Goedemorgen! Als Trump de Amerikaanse verkiezingen wint en de importtarieven verhoogt, heeft dat nadelige gevolgen voor de Nederlandse economie. De Rabobank publiceerde vanochtend een onderzoek waarin de bank uitrekende wat de gevolgen zouden zijn van het handelsbeleid van de Amerikaanse presidentskandidaten voor Nederland. Een universeel tarief van tien procent, zoals Trump voorstelt, zou bijvoorbeeld resulteren in een inflatie van 3,8 procent in 2026. De gevolgen van het Harris-beleid zijn minder groot. Wat vanochtend nog meer opviel:
Veel Griekse eilanden zijn niet bereikbaar, omdat veerbootpersoneel staakt, schrijft NU.nl. De werknemers staken al sinds dinsdag, omdat ze een beter loon willen. Daar gaan ze vandaag mee verder.
De kans dat de Noord-Brabantse fabrikant van elektrische bussen Ebusco toch overeind blijft, is donderdag iets toegenomen nadat aandeelhouders het bestuur toestemming gaven nieuwe aandelen uit te geven, schreef economieredacteur Milo van Bokkum gisteravond. Ebusco heeft zware financiële problemen, onder meer door tegenvallers in de toeleveringsketen.
De Telegraaf schrijft over een onderzoek van Knab, waaruit blijkt dat driekwart van de zzp’ers vreest het eigen pensioen niet goed geregeld te hebben.
Het zal de eerste keer in lange tijd zijn geweest dat Arthur Hoeld zich in het openbaar durfde te vertonen met het Puma-logo op zijn borst. Ruim 26 jaar werkte de Duitser voor het sportmerk Adidas, op het laatst als chief sales officer (CSO). En wie voor Adidas werkt, die draagt geen kleding van aartsrivaal Puma. Dat zijn de (ongeschreven) regels.
Maar nu wordt Hoeld per 1 juli de nieuwe bestuursvoorzitter van het merk met de springende kat. In de foto bij het persbericht over de pikante overstap is de 55-jarige Duitser van top tot teen gekleed in Puma-gear.
Wie is deze man?
Om te beginnen met zijn belangrijkste wapenfeit: bij Adidas was Hoeld verantwoordelijk voor de „Originals”-producten. Hippe retro-kleding en schoenen, waar bijvoorbeeld ook de populaire Samba-sneakers onder vallen. De reeks zou Adidas zo’n 7 miljard euro hebben opgeleverd.
Puma zal ongetwijfeld naar dat succes hebben gekeken toen het Hoeld binnenhaalde, want het gaat al langere tijd niet goed met het sportmerk. Het bedrijf heeft de hype rondom retro-sneakers grotendeels gemist, schrijft de Financial Times. Sinds 2022 daalde Puma’s aandelenkoers bijna 50 procent.
Deze week kregen Puma en zijn concurrenten op de beurs een nieuwe klap, nadat de Verenigde Staten hoge importheffingen instelden op goederen uit Vietnam, Indonesië en China. De sportmerken laten hun sneakers en kleding grotendeels in deze landen produceren.
Oké, maar waarom is de overstap zo pikant?
Omdat Adidas en Puma, opgericht door de broers Adi en Rudolf Dassler, al bijna 75 jaar in een familievete zijn verwikkeld.
In 1924 richtten de broers de Gebrüder Dassler Schuhfabrik op in Herzogenaurach. Daarmee boekten ze redelijk wat succes: zo rende de Amerikaanse sprinter Jesse Owens bij de Spelen van Berlijn in 1936 op Dassler-schoenen het snelste van iedereen.
Kort na de oorlog raakten de broers gebrouilleerd. De precieze reden is nooit opgehelderd, maar zeker is dat het na 1948 niet meer goed is gekomen. Adi ging met zijn deel van het bedrijf verder onder de naam Adidas; Rudi begon zijn afsplitsing als „Ruda”, maar veranderde dit later naar het sportiever klinkende Puma.
In de jaren daarna probeerden de broers elkaar constant een loer te draaien. Berucht is het verraad van Puma bij het WK van 1970. De bedrijven hadden afgesproken dat ze voetbal-superster Pélé niet zouden proberen binnen te halen als ambassadeur. Maar toen de Braziliaan bij de aftrap van de kwartfinale voor het oog van miljoenen kijkers zijn veters ging stikken, prijkte op zijn voeten toch de kenmerkende gebogen Puma-streep.
Kwam het ooit nog goed?
Een vriendschappelijk potje voetbal tussen Adidas en Puma op de Internationale Dag van de Vrede in 2009 markeerde een detente, al concurreren de twee nog altijd fel op de markt voor sportkleding.
Daarbij moet wel gezegd dat Adidas qua marktwaarde ongeveer dertien keer zo groot is als Puma. Ook de brutowinst was in 2024 bijna drie keer zo hoog (12 miljard tegen 4,2 miljard, zo blijkt uit de jaarcijfers). Puma hoopt ongetwijfeld dat dat verschil onder Hoeld eindelijk wat kleiner zal worden.
Bij vriendinnen had Marthe (28) een mooie tafellamp gezien. Deens design, en dankzij het snoerloze ontwerp overal te plaatsen. Thuis zocht ze de lamp op via Google. Bij webwinkel Stralend Thuis Amsterdam, die als een van de eerste naar boven kwam, zag ze dat de lamp voor een aantrekkelijk bedrag was afgeprijsd: van 80 euro naar 39,95.
De website is strak vormgegeven, met logo’s van betaalbedrijven als Visa, American Express, Klarna en iDeal – op het oog niet heel anders dan bijvoorbeeld de online winkel van de Bijenkorf. De adresbalk toont een vertrouwenwekkend icoontje van een slot, en de site belooft een „30 dagen geld terug-garantie”.
„De site zag er betrouwbaar uit”, zegt Marthe, die niet met haar achternaam in NRC wil. En dus klikte ze op de koopknop.
Bij meneer Eekhout (38) ging het net zo. Hij zat eind januari met zijn vriendin op de bank, op zoek naar een booglamp. Via Google kwamen ze bij een exemplaar van Stralend Thuis uit. „Het was een zondagavond, ik was niet heel goed aan het opletten en heb toen een dure lamp besteld.”
Bij Marthe duurde het even voor er iets bezorgd werd. Na zo’n anderhalve week had ze een pakketje in huis met een lamp. „Maar hij verandert de hele tijd van kleur en felheid”, zegt ze. „En hij reageert niet goed op aanraking, waardoor je hem moeilijk aan en uit kunt zetten.”
Teleurgesteld nam ze contact op met de webshop om de lamp te retourneren. In een mailwisseling kreeg ze te verstaan dat ze de lamp dan op eigen kosten moest terugsturen – naar een adres in China.
Bij Eekhout, die niet met zijn voornaam in de krant wil, sloegen de twijfels eerder toe. Direct na het bestellen zag hij dat hij een zwarte lamp had gekocht, terwijl hij liever de gouden versie wilde. „Dat heb ik er meteen achteraan gemaild. En toen kreeg ik een reactie in het Engels van een chatbot. Ik wist meteen: dit is niet goed.” Hij probeerde zijn bestelling te annuleren, maar dat lukte niet. „Ik kreeg van de chatbot een antwoord waar ik niks mee kon en de bestelling werd gewoon doorgezet.”
Eind maart kreeg Eekhout alsnog een pakket thuisbezorgd. „Een zwaar plateau en de lamp zelf, maar nog zonder de elektra en de boog waar de lamp aan moet hangen.” Informatie over waar de rest van de lamp is, heeft hij niet gekregen.
Stralend Thuis bleek een dropshipper te zijn. Dat zijn online verkopers die zelf geen voorraad aanhouden. Pas als ze een bestelling krijgen, kopen ze het artikel en laten ze het pakketje rechtstreeks vanuit het productieland (meestal China) naar de consument versturen. Het (vaak flinke) verschil tussen de prijs die ze zelf rekenen en de inkoopprijs, steken ze in eigen zak.
„Ik heb nog nooit zo’n ervaring gehad”, zegt Marthe. „Ik dacht dat het een winkel in Amsterdam was, waar je ook heen zou kunnen gaan. Nergens staat dat het pakket uit China komt, ook niet in de mails die ik na het bestellen kreeg.”
Marthe probeert Chinese winkelplatforms, zoals Temu en AliExpress, juist te mijden. Nadat ze doorhad wat er was gebeurd, kwam ze precies haar lamp op die sites voor veel minder geld tegen. „Als ik het niet erg zou vinden om Chinese meuk te kopen, zou ik het daar wel doen voor een echt lage prijs”, schampert ze.
Ik dacht dat het een winkel in Amsterdam was. Nergens staat dat het pakket uit China komt
In terugsturen van de lamp naar China had Marthe geen zin. Zoiets kleins terugsturen, vindt ze „zonde van het milieu”, en bovendien komen er hoge verzendkosten bij kijken – PostNL rekent zo’n 20 euro.
Ook Eekhout ziet dat niet zitten, zelfs al kostte zijn voor de helft geleverde booglamp 650 euro. „Het is best een zware lamp, terugsturen kost iets van 100 euro. Ik ga niet nog meer geld overmaken om dan een paar maanden achter die 650 euro aan te moeten gaan in de hoop er iets van terug te zien. Dan pak ik nu mijn verlies wel.” En wie weet, misschien staat er straks toch nog een pakket met de andere helft voor de deur.
Melih Kaya (45) probeerde dat wel. Voor 330 euro kocht hij twee buitenlampen, maar eenmaal geleverd bleek dat „Chinese troep”, zegt hij. „Als ik dat had geweten, had ik het zelf wel in China besteld voor minder geld.” Pas na aandringen kreeg hij een retouradres van de webwinkel. Begin december stuurde hij zijn bestelling terug, na 51 euro verzendkosten aan PostNL betaald te hebben. Zijn geld heeft hij nog altijd niet teruggekregen. „In de laatste mails zeggen ze dat ik Chinese douanekosten moet betalen, terwijl het juist een retourzending is.”
De ‘flowerpot’-lamp (1968) van de Deense ontwerper Verner Panton. Wie deze lamp online wil bestellen ziet vooral namaaklampen, waaronder deze.Foto Sonny Lensen
Niet verboden
Spullen voor een hogere prijs verkopen dan je er zelf voor hebt betaald, is an sich niet gek. Elke winkel die winst wil maken doet dat. En dropshipping is niet verboden: het is een legitieme vorm van logistiek. Ook boekhandels die een titel niet op voorraad hebben, maken er gebruik van. Ze kunnen het boek dan bestellen bij het Centraal Boekhuis en het rechtstreeks bij hun klant laten thuisbezorgen.
Ergens begin jaren 10 ontstond een variant van dropshipping rond de doorverkoop van goedkope Chinese gadgets. De opkomst van platforms als AliExpress speelde daarbij een rol: sindsdien kan iedereen vanachter een laptop grasduinen in het aanbod van Chinese producenten.
Tegelijkertijd is het veel makkelijker geworden een webwinkel op te zetten. Platforms als Shopify bieden kant-en-klare webshops aan, inclusief mogelijkheden klanten te laten afrekenen en spullen van AliExpress met één klik naar je eigen site te kopiëren. Via advertenties op sociale media en in zoekmachines worden die producten dan aan de man gebracht. Als de bestellingen binnenstromen, kunnen ze geautomatiseerd worden doorgeplaatst bij de leverancier.
Op YouTube zijn talloze video’s te vinden van finfluencers die dropshipping presenteren als manier om snel rijk te worden. En omdat de winkeluitbater zelf niks hoeft te versturen, kan dat ook nog eens als digitale nomade op een tropische locatie. Zeker aan het begin van de coronapandemie ontstaat veel interesse in het opzetten van zo’n handeltje, laten cijfers van Google Trends zien.
Dat is ook een beetje het leven dat Egbert Witteveen, de ondernemer achter Stralend Thuis, op Instagram etaleert. Daar deelt hij vakantiefoto’s van Thaise stranden, sportschoolselfies en foto’s van de golfbaan in zijn woonplaats Dubai, en een kijkje achter de schermen tijdens zakenreizen naar China. Dat wisselt hij af met screenshots van zijn Shopify-dashboard waarin hij met zijn succes pronkt.
„Black Friday sale was a success”, schrijft hij eind november bij zo’n schermafbeelding. Daarop is te zien dat zijn webwinkels op het koopjesfestijn iets meer dan duizend bestellingen binnenkregen voor samen 142.687 euro. Zelf moest hij 61.382 euro betalen voor die producten en gaf hij zo’n 12.000 euro uit aan advertenties bij Google en 3.400 euro aan Facebook. Nettowinst in die ene dag: 54.679 euro.
Veel klachten
Het is precies deze vorm van dropshipping die in de praktijk vaak zorgt voor teleurgestelde klanten. Bestellingen worden vaak laat of soms helemaal niet geleverd, de kwaliteit van de producten stelt teleur, en kopers wordt het lastig gemaakt aankopen te retourneren.
De Autoriteit Consument en Markt (ACM) krijgt veel meldingen over problemen met winkels: vorig jaar zo’n 25.000, 28 procent meer dan het jaar ervoor. Onder dat aantal vallen ook klachten over fysieke winkels, maar „het overgrote deel van de signalen ging over online verkoop”, zegt een woordvoerder.
Hoeveel van die klachten specifiek over dropshippers gaan, weet de ACM niet, omdat consumenten vaak niet weten dat ze daarmee te maken hebben. Wel passen de meest voorkomende klachten goed bij het fenomeen. En als de toezichthouder „grote klachtenveroorzakers” nader onderzoekt, blijkt het meestal een dropshipper te zijn, zegt de woordvoerder. Afgelopen jaar waarschuwde de ACM meerdere keren voor specifieke dropshipsites waarover klachten waren binnengestroomd. De toezichthouder kan ook forse boetes opleggen, tot wel 900.000 euro, aan webwinkels die zich niet aan de regels houden.
Want hoe makkelijk het businessmodel ook lijkt, voor dropshippers gelden wel degelijk regels. Ze zijn verantwoordelijk voor levering en kwaliteit van hun producten, ook als ze die nooit zelf in handen hebben gehad. En als de leverancier niet levert, moet de dropshipper zijn klanten terugbetalen – ook als er wel al geld naar China is overgemaakt. Voor lang niet elke dropshipper zit snel rijk worden erin. Voor sommigen lijkt het verdienmodel eerder het geven van betaalde dropshipcursussen dan uitbaten van een webwinkel zelf.
Ik kreeg van de chatbot een antwoord waar ik niks mee kon en de bestelling werd gewoon doorgezet
Toch is toezicht op naleving van regels lastig, zegt de ACM. Dropshippers hebben vaak een „vluchtig karakter”; websites en ondernemingen worden opgedoekt zodra de toezichthouder aanklopt. Namen van webshops en de spullen die ze verkopen, zijn volstrekt inwisselbaar. Uitbaters zijn met een paar klikken weer actief onder een andere winkelnaam.
Doorverkopen van goedkope AliExpress-gadgets lijkt op zijn retour, vooral sinds de komst van Temu in 2023. De lancering van dat Chinese koopjesplatform ging gepaard met gigantische uitgaven aan online advertenties. Waar dropshippers eerder via Google veel klanten konden trekken, staan bij diezelfde zoektermen nu ook advertenties van Temu voor een vergelijkbaar (en in veel gevallen goedkoper) product.
Screenshot van de website Stralend Thuis.
Dropshippers zijn zich de laatste twee jaar gaan richten op duurdere producten, ziet NietBezorgd, een claimorganisatie die ontevreden webshoppers helpt hun geld terug te halen. Gemiddeld gaat het daarbij om 125 euro, ongeveer 40 procent meer dan voor 2023.
Misleiding
Voor Marthe was de ervaring met dropshipping een „eyeopener”, zegt ze. „Ik ben een beetje teleurgesteld in mezelf.”
„Ik baal er wel een beetje van”, zegt ook Eekhout, die in de reclamewereld werkt. „Ik vind dat ik hier niet in zou moeten trappen.” Hij vraagt zich af of hij nu opgelicht is of niet. „Misleiding is het sowieso. Maar oplichting… strikt genomen heb ik uiteindelijk wel iets ontvangen.”
Mogelijk speelde het type product een rol bij hun goedgelovigheid. Lampen kopen beiden niet regelmatig, dan doe je eerder een miskoop. „Ik heb geen flauw idee van de lampen-scene”, zegt Marthe. Daardoor wist ze ook niet welke webshops betrouwbaar zijn. „Voortaan ga ik altijd Trustpilot checken”, zegt ze.
Op die beoordelingssite krijgt Stralend Thuis veel slechte reviews. „AliExpress zonder service”, noemt een recensent het. Een ander schrijft dat haar lamp in brand vloog. Een derde: „Product retour gezonden na twee weken discussie. Nu 7 weken verder en nog steeds geen terugbetaling.”
„Het spijt ons echt te horen dat je niet tevreden bent”, luidt de standaardreactie van Stralend Thuis op veel negatieve beoordelingen. „Helaas kunnen we geen bestelling vinden in ons systeem op basis van de gegeven informatie.”
Egbert Witteveen, die niet op contactverzoeken van NRC reageert, is zelf ook actief op Trustpilot. Daar geeft hij 5 sterren aan Watcherr, een handelaar in luxe horloges. „Zelf gister op kantoor mijn nieuwe Rolex opgehaald”, schrijft hij. „Erg tevreden over de aankoop.”
Strengere regels
Sinds afgelopen december geldt een nieuwe productveiligheidsverordening met strengere regels voor verkopers van ‘non-foodproducten’ – alle spullen, behalve voedingsmiddelen – aan consumenten in de Europese Unie.
„Ieder product moet veilig zijn. Dat was al zo, en het is niet veranderd”, zegt Maike Jansen. Zij werkt als belangenbehartiger van de webwinkelbranche voor Thuiswinkel.org. „Nu zijn er nieuwe vereisten om dat te kunnen waarborgen.” Die hebben te maken met traceerbaarheid: voortaan moet duidelijk zijn wie de fabrikant of importeur is, zodat die verantwoordelijk gehouden kan worden als er iets mis is met een product.
Op het woonadres zijn ruim vijfhonderd bedrijven gevestigd, waarvan opvallend veel actief in de e-commerce
Als „eerste schakel binnen de EU” dragen importeurs de verantwoordelijkheid voor de productveiligheid, zegt Jansen. Dat brengt meer administratie met zich mee: importeurs moeten voor ieder product technische dossiers hebben waarin gedetailleerd omschreven staat hoe het product aan de veiligheidseisen voldoet. Dat geldt ook voor dropshippers. „Maar achter dropshippers zitten vaak geen grote bedrijven met juridische afdelingen. Daardoor zijn zij niet altijd voldoende op de hoogte van deze wettelijke verplichtingen.”
Op traceerbaarheid is bij de tafellamp van Stralend Thuis wel wat aan te merken. Het logo van de webwinkel mag dan „Amsterdam” vermelden, het achterliggende bedrijf Witteveen Commerce LLP blijkt gevestigd in Londen, aan een lommerrijk straatje iets ten zuiden van de rivier de Theems. Google Street View toont een uit bruine baksteen opgetrokken woonhuis.
Het blijkt niet meer dan een brievenbus: volgens het Britse handelsregister zijn op het woonadres ruim vijfhonderd bedrijven gevestigd. Opvallend veel ervan zijn actief in de e-commerce.
Foto Sonny Lensen
Witteveen Commerce baat naast zijn ‘Amsterdamse’ lampenboetiek meer webwinkels uit. Ze ogen vrijwel identiek, maar richten zich op andere markten. Lunara Lights London, HRLampe København, Misterlamp Auckland.
Met die laatste site is Witteveen al eens in het nieuws geweest. „Pas op voor misleidende advertenties”, waarschuwde het Nieuw-Zeelandse 1News in augustus vorig jaar. De nieuwssite tekende het verhaal op van een vrouw die een schildpadvormige lamp kocht bij Misterlamp Auckland, met het idee een lokaal bedrijf te steunen. Ze kreeg een piepklein plastic prul opgestuurd. Terugsturen kon wederom alleen naar China.
Dit laat zien hoe internationaal dropshippers te werk gaan. Met succes, valt in de Stories op Witteveens Instagramaccount te zien. In twee screenshots die over een foto van een jachthaven zijn geplakt, laat hij zijn verkoopresultaten zien van de eerste vijf dagen van dit jaar. Hij verkoopt voor bijna drie ton aan spullen en maakt ruim 90.500 euro winst. Daaronder staat een besteloverzicht. Iemand uit Roelofarendsveen koopt voor 90 euro een product, in München bestelt iemand twaalf artikelen voor ruim 1.700 euro, en voor 102 euro aan producten gaat een zending naar South Salem in de staat New York.
De website is strak vormgegeven, met logo’s van bekende betaalbedrijven en de adresbalk toont een vertrouwenwekkend icoontje van een slot
Het is onduidelijk waar dat geld allemaal naartoe gaat. Witteveen Commerce LLP in Londen heeft volgens zijn laatste deponering bij het handelsregister geen cent in kas.
Ook het retouradres in de Zuid-Chinese stad Dongguang levert weinig duidelijkheid op, zeker omdat het onvolledig blijkt. Wel staat er een telefoonnummer bij van het Chinese bedrijf Fulfillcat. Dat is een dienstverlener die dropshippers allerlei werk uit handen neemt: inpakken, andere logistieke diensten, klantenservice, Fulfillcat doet het allemaal. Elke dag handelt Fulfillcat naar eigen zeggen meer dan 45.000 bestellingen af.
Videofilmpjes laten jonge mensen in een kantoor achter computerschermen zien, afgewisseld met beelden van rommelige ruimtes, propvol met deels geopende dozen van bruin karton. Ook een lamp die sprekend lijkt op de tafellamp van Stralend Thuis komt voorbij: een medewerker demonstreert hoe elke lamp wordt gecheckt voor verzending naar de koper.
Ondanks die check voldoet de lamp van Stralend Thuis niet aan de Europese eisen. Zo gaat het mis op de regels rond herleidbaarheid. „Table lamp”, staat op de doos – het kan niet generieker dan dat. Geen merknaam, geen fabrikant, geen productnummer. De traceerbaarheid die de Europese Commissie voor ogen heeft, wordt zo moeilijk mogelijk gemaakt. Veel logistieke dienstverleners die zich op dropshippers richten, bieden mogelijkheden de Chinese oorsprong van een pakketje te verbergen op de track-en-tracepagina en zelfs in de postlabels op de doos zelf.
Op de lamp ontbreekt ook een CE-markering. Met dat verplichte logo verklaart de producent aan Europese veiligheidseisen te voldoen. Op de verpakking staat dat logo wel.
De kans dat zo’n product bij de grens wordt tegengehouden, is erg klein. De Douane ziet dagelijks zo’n drie miljoen pakketjes van buiten de EU Nederland binnenkomen, en die toestroom verdubbelt sinds 2021 elk jaar. Dat maakt het ondoenlijk al die zendingen te inspecteren. De productenstroom is „inmiddels onbeheersbaar”, zeiden de vijf betrokken toezichthouders begin dit jaar al.
„De internethandel kenmerkt zich door snelheid, anonimiteit, vluchtigheid en handel over de hele wereld”, schetsen de toezichthouders. Zij zien een „gebrek aan kennis” van de Europese regels bij online handelaars, waardoor hun producten lang niet altijd aan de voorschriften voldoen.
Ook op Europees niveau is hier inmiddels aandacht voor: in februari presenteerde de Europese Commissie een plan om „veilige en duurzame e-commerce” te stimuleren. Daaruit volgt dat douanediensten en toezichthouders van Europese landen meer gaan samenwerken om gerichter te kunnen controleren. Daarnaast wil de Commissie de vrijstelling van importheffing schrappen voor pakketjes die 150 euro of minder waard zijn.
Namaakdesign
Er is nog een ander probleem met de „iconische” lamp die Stralend Thuis omschrijft als een „echte blikvanger” die „een blijvende indruk achterlaat”. Het is een regelrechte kopie van een designlamp.
„Oh ja, die heb ik toevallig op mijn slaapkamer staan”, zegt advocaat Ruby Nefkens wanneer NRC haar een exemplaar van de lamp toont die Marthe eerder kocht. „Maar die van mij is van Verner Panton. Dit is gewoon namaak”, zegt Nefkens, die gespecialiseerd is in intellectueel eigendomsrecht.
Ook Stralend Thuis dweept met de „legendarische ontwerper Verner Panton” aan wie de site de lamp toeschrijft. De namaakversie is iets lager dan het origineel, de kap juist groter. Ook is de echte versie een stukje zwaarder. Niet dat dit veel uitmaakt om schending van intellectuele eigendom vast te stellen. Nefkens: „Je moet meteen aan het origineel denken, alle kenmerken komen hier herkenbaar in terug. Dat is gewoon inbreuk.”
De Deense ontwerper Panton ontwierp zijn ‘flowerpot’-lamp in 1968. De kap heeft de vorm van een halve bol, met een halve bol omgekeerd eronder die exact de helft kleiner is. Panton tekende zowel versies die boven de eettafel kunnen hangen, als kleinere lampen voor op een bijzettafeltje.
Ze kreeg een piepklein plastic prul opgestuurd. Terugsturen kon wederom alleen naar China
Op een ontwerp kan de maker modelrecht aanvragen. Daarvoor moet het ontwerp geregistreerd worden bij een speciaal bureau. Die bescherming geldt maximaal 25 jaar. Voor Verner Pantons lamp uit de flowerpowertijd is die dus allang verlopen. „Maar”, zegt Nefkens, „los daarvan heb je ook altijd auteursrecht op een werk als dat voldoende origineel is. Dat heeft de ontwerper automatisch, vanaf het moment van creatie tot zeventig jaar na zijn overlijden.” Panton stierf in 1998. „Dus op deze lamp zit zeker nog auteursrecht.”
Het blijkt echter lastig dit soort namaak tegen te gaan. „De rechthebbenden moeten zelf actie ondernemen. Niemand anders doet dat”, zegt de advocaat. „Het is een misdrijf, maar voor politie en OM heeft dit geen prioriteit.”
Wel kan de Douane producten van buiten de EU controleren op namaak. Rechthebbenden kunnen de dienst specifiek vragen op een bepaald product te controleren en daarbij vertellen hoe namaak is te herkennen.
Maar, benadrukt de Douane, „controle op mogelijke inbreuken op intellectuele eigendomsrechten is slechts één van onze vele taken”. Waar een container vol namaakproducten van een soort nog kan opvallen, zijn al die losse zendingen van dropshippers en sites als Temu vrijwel niet te controleren.
Advertenties voor namaak
Ook techbedrijven gaan na of via hun platforms namaakproducten worden aangeboden. Diensten als Google, Instagram, Facebook en marktplaatsen als bol en Amazon laten het niet toe, en zeggen daarop te controleren. Dat houdt advertenties voor namaakspullen niet weg: wie op het web zoekt naar „flowerpot lamp” of „Verner Panton” krijgt van tijd tot tijd zelfs meer namaakversies te zien dan aanbieders van het origineel.
Eekhout, met de halve booglamp van Stralend Thuis, vindt dat hier een taak ligt voor Google. „Ik neem het Google meer kwalijk dan die jongen die achter de webshop zit.” Ook hij kwam bij de dropshipwinkel uit nadat hij op een merknaam had gezocht. En dan laat Google bij de zoekresultaten ook nog eens een vijfsterrenbeoordeling zien voor Stralend Thuis. „Waar komen die vandaan?”, vraagt Eekhout zich af. Op Trustpilot regent het immers slechte reviews.
Wie googelt op een lamp van ontwerper Verner Panton stuit op talloze namaaklampen.
Na vragen van NRC haalt Google een aantal advertenties voor namaakproducten weg, maar het techbedrijf kan niet verklaren hoe die er eerder doorheen glipten. Ook verschijnen er vervolgens weer nieuwe advertenties van andere aanbieders van nepdesign.
Advocaat Nefkens wijst erop dat namaak vroeger een stuk makkelijker was aan te pakken. „Die spullen lagen gewoon in winkels. Daar kon je gelijk beslag op leggen.”
Dat gebeurt overigens nog steeds wel. De Zwitserse designmeubelfabrikant Vitra won onlangs een zaak tegen Kwantum. Die keten verkocht een stoel in zijn winkels die sterk leek op een stoel van de Amerikaanse ontwerpers Charles en Ray Eames, waar Vitra de Europese licentie voor heeft. En zo simpel was dat niet eens, weet Nefkens. „Daar heeft Vitra een hele reeks procedures voor moeten voeren. En dan is Kwantum nog een groot bedrijf dat je hier in Nederland kunt aanspreken.”
Waarom is namaak eigenlijk zo erg? „Omdat je misbruik maakt van de inspanningen van een ander”, legt Nefkens uit. „Die heeft er veel tijd en energie in gestoken om er een succesvol product van te maken. En alleen als het succesvol is, wordt het nagemaakt.”
Namaak kost rechthebbenden serieus geld: de Europese kledingindustrie loopt er jaarlijks zo’n 12 miljard euro aan omzet door mis, blijkt uit onderzoek van het Europese Bureau voor Intellectueel Eigendom. De cosmeticasector kost het circa 3 miljard euro, de speelgoedbranche 1 miljard euro. „Ga gewoon iets anders maken”, vindt advocaat Nefkens.
Stralend Thuis heeft er weinig boodschap aan. Nadat Google de advertenties voor zijn nep-Verner Panton heeft verwijderd, wordt het product van de site gehaald. In plaats daarvan komt er een nieuwe, identieke lamp, onder een andere productnaam en met een prijs die vijf euro hoger is.
Eind jaren zestig bogen vier antroposofen zich over de vraag hoe geld duurzamer zou kunnen worden aangewend. Er was een hoogleraar fiscaal recht bij, een econoom, een managementadviseur en een bankier. Ze keken ook naar grond, met name landbouwgrond. Die zou geen koopwaar moeten zijn, vonden ze. Dat zou leiden tot speculatie en prijsverhogingen, en daardoor tot ongezonde praktijken bij het verbouwen van voedsel. „Grondverkoop is gif voor de economie”, schreef een van hen.
Vanuit dat idee werd in 1978 de stichting BD Grondbeheer opgericht. Officieel heet die stichting Grondbeheer Biologisch Dynamische Landbouw. Deze vorm van landbouw is als het ware de agrarische tak van de antroposofische beweging, zoals de vrije scholen daar de onderwijstak van vormen. BD-landbouw is biologisch, zonder gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen – maar gaat verder dan dat. De BD-boer houdt bijvoorbeeld rekening met de veronderstelde invloed van hemellichamen op de vruchtbaarheid van de aarde. De producten, met het Demeter-keurmerk, worden vooral verkocht in natuurwinkels.
Stichting BD Grondbeheer zou met ‘schenkgeld’, zoals de antroposofen donaties noemen, grond verwerven en die voor altijd, tegen een lage pacht, beschikbaar houden voor deze vorm van landbouw. Eenmaal verworven terreinen zouden nooit meer verkocht worden. Inmiddels zijn er tal van idealistische grondfondsen, zoals Land van Ons en Lenteland, maar Grondbeheer was de eerste.
Decennialang bleef de omvang van Grondbeheer bescheiden. Door een groeispurt, na de overname van het bekende biologisch-dynamische complex Loverendale, kwam de organisatie afgelopen jaren in diepe problemen. Voorzitter Kees van Biert zoekt nog steeds financiële ondersteuning.
Verwerking van de oogst op Loverendale Ter Linde.
Foto Walter Herfst
Landbouwgrond als asset
Uit de werkgroep van antroposofen kwam uiteindelijk ook de Triodos Bank voort. Dit werd de financiële tak van de antroposofische beweging. De geestverwanten BD Grondbeheer en Triodos hielden nauwe banden, al zouden die wel gaan knellen.
Toen de huidige voorzitter Van Biert in 2012 aantrad, had BD Grondbeheer zo’n tweehonderd hectare in bezit. Via schenkingen en legaten kwam jaarlijks zo’n 50.000 euro binnen, destijds genoeg om één hectare landbouwgrond te kopen. Dat terwijl een gemiddelde boerderij zeker dertig hectaren beslaat. Van Biert streefde naar groei om de duurzame landbouw te stimuleren.
Grond moet interessant worden voor grote beleggers, zoals pensioenfondsen, vond Van Biert. Hij had zelf een bedrijf opgezet dat adviseerde over de financiering van schepen, een branche waar miljoenen in omgaan en het, net als bij grond, gaat om langetermijninvesteringen.
Van Biert zet tijdens een gesprek in Driebergen uiteen wat hij voor ogen had: „Mijn droom was van grond voor bio-boeren een asset-categorie te maken.” Oftewel: duurzame investeerders zouden naast aandelen, obligaties en vastgoed duurzame landbouwgrond in hun portefeuille moeten hebben. Dat levert geen hoog rendement op, misschien 1 of 2 procent. Maar het bezit van duurzame landbouwgrond heeft een concrete, positieve impact op de bodem, de biodiversiteit en het voedselaanbod, en eten blijft altijd nodig. Dus het is een veilige belegging, is nog steeds de inschatting van Van Biert. Maar om interessant te worden voor grote beleggers, zou BD Grondbeheer wel moeten groeien.
Zolang die grote beleggers er niet waren, was er een andere mogelijkheid om sneller land aan te kunnen kopen: lenen van de bank. Dat BD Grondbeheer daar rond 2012 mee begon, kwam voort uit een bijzondere situatie. De gemeente Driebergen-Rijsenburg had plannen voor het terrein waar het kantoor van BD Grondbeheer en keurmerk Demeter gevestigd zijn. Daar zouden tachtig woningen moeten komen. Met een lening kon het landgoed worden aangekocht en behouden blijven voor de beweging.
Lees ook
Coöperaties die zelf grond kopen voor duurzame landbouw. ‘Ze zijn een aanjager
In de jaren daarna sloot BD Grondbeheer meer leningen af, steeds bij Triodos. Daar stond grond tegenover, de pacht van de boeren en inkomsten uit donaties van particulieren. Die donaties namen toe, naar een paar ton per jaar. De stichting ging daarnaast eeuwigdurende obligaties uitgeven. In de jaarrekening over 2017 schreef ze dat „gezien de goede relatie tussen BD Grondbeheer en Triodos Bank en gezien de situatie van voldoende onderpand” er vertrouwen was dat leningen van de bank steeds hergefinancierd zouden worden.
Op een biodynamische boerderij houden koeien hun hoorns.
Foto Walter Herfst
Natuurkrachten
Het jaar daarop kreeg Van Biert een belangrijk telefoontje, dat zou leiden tot overname van het roemruchte biologische landbouwcomplex Loverendale – en tot een groot risico voor zijn stichting. In het telefoongesprek werd duidelijk dat landbouwbedrijf Loverendale in Zeeland failliet dreigde te gaan. „Loverendale gaat verkocht worden aan de hoogstbiedende”, was de mededeling.
Loverendale heeft in de BD-wereld een bijna mythische status. Het is het oudste bedrijf uit die beweging in Nederland, met wortels die zowat rechtstreeks teruggaan naar Rudolf Steiner (1861-1925), de grondlegger van de antroposofie en van de biologisch-dynamische landbouw.
Aan de basis ervan stond Marie Tak van Poortvliet, dochter van een bekende politicus en antroposofe. Haar landerijen op Walcheren waren in 1926 de basis voor wat uitgroeide tot de stichting Loverendale, waar meerdere landbouwbedrijven onder vallen. Er werd vee gehouden, tarwe verbouwd, fruit geteeld, er waren tuinderijen. Monocultuur is uit den boze.
In die bijna honderd jaar heeft Loverendale het nodige meegemaakt. Eerst kwam de crisis in de jaren dertig, daarna de oorlog met de desastreuze gevolgen van de inundatie van Walcheren. Dat kwam onder water te staan doordat de geallieerden de dijken hadden gebombardeerd.
De jaren zeventig waren een bloeiperiode. Het Loverendale-brood dat in Zeeland werd gebakken, stond bij progressieve tijdgenoten in het hele land op tafel. Provo Roel van Duijn deed op de boerderij zijn idee op voor de Kabouterbeweging, geïnspireerd door het antroposofische geloof dat natuurkrachten verantwoordelijk zijn voor de groei van planten.
Rond 2017 werd het erg moeilijk. „Er waren iets te veel schulden om de exploitatie zoals we toen bezig waren rond te krijgen”, zegt Maria van Boxtel, toenmalig voorzitter van de stichting Loverendale, in een telefoongesprek. De schulden zijn aangegaan om te investeren, vertelt ze. „Je probeert dingen uit.” De locatie, tamelijk ver van de BD-klanten in de steden, bracht hoge kosten met zich mee. „Voor het transport van de melk naar de BD-melkfabriek, toen in Limmen, in Noord-Holland, moest je extra betalen. Dan levert de melk minder op dan nodig is.”
Van Biert is harder in zijn oordeel over de toenmalige bedrijfsvoering: „Sommige boeren hebben er een puinhoop van gemaakt. Je krijgt iets gratis, vervolgens lukt het een jaar niet, dat kan natuurlijk. Dan ga je naar de bank, geld halen, en dat ging van kwaad tot erger. Dat bedrijf is zich vol gaan lenen.”
Maar hoe de bedrijfsvoering ook was, het zou voor de biologisch dynamische landbouw een klap zijn als Loverendale zou verdwijnen.
De bioboerderijwinkel op Loverendale Ter Linde.
Foto Walter Herfst
Lijfrente
Na het telefoontje ging Van Biert met de bank – uiteraard Triodos – en andere betrokkenen spreken. Rond een van de bedrijven van Loverendale bestond een constructie waarbij de voormalige eigenaar het vruchtgebruik had gehouden. Dat werd gewaardeerd op 3 miljoen euro. „Ik ben met haar gaan praten en heb gevraagd of ze het wilde schenken. Dat wilde ze wel, als ze een lijfrente van ongeveer 20.000 euro per jaar zou krijgen. Daarna ben ik naar de bank gegaan en heb gezegd dat BD Grondbeheer de schulden van 5 miljoen euro zou overnemen, en nog 1 miljoen wilde lenen voor investeringen.”
Het totale bezit werd getaxeerd op 14,5 miljoen, dus het leek een zeer gunstige overeenkomst.
De Stichting Loverendale ging per 1 januari 2020 op in BD Grondbeheer. Van Biert was tevreden: hij had het grondbezit van de stichting in een klap met 165 hectare uitgebreid en een biologisch-dynamisch icoon gered. Van Biert: „Ik scoorde wel punten bij onze achterban, maar dat is ook wel nodig, want die moet die 5 miljoen aan donaties op tafel leggen.”
Grote rivier
Het eerstvolgende jaarverslag was jubelend: „Het jaar 2020 gaat waarschijnlijk de boeken in als het jaar waarin we van een klein beekje een grote rivier zijn geworden. Een vitaliserende waterader die voor vruchtbaar land gaat zorgen, voor huidige en toekomstige generaties.” Het verslag meldde ook de omvang van de schulden aan de bank: ruim 17 miljoen euro. Risico’s werden amper genoemd.
Een paar jaar later was dat wel anders. De rente, met name op de leningen voor Loverendale, was gestegen van 1,5 procent tot 5 procent. Op een lening van zo’n 6 miljoen euro scheelt dat nogal; de rente zou een grote hap nemen uit de begroting.
In mei 2024 luidde Van Biert de noodklok in een nieuwsbrief aan alle donateurs en op de website van BD Grondbeheer: „Als niemand bijspringt op dit dossier moeten we linksom of rechtsom een deel van onze landbouwgrond gaan verkopen.” Dat zou regelrecht indruisen tegen het doel van de stichting: grond voor altijd uit de handel halen.
Ook met de bank werden gesprekken gevoerd. De banden daarmee leken versterkt. Peter Blom, voormalig topman van Triodos, was voorzitter van de raad van toezicht geworden. Een ex-communicatiemedewerker van de bank was toegetreden tot het bestuur. In Aardpeer, een nieuw project om grond te verwerven via obligaties, werd samengewerkt met het Triodos Regenerative Money Centre, onderdeel van Triodos Bank. Aardpeer haalde miljoenen op voor boeren die biologisch of natuurinclusief werken.
Tot een voorkeursbehandeling leidde dat niet. Wat de leningen en de rente betreft, was de relatie zakelijk. Dat zegt Triodos nadrukkelijk in een summier commentaar omdat de bank geen informatie over klanten kan delen. De banden uit verleden en heden spelen „geen” rol, aldus Triodos.
Was het niet riskant een langetermijninvestering te doen met geld dat tegen een variabele rente is geleend? Van Biert zegt dat hij weinig keuze had. Toen Loverendale werd overgenomen, zaten deze leningen erbij. „We namen het lock, stock and barrel over.”
Ergens zal het geld vandaan moeten komen om de leningen af te betalen. Van Biert is de laatste om dat een probleem te vinden. „Ik ben met twee families in gesprek, die hebben het geld gewoon liggen om de leningen over te nemen.” Een vervolgactie is een publiekscampagne. Daarmee wacht BD Grondbeheer tot volgend jaar. Dan bestaat Loverendale honderd jaar, een mooi aangrijpingspunt voor publiciteit.
Van Biert kan verkoop van grond nog niet honderd procent uitsluiten, ook al gaat dat lijnrecht in tegen het principe van zijn stichting. „Je zou één keer kunnen zeggen: we hebben gedaan wat we konden om het te redden. Het is niet gelukt. Ik verwijt u niet dat u me niet geholpen hebt. Maar ik kan het niet mooier maken dan het is. Ik kan me voorstellen dat ik er één keer mee wegkom.”
Op Loverendale Ter Linde worden groente en fruit verbouwd en biodynamische snijbloemen geteeld.
Foto Walter Herfst
1 miljard
Van Biert en zijn stichting hebben wel lessen getrokken uit de gang van zaken rond Loverendale. De tijd van lenen om grond aan te kopen is voorbij. De band met Triodos wordt losser. Aankopen moeten gebeuren op basis van schenkingen of langlopende obligaties met lage rente, zegt Van Biert. Er is geld genoeg, denkt hij, bij vermogende families en „mannen die veel verdiend hebben op een manier waar ze eigenlijk zelf niet zo trots op zijn. Je bent toch geen knip voor je neus waard als je op de Zuidas werkt en niet ook een stukje landbouwgrond hebt? Dat moet het idee worden.”
Toen hij net was aangetreden, had Van Biert het binnenshuis weleens over de omvang die BD Grondbeheer zou moeten krijgen. Met 1 miljard euro aan bezit zou de stichting een serieuze speler zijn. Dat is het niet geworden. „Het is 50 miljoen”, zegt hij lachend.