Opinie | COP29 is mislukt en dat gaat over veel meer dan geld

De kranten stonden er vol mee: er is een afspraak over klimaatfinanciering! Vanaf 2035 moeten rijke landen 300 miljard dollar per jaar gaan bijdragen aan klimaatadaptatie en -mitigatie in ontwikkelingslanden, zo is het afgesproken op de tweeweekse COP29 die afgelopen vrijdag ten einde liep. Het werd door Nederland, de Europese Commissie en het VN-klimaatsecretariaat aangehaald als een overwinning voor internationale samenwerking en solidariteit.

Maar het is niet meer dan een doorzichtige communicatietruc. De uitkomst van COP29 is het schrijnende tegendeel van de slogan van deze klimaatvergadering: In solidarity for a green world. Er is hoop , maar die komt niet van deze afspraken.

Fossiel dominant

Ten eerste was van solidariteit geen sprake op de conferentie. Solidariteit zou moeten betekenen dat de positie van kwetsbare landen en groepen een centrale plaats krijgt in de onderhandeling. De kwetsbare landen en mensen hebben het probleem niet veroorzaakt, maar krijgen wel de meeste ellende voor de kiezen. De landen, bedrijven en burgers die het probleem veroorzaken door hun hoge broeikasgasuitstoot zijn het beste in staat om zichzelf te beschermen en hun uitstoot te verminderen. Vanuit solidariteit én verantwoordelijkheid had dit in deze VN-klimaatonderhandelingen moeten worden gecorrigeerd. Dat noemen we klimaatrechtvaardigheid.

Maar de fossiele belangen en de rijke landen waren de dominante spelers op deze klimaatconferentie. 300 miljard klinkt als veel geld, maar het is bij lange na niet genoeg voor het voorkomen van schade, concluderen diverse wetenschappelijke studies, en al helemaal niet voor het verminderen van uitstoot. De uitkomst heeft niks te maken met solidariteit, maar alles met het ontlopen van verantwoordelijkheid.

Ten tweede was de klimaatconferentie misschien wel de minst transparante sinds de COP15, de vijftiende klimaatconferentie in Kopenhagen in 2009, die ook in chaos ontaardde. Olie-exporterende landen leken voor te worden getrokken door de Azerbeidzjaanse voorzitter, die onafhankelijk zou moeten zijn. Pas op zaterdagmiddag, toen de conferentie eigenlijk al afgelopen had moeten zijn, werd er over een serieuze tekst gesproken. Dit nadat de kwetsbare landen demonstratief waren weggelopen uit de onderhandelingen.

Of deze late teksten incompetentie of bewuste sabotage waren van het voorzitterschap van Azerbeidzjan is niet te zeggen, maar de voorzitter wordt meestal zeer kundig ondersteund door het ervaren VN-klimaatsecretariaat. Op het allerlaatst wees India, qua inwoneraantal het grootste land ter wereld, nadat de klimaatfinancieringsafspraak was afgehamerd, de uitkomst af, terwijl het aangaf dat het zich niet meegenomen voelde in de afspraak.

Rijke landen zorgen voor zichzelf

Ten derde is wat er echt moest gebeuren, niet gebeurd. Het fundament onder het Parijsakkoord uit 2015 is dat landen in ‘nationaal bepaalde bijdragen’ (NDCs in het Engels) aangeven wat hun plannen zijn om enerzijds hun uitstoot te verminderen en anderzijds zich aan te passen aan klimaatverandering. Het eerste is belangrijk om verdere temperatuurstijging tegen te gaan, het tweede om ellende, schade en slachtoffers van de klimaatverandering die al aan de gang is te beperken.

Niet alleen zijn die NDCs nu weinig ambitieus, ook laten ze in de praktijk in de uitvoering te wensen over, zo blijkt uit onderzoek. Ze dragen zo niet bij aan een groenere wereld.

De rijke landen kunnen beter voor zichzelf zorgen, en hebben daarom minder nood aan een verregaande financieringsafspraak. Maar als rijke landen arme landen onvoldoende helpen met klimaatfinanciering, met bijvoorbeeld gelijkwaardige samenwerking op het gebied van technologie op zo’n manier dat die landen zelf ook kunnen profiteren, warmt uiteindelijk het klimaat meer op. Ook rijke landen, met name de jongere generaties in die landen, zullen daar uiteindelijk veel last van krijgen.

Het enige lichtpunt vinden we in de maatschappelijke beweging. Rondom de onderhandelingen waren er talloze paviljoens die lieten zien dat, hoewel er uit de onderhandelingszalen niks noemenswaardigs voortkwam, er strijdvaardigheid is. Fossiel is sterk, maar niemand kan meer om hernieuwbare energie heen. Het versterken van initiatief uit de samenleving, van goedwillende bedrijven en financiële instellingen, van wetenschappers, en van landen die wél inzetten op klimaatbeleid: die coalitie, die de meerderheid van de wereld beslaat maar de mond werd gesnoerd in Bakoe, moet in staat zijn om de tegenkrachten uiteindelijk omver te duwen.


Lees ook

Rijke landen spelen op de klimaattop in Bakoe hoog spel, en verliezen

Regeringsleiders op de klimaattop COP29 in Bakoe, Azerbeidzjan, met in het midden vooraan Antonio Guterres, de secretaris-generaal van de VN.