Het is merkwaardig, vinden choreografe Helen Pickett en regisseur James Bonas. Het volgens hen meest intrigerende personage in Macbeth, de rol die van William Shakespeare nota bene de beste teksten kreeg, blijft in de tweede helft van het toneelstuk buiten beeld terwijl ze juist dan een enorme dramatische transformatie doormaakt. Alle reden dus om haar verhaal te vertellen, vinden de Amerikaanse en de Brit.
In Lady Macbeth, dat zaterdag bij Het Nationale Ballet in première gaat, zien we dus wat gewoonlijk verborgen blijft. Hoe zij, door haar man afgedankt en door schuldgevoelens geteisterd, afglijdt in krankzinnige wanen die uiteindelijk tot zelfvernietiging leiden. Een ballet over Lady Macbeth biedt ook de mogelijkheid om het negatieve imago van het personage te corrigeren. Pickett: „Haar hele handelwijze, wat ze allemaal voor hém doet. Ze is absoluut in staat tot liefde en loyaliteit. Haar schuldgevoel wijst ook op een morele structuur.” Machtige vrouwen worden tot op de dag van vandaag afgeschilderd als heksen of psychopaten, ziet zij. In opkomende autoritaire regimes zijn ze bruikbaar, tot de machtsstructuur is gevestigd. „Dan worden ze aan de kant gezet.”
In de studio zit langs de kant de gebruikelijke verzameling wachtende en toekijkende dansers op de grond, in een ruim assortiment aan balletpakjes, hoodies, beenwarmers, thermo-booties en andere trainingskleding. De banken en stoeltjes voor de spiegelwand zijn voor de makers en vijf balletmeesters die geconcentreerd toekijken en regelmatig opspringen voor uitleg of correcties.
Machtige vrouwen worden tot op de dag van vandaag afgeschilderd als heksen of psychopaten
Artistiek directeur Ted Brandsen komt halverwege even binnen waaien om zich, ruim twee weken voor de première, op de hoogte te stellen van de voortgang. Na het zien van The Crucible, een ballet gebaseerd op Arthur Millers toneelstuk, gaf hij het creatieve duo de opdracht voor een avondvullend ballet. „Letterlijk direct na de voorstelling. Ik was totaal overdonderd”, zegt hij met gedempte stem om de repetitie niet te verstoren.
Als Pickett een scènenummer roept, zoekt iedereen zijn plaats op. Eerste soliste en sterballerina Olga Smirnova, die zaterdag bij de première de rol van Lady Macbeth zal dansen, komt een van ‘de trappen’ af. Twee lappen linoleum, gesneden in de vorm van het vloerplan van die decorelementen, dienen in de studio als provisorische plaatsbepaling. In de volgende scène voert de muziek van componist Peter Salem met sterkere, luidere pulse de spanning op, als voorbode van de komst van koning Duncan, een zogeheten ‘looprol’ van ex-HNB-danser Casey Herd. Tijdens een korte onderbreking legt de repetitor hem zijn rol uit. Zittend aan de rand van de vloer bevrijdt Smirnova haar voeten even uit de spitzen.

Zwanenkoningin
Het door blinde ambitie en weinig scrupules gedreven personage van Lady Macbeth ligt mijlenver van de rollen waarin Smirnova excelleert: Odette, de kwetsbare zwanenkoningin in Het Zwanenmeer, Giselle, het bedrogen boerenmeisje dat, gestorven aan een gebroken hart, als geest vergiffenis schenkt aan haar geliefde, Aurora, de op en top klassieke Schone Slaapster. Maar al meteen na haar aankomst in Nederland liet zij weten dat er óók een Carmen in haar huist, of „een slechterik als Aegina uit Spartacus”.
Echt ingewikkeld vindt Smirnova het niet om nu de ingetogen, gecontroleerde klassieke stijl af te schudden waarin zij in Sint-Petersburg aan de fameuze Vaganova Academie is opgeleid. „Voor je het toneel opgaat, heb je de vorm van de bewegingen al bepaald en in een structuur opgenomen. Eenmaal op het toneel raak je heel snel in je personage, met de sfeer, het decor, de anderen om je heen. Dan kun je jezelf de vrijheid toestaan om de waanzin toe te laten.”
Wel moeilijk: dat alle bewegingen op telling zijn gebaseerd. Pickett telt vaak hardop met de muziek mee, en balletmeester (en voormalig eerste soliste) Larissa Lezhnina doet het zachtjes, terwijl ze de repetitie op haar tablet filmt. „Alles tellen is voor mij minder natuurlijk”, zegt Smirnova. „In klassieke balletten hoeft dat niet. Hier wel, maar ook weer niet té regelmatig. Als je je frasering precies op de tel zou afstemmen, wordt het saai.”
In Picketts danstaal is moeiteloos haar verleden bij William Forsythe te herkennen – elf jaar danste zij in het gezelschap van de man die de klassieke danstaal deconstrueerde en vernieuwde. De bewegingen zijn ook bij zijn ‘leerling’ groot, de lijnen lang of juist grillig gebogen, de posities extreem, maar alles is zachter en minder radicaal.
„Wie lacht naar de koning, zal worden onthoofd!” Picketts vrolijke dreigement schalt door de studio als de ‘onderdanen’ van de koning tijdens een plechtige scène geknield hun trouw zweren. De sfeer is opvallend licht en ontspannen, er is tijd voor grapjes . „Ik ga een ballet voor jullie twee maken”, roept de choreografe naar dansers Edo Wijnen en Joseph Massarelli, die tijdens bijna elke onderbreking van de repetitie lol trappen met elkaar. „He jongens, er is wel een journalist bij, hè!”


Foto’s Altin Kaftira
Openheid
Pickett en Bonas hechten aan openheid en gelijkwaardigheid in de studio. Pickett: „Ik heb jaren gebouwd om in deze sfeer te kunnen werken.” Als choreografe creëerde zij sinds 2005 balletten voor een keur aan meestal Amerikaanse gezelschappen. De laatste jaren legt zij zich in samenwerking met Bonas toe op avondvullend werk, zoals The Crucible (2019, Scottish Ballet), Emma Bovary (The National Ballet of Canada, 2023) en Crime and Punishment (American Ballet Theatre, 2024).
Tijdens het werk strooit zij kwistig met lovende woorden. „Thát was nice!”, roept ze na een korte, virtuoze solo van Massarelli (Banquo in het ballet), en „Thát was fast!”, naar Daniel Silva die laat zien dat hij in korte tijd de rol van Macduff onder de knie heeft gekregen. Niet alleen Smirnova wordt regelmatig aangesproken met ‘my love’.
Bonas, die sprekend lijkt op Songfestivalkenner Cornald Maas, observeert vooral vanaf zijn stoel voor de spiegelwand. Een enkele keer loopt hij naar de dansers om iets aan te geven over hun plaats in de ruimte. Bij hun opkomst door een grote deur in het decor, gebaart hij beeldend, moeten ze nu al rekening houden met de hoogte – de maten en indeling van het decor zijn van invloed op hun bewegingsruimte.
Terwijl hij het uitlegt, beent Pickett door de studio en markeert, armen in de lucht, een lift uit het duet van Smirnova en Timothy van Poucke (Macbeth). „Dus het is: tatatieda, tatiedatata, oké?” Dansers begrijpen dergelijke uitleg.
Tien minuten voor tijd beëindigt Pickett de repetitie. „Great day”, roept de onvermoeibaar positieve Amerikaanse. Met Smirnova en Van Poucke neemt ze nog even een scène door. Smirnova laat haar handen verkrampt over haar lichaam omhoog glijden, alsof ze de opstijgende razernij volgt die in haar binnenste woedt.

Na de repetitie bekent de danseres dat ze soms moeite heeft met het realisme dat Pickett en Bonas nastreven. De zelfmoord van Lady Macbeth bijvoorbeeld, met een mes waaruit straks (nep-)bloed zal vloeien. „Ik vind het mooie van ballet juist de manier waarop je zoiets kunt suggereren met een geabstraheerd gebaar of een metafoor.”
Voor het makersduo staat echter voorop dat ook mensen die helemaal niet bekend zijn met het verhaal van Macbeth hun ballet moeten kunnen begrijpen. „Wij willen onze versie van het verhaal zo helder mogelijk vertellen”, verdedigt Bonas hun stijl. „Maar het is ook niet de bedoeling dat het publiek achterover leunt.”
Afwijken van Shakespeare
Een paar dagen later wordt bij de doorloop van de tweede akte hun visie op Lady Macbeth’ Werdegang duidelijker. Hier wijken de makers radicaal af van Shakespeares toneelstuk en focussen volledig op Lady Macbeth. Smirnova spaart deze dag haar gepijnigde voeten. De rollen van de Macbeths worden dit keer gedanst door Anna Tsygankova en Giorgi Potskhishvili; twee uitgesproken dramatische dansers die voluit hun expressieve kwaliteiten etaleren. Zij, de haren los, probeert slaapwandelend het bloed van haar handen te vegen. Het gesleep en gedraai met de lappen linoleum, in de voorstelling twee monumentale, barokke trappen, symboliseert de mallemolen in het hoofd van Lady Macbeth. Later ‘ziet’ zij de heksen die haar man hun fatale voorspellingen deden – een van de ingrepen van Pickett en Bonas, een afwijking van Shakespeare.
Ook de innige vriendschap tussen de Lady’s Macbeth en Macduff is zo’n vrijheid. De Amerikaanse: „Dat vond ik belangrijk. Ik heb me altijd gesteund gevoeld door vrouwen.” Bonas knikt instemmend. Floortje Eimers bekommert zich als Lady Macduff om haar vriendin die steeds verder afdaalt in een psychotische hel. Uiteindelijk zet Tsykankova zonder voorbehoud het mes in haar onderarm en stort ter aarde.
Langs de kant van de studio markeert Smirnova dezelfde bewegingen, de ogen dicht. Voorlopig nog een tikje terughoudend.
