Opeens zit het bedrijfsleven vol bekeerlingen. Oliebedrijven die hun investeringen in hernieuwbare energie verminderen. Banken die uit klimaatallianties stappen. Grote bedrijven als McDonald’s, Google en Accenture die hun diversiteitsbeleid aanpassen of afschaffen. Bedrijven die de woorden diversiteit, gelijkheid en inclusie uit hun jaarverslagen schrappen. Zo plechtig als ze zich de afgelopen jaren groen en diversiteitsbewust toonden, zo snel verlaten ze die beloftes nu.
Die ‘anti-woke’-beweging begon in de VS al voor de verkiezing van Trump. Maar door Trump veranderen veel meer Amerikaanse bedrijven hun ambities. Inmiddels raakt het ook bedrijven in Europa. De Amerikaanse ambassade in Den Haag heeft zijn Nederlandse leveranciers gevraagd te verklaren dat „hun diversiteitsbeleid in lijn is met het ‘anti-diversiteitsdecreet’ van Trump”, meldt Het Financieele Dagblad. Ambassades in andere landen verstuurden eenzelfde brief.
De afgelopen maanden kwam vaak de vraag in mij op: hebben bedrijven die terugkrabbelen dan geen ruggegraat? Of waren ‘klimaatvriendelijker opereren’ en ‘inclusiever personeelsbeleid’ altijd al weinig meer dan mooie praatjes?
Niet allemaal greenwashers
Zo simpel is het niet, zeggen drie deskundigen die ik sprak. Hoogleraar Mijntje Lückerath is gespecialiseerd in goed ondernemingsbestuur. Ze schreef het boek Morele dilemma’s in de boardroom. Hoogleraar Harry Garretsen doet met Janka Stoker onderzoek naar leiderschap. Vino Timmerman was advocaat-generaal bij de Hoge Raad, gespecialiseerd in ondernemingsrecht.
Alle drie denken ze dat er een daadwerkelijke verandering bij bedrijven is ingezet die ook door Trump niet zomaar te stoppen is. De groep bedrijven die klimaatvriendelijker wil worden groeit, net als de groep die een diverser personeelsbestand wil. Uit overtuiging én vanuit zakelijk belang. Bedrijven staan te springen om personeel en er valt geld te verdienen aan de omslag naar een klimaatvriendelijker economie.
Garretsen: „Bedrijven zullen niet allemaal rainbowwashers en greenwashers blijken te zijn. De groep die het wel meent, is gegroeid.” Bij bonussen voor topmanagers spelen vaker klimaat en sociale doelen een rol, blijkt uit onderzoek van KPMG. „Dan verandert er echt iets.”
Timmerman: „Het is voor bedrijven heel onverstandig om tegen maatschappelijke trends in te gaan. Misschien doen bedrijven nu een stapje terug, maar ik kan me niet voorstellen dat de emancipatiebeweging van vrouwen, mensen van kleur en mensen met een andere seksuele geaardheid niet doorzet. Voor sommige bedrijven is het heel aanlokkelijk om nu veel geld te verdienen aan de fossiele economie, maar op lange termijn graven ze hun eigen graf.”
Wel zullen veel bedrijven zich minder uitlaten over hun ambities. Sommige Amerikaanse bedrijven geven daadwerkelijk minder geld uit aan het promoten van diversiteit, blijkt uit onderzoek van de Financial Times. Andere bedrijven veranderen louter de woorden in hun jaarverslag. In plaats van ‘te streven naar diversiteit’ willen ze een plek zijn waar iedereen floreert.
Timmerman: „Ik denk dat het verstandig is niet te veel lawaai te maken. Mij valt op dat supermarktconcern Ahold zonder veel ruchtbaarheid meer vegetarische producten aan het assortiment toevoegt. Dat roept minder weerstand op dan uitgesproken groene ceo’s als voormalig Unilever-topman Paul Polman. Die kreeg te maken met verzet van aandeelhouders. Maar ook van actiegroepen die betwijfelden of Unilever zo groen was.”
Sausje van juiste woorden gaat eraf
De brief van de Amerikaanse ambassade gaat veel te ver, vinden de drie. Timmerman: „De VS gaan zich nu met de interne gang van zaken bij bedrijven in andere landen bemoeien. Dat kan niet.” Bedrijven die in de VS én Europa zakendoen, zitten klem. Tussen Europese eisen om klimaatvriendelijker te worden en meer vrouwen in de top te benoemen en Amerikaans beleid dat zich daartegen verzet. Lückerath: „Het Amerikaanse model was altijd al meer op aandeelhouders gericht. Maar we bewogen wel dezelfde kant op. Nu is de richting tegengesteld. Niet meebewegen in de VS kan bedrijven overheidsopdrachten kosten of juridische claims opleveren.”
Er wordt volgens Lückerath te makkelijk over besluiten van bedrijven gezegd: waar was het morele kompas? „Hét morele kompas bestaat niet. Als je moet kiezen tussen je diversiteitsbeleid in woord wat afzwakken en een grote overheidsopdracht, is dat meer dan een keuze tussen principes en geld. Als er veel banen verloren dreigen te gaan, is dat ook een moreel dilemma.”
De afgelopen jaren konden bedrijven naar buiten toe maar één ding beweren
Er zijn al verschuivingen te zien van tientallen miljarden euro’s door Amerikaanse en Europese pensioenfondsen die juist niet of juist wél met oog voor klimaatverandering willen beleggen. Garretsen: „De afgelopen jaren konden bedrijven naar buiten toe maar één ding beweren: uiteraard zijn we duurzaam en divers. Nu wordt het sausje van de juiste woorden eraf geschraapt. En gaat blijken of bedrijven ruggegraat hebben. Vergis je niet: bedrijven die hun waarden laten vallen, zijn voor veel klanten en potentiële werknemers niet aantrekkelijk.”
In zijn oratie in 2020 schetste Timmerman hoe in Nederland het tijdperk van ‘de politieke onderneming’ was aangebroken waarin bedrijven maatschappelijke taken krijgen als het bevorderen van diversiteit en duurzaamheid. Maar wat als die maatschappelijke taken na verkiezingen plots sterk veranderen zoals in de VS? Krijgen we dan de windvaanonderneming? Timmerman: „In deze wereld is het ontzettend moeilijk om evenwichtig beleid te voeren. Kijk naar wapens. Daar wilden pensioenfondsen de afgelopen jaren minder in investeren, nu juist weer meer.”
Ik vermoed dat veel bedrijven minder uitgesproken worden. En we moeilijker kunnen beoordelen of bedrijven doorgaan met diverser en groener worden. Of dat dat altijd al een oppervlakkig laagje lak was.
