Reizigers snellen met hun koffertjes de roltrap af in de aankomsthal van terminal 2 van de luchthaven Adolfo Suárez Madrid-Barajas. Onder die roltrap legt de 71-jarige Carlos Alberto Azuaje zijn dekentje, dat als matras moet fungeren op de ijskoude tegels. Hij rolt zijn slaapzak uit en neemt in een donkerblauwe pyjama, die tot zijn schaarse bezittingen behoort, plaats in zijn ‘bed’.
De Venezolaan Azuaje woont al 43 jaar in Spanje, waar hij carrière maakte als kunstenaar en cartoonist. In 1995 maakte hij nog kans op de prestigieuze film -en kunstprijs Goya. „Nu woon ik al ruim twee jaar op het vliegveld, omdat een kamer huren te duur is”, zegt hij, terwijl hij zijn handkoffertje, dat hij als kussen gebruikt, opent en krantenknipsels laat zien. Op een daarvan poseert hij, deftig gekleed in een overhemd en pantalon, met de toenmalige burgemeester van Madrid, José María Álvarez del Manzano.


Carlos Alberto Azuaje, een Venezolaanse kunstenaar, toont documenten op zijn slaapplek op de luchthaven Barajas in Madrid.
Foto’s James Rajotte
Uit een onderzoek van de luchthaven blijkt dat daar iedere avond tussen de vier -en vijfhonderd mensen overnachten. Dat is ruim tien keer meer dan een decennium geleden, stelt de vakbond ASAE, die de telling uitvoerde. Het gaat om werklozen, mensen met een baan of mensen die door bijvoorbeeld familieproblemen op straat zijn beland.
Het nationaal statistiekbureau INE telde 28.552 daklozen in 2022 in Spanje. Hulporganisaties als Cáritas en het Rode Kruis zeggen dat dit cijfer in werkelijkheid veel hoger ligt, omdat zij jaarlijks aan meer dan 40.000 daklozen hulp bieden.
Toeristenverhuur
De dakloosheid is toegenomen door de enorme woningnood, die mede wordt aangedreven door dezelfde toeristen die op het vliegveld met hun koffertjes langs de daklozen wandelen. Volgens huurplatform Idealista is een kamer huren gemiddeld 30 procent duurder dan vorig jaar, omdat de woningmarkt steeds meer de focus legt op toeristenverhuur.
De gepensioneerde Azuaje reisde de wereld over om te schilderen en zijn kunst te presenteren: New York, Parijs, Tel Aviv. Maar na een scheiding en geldgebrek belandde hij op straat. „Ik heb een schilderij waar ik enorm trots op ben. Net als de Guernica van Picasso is het een ode aan Baskenland, maar mijn werk is groter qua formaat”, zegt hij trots. [De Guernica, die tentoongesteld wordt in het Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofía in Madrid, is 3,49 meter hoog en 7,76 meter breed, red.] Azuaje: „Maar wat stelt dat nu voor? Je werkt je hele leven als artiest om vervolgens dakloos te worden door pech.”
Azuaje slijt zijn dagen door vlogs te maken over zijn leven op straat, die hij vervolgens op YouTube plaatst. Een „opa die vlogt”, lacht hij. „Maar je moet wat hè. De dagen zijn superlang als je geen thuis hebt. Hier verlies je tijdsbesef. Soms weet ik niet eens welke dag het is.”
Zijn buurman El Cubano, die een paar meter verderop ligt, mengt zich in het gesprek. „De meeste mensen wonen hier door pure pech”, zegt de bebaarde man met lang grijs haar. Niemand weet hoe hij echt heet; zijn identiteit houdt hij geheim, uit angst dat zijn moeder erachter komt dat hij dakloos is. „Mijn moeder krijgt dan een hartinfarct. Ze denkt dat ik een goed leven heb in Madrid en dat hou ik liever zo.”
De dagen zijn superlang als je geen thuis hebt, je verliest hier je tijdsbesef
El Cubano woont sinds de zomer op het vliegveld. Hij werkte in de bouw, maar toen hij fysieke klachten kreeg, raakte hij werkloos. Hij krijgt een maandelijkse uitkering. „Maar dat is niet genoeg om een degelijke kamer in Madrid te huren. Ik heb het prima hier op vliegveld. Je moet wat improviseren, maar ik hoef niet per se een woning nu.” Telefoons opladen doen ze bij de restaurantjes op het vliegveld, mits ze niet worden weggestuurd door het personeel. Douchen kan ook op het vliegveld, of bij de daklozenopvang in het centrum van Madrid.
Vijandig
In terminal 2, waar Carlos Alberto Azuaje en El Cubano wonen, is de sfeer gemoedelijk. Heel anders is dat in terminal 4, waar de mensen vijandig zijn en liever niet met de pers praten. „Rot op van hier”, gilt een man, terwijl zijn vrouw een deken over haar hoofd gooit bij het zien van een camera.
De 53-jarige Julio Esteban Iglesias uit Burgos, gekleed in een grijze sweater met de Amerikaanse vlag erop, wil wel praten. Hij werkte als glaszetter, maar belandde in de gevangenis. Wat hij heeft gedaan, wil hij niet vertellen. „Zie maar eens weer aan werk te komen als je in de bak hebt gezeten. Voor jou honderd betere kandidaten. Toen ik geen werk kon vinden, ging ik drinken. En nu zit ik hier: geen vangnet, geen werk, geen huis”, vertelt hij, terwijl er een alcoholwalm om hem heen hangt.
Overdag is hij op straat te vinden, waar hij naar eigen zeggen bedelt „omdat het systeem in Spanje je laat zitten”. Een uitweg ziet hij niet. „Tenzij die mannen met dure pakken besluiten om ons te helpen. Zelf kan ik dat niet.”



Mensen slapen in de terminal van de luchthaven Barajas van Madrid, begin maart.
Foto James Rajotte
Het luchthavenpersoneel weet niet goed wat het aan moet met de overlast die enkele daklozen veroorzaken. „De meeste mensen zijn bueno, maar je hebt er altijd heel foute figuren tussen zitten”, zegt Xiomara, die voor krantenkiosk WHSmith werkt. „Drugsgebruik, diefstal in de winkel, agressief gedrag. Dat geeft me soms buikpijn.” Ze doet de rolluiken omlaag, omdat ze even moet plassen. Er is een toilet om de hoek van de winkel, maar het is daar zo smerig dat ze liever naar de personeelslounge loopt, aan de andere kant van de terminal.
„Elke dag wanneer ik om 5.00 uur aan mijn ochtenddienst begin, struikel ik over de mensen. Het doet me pijn, want sommigen hebben gewoon een helpende hand nodig en dan zijn ze zo weg hier”, zegt ze, terwijl haar ogen zich met tranen vullen. Ze vertelt over een vriend die dakloos raakte nadat hij zijn baan verloor. „Hij wilde toen ook op het vliegveld slapen, maar dat liet ik niet gebeuren. Hij trok tijdelijk bij mij in tot hij weer een baan had en een woning kon vinden.”
Angst en stress
Werknemers van Aena, het bedrijf dat Spaanse luchthavens beheert, vertellen anoniem aan de pers dat het nachtpersoneel met „angst en stress” naar hun werk komt. Het probleem groeit en er worden geen maatregelen tegen genomen, zeggen ze. Officieel zijn de terminals vóór de douane openbare ruimtes, dus mensen verwijderen kan niet zomaar.
Toch heeft de luchthaven Josep Tarradellas Barcelona-El Prat, even buiten de hoofdstad van de regio Catalonië, vorige week ingegrepen. Aena voerde samen met politieagenten een operatie uit om de ruim tweehonderd daklozen te verplaatsen naar opvanglocaties in Barcelona. Dit nadat luchthavenmedewerkers al maandenlang onveiligheid op de luchthaven hadden gemeld, waaronder diefstallen, bedreigingen en allerlei vormen van agressie – zelfs seksueel geweld.
De luchthaven in Madrid heeft hetzelfde plan. Binnenkort beslist Aena over het lot van de daklozen. „Als we hier weg moeten, dan heb ik een probleem”, zegt kunstenaar Azuaje, terwijl toeristen zich langs hem haasten en een onverschillige blik op hem werpen. „Op mijn oude dag kan ik nog maar weinig hebben en op straat sterven is niet hoe ik mijn einde voor ogen had.”

