Column | Een muur herstellen

Een van de mooiste gedichten van Robert Frost is Een muur herstellen, waarin een man samen met zijn buurman de ingestorte muur die hun landerijen van elkaar scheidt, gaat repareren. Echt nodig vindt de verteller dit zelf niet, aangezien hijzelf alleen maar appelbomen en zijn buurman alleen maar dennen heeft. Er is geen loslopend vee dat de gewassen van de ander bedreigt, maar de buurman dringt erop aan om de muur weer in zijn oude staat te herstellen, want, zo zegt hij: „Goede omheiningen zorgen voor goede buren.”

Zaterdag belde ik met een vriendin uit Fredericksburg (Texas) die al decennia strijdt voor vrouwenrechten. Ik vertelde haar over het gedicht van Frost, ze kende het.

„Mooi hè”, zei ze. „Maar ook doodeng, dat goede omheiningen zorgen voor goede buren. Wat betekent ‘goed’ immers, voor wie gaat het op en vooral: voor wie niet.”

Ze vertelde over de SAVE Act waarover binnenkort in de Senaat zal worden gestemd. Deze wet, zogenaamd in het leven geroepen om verkiezingsfraude te voorkomen, heeft in de praktijk grote consequenties voor hele bevolkingsgroepen, met name minderheden. Als de SAVE Act erdoor komt kunnen kiezers zich niet meer online of per post registreren als kiezer, maar moeten ze dat op locatie doen. Een deel van de bevolking, zeker op het platteland, heeft niet de tijd of het geld, om naar zo’n registratiekantoor in de grote stad af te reizen. In zo’n gigantisch land in Amerika kan je er een dag aan kwijt zijn. En dan moet je ook nog eens terug.

„Poeh”, zei ik.

„Ja, maar het wordt nog mooier”, zei ze. „Als je je identificeert op zo’n kantoor moet je je geboortebewijs meebrengen. Wanneer daar een andere naam op staat dan op je identificatiebewijs, bijvoorbeeld omdat je bent getrouwd en de naam van je man hebt aangenomen, gaat het hele feest niet door. Waardoor het voor 69 miljoen getrouwde vrouwen straks erg lastig wordt om een stem uit te brengen.”

„Wat?!”

„Nou ja, laten we hopen dat de SAVE Act er niet door komt en bidden dat de Democraten hun rug recht zullen houden. Maar het is slechts een van de vele voorbeelden van hoe er van bovenaf wordt geprobeerd om de democratische rechten van minderheden, en met name dames, in te perken. Weg met het vrouwenkiesrecht, desnoods met behulp van administratieve barrières.”

Ik dacht terug aan dat gedicht van Frost. Opeens kwamen die „goede omheiningen” me nog veel sinisterder voor.

Opeens leken buitensluiten en insluiten synoniemen.