië, voor een podcastinterview waarin hij zich aansloot bij hun verzet tegen ‘woke’. Tristan Tate riep zijn volgers op X op om te stemmen op Forum voor Democratie, voor een Nederland „zonder woke/ lhbt-agenda”.

Status

Het werkt. Volgens een onderzoek van de Universiteit van Oxford, afgelopen december gepubliceerd in de European Journal of Politics and Gender, is er onder jonge Europese mannen sprake van een sterke toename in steun voor extreemrechts. Radicaalrechtse partijen, schrijven ze, spelen hier op in door hun boodschap „te richten op mannelijkheid en de status van mannen” in de samenleving.

De onderzoekers wijzen erop dat „progressieve veranderingen op het gebied van gendergelijkheid, genderidentiteit en de #MeToo-beweging patriarchale structuren, genderrollen en de status van mannen in veel aspecten van de samenleving ter discussie hebben gesteld”.

De auteurs zien de ontwikkeling „als een tegenreactie, vooral onder jonge mannen”. Bijna 60 procent van de mannen onder de dertig in de Europese Unie overwoog in 2024 serieus een stem op een extreemrechtse partij – een veel hoger percentage dan bij jonge vrouwen. Ook bij de uiteindelijke partijkeuze was het verschil zichtbaar: 30 procent van de jonge mannen stemde extreemrechts, tegenover 22 procent van de jonge vrouwen.

Jongeren raken wereldwijd politiek steeds scherper verdeeld langs genderlijnen. In tal van landen, van Zuid-Korea tot het VK en Australië, groeit de kloof tussen progressiever wordende vrouwen en mannen met steeds conservatievere waarden. Deskundigen zien een combinatie van oorzaken: een reactie van mannen op de #MeToo-beweging, verzet tegen het streven naar gendergelijkheid én de toenemende verzuiling van online nieuws- en entertainmentmedia, die met hun algoritmes mensen in fuiken lokken.

Alpha-influencer

De manosphere lijkt echter meer te beïnvloeden dan stemgedrag alleen. In het VK waarschuwen hulporganisaties die slachtoffers van huiselijk geweld bijstaan, dat de content uit die online wereld mannen en jongens kan radicaliseren tot het punt dat zij daadwerkelijk geweld tegen vrouwen gaan gebruiken. Een vorige week verschenen onderzoek van het Europees Instituut voor Gendergelijkheid (EIGE), dat data analyseert uit de Europese Unie, geeft inderdaad reden tot zorg. Daaruit blijkt dat jonge mannen toleranter zijn ten aanzien van geweld tegen vrouwen dan hun vaders en grootvaders – een trend die voorheen omgekeerd was. De groeiende kloof tussen jonge mannen en vrouwen in waarden, levensstijl en politieke opvattingen strekt zich, aldus de onderzoekers, dus ook uit tot hun houding ten aanzien van geweld tegen vrouwen.

Ruim een kwart van de mannen onder de 45 in de EU gelooft dat vrouwen vaak beschuldigingen van misbruik of verkrachting verzinnen of overdrijven. Bij mannen van 65 jaar en ouder is dat 21 procent.

„Terwijl we weten dat vrouwen in werkelijkheid juist onderrapporteren”, zegt Carlien Scheele, directeur van het EIGE. Volgens het onderzoek heeft 31 procent van de vrouwen in de EU sinds hun vijftiende te maken gehad met fysiek en/of seksueel geweld.

Seksueel en fysiek geweld worden door de meeste mensen in de EU als onaanvaardbaar beschouwd. Toch vinden aanzienlijke delen van de ondervraagden bepaalde vormen van geweld, zoals het uitoefenen van financiële controle, haatzaaien en het zonder toestemming delen van intieme beelden, nog altijd acceptabel. En de gedachte dat slachtoffers schuld hebben aan geweld, blijkt nog steeds wijdverbreid, ook onder mannen jonger dan 45.

Het zijn opvattingen die berusten op een misverstand, zegt Carlien Scheele, want streven naar gendergelijkheid draait niet om het verdringen of tekort doen van mannen. „Het is een misverstand dat wij alleen aandacht vragen voor vrouwenrechten of dat vrouwen de wereld proberen te veroveren. Het gaat om gerechtigheid en gelijkheid voor iedereen in de samenleving. Dus ook voor mannen.”

Sinds de arrestatie van Andrew Tate en zijn broer in Roemenië, hebben zich 35 vermeende slachtoffers van hun vrouwenhandel gemeld, onder wie een destijds vijftienjarig meisje. De broers worden ook gezocht door de Britse autoriteiten wegens seksuele agressie en verkrachting.

Het tij keert, schreef Andrew Tate op 12 februari op X: „De Tates komen vrij, Trump is weer president. De goede oude tijd is terug – en dit keer nog beter dan ooit.”


Influencer Lotte van Eijk: ‘Toen ik dikker werd, voelde dat als thuiskomen. Dít is mijn vorm’

‘Meiden! Gelukkig nieuwjaar! Ik weet dat ik er wat later bij ben, maar ik had eerst even een kater van vijf dagen die ik moest uitslapen.” Influencer Lotte van Eijk staat in haar smalle keuken, gekleed in een felgroene naveltrui, en kijkt de camera in. Hand op het aanrecht, Rotterdamse tongval. „Ik zie alweer helemaal aan die prachtige rotkop van je dat jij zit te stressen voor aankomend jaar, of niet?”

Het is maandag 6 januari en ze heeft „even een paar dingetjes” voor haar 140.000 volgers op Instagram. „Eén, een microfoon.” Ze houdt een denkbeeldige microfoon richting de camera. „Want jij gaat leren nee zeggen dit jaar, jij gaat je eigen stem laten horen. Je gaat je grenzen aangeven. Je gaat niet meer over je heen laten lopen. Nee! Schat, jíj bent de head bitch in charge van je eigen leven, dus ga je zo gedragen.”

Peptalks geven, dat is wat Lotte van Eijk (27) doet en waarmee ze populair is geworden. De ‘meiden’ die ze aanspreekt in haar filmpjes zijn niet meiden in de letterlijke zin van het woord. „Het is een energie, een begrip voor gemeenschap.” Onder haar volgers bevinden zich bijvoorbeeld „huismoeders, queer personen, activisten, kunstenaars, onzekere tieners en ook oudere mensen die denken: had ik jou maar gekend toen ik twintig was”.

Van Eijk zit op haar reusachtige bank vol felgekleurde kussens in het Rotterdamse appartement dat ze deelt met haar partner Deen Groothuizen. Ze praat lang niet zo grofgebekt en schreeuwerig als in haar video’s. „Niemand houdt het vol om 24 uur per dag te gillen. In mijn filmpjes versterk ik de stem in mijn hoofd die zegt: húp, niet zo zeiken, we gaan ervoor.”

Haar bekendheid als peptalkende influencer groeit. Deze maand verschijnt haar boek De meidenmethode. Hoe je verdomme eindelijk van jezelf gaat houden, dat ze beschouwt als een handleiding voor het leven. Het boek sluit aan bij de boodschap die ze verspreidt, op sociale media en op andere manieren. Zo geeft ze een gastles over zelfverzekerdheid in het zevende seizoen van Dream School dat momenteel door de NTR wordt uitgezonden. En ze heeft een kledinglijn voor dikke mensen.

Dik, ja, want Lotte van Eijk gebruikt geen woorden als ‘overgewicht’, ‘curvy’, ‘mollig’ of ‘stevig’. Dik is een scheldwoord geworden, zegt ze. „Als je dik bent, heb je geen discipline en ben je ongezond. En dus ontwijkt iedereen de term dik alsof het een boobytrap is. Maar voor mij is het een bijvoeglijk naamwoord om iets of iemand mee te omschrijven, net zoals lang, kort, dun, blond of bruin.”

In haar boek schrijft ze: „Hoe vaak ik wel niet te horen heb gekregen: ‘Je bent niet dik, je bent mooi.’ Hold up lieverd, ik zei niet dat ik lelijk was, het een sluit het ander niet uit.” Neem „de rol” op haar achterhoofd. Daar was ze vroeger onzeker over, schrijft ze in een van haar recente Instagram-posts, maar nu vindt ze het juist „het meest sexy deel” van haar lichaam. Foto erbij van de huidrol in kwestie. „En ja, dan komen er ook reacties van mensen die zeggen”, ze zet een aanstellerig toontje op, „‘rol? Welke rol? Ik zie helemaal geen rol, ik zie gewoon een heel mooi hoofd.’ Maar je hoeft niet te ontkennen dat die rol er is om mijn hoofd mooi te noemen. Ik zeg juist dat ik blij ben dat ik het nu kan omarmen. Mensen willen dat sussen, en dat komt voort uit hun eigen idee dat een mooi lichaam geen putjes, striae, vetrollen en oneffenheden heeft.”

Lotte van Eijk groeide op in een conservatief milieu in stadsdeel Hoogvliet, buiten de ring van Rotterdam. Veel mannen in Hoogvliet, zegt ze, voldeden aan het stereotype van „na mijn werk ga ik op de bank zitten en laat ik m’n wijf alles doen”. Zo ging het bij haar thuis ook. „Mijn moeder rende haar poten onder d’r lijf vandaan. Ze had een dansschool, zorgde voor mij en mijn zusje en deed het huishouden. Als kind al vond ik die taakverdeling met mijn vader niet normaal. We hadden daar vaak ruzie over, bijvoorbeeld als ik hem vroeg waarom hij na het eten niet hielp met afruimen.”

Vanaf haar vroege jeugd was Lotte van Eijk zwaarder dan andere kinderen. Opgroeien vond ze „een surrealistische ervaring”. Ze was ervan overtuigd dat ze de dikste mens op aarde was. Haar hele jeugd draaide om afvallen en minder ruimte innemen. Ze lééfde om niet meer dik te zijn.

Foto Jagoda Lasota

Hoe zijn die ideeën in je hoofd terechtgekomen?

„Mijn ouders hoorden steeds van de schooldokter: jullie kind is te dik en het moet afvallen. En als jij als ouder denkt dat dit het beste is dat je voor je kind kunt doen, dan gá je dat doen. Ik begon al heel vroeg, zo rond mijn achtste, met dieetshakes. Ik zat aan de fucking smoothies terwijl de rest lekker een patatje zat te vreten. Traktaties op school moest ik mee naar huis nemen. Ik moest naar de C&A voor mijn kleren, want die van CoolCat paste ik niet. Het maakte dat ik mij vervreemd voelde van de rest. Ik werd anders behandeld door hoe ik eruit zag en zo werd het ook aan mij uitgelegd. Als het zó belangrijk wordt gevonden dat je afvalt, ga je vanzelf denken dat je walgelijk bent.”

Haar oma, die ook dik was, woonde drie deuren verder en speelde samen met haar opa een grote rol in het gezinsleven. „Mijn oma herkende zichzelf in mij en nam me onder haar hoede. Samen gingen we de strijd tegen de kilo’s aan. Samen afvallen, samen diëten.” Ze was vijftien toen haar oma overleed. Op haar sterfbed zei ze dat ze blij was dat ze toch nog dun was geworden. Een sarcastisch grapje, dacht iedereen. Voor haar kleindochter was het geen grap, maar een flashforward naar haar eigen einde. Het was een cruciaal inzicht: ze wilde niet dat dit háár laatste woorden zouden zijn.

Je schrijft dat je oma het leven niet leuk vond. Sprak ze daarover met jou?

„Nee. Mijn oma kon niet zo goed over emoties praten. Ik denk dat ze veel nare dingen heeft meegemaakt. Op haar achttiende kreeg ze haar eerste kind. Ze heeft heel haar leven alleen maar gezorgd en in armoede geleefd. ’s Nachts schoonmaakdiensten gedraaid. Alles was een kwelling voor haar: de rekeningen, haar lichaam, de kinderen. Mijn oma zei aan het eind dat ze het leven niet over zou willen doen. Ik zat erbij met m’n bek vol tanden. Ik begreep die pijn gewoon nog niet. Nu wel. En daarom heb ik ook dit boek geschreven. Ik zou willen dat iedereen op z’n sterfbed zei: ik zou het nog tien keer over willen doen, zó leuk heb ik het gehad. Om dat te bereiken moet je het leven anders leren inrichten voor jezelf en niet meegaan met de massa.”

Achteraf zag je in dat de hechte band met je oma helemaal niet zo goed voor jou was.

„Ze heeft mij, met goede bedoelingen, veel gedragingen opgelegd die niet gezond waren. Ze projecteerde haar trauma op mij en dacht: als ik jou dun kan houden, is het voor jou minder zwaar dan het voor mij was. Dat is een gedachte die voortkomt uit angst, niet uit kennis.”

Na het overlijden van haar oma was de controle op haar en haar dieet ineens weg. Ze ontwikkelde een eetstoornis, Binge Eating Disorder, waarbij je in korte tijd grote hoeveelheden voedsel eet. Het huwelijk van haar ouders ging in die periode snel bergafwaarts. Ze was negentien toen ze uit elkaar gingen. „De focus lag dáár, waardoor ik eindelijk de vrijheid kreeg om te eten wat ik wilde. En in mijn verdriet om mijn oma merkte ik dat eten me kalmeerde.”

En wat ze ook ontdekte: hoe dikker ze werd, hoe comfortabeler ze zich in haar lichaam voelde. „Ik heb mijn hele jeugd het gevoel gehad dat ik me moest voordoen als een dun persoon, door mijn vet te verbergen en verhullende kleding te dragen. Maar toen ik dikker werd, kon ik mezelf niet meer verstoppen. En dat voelde als thuiskomen. Dít is mijn vorm.” In het eerste jaar van haar opleiding aan de Willem de Kooning Academie verdween de eetstoornis geleidelijk naar de achtergrond. Haar gewicht stabiliseerde tot wat het nu is.

Je ging naar de kunstacademie met een missie: je droomde ervan om dikke vrouwen in de Playboy te zien.

„In die tijd was ik erg bezig met de schoonheidsnormen en met begeerlijk zijn voor mannen. Ik dacht: als je in de Playboy staat, ben je écht sexy. Dus als ik daar een dikke vrouw in krijg, kan niemand meer zeggen dat dikke mensen niet aantrekkelijk zijn. Het leek mij revolutionair als dat zou lukken. Inmiddels heb ik dat idee losgelaten. In de Playboy worden vrouwen geobjectiveerd om spullen te verkopen aan mannen.”

Maar je hield wel vast aan je missie om te laten zien dat dikke vrouwen ook gewild kunnen zijn. Je raakte geobsedeerd door de Amerikaanse kunstenaar Cindy Sherman. Waardoor kwam dat?

„Zij liet mij inzien hoeveel invloed beeld heeft op ons, zonder dat we dat door hebben. Cindy Sherman steekt met haar portretten de draak met het schoonheidsideaal, met genderidentiteit, met hoe mannen naar vrouwen kijken en hoe vrouwen naar zichzelf kijken. Dat was voor mij een eye-opener, ik begreep opeens waarom ik me zo alienated voelde, zo níét gerepresenteerd. Want ik zag geen beelden van mensen op de manier waarop ik dat wilde zien. In films zie je bijvoorbeeld geen dikke mensen die geliefd zijn. Ze zijn het clowntje, of het dommerdje. Ze zitten zichzelf vol te vreten en ze verzorgen zichzelf niet. Zo word je in een hokje geduwd.”

Ik was de heks, de bad guy. Ik kon onmogelijk zeemeermin Ariël zijn

Als kind identificeerde jij je met de zeeheks Ursula in plaats van met Ariël, de zeemeermin in de bekende Disneyfilm.

„Zo zag ik eruit. Ik was de heks, de bad guy. Ik kon onmogelijk Ariël zijn. Als je buiten de norm valt, word je dagelijks, nee, per úúr geconfronteerd met hoezeer jij er niet bij hoort. Door Cindy Sherman kwam ik op het idee om die representatie zelf te gaan maken, waardoor anderen kunnen gaan denken: zo kan ik wél zijn.”

Dat deed ze door zichzelf te fotograferen. Zo maakte ze zelfportretten als parodie op foto’s van Kim Kardashian, „hét schoonheidsideaal van die tijd”. Als zij precies dezelfde foto’s van zichzelf maakte, wat was dan het verschil met die van Kardashian? Was zij dan… lelijk? De kunstacademie was „enorm enthousiast”, zegt ze. „Terwijl ze me een half jaar eerder nog vroegen of ik wel zeker wist dat ik op deze school wilde blijven. Het veranderde doordat ik losliet hoe ik dacht dat zij me wilden zien.”

Met deze zelfportretten toonde ze zichzelf naakt of bijna naakt aan haar medestudenten en later ook aan de buitenwereld. Dat ze dat durfde, zegt ze, kwam doordat ze de boodschap belangrijker vond dan haar onzekerheid. Het hielp ook dat in die tijd de body positivity-beweging opkwam. Ze zag eindelijk andere dikke mensen op sociale media, zoals plussize-model Tess Holliday.

Je werd je eigen muze. Beschouw je je activisme en je video’s op Instagram ook als kunst?

Stellig: „Ja. Alles wat ik doe, komt voort uit een sterk gevoel van willen máken. Mijn inner child is mijn muze. Ik ontwierp een modelijn voor het kind dat vroeger niet kon dragen wat ze wilde. Ik maakte die foto’s voor het kind dat zichzelf zag als de lelijke slechterik in sprookjes. En ik schreef dit boek voor het kind dat niet wist wat ze wel had moeten weten.”

Wat zou je bijvoorbeeld graag geweten hebben?

„Ik zou uitleg willen hebben gehad over zaken als vetfobie, dieetcultuur, racisme, maatschappelijke normen en hoe je kunt navigeren in een relatie. Al die facetten die ons leven enorm beïnvloeden. Het woke virus, zoals ze het nu in Amerika noemen, dat is gewoon empathie hebben voor een ander. Meer niet.”

Foto Jagoda Lasota

Je schrijft dat de rolmodellen op sociale media nog veel giftiger zijn dan de traditionele rolmodellen, zoals de ogenschijnlijk perfecte Hollywoodsterren. Omdat influencers toegankelijker en realistischer lijken en daarmee bewijzen dat iedereen perfect kan zijn. Kun jij dat nu allemaal van je laten afglijden?

„Ik volg bewust heel weinig mensen van wie ik een onzeker gevoel zou kunnen krijgen. Maar ik kan bij andere influencers wel soms denken: hoe maak jij zoveel content, hoe heb jij altijd weer die nieuwe ideeën, hoe weet jij altijd wat je moet zeggen? Het triggert me dus nog wel, maar het beïnvloedt niet meer mijn hele dag.”

Geldt dat ook voor de brakende emoji’s die jij krijgt als je je lichaam toont?

„Over het algemeen valt het gelukkig mee met de haatreacties. Maar video’s die viraal gaan kunnen in het algoritme terechtkomen van mensen die een hekel aan me hebben. Natuurlijk raakt me dat soms. Maar dat komt vooral doordat ik niet snap waarom iemand tegen je zegt dat hij hoopt dat je doodgaat. En ik doe dit juíst omdat er mensen bestaan die dikke mensen niet willen zien thriven. Als die er niet waren, was ik lekker bloemist geworden.”

Het aantal Nederlanders met overgewicht loopt volgens de laatste voorspellingen op tot 64 procent in 2025. Hoe kijk jij naar dat nieuws?

„Ik pleit er niet voor dat iedereen dik moet zijn. Maar ik vind wel dat we elkaar vrij moeten laten, waardoor iedereen het gevoel krijgt dat-ie er mag zijn. En waardoor je júíst gezondere leefpatronen aanleert. We moeten onze blik richten op de ware oorzaken van die cijfers, zoals de voedingsindustrie. Alle goedkope producten in de supermarkt zitten bomvol suiker en bomvol e-nummers. Als jij een alleenstaande moeder bent met vier kinderen en twee banen en je moet snel een maaltijd in elkaar knallen, dan wordt dat geen maaltijd vol dure verse groenten waarmee je uren bezig bent. Dan pleur je kant-en-klare poffertjes op tafel. Hoe wij eten, heeft veel meer te maken met het systeem waarin we zitten dan met individuen. Hier in Rotterdam-Zuid heeft niemand geld voor een pakje biologische crackers van 8 euro. En nogmaals: vet aan een lichaam betekent niet per se dat je ongezond bent.”

Je schrijft dat dikke mensen bang gemaakt worden met de dood en met ziektes. Hoe vind jij dat de medische zorg moet omgaan met mensen met overgewicht, wetende dat de risico’s op bepaalde ziektes groter zijn?

Ze zucht diep. „Het gevaar is nu dat een dikke patiënt met klachten bij de dokter komt en hoort: jij bent ziek omdat je dik bent, ga eerst maar eens afvallen. En niet: jij bent ziek, dus we gaan uitzoeken wat er aan de hand is. Dat lichaamsbeeld moet wég. Klachten hoeven niet per se aan dat gewicht gekoppeld te zijn. Als jij fucking kanker hebt, gaat je kanker niet weg doordat je afvalt. Ik vind ook dat er meer onderzoek gedaan moet worden naar hoe dikke mensen veilig geopereerd kunnen worden.”

Jij vindt dat de maatschappij zich beter moet aanpassen aan een toenemend aantal dikke mensen?

„Niet alleen aan dik, maar aan allerlei soorten mensen. Iedereen moet in hetzelfde malletje passen. En als jou dat niet lukt, dan is de wereld niet voor jou gemaakt. Dat is toch raar?”

Jij en je partner Deen hebben een kinderwens. Als jullie dat via een medisch traject willen doen omdat hij transman is, zal jouw gewicht een probleem zijn.

„Ja, voor een ivf-traject weet ik dat ik zou moeten afvallen. Maar dat wil ik niet. Dus dan moet het op een andere manier. Het idee is: als je dik bent, krijg je complicaties als je zwanger bent. Maar dikke mensen zetten al eeuwenlang gezonde kinderen op de wereld. Het is gewoon bullshit. Er wordt ons van alles ontzegd omdat we dik zijn.”

Hoe zou je het vinden als jouw kinderen dik worden?

„Jaaaaa, zin in!” Ze lacht hard. „De kans is groot als een kind mijn genen heeft. Maar ik werd juist dikker door de manier waarop ik met mijn lichaam moest omgaan. Ik zou het heel anders aanpakken dan mijn ouders deden.”

Laat je ze De kleine zeemeermin kijken?

„O ja, en dan ga ik Ursula hard aanprijzen. Maar er zijn nu ook Disneyfilms met andere figuren, Disney wordt steeds inclusiever. Dus de wereld waarin mijn kinderen terechtkomen en de dingen waarmee ik ze in aanraking zou laten komen, zullen ze meer het gevoel geven dat ze er mogen zijn. Ik wil dat ze niet bezig hoeven zijn met hoe ze eruit zien. Want dat is eigenlijk het meest onbelangrijke dat er is.”


Column | Oorlog

Oorlogen leven in mannen. Tot voor kort konden vrouwen aan deze kant van de wereld daar om lachen, zoals toen via een TikTok-hype duidelijk werd dat hun vriendjes elke dag aan de annexaties en wreedheden van het Romeinse Rijk bleken te denken.

Een eigenaardigheid, meer was het niet, die fascinatie voor gewapende conflicten die in jongens en mannen leeft. Misschien is het een erfenis van hun vaders, die verbinding met hun zonen zochten door samen Das Boot te kijken. Misschien is al die kennis van expedities, veldslagen en vazalstaten ingegeven door het idee dat mannen verantwoordelijk zijn voor het cureren van de menselijke geschiedenis van wreedheid. Misschien is de fascinatie voor de bom evengoed een overgeërfde eigenschap. Als de trauma’s van je voorouders zich in je kern kunnen nestelen, waarom dan het geluid van suizende kogels niet?

Vrouwen daarentegen, vergeten oorlogen. Vrouwen haten oorlogen. Vrouwen denken niet aan oorlogen, althans, niet aan de strategische of technische kant ervan, tot ze er middenin zitten. Behalve Marjolein Faber. Die heeft waarschijnlijk een Maginot-linie omzeilende pantserdivisie in miniatuur in haar naaikamer opgesteld.

Maar de afgelopen weken denken de mannen om ons heen vast iets minder vaak aan het Romeinse Rijk, en vaker aan het grote nu.

Ik vind mezelf terug aan tafels waar mijn mannelijke gesprekspartners de eventuele dreiging als jonge Churchills bespreken. Het secuur optellen van de troepenmachten van Polen en Duitsland blijkt opeens geen spielerei meer, zeker niet omdat daarna tevreden geconcludeerd kon worden dat Rusland daar tegenover niets in de melk te brokkelen heeft. Wisten we bovendien dat de enige, volledig zelfvoorzienende legermacht ter wereld die van Frankrijk is? Nogal een voordeel! En dat Trump zijn eigen materieel gruwelijk overschat?

Ze bespreken wie ze in hun verzetsgroep zullen opnemen (mensen die iets klootzakkerigs en ijzigs hebben) en aan het einde van de avond zitten ze ‘Le Boudin’ van het vreemdelingenlegioen te zingen, een trage dodenmars, die de vijand van kilometers ver al de stuipen op het lijf jaagt.

Niet alle mannen vinden geruststelling in strategie. Er bestaan ook pacifisten. Mannen die zeggen dat ze niet nóg een keer het circus van de eerste periode-Trump hun levens laten beheersen. Mannen die sinds de vernedering van Zelensky advertenties van vastgoed op Bali aan hun vrienden doorsturen, om duidelijk te maken dat zij hier heus niet blijven als de boel echt uit elkaar klapt.

En dan is er nog een derde categorie: de moreel verontwaardigde schreeuwers

En dan is er nog een derde categorie: de moreel verontwaardigde schreeuwers. Iedereen die ze voor de voeten loopt verklaren ze verantwoordelijk voor de staat van de wereld. De linkse slapjanussen, de linkse hardliners, de rechtse stiekemerds, de rechtse niet-zo-stiekemerds, de moeder van Rutger Bregman: iedereen, behalve zijzelf, heeft ons naar de rand van deze afgrond gebracht.

En hoewel de kans op een grondoorlog natuurlijk nog steeds niet groot is, hebben al deze mannen de laatste tijd toch ook eventjes aan hun rug gedacht, die door al dat zittend werk week is geworden. En aan hun zachte handen. En aan hoe ze misschien wel kunnen rennen, maar tijgeren toch lastig wordt. Ze vragen zich af of, als hun leven een andere wending neemt, ze wel goed voorbereid zijn. Zijn ze scherp genoeg? Zijn ze niet te verwend? In gedachten schetsen ze voorzichtig de rol die ze hoopten nooit te hoeven spelen.

Voor vrouwen een verontrustend schouwspel. Alsof we ze, al is het in gedachten, toch weer een beetje verliezen aan de vijand.

Sarah Sluimer schrijft elke week een column. Ze is de auteur van boeken, essays en toneelstukken.


Weer een nieuwe kaassoort ontdekt

In het eerste het beste Franse kaasvak kwam ik het al tegen: maroilles, de schimmelkorstkaas, zo prachtig beschreven door Janneke in alweer 2011. In Nederland was ik al even op zoek geweest naar de schimmelkaas. Die was niet makkelijk verkrijgbaar, alleen online. Het recept moest dus nog even wachten. In Frankrijk, waar we een huis hebben, lag de kaas zomaar voor het grijpen. De kaas is afkomstig uit het noorden van Frankrijk en heeft een indringende geur. Ik rook het al door de verpakking heen. De koeien die de melk leveren, schijnen een Franse versie te zijn van het Friese zwartbonte vee. Het recept van Janneke heb ik van een eigen twist voorzien. Ik heb de kaas niet gesmolten op de entrecote, maar er een lekkere kaassaus van gemaakt, aangelengd met witte wijn en crème fraîche. De rest van de kaas ging op een stukje baguette. Verder aten we er een salade bij en orzo, de entrecote en de groene asperges gingen op de barbecue. Het was echt smaakvol, weer een nieuwe kaassoort ontdekt. Bon appétit!

Julia Taal-Koopman


‘Mijn moeder raakte onbedoeld zwanger en beëindigde de relatie met mijn vader’

‘Dit is de enige foto die ik bezit van mijn ouders samen. Het moet ergens aan de Zuid-Hollandse kust zijn, Scheveningen of Hoek van Holland. De foto hangt in mijn werkkamer.

Het verhaal van mijn ouders: na een korte relatie raakte mijn moeder ongehuwd zwanger. Haar vader vond het een schande en stuurde haar ver weg om te bevallen. Mijn moeder beëindigde de relatie met mijn vader.

Ik groeide op zonder mijn vader te kennen. Ik zat in een kindertehuis en op kostscholen, alleen in vakanties en in de weekenden ging ik naar huis. Tijdens mijn adolescentie werd ik nieuwsgierig naar mijn vader en vroeg mijn moeder naar hem. Ze gaf zijn naam en ik wist hem te vinden. Hij was getrouwd en had nog een dochter, mijn halfzus dus.

Mijn moeder is nooit getrouwd, wel had ze enkele langdurige relaties. Een ervan duurde zo’n tien jaar en was met een getrouwde man. Die affaire wist ze voor haar familie goed verborgen te houden.

Zelf ben ik er goed uitgekomen vind ik, wel heb ik altijd gezegd dat ik dit mijn eigen kinderen nooit aan zou doen. Met mijn vader heb ik geen band meer kunnen opbouwen, daar was het te laat voor. Van mijn moeder begrijp ik dat ze moest werken en niet fulltime voor me kon zorgen. Ik heb er gemengde gevoelens over, maar het was ook de tijdgeest denk ik. En ze was altijd goed voor me.

Mijn ouders hebben elkaar nooit meer gezien. Hij overleed in 2006. Zij in 2014.”


Je ziet pindasaus, je proeft pindasaus bij Valli’s Corner

De eerste keer dat ik ontdekte dat de Marokkaanse en Maleisische keukens iets gemeenschappelijks hebben, was lang geleden bij een uitstekend ontbijtbuffet in Kuala Lumpur. Ik pakte wat van de roti – ik kende het in die tijd van naam, maar had het nog nooit gegeten – proefde ervan en was meteen thuis; het smaakte namelijk als Marokkaanse msemen: een deegwaar dat je, net als roti, op de plaat of in de koekenpan bakt en dat me altijd een gevoel van geborgenheid geeft.

Maleisische roti canai is anders dan Surinaamse roti die in Nederland het bekendst is, maar ongeveer hetzelfde als Indiase roti paratha. De basis is simpel: met bloem, water, olie en zout kneden vaardige handen iets magisch. Bij Marokkaanse msemen wordt semolina aan de bloem toegevoegd. In Sri Lanka zijn er versies met kokoswater, ook lekker. Er zijn veel variaties, ik heb er tijdens de coronaperiode een boel gemaakt.

Roti komt in verschillende vormen, maar er is ook een ‘opgerolde’ versie die je als een sliert los kunt trekken. In Marokko noemen we die meloui.

Die ronde roti canai krijgen we bij de viscurry in Maleisisch eethuis Valli’s Corner in Eindhoven van eigenaar en chefkok Sri Valli Tharmaraju. Ook nu weer smaakt-ie aangenaam vertrouwd. Het deeg is fijn en flaky met krokante buitenkant. Je proeft wel dat de roti eerder is gemaakt en opgewarmd, maar de smaak en structuur zijn goed. Bovendien is het dat wat roti zo handig maakt; je kunt er een voorraad van maken en later opwarmen, ideaal.

De vis in de curry is goed gegaard, met vlezige aubergine en ingelegde tenen knoflook die opvallend zacht van smaak zijn. De saus heeft een lichte scherpte en er zitten specerijen in die me bekend voorkomen, maar die ik niet thuis kan brengen. Als ik vraag wat er in zit, krijg ik als antwoord „een Maleisische specerijenmix” en „een recept van oma”. De chef-kok waakt over haar recepten en gelijk heeft ze.

Surf and turf

Valli’s Corner is alleen op vrijdag en zaterdag open, de rest van de week geeft de chef workshops. De kaart is klein, met een paar extra daggerechten. Daarvan kiezen we er één: nasi lemak met inktvis en knapperig gefrituurde kipvleugels. Nasi lemak is eigenlijk rijst gegaard in kokosmelk en pandanblad, maar hier is het helaas gewone witte rijst verrijkt met een fijne dot pittige, sticky sambal. De inktvis is mals en lekker scherp. De hele pinda’s en krokant gebakken sprotjes erbij geven het structuur en diepte. Je zou het bijna een nonchalante surf and turf kunnen, die mix van het land en de zee met schijfjes droge komkommer en een gekookt ei erbij. Het is kostelijk allemaal.

Wat ik leuk vind, is dat we deze avond nieuwe smaken ontdekken. Vóór de curry en de nasi lemak verraste Chef Valli al met een zeer malse kipsaté met een satésaus op basis van grofgemalen pinda’s. De meeste satésauzen die ik tot nu toe proefde, waren zoetig door bijvoorbeeld ketjap manis of gula jawa (palmsuiker), maar deze niet. Je ziet pindasaus, je proeft pindasaus, letterlijk, zonder al te veel toevoegingen die de smaak vervormen. Ik meen wel een hint van citroenblad te proeven. De structuur is licht, bijna vloeibaar, en wat overheerst is het ziltige karakter van de pinda’s.

De pittigheid van de gerechten is niet overdadig, maar besluipt je langzaam

De samosa’s verrassen ook, maar dan anders: het deeg is zacht, de groentevulling is goed gekruid met ‘huisgemaakte specerijen’ en mild van smaak, net als de frisse muntsaus erbij – tot je het vuur achter in de keel voelt.

De pittigheid van de gerechten is niet overdadig of overrompelend, maar besluipt je langzaam. Het begint subtiel en manifesteert zich steeds duidelijker tot het je hele mond heeft overgenomen, maar zonder je papillen te verdoven.

Als laatste krijgen we tom yang gong, een heerlijke soep op basis van kokosmelk, met het onweerstaanbare aroma van citroenblad en citroengras en goed gevuld met garnalen en kip. Eén lepel van deze soep en jenvoelt weer alle energie en levenslust.

Pandanpudding

Ik vermoed dat ze de soep waren vergeten te serveren aan het begin van de avond. Dat is niet verwonderlijk, het restaurant zit vol en de chef-kok leidt in haar eentje de keuken, met een jonge medewerker die de gasten bedient. Als ik vraag naar het dessert, krijgen we een bordje met daarop wat stukjes pandanpudding, carrotcake en pindakoekjes. Die laatste zien er weinig indrukwekkend uit, maar zijn lekker en smaken zoals de pindakoekjes die mijn moeder en zus vroeger maakten met een structuur die het midden houdt tussen zanderig en romig – nog een overeenkomst met mijn thuis.

De pandanpudding, een soort plaatcake met de structuur van stevige pudding, is flets van smaak. De carrotcake is goed, maar niet geschikt als dessert. Die is meer voor bij de koffie of thee. De aardige chef verontschuldigt zich; ze had een drukke week met veel workshops en geen tijd voor andere desserts.

Maar excuses zijn niet nodig wanneer je in je eentje de keuken draaiende houdt en zulke smaakvolle gerechten maakt die je het gevoel geven weer even terug te zijn in Kuala Lumpur.