
Op een winderig hotelterras, tijdens het filmfestival van Cannes, citeert acteur Gary Oldman (1958) uit het werk van John Cheever (1912-1982), de melancholische, alcoholistische schrijver die hij speelt in Parthenope. „Ik zoek het nummer van Anonieme Alcoholisten op. Dan beginnen mijn handen te beven, open ik de bar en drink ik de resten whisky, gin en vermout op – alles wat mijn bevende handen maar kunnen vinden.”
De Britse acteur weet als ex-alcoholist hoe treffend het beeld is dat Cheever schetst; toen hij zelf nog excessief dronk was stoppen altijd iets wat hij de volgende dag zou doen. „Iemand gaf me ooit een boek waarop ‘Nuchter nú!’ stond”, zegt de opmerkelijk spraakzame Oldman, „Ik keek ernaar en dacht: ‘Dat lees ik láter.’”
De gelauwerde Brit speelde gedurende zijn carrière de meest uiteenlopende rollen; hij werd meerdere keren genomineerd voor een Oscar en won in 2018 voor zijn Winston Churchill-incarnatie in Darkest Hour. Daarnaast speelde hij rollen in populaire franchises zoals Harry Potter en Christopher Nolans Batman-trilogie.
In Parthenope, de nieuwe speelfilm van de Italiaanse regisseur Paolo Sorrentino (La grande bellezza), die zojuist in Cannes in première is gegaan, heeft Oldman slechts een bijrol. De Amerikaanse auteur Cheever is in de film een van de vele mannen in het leven van de bloedmooie en door iedereen aanbeden Parthenope. Een personage dat ook een reflectie is van de stad Napels en al zijn tegenstrijdigheden. Cheever, weleens de ‘Tsjechov van de Amerikaanse buitenwijk’ genoemd, is een van de passanten in Parthenopes zoektocht naar zichzelf. Hij is een van de weinigen die niet met haar naar bed wil, omdat hij niet op vrouwen valt.
Ondanks zijn kleine rol in de film, hangt het groepje journalisten dat Oldman te woord staat aan zijn lippen. Het personage blijkt een aanleiding om het te hebben over Oldmans voormalige verslaving, hij is nu 28 jaar nuchter. Dat blijkt al snel interessanter dan de film van Sorrentino.
Innerlijke criticus
Cheever was een „wat gekwelde ziel”, licht Oldman toe. Hij leidde een dubbelleven. „Hij had een familie, was getrouwd, maar leefde hoofdzakelijk als homoseksueel, in een tijd dat je nog niet uit de kast kon komen.” Oldman begreep instinctief waarom zijn personage een alcoholverslaving had. „Schuldgevoel, schaamte en geheimen knagen aan iemand.” En daar komt nog bij dat je als „maker” of kunstenaar gekweld wordt door „onrust, twijfel en zelfhaat – een criticus die altijd op je schouder zit. Ik denk dat hij daarom dronk. Althans, dat waren de redenen dat ik dronk.”
Oldman wijst erop dat de film geen poging is Cheever historisch correct neer te zetten. „Toen ik het script las, besefte ik meteen dat het geen biografie is, maar een romantische, melancholische constructie van een geïsoleerde, drinkende schrijver met writer’s block. De woorden die ik uitspreek in de film zijn van Paolo, niet van Cheever.”
Hoe overwon Oldman zijn eigen innerlijke criticus? „Hij is er nog steeds. Maar ik heb heel bewust besloten om zaken niet langer te overanalyseren en te accepteren dat dingen en mensen zijn zoals ze zijn. Ik reageer niet meer overal op. En als ik dan toch reageer, probeer ik niet meer overal een drama van te maken. Dat is een neiging die je hebt als je drinkt. En om niet meer ieder excuus aan te grijpen om te drinken: ‘O, het is een mooie dag, laten we een drankje doen. O, het regent, laten we een drankje doen. O, het is Kerstmis, laten we een drankje doen.’”
Cruciaal is dat Oldman niet alleen privé, maar ook op werkvlak leerde loslaten. „Dat als de opnames van een film zijn afgelopen, hij is gemonteerd en het geluid toegevoegd, ik er geen controle meer over heb. Ik liep soms zes maanden later nog op straat met de gedachte: ‘Dát is hoe ik die zin had moeten uitspreken!’ Dat at me dan op.” Ouder worden hielp hierbij. „Zoals in de film wordt gezegd: ik zie dingen nu een beetje helderder.”
Voordat Oldman nuchter werd, dronk hij zo’n twee flessen wodka per dag. Stoort het hem niet dat zulk excessief alcoholgebruik in films vaak wordt geromantiseerd? „Dat gebeurt inderdaad en ik heb dat ook gedaan. Al mijn helden als kind waren dronkaards, mensen als de Ierse dichter Brendan Behan en schrijvers als Hemingway.”
Zelf heeft hij de afgelopen tijd ook de ene na de andere geniale alcoholist gespeeld, voegt hij schuldbewust toe. Behalve als Cheever in Parthenope, was hij te zien in de veelgeprezen serie Slow Horses (Apple TV+) als de misantropische meesterspion Jackson Lamb, die rookt, drinkt en leeft op afhaalmaaltijden. En dan was er natuurlijk ook nog zijn Oscar-genomineerde hoofdrol in Mank (2020), over de drankverslaafde schrijver Herman Mankiewicz en de totstandkoming van Citizen Kane. Er was een tijd dat hij vooral snoodaards speelde, vertelt Oldman, maar nu zijn het voornamelijk dronkaards, „net zoals Picasso een blauwe periode had”.
Oldmans leven is nu beter dan ooit tevoren, zegt hij. Hij doet alles samen met zijn familie. Zijn echtgenote Gisele Schmidt, die foto’s maakte op de sets van Darkest Hour, Mank en Slow Horses, kwam mee naar Cannes, samen met Oldmans stiefzoon. Wroeging over dingen die hij heeft gedaan of gezegd in de tijd dat hij dronk, heeft hij niet. „Er zijn periodes geweest waarin ik creatiever had kunnen zijn, maar liever dronken werd. Maar het pad waar ik toen op zat, is deel van wie ik nu ben. Misschien moest ik dat bewandelen om te komen waar ik nu ben.”
Het spelen van al die dronkaards brengt bij de acteur ook geen vervelende herinneringen naar boven. „Ik was sowieso niet het type dat naar clubs ging, gekke dingen deed of begon te vechten. Er bestaan geen paparazzi-foto’s waarop ik uit een nachtclub strompel en in een taxi val. Ik was meer een Cheever-achtig figuur. Iemand die na een werkdag naar mijn hotelkamer ging, daar de whisky uit de mini-bar opdronk, vervolgens overschakelde op de gin, de wijn opentrok en eindigde met de champagne.” Met een kwinkslag: „Ik trok de grens altijd bij Tia Maria. Dan belde ik naar de receptie en vroeg ik om mijn mini-bar aan te vullen.
Het grote AA-boek
„Er zijn wel kleine dingen die soms terugkomen tijdens het spelen, waarbij ik even met mijn ogen rol. Ik woonde in die tijd in New York en ik hield ervan om in te checken in een hotel en voor drie dagen te verdwijnen, terwijl ik gewoon een appartement had. Ik begon dan telefoontjes te plegen naar de Westkust en had achteraf geen idee meer met wie ik had gesproken, tot ik de rekening kreeg. Dit is in de tijd voor mobieltjes: drie uur van New York naar LA bellen kostte een fortuin. Maar dat is nou niet het soort herinneringen dat ervoor zorgt dat ik een glas achterover wil slaan.”
Bijna alle antwoorden van de acteur over hoe je stopt met drinken, komen neer op acceptatie: „zoals ze dat noemen in het grote AA-boek.
„Als je het doet om je familie te redden of je baan, dan blijf je nooit nuchter. Al die mensen die ‘interventies’ doen en iemand richting een ontwenningskliniek duwen, moeten begrijpen dat de kans dat het dan lukt één op negenhonderdmiljoen is ofzo. Dat mag je aan iedereen vragen die in de verslavingszorg werkt. Het moet uit jezelf komen. Ik was gewoon moe van altijd ziek en moe te zijn. Een Oscar helpt er niet bij. Al is de erkenning uiteindelijk wel erg fijn.”
Parthenope. Regie: Paolo Sorrentino. Met: Celeste Dalla Porta, Gary Oldman. Lengte: 136 min.
