Met mijn maat 45 in een babyroze badje

Komiek Pete Davidson, bekend van Saturday Night Live, zei in een recent interview in The Wall Street Journal dat „mannen hun voeten nooit moeten tonen”. Hij vindt ze spuuglelijk, die van zichzelf incluis. Zijn devies: je sokken aanhouden, behalve als je gaat zwemmen. „Zo niet? Bedekken, die dingen. Echt: de mannenvoet moet gecanceld worden.”

Cancellen is wellicht wat overdreven. En ze alsmaar bedekken is ook niet gezond voor een mens. Sterker nog: daar krijg je weer zweetvoeten van, en dat is voor niemand leuk. Nu is Davidson net creatief directeur van sokkenmerk Doublesoul geworden, dus dat bedekken komt hem goed uit.

Niet iedereen is het overigens met hem eens: een voetfetisj is best populair. Uit onderzoek van de Universiteit Antwerpen blijkt dat één op de tien mensen er opgewonden van raakt. Mannen dan wel vier keer zo vaak als vrouwen. De mannenvoet lijkt minder geliefd, dus.

De combinatie van maandagen en sporten is al niet mals, maar wanneer ik in de kleedkamer een zool zo geel als belegen kaas zie, begrijp ik Davidson meteen. Wellicht durven wij mannen minder naar de pedicure te gaan omdat het als vrouwelijk, onnodige luxe of ijdeltuiterij wordt gezien. En als er een kalknagel komt – die je onder meer kunt krijgen door slechte hygiëne of bij veel sporten – is de schaamte groot om een remedie bij de drogist in te slaan. Ik begrijp dat. Er gaat een hele skincare-routine aan vooraf voordat ik mijn bed in duik, ik bezoek om de week mijn kapper, gebruik parfum, bodylotion. Maar daar benee doe ik niets. Ik heb nog nooit een pedicure gehad, heb weleens een kalknagel, sport, loop en ren als een malle maar smeer mijn voeten nooit in met crème.

Enfin. Dat kan dus beter, dus hoog tijd voor mijn allereerste pedicure.

In de eerste minuten voelt het vreemd. Bijna te intiem: niemand heeft ooit aan mijn voeten gezeten

Op Google Maps zoek ik naar een salon. Ik bel drie verschillende. Goddank kan ik meteen bij Li’s Beauty Lounge langs. Met lichte hartkloppingen stap ik op de fiets. Ik merk hoe eenzelfde gevoel opkomt als tijdens mijn rijexamen. Gerommel in mijn buik. Angstzweet onder mijn oksels. Nooit eerder heeft iemand aan mijn voeten gefriemeld of ze van dichtbij bekeken. Wat als het pijn doet? Of kietelt? Wat als ik om dat wat altijd bedekt blijft wordt uitgelachen?

Twee medewerkers zeggen me gedag, twee vrouwen op leeftijd kijken om. De een krijgt een mani, de ander is net klaar met haar pedi. Een medewerker wijst naar een zwartleren stoel. Haar collega, Li, kijkt toe. Ik vraag haar of hier vaker mannen komen. „Soms voor een manicure”, zegt ze terwijl ik aarzelend mijn sokken uittrek. „Met doorzichtige lak. Dat wel.” Pedicures zijn niet geliefd. „Wel bij vrouwen. Maar bij een man?” Ze moet lachen. „Nee, dat gebeurt bijna nooit.”

Maat 45 in een babyroze badje met water. Een minuut later mogen ze eruit en buigt de vriendelijke vrouw zich, gereedschap in de hand, over mijn voeten. In Mandarijn praat ze met Li. Heeft ze het over m’n kromme teen? Ze schraapt dood vel weg, knipt stukken nagels af. In de eerste minuten voelt het vreemd. Bijna te intiem: niemand heeft ooit aan mijn voeten gezeten. Ik ga verzitten en duik in mijn telefoon. Mails wegwerken. Appjes beantwoorden. Een scroll door TikTok. Alles om maar niet bezig te hoeven zijn met wat er voor m’n neus gebeurt: een wildvreemde vrouw die aan mijn tenen pulkt. Wanneer ze aan de bal van mijn voet zit wil ik uit reflex trappen – zo erg kietelt het. Minuten later voel ik mijn hoofd alweer afkoelen. Ze is klaar. Het ziet er goed uit. Ik bedank haar voor het resultaat. Weg eelt, dood vel en lastige nagels. Zo moeilijk was het uiteindelijk niet.