Kiezen tussen achtergelaten ui en beschermde orchidee in Calais: kunst over hoe soorten met elkaar samenleven

Een zekere tederheid gaat ervan uit, wanneer je gevraagd wordt je hand te leggen op een stuk rif, om de trillingen uit het binnenste op te vangen. Deze bolvormige ‘blob’ komt uit de 3D-printer, gemaakt naar voorbeeld van het soort bouwwerk dat de Normandische honingraat-zandkokerworm voortbrengt. Die graaft tunnels in harde grond, waardoor riffen kunnen ontstaan. En daarin vinden vervolgens verschillende soorten schelpdieren onderdak. Een symbiose.

De vibrerende sculptuur, Biopilgrimage (Sol-Roc) (2024-25), van Thomas Pausz, is een van de eerste kunstwerken in de nieuwe groepstentoonstelling van kunstruimte Radius in Delft. Het openingsdeel van de expositie draait om ‘opmerkzaamheid’. Hoe kunnen verschillende diersoorten oog hebben voor elkaar? Luisteren naar elkaars verlangens en behoeften?

In het kader van de opmerkzaamheid, één keer de volledige titel van de tentoonstelling: Een parlement van uilen, een consortium van krabben, een cultuur van bacteriën, een arbeid van mollen, een bedrijf van fretten, een belegering van reigers, een samenzwering van maki’s, een wijsheid van wombats, een pandemonium van papegaaien.

Ondergronds waterbassin

We bevinden ons ondergronds, in het voormalige drinkwaterbassin onder het Kalverbos in Delft. In deze hergebruikte, spiraalvormige ruimte, heeft Radius sinds drie jaar een van de meest opmerkelijke tentoonstellingsruimtes van Nederland. Het opgeslagen water heeft in de jaren dat het er was betoverende kalktekeningen achtergelaten op de muren. Zo’n toevalstekening met een element als auteur is passend: Radius focust op hedendaagse kunst over ecologie en klimaat. De huidige tentoonstelling is de eerst in een themajaar over het verleggen van politieke grenzen: hoe komen we tot een politiek waarin alle (dier)soorten gelijk vertegenwoordigd worden?

Jochen Lempert, Lyren, 2013.
Foto Gunnar Meier

Ondanks de ontoegankelijke tentoonstellingsteksten lukt het Radius daar een aansprekende tentoonstelling over te maken. Dat komt door de heldere opzet in vier hoofdstukken die curator Niekolaas Johannes Lekkerkerk maakte. De prettig stevige sturing begint al met het eerste kunstwerk: Lyren (2013), een serie klein afgedrukte foto’s van Jochen Lempert. Die tonen de kop van een schildpad, een wolk, een wit gebit, een paar kiezels op het strand. Op het eerste oog totaal niet gerelateerd, daarna daalt in wat er op het spel staat: hoe verbinden we deze ongelijke grootheden?

‘Vakbonden’ vormen

Het tweede deel van de expositie gaat over het vormen van ‘vakbonden’: wie mag meedoen, wie niet? Snijdend is het voorbeeld in de film Surveying Species: Waste and Protection (2025) van Hanna Rullmann. Zij maakte een documentaire over de aanleg van een natuurgebied bij Calais, op de plek waar de zogenaamde ‘jungle’ gevestigd was, het vluchtelingenkamp dat in 2016 werd ontruimd. Ecologen moeten hier kiezen tussen invasieve soorten (bijvoorbeeld ui of dadelpalm), die opkwamen uit het voedingsafval van het kamp (‘waar vogels zich prima mee zouden kunnen voeden’), en een zeldzame orchidee: de Liparis loeselii, waarvoor een Europees beschermingsprogramma bestaat. Het opruimen van plantensoorten past hier bij een grimmig soort politiek.

Majot Kaur, While She Births an Ecosystem II (2023).
Foto Gunnar Meier/ RADIUS CCA

Een imaginaire symbiose tussen mens, plant en dier wordt prachtig verbeeld in het werk van Manjot Kaur. De tekening While She Births an Ecosystem II (2023) toont de mythische Lajja Gauri (een hindoeïstische godin met lotushoofd die in verband wordt gebracht met overvloed en seksualiteit) die aan het bevallen is van een wirwar van planten – die op hun beurt weer verbonden zijn met een netwerk van bolvormen, ergens tussen planeten en eencelligen in. Een utopische toekomst waarin alles verbonden is? Tegelijk wijst Kaur ook juist op de eeuwenoude mythische wortels van de hybrides mens-niet-mens.

Omwenteling

Hoe mens en niet-mens samenleven, is ondertussen een thema dat breed wordt opgepakt in de kunst. Het Stedelijk Museum Amsterdam toont nog tot en met 13 juli de expositie Oltre Terra van designstudio FormaFantasma: over hoe mensen de evolutie van het schaap vormden, en hoe schapen op hun beurt de cultuur van de mens veranderden. Het Noordbrabants Museum sloot recent een expositie af van Jonas Staal en Micha Hamel, een eerbetoon aan het collectief van menselijke en niet-menselijke ‘aardwerkers’.

Misschien niet gek dat kunstenaars hier zo mee bezig zijn. Kunst kan de blik kantelen. En in onze omgang met andere soorten, staat misschien wel een copernicaanse wending op stapel (de laatste jaren kregen enkele rivieren ‘mensenrechten’).

Het Meersoortig Collectief, Nourishing without trying to, 2025.
Foto Gunnar Meier

Voor het slot van de Radius-tentoonstelling ga je naar buiten. In de tuin bouwt Het Meersoortig Collectief aan een klein fonteintje – waar water van bakje naar bakje stroomt. In die bakjes liggen stukjes hout, een steen, zodat insecten en vogels van het water kunnen drinken. Vogels en insecten mogen meebepalen hoe de fontein eruit komt te zien. Een klein gebaar (en voor wie weleens in een tuincentrum komt een beetje alledaags) maar als bewuste vorm van aandacht, is het misschien wel het begin van een radicale omwenteling.