Het vochtige doekje is het plastictijdperk allang voorbij

Zou hun baan verdwijnen? Onder het personeel van de vochtigedoekjesfabriek in Veenendaal heerste in februari onrust. Medewerkers stelden operationeel topman Jeroen Geelhuysen vragen over hun toekomst. Vrienden en kennissen stuurden hem appjes. „Wat erg”, schreven ze.

Het vochtige doekje was in een mediastorm beland. „Er gaat, als het aan het kabinet ligt, een einde komen aan het vochtigedoekjestijdperk”, schreef nieuwssite Metro. De Telegraaf sprak van ‘vochtigedoekjesgate’ en citeerde boze jonge ouders en kinderdagverblijven.

„Geen reden tot zorg”, mailde de directie van de fabriek het personeel. Geelhuysen organiseerde een „zeepkistsessie” waarin bezorgde medewerkers hem vragen konden stellen.

Allerlei soorten vochtige doekjes zoals die te koop zijn in Nederlandse winkels. Voor welke klanten Codi produceert, houdt het bedrijf geheim.

De Veenendaalse fabriek van Codi Group produceert jaarlijks bijna 130 miljoen pakjes vochtige doekjes, rond de 9 miljard stuks. Het is een van de grootste nattedoekjesmakers van Europa, de enige in Nederland – buiten een vochtigewashandjesfabriek. Maar zoveel aandacht voor het doekje is de fabriek niet gewend. „Iedereen gebruikt ze”, zegt Geelhuysen, „maar ik weet ook wel dat het niet het meest sexy product is.”

Iedereen gebruikt ze, maar ik weet ook wel dat het niet het meest sexy product is

Jeroen Geelhuysen
Codi Group

Poepluier

Voordat de mediastorm opstak, was er in politiek Den Haag weinig aan de hand. Staatssecretaris Chris Jansen (PVV), verantwoordelijk voor circulariteit bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, had bij een commissiedebat in december een kleine toezegging gedaan. Hij had beloofd bij de komende herziening van een Europese richtlijn tegen wegwerpplastic een mogelijk EU-verbod in te brengen van vochtige doekjes met plastic. Die zorgen namelijk voor vervelende en dure verstoppingen in het riool.

Maar in februari legden diverse media dat gebaar van Jansen plots uit als het naderende einde van het vochtige doekje. Ook in de Tweede Kamer ontstond onrust. „Ik vraag me heel erg af hoe Chris Jansen het voor zich ziet als je een grote poepluier hebt”, aldus VVD-Kamerlid Thierry Aartsen tegen De Telegraaf. „Hoe je dat dan gaat doen zonder deze magische doekjes.”

Ook PVV-collega Willem Boutkan keerde zich tegen de staatssecretaris. Met de VVD diende hij een motie in om de staatssecretaris terug te fluiten: de bewindsman mocht niet tornen aan plastic doekjes. De motie werd aangenomen.


Lees ook

Ook de PVV vindt nu: vochtig doekje moet zónder plastic

Ook de  PVV vindt nu: vochtig doekje moet zónder plastic

Concurrentie

Codi Group had een verbod op plastic in doekjes best zien zitten. Sterker: de fabriek sprak met rioolbedrijven af samen plasticvrije doekjes te promoten. Want in Veenendaal hebben ze zeven jaar geleden al de afslag naar plasticvrij genomen. Dit jaar gaan de laatste grote klanten – een internationale drogisterijketen én een discounter; klantnamen houdt de fabriek geheim – helemaal over op plasticloze doekjes.

Jeroen Geelhuysen, operationeel directeur bij Codi Group.

Billen-, gezichts- en schoonmaakdoekjes, daar gaat het nu over. Want plastic in vochtig toiletpapier is al vijftien jaar verboden. „Hydraspun, zo heet het materiaal dat we voor vochtige toiletdoekjes gebruiken”, zegt Geelhuysen. In een showroom van de fabriek laat hij een rol van het witte materiaal door zijn handen gaan. „Het voelt wat stijf. Als je het nat maakt, is het breekbaar. Niet geschikt om poep van de billen van baby’s weg te wrijven.”

We moesten inzetten op innovaties en duurzaamheid. Anders word je door buitenlandse concurrenten vermorzeld

De zoektocht naar geschikt materiaal voor het plasticvrije billendoekje werd jaren geleden ingezet. En niet alleen uit duurzame motieven. Want de fabriek, die al 45 jaar natte doekjes maakt, had te maken met stevige concurrentie uit lagelonenlanden als Turkije en China. „Je praat echt over centen in deze industrie”, zegt Geelhuysen. „Hoe gaat een Nederlands bedrijf in deze business overleven? We wisten dat we moesten inzetten op innovaties en duurzaamheid. Anders word je door buitenlandse concurrenten vermorzeld.”

Het ouderwetse doekje was dikker, en bestond grotendeels uit polyester. Die kunststof is ook geliefd voor kleding: sterk, zacht en goedkoop te maken uit aardolie. Voor onder meer billendoekjes stapte Codi de afgelopen jaren over op materialen als lyocell, gemaakt van houtpulp.

De vochtigedoekjesfabriek van Codi in Veenendaal.

Geen boom gekapt

Doekjes maken van gerecyclede pulp, vergelijkbaar met wc-papier van gerecycled karton, zou nog duurzamer zijn. Daar hoeft geen boom voor te worden gekapt. Codi biedt het product aan, en een enkele klant maakt er gebruik van. Maar groot lijkt het nog niet te worden: gerecyclede houtpulp is duurder dan pulp van ‘nieuwgekapt’ hout. En „de kwaliteit is eigenlijk gewoon nog niet goed”, zegt Geelhuysen. „Gerecyclede pulp is bewerkt, waardoor doekjes van dit materiaal eigenlijk te zacht zijn en je er met je vingers doorheen kan gaan.” In zwang is nu een ander materiaal: een combinatie van viscose en houtpulp.

De kunst van het vochtige doekje zit niet alleen in het materiaal. Zo gaf Codi veel onderzoeksgeld uit aan vouwkoppen die moet voorkomen dat je een hele hand doekjes uit het pak trekt in plaats van eentje.

Impregneren is een andere moeilijkheid bij het maken van vochtige doekjes. Je moet zorgen „dat het onderste doekje niet te nat is, en de bovenste niet te droog”. De doekjes worden daarom niet per stapel geïmpregneerd, maar een voor een. Een lopende band voert ze onder sproeistangen door, een soort douchekopjes.

Plastic uitbannen bracht veel nieuwe vraagstukken voor Codi. Doekjes van houtpulp nemen meer vocht op dan plastic, dus er moest meer vloeistof aan worden toegevoegd. Daarnaast: hoe minder plastic, hoe lastiger je de doekjes netjes afsnijdt. Bovendien: door gebruik van houtpulp komt stof vrij tijdens de productie. Boven de nieuwste productielijn hangen blauwe ‘stofzuigers’ continu de lucht te zuiveren.

En zijn de doekjes met al die moeite nu zélf plasticvrij, is er nog de verpakking. Ook de verpakkingen die Codi Group voor haar verschillende doekjes gebruikt, zijn nog van plastic – al stappen veel klanten over op (duurdere) gerecyclede plastic folie.

Zelfs in de ouderwetse impregnatievloeistof zat plastic. Dat zorgt voor een fijn, schuimend gevoel. Waar Codi nu een alternatief heeft, gebruiken concurrenten uit Turkije en Polen die inmiddels ook ‘plasticvrije’ doekjes voor de Nederlandse markt maken, die vloeistof met plastic nog wel.

Zelfs in de ouderwetse impregnatievloeistof zat plastic

Zachte handgevoel

In een hal van de Veenendaalse fabriek die ze de ‘keuken’ noemen, staan vijftien grote stalen tanks. In een tank past 16.000 liter vloeistof. Uit een ervan dampt stoom.

Hier ontwikkelt het bedrijf nieuwe vloeistoffen, zonder kunststof erin. Geelhuysen pakt een ‘recept’ op dat bij een van de tanks ligt. „Citrus, wijnsteenzuur, kaliumsorbaat voor de houdbaarheid. Aloë vera voor het zachte handgevoel. En water. Het is echt koken, wat we hier doen.”

Door doekjes en vloeistof plasticvrij te maken en de verpakkingen te fabriceren uit gerecycled materiaal worden de Codi-producten uit milieu-oogpunt steeds verantwoorder, maar het kán nog beter. Er is nog steeds houtpulp voor nodig, ook al gebruikt het bedrijf alleen gecertificeerd hout, afkomstig van verantwoorde kap.


Lees ook

Hoe het gaat met de energietransitie? Elke partij wacht tot een ander iets doet

Hoe het gaat met de energietransitie? Elke partij wacht tot een ander iets doet

De duurzaamste optie is toch het vaatdoekje of washandje, beaamt Geelhuysen. Al gelooft hij er heilig in dat natte doekjes die niet echt nodig zijn, weer uit de mode raken. „Zo is face [doekjes om bijvoorbeeld make-up af te nemen] weer minder populair geworden”, zegt hij. Sommige productielijnen voor gezichtsdoekjes van Codi Group staan stil.

Na een coronapiek raakten ook schoonmaakdoekjes uit de mode. „Terecht”, zegt Geelhuyzen, „want we hebben daar gewoon een alternatief voor. Spray met een vaatdoekje. Maar dat heb je bij billendoekjes niet.”

Duurzamere doekjes kunnen ook bijdragen aan verstopping van het riool, al zijn ze niet zo erg als hun plastic broertjes. Volgens de brancheorganisatie van partijen die bij de openbare riolering zijn betrokken, worden bij 90 procent van de ‘verstoringen’ doekjes aangetroffen.

Geelhuysen snapt ook niet dat er zoveel doekjes in het toilet belanden. „Toen mijn jongste werd geboren, hadden we kraamhulp. En deze mevrouw bleek alle billendoekjes door ons toilet te spoelen. Op dit onderwerp is dus nog wat voorlichting nodig, denk ik.”