Column | In Saeftinghe tikt de PFAS-tijdbom verder

Het charollais-schaap is een oud stamboekras, gespierd, met lange oren en een onbewold voorhoofd. Rammen noch ooien dragen hoorns. Als je een charollais kruist met een swifter, een jonger ras, zegt Harry de Vlieger, „krijg je ooien die op hun beurt mooie vleeslammeren geven.”

Al twintig jaar laat hij zulke ooien grazen in het Verdronken Land van Saeftinghe, dat twee keer per dag door de Westerschelde wordt geïrrigeerd. Hij is één van drie Nederlandse en drie Vlaamse pachters met schapen, koeien en waterbuffels in het grootste brakwaterschor van Europa. Zeekraal en lamsoor geven het vlees een delicate, ziltige smaak. Voor Het Zeeuwse Landschap, eigenaar van het Verdronken Land, fungeren de dieren als grasmaaier waar geen machine kan komen en scheppen ze ruimte voor broedvogels.

Na twintig jaar viel de win-win in duigen. In oktober stond er een inspecteur van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) bij De Vlieger op het erf en zette het bedrijf op slot. Uit steekproeven bij Vlaamse Saeftinghe-pachters was gebleken dat vlees van hun dieren te veel schadelijke PFAS bevatte, een bijdrage van het Antwerpse bedrijf 3M aan de wereldwijde PFAS-tijdbom. En dus waren alle buitendijkse grazers nu verdacht.

Maar niet alleen De Vliegers Saeftinghe-ooien en hun lammeren; ook zijn vierhonderd andere schapen die er nooit een hoefje hadden gezet, maar wel hetzelfde oormerk dragen. „Ik mocht niets meer afleveren, geen lammeren voor de slacht of dieren voor de fok”, zegt De Vlieger. „Dat zette mij zonder inkomen, maar de kosten gaan door. En het is zo voorjaar, met nieuwe lammeren.”

Dat Saeftinghe-vlees PFAS bevatte, was al sinds 2022 bekend, na een steekproef onder de buffels, maar de NVWA verzuimde Het Zeeuwse Landschap in te lichten. Daar was „geen noodzaak toe”, omdat het buffelvlees „niet voor humane consumptie” bestemd was, schreef Jean Rummenie, als staatssecretaris (BBB) verantwoordelijk voor de NVWA, in een raadselachtig antwoord op Kamervragen. Want het vlees van de koeien en schapen in Saeftinghe was nu juist wel voor de menselijke eettafel bedoeld en is dus twee jaar lang ongetest verhandeld.

Fred Schenk, districtshoofd Zuid bij Het Zeeuwse Landschap, kijkt vooral vooruit, zegt hij neutraal. „De veehouders die zijn klemgezet moeten perspectief krijgen. Dit duurt veel te lang.”

Voor zijn organisatie dringt de tijd ook. „Zonder begrazing zal Saeftinghe verruigen”, dichtgroeien. „Onze hoop is het alsnog met bestaande dieren te doen.” Maar in de wetenschap dat ze alleen nog ‘gras maaien’ en hun vlees nooit verhandeld mag worden. Wat zal neerkomen op: pachters voor duur geld uitkopen.

Is het niet ook een tikje pervers om dieren zo aan steeds meer PFAS bloot te stellen? Een koe wordt een jaar of twaalf, zegt Schenk. „Die zal niet voortijdig aan PFAS sterven.” Zoiets zegt ook De Vlieger. „Het alternatief is mijn dieren nutteloos af te laten maken en te vernietigen, dat wil ik niet.” Hij hoopt wel op een serieuze vergoeding. „Want dit kan niet nog een jaar duren.”

Hans Steketee doet elke maandag ergens vanuit Nederland verslag.