Gevluchte Russen bouwen een Europees alternatief voor Amerikaanse AI. Het resultaat: techstart-up Nebius

Op papier is Nebius slechts zes maanden oud, toch is het een multinational met ervaring. „Dit is al de derde keer dat we een cloud bouwen”, zegt Gleb Evstropov. De jonge Rus is een van de medewerkers die de Nederlandse start-up Nebius presenteren aan een groep tech-ondernemers in Parijs. Het aanbod: een online omgeving om je eigen AI-modellen in te ontwikkelen.

Het bedrijf is van Russische origine, het hoofdkantoor staat in Amsterdam en de beursnotering is Amerikaans. Nebius is een doorstart van Yandex, een techreus die in Moskou een zoekmachine, een taxidienst, zelfrijdende voertuigen en datacenters runde. Yandex (Yet Another inDEXer) werd in 1997 opgericht door twee jongens die elkaar van de middelbare school kenden. In Moskou was het dé coole werkgever, met vlak voor de Russische invasie in Oekraïne zo’n 18.000 medewerkers.

Toen de oorlog begin 2022 uitbrak, vluchtten de helft van het Yandex-management en 2.000 werknemers weg uit Rusland. Zo’n 1.500 mensen streken neer in Silicon Valley en 500 in Nederland, waar ze zich bezighouden met onderzoek en ontwikkeling. Inmiddels zijn ze ‘geland’: ze nemen taalles en hun kinderen gaan naar de basisschool. Maar de oorlog is niet verdwenen. Omdat gevluchte Nebius-medewerkers niet naar Rusland kunnen reizen om familieleden te bezoeken, treffen ze het thuisfront tijdens vakanties in Turkije of Egypte.

Drie jaar na de invasie van Oekraïne is de boedelscheiding met Yandex afgerond. De Russische ingenieurs, die weinig communiceerden zolang de status van hun bedrijf onduidelijk was, stappen uit de schaduw om hun nieuwe bedrijf aan de man te brengen. Er was al een ‘meet-up’ met potentiële klanten in Londen. En nu een presentatie en borrel in het hart van de Franse tech-wereld, Station F. De lichte hallen van een voormalig spoorbedrijf in het centrum van de stad zijn op instigatie van president Emmanuel Macron omgebouwd tot – naar eigen zeggen – ’s werelds grootste start-upcampus. Het is een prestigeproject met geopolitieke relevantie: Frankrijk claimt een hoofdrol in het Europese streven naar digitale autonomie. Ondernemers werken en netwerken er vanuit doorzichtige kantoren. Vandaag biedt Nebius de borrel met luxe hapjes aan.

Tijdens de meet-up en eerder op de dag tijdens een rondleiding door het datacenter zoeken de Russische medewerkers soms naar woorden. Ze willen over de inhoud praten. Over de technische details van het aanbod dat ze bouwen. Niet te veel over politiek en hun vluchtgeschiedenis. Het nadrukkelijke vooruitkijken is bij vlagen geforceerd. Want de berg ervaring die ze vanuit Moskou meebrachten, is juist wat ze onderscheidt van andere start-ups. En van de Amerikaanse big tech-bedrijven waar ze nadrukkelijk mee willen concurreren.

Nebius biedt een online omgeving (cloud) waarin bedrijven hun eigen AI-modellen kunnen ontwikkelen en uitproberen, aangepast op hun eigen bedrijf. Een combinatie van de benodigde rekenkracht (van Nvidia in dit geval) en de softwarematige bouwstenen. Nebius laat je die ingrediënten zelf samenstellen en configureren, terwijl grote aanbieders uit de VS met name een kant-en-klaar pakket aanbieden.

Hoewel de ingenieurs gelijk na hun vlucht begonnen met het technisch ontwerp voor een nieuw bedrijf (de tweede cloud, in de opsomming van Gleb Evstropov) konden ze daar in de openbaarheid niets mee. De Nasdaq-beurs legde in reactie op de Russische inval in Oekraïne de handel in Yandex stil en er volgden sancties. Topman en mede-oprichter Arkady Volozh belandde op de Europese sanctielijst, maar werd daar in maart 2024 weer vanaf gehaald, nadat hij zich tegen de oorlog had uitgesproken. Zijn woning bij het Amsterdamse Vondelpark werd bezet door krakers die hem als Poetinvriend zagen. Volozh verbleef ondertussen in de Israëlische hoofdstad Tel Aviv, waar hij nog altijd woont.

Een Nebius-medewerker toont de kern van een Nvidia H200 ‘chip’, een verkapte supercomputer.

Foto’s Valentina Camu/Divergence/Nebius

Yandex werd gedwongen zichzelf op te knippen. Van de oorspronkelijke beurswaarde van ruim 30 miljard dollar bleef uiteindelijk 5,4 miljard dollar over. De winstgevende zoekmachine bleef Russisch, de andere onderdelen – waaronder een datacenter in Finland en de ontwikkeling van technologie voor zelfrijdende auto’s in Amerika – maakten een doorstart als een nieuwe onderneming onder de naam Nebius. De naam is een woordspeling op nebula, het Latijnse woord voor wolk en Möbius, een term uit de wiskunde.

Door zich volledig te richten op kunstmatige intelligentie wil Nebius aanhaken bij de AI-hausse en een alternatief ontwikkelen voor de Amerikaanse techreuzen. AI heeft meer groeipotentie dan de andere onderdelen uit de Nebius-groep, zoals zelfrijdende technologie en educatieve software.

Zelfs de schroevendraaier is duur

De AI-chips die je nodig hebt om krachtige AI-modellen te ontwikkelen, kosten honderdduizenden euro’s per stuk. Het woord ‘chip’ dekt de lading niet helemaal: de Nvidia H200’s die staan te blazen in het gedeelte van het datacenter in Parijs waar Nebius ruimte huurt, zijn in feite verkapte supercomputers. Ook de Nebius-medewerkers die meelopen tijdens een rondleiding voor journalisten vergapen zich aan de technologie. Het is een concurrentievoordeel om over chips van Nvidia te kunnen beschikken. Ze zijn peperduur, schaars en exclusief. Dat wordt geïllustreerd door de peperdure schroevendraaier (1.000 euro) die nodig is om ze te openen. Die levert Nvidia alleen aan gekwalificeerde technici.

Nebius huurt ruimte bij datagigant Equinix in de Parijse voorstad Saint-Denis. In de klinische ruimte staan zelfontworpen kasten met servers vol met de nieuwste GPU’s – grafische processors die de basis vormen van Nvidia’s rekenkracht. De chips worden gekoeld met grote ventilatoren. De daardoor opgewarmde lucht blaast als een warme föhn door de serverruimte. Twee techinfluencers maken filmpjes met wapperende haren.


Let op: het geluid van onderstaande video kan als storend worden ervaren. Hier zie je kasten met processors die Nebius gebruikt voor zijn AI-cloud:

Op de chips na bouwen ze alles zelf, benadrukken de Nebius-medewerkers. Elke centimeter in de kasten telt, om zo goed mogelijk te koelen en zo snel mogelijk onderdelen te kunnen vervangen, leggen ze uit. Ter illustratie hebben ze hun presentaties opgeleukt met plaatjes van een bandenwissel tijdens de Formule 1.

In Parijs heeft Nebius de beschikking over vierduizend Nvidia H200’s – goed voor een stroomverbruik van 5 megawatt. Een van zulke megaprocessors is ter demonstratie uit het rek getrokken en komt op een tafeltje aangereden – optillen is geen optie. De acht Nvidia-kernen zijn de duurste onderdelen, ondersteund door vier Intel-chips, een terabyte werkgeheugen en een zwik aan opslagcapaciteit. Het prijskaartje voor al die rekenkracht? „Minstens één Lamborghini, waarschijnlijk twee.”

Nebius-medewerker Ilya Burkov aait met een vinger voorzichtig over de chips. Hij werd opgeleid als arts, maar was als jongetje dol op computers en knutselde zijn eigen pc’s in elkaar. Burkov noemt de H200 ‘de hersenen’ en de harddisks op een andere kar de ‘organen’. Hij is onder de indruk: „Voor de data die hierop passen, had je 25 jaar geleden nog een heel datacenter nodig.”

Burkov leidt de afdeling LifeScience en Healthcare en werkte daarvoor voor de grootste cloudprovider ter wereld, AWS van Amazon. Bij Nebius is de cultuur veel informeler, minder commercieel en minder hiërarchisch, zegt hij.

Een geluk bij een ongeluk

Gleb Evstropov begint zijn verhaal in november 2022, een half jaar na de invasie. Voor hem een nieuw begin, omdat hij niet langer voor Yandex werkte, maar in dienst was van het nieuwe Nebius. De gevluchte ingenieurs hadden de opzet voor een nieuwe clouddienst uitgedacht. Maar daar moesten ze abrupt mee stoppen, vanwege de scheiding van Yandex.

„Achteraf bleek dat een geluk bij een ongeluk”, vertelt Evstropov de toehoorders in Parijs. „Want eind 2022 kwam ook ChatGPT op de markt. En dat veranderde alles voor ons. Ook al is het de derde keer dat we een cloud bouwden, we gingen weer helemaal terug naar de tekentafel, konden we maken wat jullie nu nodig hebben, een AI-cloud.”

De bezoekers gaan rechtop zitten als een vertegenwoordiger van Nvidia het woord krijgt. Het bedrijf is de wereldwijde marktleider in AI-chips. Nvidia-chips zijn nu de snelste van de wereld. Wie die heeft kan concurrenten achter zich laten in de AI-race. De Amerikaanse chipontwerper stak in december geld in Nebius. Samen met geld van investeringsmaatschappijen Accel en Orbis ging het om 700 miljoen dollar. Nvidia’s aandeel in Nebius is relatief klein – hoe groot, dat is niet bekend – maar het is een belangrijke partner omdat Nebius zo gegarandeerd toegang heeft tot de allersnelste AI-chips.

We gingen weer helemaal terug naar de tekentafel

Gleb Evstropov
medewerker Nebius

Door zich aan Nebius te binden, bereidt Nvidia zich al voor op een tijd waarin de grootste klanten van dit moment – techreuzen als Amazon, Google, Microsoft, Meta, OpenAI en Xai van Elon Musk – de voorkeur geven aan gespecialiseerde AI-chips die ze zelf ontwerpen. Nvidia hoopt met Nebius een verse afzetmarkt aan te boren, waarin het niet alleen draait om het trainen van nieuwe AI-modellen, maar ook om inferencing: het verwerken van AI-opdrachten door al bestaande modellen. Het gebruik van AI door bedrijven en consumenten beslaat naar verwachting in de toekomst twee derde van al het rekenwerk.

De concurrentiestrijd tussen de techreuzen draait om toegang tot rekenkracht en dat is een kwestie van geld en technologie. Het verklaart waarom Nebius-oprichter en -topman Volozh zo zelfverzekerd klinkt. Totaal niet als de baas van een start-up. Sinds een paar maanden laat hij zich weer wat vaker zien en interviewen. „Op deze nieuwe markt zijn er niet zoveel onafhankelijke bedrijven met geld”, zei hij in januari op het podium van een techconferentie in München. „We richten ons op het deel van de markt waar onafhankelijke ontwikkelaars zitten die een cloud nodig hebben. We hebben de beste ingenieurs, het beste product en we hebben kapitaal – ik twijfel er niet aan dat we dit kunnen.”

Om een alternatief te zijn voor de echt grote jongens (Microsoft, Amazon en Google) wil Nebius eerst meer capaciteit bouwen. Er is 2 miljard dollar gereserveerd voor nieuwe chips. Uiterlijk in 2026 moet de rekenkracht vervijfvoudigd zijn – in elektrisch vermogen gaat het om 1 gigawatt. De Russische uitdrukking voor dat hoge tempo is ‘groeien als paddenstoelen na de regen’, zegt een van de medewerkers tijdens de rondleiding in het datacenter. Het bedrijf laat een nieuw datacenter in New Jersey bouwen en gaat zijn bestaande datacenter in Finland – dat nog uit de Yandex-boedel komt – opnieuw inrichten met 60.000 Nvidia-chips voor AI-berekeningen.

Op deze nieuwe markt zijn er niet zoveel onafhankelijke bedrijven met geld Arkady Volozh topman en mede-oprichter Nebius

Arkady Volozh
topman en mede-oprichter Nebius

Voor AI-start-ups kan het aanbod van Nebius aantrekkelijk zijn, legt Alessandro De Maria desgevraagd uit. Hij is verantwoordelijk voor de infrastructuur van het Nederlandse bedrijf CuspAI, dat met kunstmatige intelligentie onder meer nieuwe chemische materialen ontwikkelt die CO2 uit de atmosfeer kunnen halen. „De grote AI-aanbieders zijn relatief duur en minder flexibel”, zegt De Maria, „ze hebben een one size fits all-aanpak. Een nieuwe speler zoals Nebius kan waarschijnlijk veel sneller inspelen op wensen van klanten.”

Een optie erbij voor Europa

Ook Jeroen Jansen reisde af naar Parijs. De Nederlandse oud-diplomaat werkt tegenwoordig voor Nebius. Hij deed een deel van het lobbywerk dat nodig was voor de scheiding van Yandex en om de schade door sancties zo veel mogelijk te beperken. De scheiding is nu afgerond, zegt hij tevreden in een van de comfortabele zitjes in Station F, „met alle stempels en zegels.”

Nu probeert Jansen de Nebius-strategie uit te leggen aan overheden, die de aanbestedingsregels schrijven en zelf ook grote potentiële afnemers zijn. Het is een voordeel dat het bedrijf geen Amerikaanse big tech is, denkt hij. Een kniesoor die daarbij op een Amerikaanse beursnotering let. „Europa heeft er een optie bij om digitaal onafhankelijk te worden.” De EU kan „natuurlijk geen partijen voortrekken”, zegt hij, „maar ze kunnen hier wel hun voordeel mee doen.”

Jansen hoopt dat de Nederlandse overheid start-ups wil stimuleren door ‘ruimte’ voor ze in te kopen bij Nebius. Lang niet iedere start-up heeft immers toegang tot de snelle chips en rekenkracht. Hij geeft als voorbeeld: stel een AI-start-up in Maastricht wil cardiovasculaire toepassingen ontwikkelen en de overheid wil dat aanmoedigen. Dan kan die overheid ‘credits’ inkopen bij Nebius waarmee het bedrijf kan gaan rekenen.

Foto’s Valentina Camu/Divergence/Nebius

Ondanks alle mega-investeringen moet de echte AI-revolutie – massaal gebruik door bedrijven en consumenten – nog beginnen. Daar hangen ook de uitbreidingsplannen van af. Nieuwe klanten melden zich vooralsnog vooral in de VS, dus daar worden de komende tijd ook de meeste datacentra gebouwd, vertelt Andrey Blokhin, die bij Nebius verantwoordelijk is voor de infrastructuur. AI-chips vreten stroom, dus locaties worden geselecteerd op basis van de beschikbare energievoorzieningen. Dat de eerste uitbreiding in Europa een Franse co-locatie is, is geen toeval. Frankrijk biedt veel nucleaire energie.

Uitbreiden in ‘thuisland’ Nederland is echter lastig. Het stroomnet zit vol en de bouwprocedures duren lang omdat gemeenten de rem op datacenters hebben gezet. Misschien verandert dat over vier of vijf jaar, zegt Blokhin. En Nederlandse start-ups kunnen rustig een Fins of Frans datacenter gebruiken, denkt hij, zolang de data maar in de EU blijven.

Nebius’ totale investering in de Europese infrastructuur loopt dit jaar op tot een miljard dollar. Dat bedrag verbleekt bij wat Amerikaanse techreuzen in hun AI-datacenters steken. Maar naar Europese maatstaven is het veel. En de geopolitieke wind waait gunstig voor Nebius. Nu Trump een handelsoorlog is begonnen wil Europa minder afhankelijk worden van Amerikaanse techbedrijven. Daarbij zou het voormalig Russische Nebius zomaar deel kunnen worden van het Europese antwoord.


Lees ook

Ineens wordt het Russische techbedrijf Yandex over één kam geschoren met Poetin

Een bezorgrobot van Yandex. Deze robots hebben een 360-graden-camera om te voorkomen dat ze tegen objecten en mensen aan botsen.