Een warme persoonlijkheid met een prachtige, kenmerkende stem. Zo herdenkt de hoofdredactie van RTL Nieuws presentatrice Loretta Schrijver die woensdag 26 maart op 68-jarige leeftijd overleed aan darmkanker: „Ze informeerde miljoenen mensen over het wereldnieuws, op haar eigen toegankelijke manier. We zijn Loretta ontzettend dankbaar voor alles wat ze voor RTL Nieuws heeft betekend.” De RTL-directie voegde daar nog aan toe: „Met haar onovertroffen, unieke lach kon ze iedereen in het hart raken.”
Loretta Schrijver was een van de boegbeelden en pioniers van RTL. Ze werkte vanaf de allereerste uitzending in oktober 1989 voor de commerciële omroep; met onderbrekingen een periode 35 jaar. Naast nieuwslezer van RTL Nieuws (1989-2007) was Schrijver vooral bekend van Koffietijd (2010-2023), de ochtendtalkshow die ze presenteerde met haar vriendin Quinty Trustfull.
Schrijver was in december voor het laatst te zien in The Masked Singer, een RTL-show waarin ze als panellid bekende mensen in vermommingen moest herkennen. Naar eigen zeggen was ze erg slecht in het raden wie er in de pakken zat, maar brachten de uitzinnige creaties haar in sprookjesachtige sferen. Omdat ze al geruime tijd ziek was, nam ze een verpleegkundige mee naar de opnames. In de kleedkamer stond een bed waarop ze kon rusten. Dat bed was nog van Hennie Huisman geweest.
Loretta Schrijver werd in 1956 geboren in New York, kwam als kleuter naar Amsterdam en verhuisde sindsdien als kind nog verschillende keren, onder meer naar Venlo, Zandvoort en Hollywood. Haar moeder Aletta Visser was schoonheidsspecialist, haar vader Max Schrijver was een Joodse textielhandelaar die zijn oorlogsstrauma’s onderdrukte met humor. Hij overleed in 1989 en maakte het succes van zijn enige dochter niet meer mee. Als tiener werd ze verliefd op een vriend van haar vader, de twee keer zo oude Lou Vaz Diaz. Nadat ze het huis uit ging, hadden de twee een korte, geheime affaire. Twintig jaar later kwam ze Vaz Diaz opnieuw tegen. Dit keer bleef hij dertig jaar bij haar, tot het einde. Schrijver woonde tot ze ziek werd apart van haar geliefde, was bewust kinderloos en stapelgek op haar honden.
Schrijver samen met Jeroen Pauw. Foto RTL
Ze wilde wc-juffrouw worden, of actrice. Voor de schoolkrant interviewde ze acteurs als Piet Römer en Lex Goudsmit. Op school las ze graag toneelstukken van Miller en Shakespeare. Actrice Ank van der Moer was haar grote voorbeeld. Ze werd twee keer afgewezen voor de toneelschool. Toen ze een relatie kreeg met acteur Dick Nooij werkte ze wel een tijdje als rekwisiteur bij het Amsterdams Volkstoneel van diens moeder Beppie Nooij. Ook kreeg ze eind jaren zeventig een rolletje als sekswerker in de film Rooie Sien.
Ze ging vertaalkunde en geschiedenis studeren, werkte daarna op de ondertitelingsafdeling van de NOS, en vanaf 1982 als radiopresentator bij de Wereldomroep. Daar ontmoette ze Jeroen Pauw, met wie ze een relatie kreeg. Pauw reageerde woensdag op Instagram op haar overlijden: „Ach Loret [hartje] de kleine optimist, tijdens haar ziekte nog altijd blij met de goede dagen. We waren de jonkies van de Wereldomroep, verliefd op elkaar en het werk, variërend van nieuws tot Ponypark Slagharen.” Later trof hij haar opnieuw bij RTL Nieuws: „De relatie was over, maar de liefde gebleven.”
Duo-presentatie
In 1988 kwam Schrijver bij Veronica. Oud-collega Jan de Hoop zegt daarover in het AD: „We vonden het zo’n deftige dame. Een beetje bekakt zelfs. Maar al snel konden we ook letterlijk over de grond kruipen van het lachen.” Omroepveteraan Jaap van Meekren haalde haar over om zich aan te sluiten bij RTL Veronique, de eerste commerciële omroep van Nederland die toen nog in oprichting was. Hier kwam ze bij het RTL Nieuws terecht. Het nieuwe programma kreeg een duo-presentatie. Schrijver en Pauw, om het te onderscheiden van het concurrerende NOS Journaal en om het een Amerikaans gevoel te geven. Toen de duo-presentatie na enig oefenen vlotjes verliep, bleek deze vooral praktisch bij grote gebeurtenissen als de Eerste Golfoorlog.
Loretta Schrijver en Quinty Trustfull tijdens de laatste aflevering van het programma ‘Koffietijd’. Foto ANP / Robin van Lonkhuijsen
Afgezien van een uitstapje naar de AVRO bleef Schrijver tot 2007 het nieuws presenteren. Toen stapte ze over naar Omroep MAX waar ze een eigen talkshow kreeg, MAX en Loretta. Het combineren van eindredactie en presentatie viel haar echter zwaar, Schrijver kreeg een burn-out en vertrok weer. In 2010 keerde ze terug bij RTL om Koffietijd over te nemen.
In 2016 werd Schrijver geridderd, onder meer voor haar inzet voor het milieu en voor de stichting AAP, een Europese dierenwelzijnsorganisatie. Ze was ook ambassadeur voor het Wereld Natuur Fonds en World Animal Protection. In een reactie op haar dood noemde de directeur haar een van de grootste dierenvrienden van Nederland. „Ze schuwde het niet om zich uit te spreken tegen dierenleed. Of het nu ging om wilde dieren in gevangenschap, zwerfhonden of dieren in de vee-industrie: ze stond pal voor alle dieren en hun leed raakte haar diep.”
Eigenlijk vond Schrijver zichzelf totaal ongeschikt voor het televisieleven. „Ik ben best wel verlegen” zei Schrijver in november in De Telegraaf. Ze vertelde dat ze de laatste tijd het tv-werk niet meer zo leuk vond. Sinds het MeToo-schandaal bij The Voice, zo stelde zij, was Hilversum in een kramp geschoten en waren daardoor juist angstculturen ontstaan: „De laatste jaren heb ik op mijn tenen gelopen in een wereld die niet meer de mijne is.”
Wat is een betere plaats om te praten over het herstel van de dominantie van de strijdkrachten in Indonesië dan een vijfsterrenhotel in Jakarta, buiten het zicht van de media? Waarschijnlijk om die reden stuurde president Prabowo Subianto zijn afgezanten recent naar een bijeenkomst met leden van de Commissie-I van het Huis van Afgevaardigden (DPR) in een van de meest luxueuze hotels in de hoofdstad. Volgens Indonesia Corruption Watch (ICW) kostte deze vergadering maar liefst 1,2 miljard roepia (ca. 65.000 euro). Wat is tenslotte een betere manier om te praten over herzieningen van de Wet op het Indonesische leger (UU TNI), het wettelijke kader dat de rol en het gezag van de strijdkrachten regelt, dan vanuit de comfortabele bedden van zo’n hotel?
Het zorgvuldig geregisseerde plan van de volksvertegenwoordigers stuitte op een hobbeltje. Activisten van de ‘burgercoalitie’ (Koalisi Masyarakat Sipil) drongen de bijeenkomst binnen en eisten een einde aan de discussie die ze afwezen als ondoorzichtig en als directe poging om de dubbelfunctie van het leger (Dwifungsi TNI) te doen herleven – een restant van de Soeharto-dictatuur dat allang begraven had moeten zijn.
IJzeren vuist
Generaal Soeharto kwam midden jaren zestig aan de macht en regeerde als president dertig jaar met ijzeren vuist. De huidige president Prabowo was diens schoonzoon, is ook een generaal b.d. en hij is duidelijk bezig met een restauratie van het bewind van zijn ex-schoonvader. Internationaal mede mogelijk gemaakt door het opnieuw aantreden van president Donald Trump in de VS, die zoals bekend weinig op heeft met universele mensenrechten en een zwak heeft voor sterke leiders. Indonesië trad overigens in januari toe tot het economische machtsblok BRICS.
Kort na hun protest bij het hotel werden de activisten op beschuldiging van anarchie bij de politie aangegeven. Hun kantoren werden door de autoriteiten aangevallen en geterroriseerd. Wranger kan het niet: de verdedigers van de democratie worden als criminelen gebrandmerkt terwijl de slopers van de democratie worden beschermd door de staat.
Nu barsten er overal in het land protesten los en de repressie wordt steeds akeliger
En alsof dit nog niet genoeg was, gaf de voorzitter van de parlementaire commissie die het geheime overleg had georganiseerd geen antwoord op vragen. Deze Utut Adianto is lid van de Strijdende Democratische Partij van Indonesië (PDIP). Dat is de grootste oppositiepartij onder leiding van oud-president Megawati Soekarnoputri, dochter van de eerste president van Indonesië Soekarno.
Utut draaide om de zaken heen, dat er wel vaker in hotels wordt vergaderd. En hij stelde de activisten de wedervraag: „Waarom hebben jullie niet eerder geprotesteerd?” Dit niveau van stompzinnigheid is gebruikelijk bij politici die niet het volk, maar oligarchen dienen. Want bijna dertig jaar na de val van Soeharto heeft de democratie plaatsgemaakt voor een onderonsje tussen oligarchen die de macht uitoefenen in Indonesië.
Generaal wordt topambtenaar
Intussen gaat de herziening van de TNI-wet door – niet om de professionaliteit van het leger te vergroten, maar om de greep op de samenleving te versterken. Door deze herziening kunnen nog meer actieve officieren bij strategische ministeries, diensten en staatsbedrijven burgerposities bekleden, met als onzinnig excuus dat zij zo het welzijn van militairen verbeteren. In de ogen van deze regering is hun welzijn alleen te bereiken door incompetente ambtenaren van hen te maken.
Kijk maar eens: een landmachtmajoor is nu Kabinetssecretaris, alsof zijn deskundigheid in volmaakt gepoetste laarzen en ochtendexercities juist hem geschikt maakt om het nationale beleid te bepalen. Een generaal-majoor is opeens directeur van BULOG, de Indonesische staatsdienst die verantwoordelijk is voor de nationale voedsellogistiek en stabilisatie van de rijstprijs. Een andere generaal-majoor is benoemd tot inspecteur-generaal van het ministerie van Transport omdat kennis van marcheren in formatie veel wezenlijker is dan een diepgaande kennis van de wegeninfrastructuur. En dat gaat zo door. Een generaal wordt topambtenaar op het ministerie van Landbouw, een admiriaal gaat de organisatie leiden die de jaarlijkse hadj organiseert. Dan is er nog een generaal die toezicht gaat houden op de defensie-industrie en een admiraal die hetzelfde gaat doen bij de maritieme industrie.
Zet deze situatie af tegen dat wat Mohammad Hatta in 1948 deed, de man die in 1945 samen met Soekarno de vrije republiek Indonesië had uitgeroepen. Hatta moest ook het leger herstructureren, dat op dat moment in oorlog was met het Nederlandse leger dat tevergeefs probeerde de kolonie te heroveren. Hatta vergrootte niet de invloed van de nationale strijdkrachten op de samenleving. Hij verkleinde het leger juist. Hij zag dat veel hoge officieren eigenlijk geen troepen onder hun bevel hadden, maar toch door de overheid werden doorbetaald. Een van zijn eerste besluiten was het ontslag van negen admiraals zonder duidelijke taken en de degradatie van generaals die geen actieve opdrachten hadden.
En wat doet Prabowo nu? Precies het tegendeel. Hij heeft Hatta’s erfenis teruggedraaid door het leger niet te stroomlijnen, maar door de aanwezigheid ervan in het burgerleven op te blazen. Het gaat niet alleen meer om een leger met een ‘dubbelfunctie’, dus in het bestuur zoals onder Soeharto, maar om een multifunctionele dictatuur. Als dit zo doorgaat, duurt het niet lang meer of we zien militairen alles bestieren, tot in de slaapkamer van mensen aan toe.
Maar dat zal Prabowo natuurlijk een zorg zijn. Toen hij kritiek kreeg, wuifde hij die weg: „Laat de honden maar blaffen”. En een week geleden heeft het parlement de herziening van de TNI-wet officieel goedgekeurd.
Strijd gaat door
Nu barsten er overal in het land protesten los. En de repressie wordt steeds akeliger. Die voltrekt zich niet meer in de schaduw, maar wordt openlijk en met trots tentoongespreid. Ik heb met eigen ogen gezien dat studenten in Bandung door veiligheidstroepen grof werden afgetuigd. Er waren ook vrienden van mij bij – genadeloos geschopt, geslagen en mishandeld. Ook ingehuurde schurken zorgden ervoor dat niemand zich durfde te verzetten. Op de daken van omliggende gebouwen waren sluipschutters gestationeerd – dreigend, in afwachting.
Elders werden journalisten geterroriseerd die kritisch waren over de herziening van de TNI-wet. Verslaggevers van het gerenommeerde tijdschrift Tempo kregen een afgehakte varkenskop toegestuurd, een boodschap die even smerig als onmiskenbaar was. De volgende dag kregen ze een doos met dode ratten, rechtstreeks bezorgd bij het kantoor van de redactie.
Maar de strijd is nog niet afgelopen. Prabowo wordt dan misschien brutaler en schaamtelozer, maar zolang de democratie wordt gekaapt, moeten we blijven blaffen.
„Laten we feesten alsof het 1999 is.” Fred Durst (54) zegt het zo’n vijf keer, woensdagavond in de Amsterdamse Ziggo Dome, en geef hem eens ongelijk. Zesentwintig jaar geleden veranderde alles wat hij aanraakte in goud en deed de wereld wat hij wilde. Met zijn band Limp Bizkit vormde Durst het epicentrum van de (nu)metal en verkocht hij tientallen miljoenen platen. En als hij tegen de tierende kudde buffels voor het podium het bevel „GIMME SOMETHING TO BREAK!” brulde, bijvoorbeeld op het festival Woodstock, dan brak ook daadwerkelijk de pleuris uit.
Dus ja, waarom zou hij geen heimwee hebben naar zulke gloriedagen?
Hetzelfde geldt voor alle vaders (en in mindere mate: moeders) die toen – net als Durst nu nog steeds – een korte broek in maatje XXXL droegen omdat ze nu eenmaal schijt hadden aan alles en iedereen. Om die oude rebellie te herdenken, hebben ze nu hun zonen (en in mindere mate: dochters) meegenomen om samen op en neer te springen – het liefst met hetzelfde rode baseballpetje dat Durst vroeger steevast droeg achterstevoren op hun headbangende hoofden.
Dus ja, feesten alsof het 1999 is? Natúúrlijk willen ze dat!
Het maakt van ‘Loserville’, zoals de tournee van Limp Bizkit anno 2025 heet, een nostalgisch allemansfeest, een soort nu-metal-editie van Vrienden van Amstel of zo je wilt: Heel Holland Host (of Mosht). Daarin is iedere sprong of opgestoken vuist een uiting van een diep verlangen naar betere en onbezorgde tijden, toen er nog geen Derde Wereldoorlog of verwoestende klimaatapocalyps dreigde, en er eigenlijk maar één wereldprobleem leek te bestaan: teenage boredom.
Dus ja: „Let’s party like it’s 1999!”
En toch is het zeker géén ouwelullenreünie.
Lees ook
Vloeiende rap, keiharde metal, poep-en-plashumor en ongeleide woede: ineens is Limp Bizkit terug, maar waarom?
Wederopstanding
Dat lijkt het wél als je naar Durst kijkt. Hij is – net als de overige bandleden – een paar pondjes zwaarder, heeft een pluizige, grijswitte sinterklaasbaard, oogt vermoeid, sjokt loom over het podium en gaat soms zelfs zitten. Wanneer een op het podium gehesen fan mag meeschreeuwen in ‘Full Nelson’ doet hij dat eigenlijk … beter en met meer overtuiging.
Maar: wie naar de voorste rijen kijkt, ziet bijna niemand die in 1999 al was geboren. Als Durst vraagt voor wie dit de eerste Limp Bizkit-show is, vliegen tot zijn eigen verbazing zo’n beetje alle handen in de Ziggo Dome (waar de bovenste ring leeg bleef) de lucht in. „Allemaal maagden”, meesmuilt hij.
Die wonderbaarlijke wederopstanding is best begrijpelijk als je de doodeenvoudige effectiviteit van ‘Break Stuff’ hoort waarin gitarist en verkleedmuppet Wes Borland (dit keer vermomd als een uit de dood herrezen Romeinse centurion) met welgeteld één (of hooguit anderhalf) akkoord een onweerstaanbare groove weet te bouwen. Het is zowel de opener áls afsluiter van de set. „Omdat we van jullie houden”, verklaart Durst.
Maar in ‘9 Teen 90 Nine’ hoor je toch ook hoeveel lelijkheid Limp Bizkit de wereld heeft geschonken. Het nummer is niets meer dan een gemakzuchtige blauwdruk waarin Durst zijn eigen succesformule verklapt: coupletten vol nietszeggende en wanstaltige wigger-rijmpjes hebben enkel tot doel het beukrefrein aan te kondigen: „But who really cares where we’re heading? ‘Cause now you motherfuckers got a reason to jump.”
De Ziggo Dome vindt het allemaal prachtig en zet zich schrap om voor de zoveelste keer terug in de tijd te springen. Op naar 1999.
Sinds Josh Cavallo vier jaar geleden bekendmaakte dat hij homoseksueel is – als eerste actieve mannelijke profvoetballer sinds Justin Fashanu in 1990 – kreeg hij een stortvloed aan positieve reacties. „Moedig” noemde de Britse kroonprins William hem. „Inspirerend” reageerde oud-voetballer Robin van Persie. Trainer Jürgen Klopp kwalificeerde Cavallo als „sterke, slimme jongeman”. En ook presentatrice Ellen DeGeneres stuurde hem „veel liefde” na zijn onthulling.
Prachtig, al die reacties, zegt Cavallo (25) in een videogesprek vanuit Australië, waar hij voor Adelaide United speelt, een profclub uit de hoogste divisie. Maar mensen zien wel graag de mooie kant van een verhaal. In dit geval: het verhaal van een relatief onbekende voetballer die uitgroeide tot invloedrijk homo-icoon met één miljoen Instagram-volgers. „Ze zien niet dat er ook types zijn die mij het liefst van de aardbodem zien verdwijnen vanwege mijn geaardheid. Ze denken dat alles na zo’n statement ten goede verandert.”
Mede om die reden zocht Cavallo, die weinig interviews geeft, vorige week de publiciteit in een podcast van spelersvakbond Fifpro. „Voor openlijk homoseksuele spelers is en blijft de voetbalwereld een héél giftige plek”, zei hij. „Dat is niet iets wat iedereen zomaar aankan. We zijn nog zéér, zéér ver verwijderd van acceptatie en normalisatie op het gebied van homoseksualiteit in het voetbal.”
Hij zou andere profvoetballers niet per se aanmoedigen zijn voorbeeld te volgen, zei hij, al had hij geen spijt van zijn beslissing om zijn seksuele geaardheid via een post op Instagram met de wereld te delen, omdat hij het zat was zich anders voor te doen dan hij is.
Je uitspraken halen media wereldwijd, net als je coming out-video in 2021 deed. Had je dat verwacht?
„Ik wist dat het nog steeds een hot topic is, want ik word al drieënhalf jaar lang benaderd door mensen uit de hele wereld. In de supermarkt of op straat door jongens en meisjes die lang met hun geaardheid hebben geworsteld en me bedanken voor mijn openheid. Door ouders van homoseksuele kinderen. Door medewerkers van bedrijven waar ik workshops geef over inclusie. Maar ook door profvoetballers – of andere profsporters – die me een bericht sturen omdat ze zich herkennen in mijn verhaal.”
Een groot blijk van vertrouwen, zeker voor profvoetballers.
„Absoluut.”
Zitten er spelers tussen wier coming-out een grote maatschappelijke impact zou kunnen hebben?
„Het is uiteraard niet aan mij om namen te noemen, maar ja, dat denk ik wel. Ik heb contact met een paar spelers in de Engelse Premier League. We schrijven of bellen. Sommigen zullen hun geaardheid waarschijnlijk altijd verborgen houden, anderen hebben meer tijd nodig. Het is een heel persoonlijke zoektocht.”
We zijn nog zéér, zéér ver verwijderd van acceptatie en normalisatie op het gebied van homoseksualiteit in het voetbal
Waar zijn ze het meest bang voor?
„Voor de giftige berichten op sociale media over andere bekende homo’s. Dan stellen ze zich voor dat ze zélf het mikpunt van haat worden. Voetbal is de grootste sport, fans zitten in alle uithoeken van de wereld. Ik probeer heel realistisch te blijven in onze gesprekken. Het is fijn om jezelf te kunnen zijn, zeg ik, maar je krijgt ook met een donkere kant te maken.”
Klopt het dat de FIFA nooit contact met je heeft gezocht na die wereldwijde aandacht?
„Dat klopt.”
Wat vind je daarvan?
„Ik vind dat ingewikkeld. Ook omdat de FIFA eindtoernooien in landen organiseert waar homoseksuelen niet voor hun geaardheid uit kunnen komen. De bondscoach heeft mij niet opgeroepen voor het WK van 2022 in Qatar, maar ik zou ook niet zijn gegaan als dat was gebeurd. Ik zet mijn veiligheid niet op het spel om mijn land te vertegenwoordigen. Terwijl ik niets liever zou willen dan spelen voor mijn land.”
Je was ook kritisch op het feit dat sommige landen de OneLove-aanvoerdersband tijdens het WK in Qatar niet wilden dragen, omdat dragers een gele kaart riskeerden.
„Omdat het veel impact heeft als tv-kijkers bekende heteroseksuele spelers die band zien dragen. Dat betekent namelijk dat iederéén zichzelf mag zijn. Vergelijk het met islamitische spelers die tijdens de Ramadan naar de kant mogen om water te drinken. Daar houden we toch ook rekening mee? Waarom willen captains dan geen solidariteit tonen met de LHBTI-gemeenschap door zo’n band te dragen? Want meer is het niet hè? Het is niet alsof je met het dragen van die band bekent homo te zijn.”
Ook Nederland zag af van het dragen van de band. Wat vind je daarvan?
„Ik vind het heel treurig dat zo’n progressief land als Nederland dat besluit. Dat doet mij, en miljoenen anderen, pijn.”
Cavallo groeide op in een traditioneel Italiaans-Maltees gezin in Adelaide. Het was niet makkelijk, zegt hij, toen hij er in zijn puberteit achter kwam dat hij op jongens viel. Al helemaal niet omdat hij vanaf zijn elfde op voetbal zat. Homoseksuele rolmodellen in het voetbal, zoals hij, bestonden niet. Hij kon zich alleen spiegelen aan lesbische speelsters als Sam Kerr en Jess Fishlock. „Sterke, inspirerende vrouwen die voor hun geaardheid uitkwamen en daar trots op waren. Dat heeft me erg geholpen.”
Cavallo vroeg zich af waarom dat bij de mannen niet mogelijk was. Ergens wilde hij zich wel uitspreken, maar vreesde voor de reacties van trainers, ploeggenoten en voetbalfans. Zeker nadat hij op zijn zestiende zijn eerste profcontract had getekend – bij Melbourne City – en zijn naam in positieve zin begon rond te zingen. Er zat maar één ding op: hij moest zich conformeren. Of, plat gezegd: liegen.
Waar loog je zoal over?
„Ik deed alsof ik een vriendin had met wie ik leuke dingen deed. En daar vertelde ik mijn teamgenoten over – áls ik hen buiten de trainingen en wedstrijden om zag, want ik liet steeds vaker verstek gaan bij etentjes en teamuitjes. Sommige ploeggenoten toonden zich na mijn coming-out teleurgesteld over al die leugens [hij lichtte hen kort voor het delen van zijn veelbesproken video in]. Dat geldt ook voor mijn familie en vrienden, die was opgevallen dat mijn verhalen niet klopten, dat ik mezelf tegensprak. Ik heb ze uitgelegd dat ik bang was, verstrikt raakte in mijn leugens en in een isolement terechtkwam.”
Cavallo, hier gefotografeerd in 2021, speelt als middenvelder voor de Australische profclub Adelaide United. Foto Daniel Pockett / Getty
Weet je nog wanneer je dacht: dit kan zo niet langer?
„Dat was in 2020, nadat ik de prijs voor beste jeugdvoetballer van Adelaide had gewonnen. Terwijl ik die prijs in handen kreeg gedrukt, en al mijn ploeggenoten, coaches en vrienden in de zaal zag zitten, dacht ik: jullie hebben géén idee wie ik ben. Dat maakte me heel verdrietig, en ik ben naar huis gegaan en heb mezelf in slaap gehuild. Kort daarna besloot ik om mijn coaches in het nieuwe seizoen in vertrouwen te nemen.”
Die reageerden heel begripvol. Sterker: vorig jaar gaven ze je toestemming om je vriend op de middenstip ten huwelijk te vragen. Wat heeft dat jou geleerd?
„Dat ik mezelf niet zo lang had hoeven te verschuilen. Dat is een van de dingen waar ik het meeste spijt van heb. Sinds mijn coming-out is er een last van mijn schouders gevallen. Alsof de mist in mijn hoofd is opgetrokken.”
De wereld is er sinds je coming-out niet veiliger op geworden. Zelfs in de VS worden trans personen, een groep waar jij je ook zorgen over maakt, buitengesloten vanwege hun seksuele geaardheid.
Hij zucht. „Dat is waar. Ik merk het ook aan de hoeveelheid haatberichten. Sinds Trump president is krijg ik daar veel meer van. Al heb ik ook veel Amerikaanse fans, die me opbeuren als ik het moeilijk heb.”
Volgend jaar wordt het WK in de VS gehouden. Zou je erheen gaan als je wordt opgeroepen?
„Oeh, dat vind ik een hele moeilijke vraag.”
Een gewetensvraag?
Hij lacht. „Dat is wel de beste omschrijving. Daar zou ik lang op moeten kauwen.”
In de podcast zei je ook dat je veel doodsbedreigingen krijgt. Van wie komen die en doe je daar ook aangifte van?
„Mensen bedreigen me via sociale media. Soms anoniem, soms met hun naam en foto erbij. Ik heb meerdere keren aangifte gedaan en Instagram heeft me geholpen om bepaalde berichten te verwijderen, waar ik heel blij mee was.”
Tijdens een wedstrijd tegen Melbourne Victory, in 2022, werd Cavallo het mikpunt van spreekkoren. If you want to stay alive, go home’, zou er volgens een Australische krant zijn geroepen. „Ik ga niet doen alsof ik het homofobe misbruik bij de wedstrijd gisteravond niet heb gezien of gehoord”, schreef Cavallo op Instagram. „Er zijn geen woorden om te beschrijven hoe teleurgesteld ik was. Het bewijst dat we als maatschappij in 2022 nog steeds met deze problemen te maken hebben.”
Ik spiegelde me aan voetbalsters als Sam Kerr en Jess Fishlock, die hun seksuele geaardheid niet verbergen en er trots op zijn
Tijdens het gesprek blijkt het een gevoelig onderwerp, waar Cavallo zich zichtbaar onprettig bij voelt. Meerdere keren zegt hij dat de hatelijkheden hem pijn doen, online en op het veld. Hij wordt „onpasselijk” van de persoonlijke aanvallen. Maar hij wil óók „een stem geven aan mensen die monddood worden gemaakt”.
Die nu eens positieve, dan weer negatieve consequenties van zijn coming-out vallen hem „emotioneel zwaar”, geeft hij toe. „Maar goed, ik ben ook maar een mens, 25 pas, ik moet nog veel leren.”
In deze polariserende tijden moet je heel sterk in je schoenen staan om te doen wat jij hebt gedaan.
Hij knikt. „Vooral mijn ouders, die een uur vliegen bij mij vandaan wonen, hebben het er zwaar mee. Ze maken zich zorgen en willen precies weten wat er allemaal gebeurt in mijn leven, wat mensen over mij zeggen. Ook dáár moet je rekening mee houden als je als profvoetballer uit de kast komt. Het heeft niet alleen consequenties voor jezelf, maar ook voor de mensen die je lief hebt.” Hij is even stil. „Maar hé, ik wil niet negatief overkomen. Er gebeurt ook veel moois!”
Zoals je aanzoek op de middenstip.
„Ja, ik ben heel gelukkig met mijn vriend. Toen ik hem ontmoette, tweeënhalf jaar voor mijn aanzoek, wist hij niks van voetbal. Hij wist niet wie ik was. Hij viel op mijn persoon en mijn looks.”
Vlak na je coming out-out sprak je de hoop uit dat snel meer homoseksuele profvoetballers je voorbeeld zouden volgen. Binnen een jaar of drie zou het geen gespreksonderwerp meer zijn.
„Dat was een wat optimistische inschatting. We gaan momenteel achteruit in plaats van vooruit. Het liefst zou ik zeggen dat het over vijf of tien jaar de gewoonste zaak van de wereld is, een openlijk homoseksuele profvoetballer, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat er nog heel veel werk te verzetten is.”
Als hij nou maar de tijd kreeg om zijn Red Bull-auto beter onder de knie te krijgen, verzuchtte Liam Lawson. De Nieuw-Zeelander had zich afgelopen zaterdag net als twintigste en laatste gekwalificeerd voor de Grand Prix van China, en stond na afloop tv-ploegen te woord. „Helaas”, ging hij verder, „heb ik die tijd niet echt.”
Het bleken vooruitziende woorden. Donderdag maakte Red Bull Racing bekend dat het met onmiddellijke ingang afscheid neemt van de 23-jarige Lawson. Hij wordt teruggezet naar Red Bulls kleinere Formule 1-team Racing Bulls, van waaruit de Japanner Yuki Tsunoda (24) naar het hoofdteam gaat. Vanaf de eerstvolgende Grand Prix is Tsunoda de teamgenoot van Max Verstappen.
Lawsons periode als directe collega van Verstappen duurde welgeteld twee races. Zijn prestaties waren niet best, maar het is vooral Red Bull dat er slecht opstaat. Na de ongekend snelle wissel rijst een beeld van een kampioensteam dat de weg kwijt is – zowel in het ontwerp van zijn auto als in de manier waarop het met zijn coureurs omgaat.
De demotie van Lawson komt niet als een verrassing. In de twintigjarige geschiedenis van het Red Bull-team deed niemand het zo slecht als hij. Achttiende in de kwalificatie in Australië; gecrasht in de race. Laatste in de kwalificaties voor de sprint en de Grand Prix in China; kleurloze optredens in beide races. Verstappen scoorde intussen genoeg punten voor de tweede plek in het kampioenschap. En bij Racing Bulls is Tsunoda ook in topvorm.
Geen partij voor Verstappen
Niet alleen Lawson had het moeilijk als nummer twee achter Verstappen. Het probleem met Red Bulls tweede rijders sluimert al veel langer, eigenlijk sinds in 2018 de Australiër Daniel Ricciardo (destijds een van de beste rijders in het veld) het team verliet. Ricciardo was goed gewaagd aan Verstappen, maar daarna kwam niemand meer bij de Nederlander in de buurt. Jonge talenten als Pierre Gasly en Alexander Albon werden in 2019 en 2020 aan flarden gereden door Verstappen en konden al snel weer vertrekken. Sergio Pérez hield het met al zijn ervaring langer vol – vier seizoenen – maar ook hij knakte uiteindelijk.
Al deze coureurs liepen tegen hetzelfde probleem op: hoe moeilijk de Red Bull-auto’s te besturen zijn voor vrijwel elke rijder die geen Max Verstappen heet.
Kort samengevat: de grip is bij de Red Bulls zodanig geconcentreerd op de voorbanden, dat de auto’s extreem scherp reageren op elke stuurbeweging. Albon vergeleek het eens met de maximale gevoeligheidsinstelling van de muiscursor op de computer: één minimale beweging, en het pijltje staat direct aan de andere kant van het scherm. Zo voelt het volgens hem ook als je aan het stuur van de Red Bull draait. De auto’s zijn bewust zo ontworpen. Hoe sneller de auto instuurt, hoe sneller de coureur weer op het gas kan voor het volgende rechte stuk.
Het lastige is alleen dat al die grip op de voorbanden ten koste gaat van grip op de achterbanden. Als de rijder dus íets te veel stuurt, gaan de achterwielen glijden, met tijdverlies als gevolg. Verstappen voelt dankzij zijn fenomenale wagenbeheersing precies aan hoe ver hij kan gaan, andere rijders missen die finesse. Met als gevolg dat de ene na de andere coureur die elders prima heeft gepresteerd, in de Red Bull mislukt.
Sinds ongeveer een jaar is daar nog een ander probleem bij gekomen. De RB20, de Red Bull-bolide van vorig jaar, was een onvoorspelbare auto. In bochten konden de achterbanden ineens wegglijden, terwijl even verderop juist de voorbanden weer geen grip hadden. Zelfs Verstappen kon die tekortkomingen niet volledig compenseren; zijn enorme winstreeks uit 2023 kwam ten einde. Ondanks vele upgrades van de RB20, en verbeteringen aan het ontwerp van de huidige RB21, is het probleem nog altijd niet opgelost.
„Het window van de auto is zo klein, dat ik het maar blijf missen”, zei Lawson in China. Waarmee hij bedoelde: je kunt met de RB21 alleen snel rijden als elke stuurbeweging, elke beroering van het rempedaal en elke bochtenlijn exact juist is. Verstappen is in staat met zulke precisie te rijden, hij niet.
Elf Grands Prix
De vraag rijst waarom Red Bull Lawson überhaupt in de Red Bull heeft gezet. Een coureur die vóór dit seizoen nog maar elf Grands Prix had gereden, in een heel moeilijke, gebrekkige auto, met één van de beste coureurs als teamgenoot. Terwijl Red Bull nota bene Carlos Sainz, een ervaren viervoudig racewinnaar die vorig jaar lang op de markt was, heeft laten lopen.
En ook Tsunoda kreeg eind vorig jaar het nakijken toen Red Bull een opvolger zocht voor Pérez. Tsunoda had zich in zijn vier jaar bij het B-team weliswaar goed ontwikkeld, hij was volgens de teamleiding ook te wispelturig en kon zijn woede te vaak niet beheersen als er iets niet goed ging in een race. Toen hij en Lawson vorig jaar een paar races teamgenoten waren, deden ze qua prestaties amper voor elkaar onder. Voor Red Bull reden om in Lawson degene met meer potentie te zien.
Nu wil Red Bull Lawson „beschermen”, zoals teambaas Christian Horner het uitdrukt, en mag de Japanner Tsunoda er vanaf volgende week – zijn thuisrace op Suzuka nog wel – voor zorgen dat hij niet het volgende Red Bull-slachtoffer wordt. Lawson kan zich intussen troosten met de gedachte dat Gasly en Albon zich na hun mislukking herpakten, en inmiddels bij andere teams floreren.
Uiteindelijk is het vooral Red Bull Racing zelf dat zichzelf een ongemakkelijke vraag moet stellen. Namelijk: waar zou het staan als Max Verstappen niet in de eerste auto zat?
Het kan altijd nog gekker. Betaaldienst Klarna, ook in Nederland bekend van de buy now, pay later-knop in webwinkels, kondigde deze week een nieuw samenwerkingsverband aan. Klanten in de VS die via bezorgservice DoorDash eten bestellen, kunnen hun pizza, sushi of hamburgers achteraf en zelfs gespreid (in vier termijnen) betalen. Amerika staat bekend als land waar de bevolking (en de overheid) voor het minste of geringste een krediet neemt. Blijkbaar was de hamburger op afbetaling nog een gat in de markt. Je bezorgmaaltijd gespreid betalen kan (nog) niet in Nederland (alleen via een omweg), maar het nu kopen en later betalen is ook hier aan een opmars bezig. En dat is zorgelijk.
Webwinkels als Bol, IKEA, MediaMarkt en Zalando bieden naast traditionele betaalwijzen als iDeal, creditcards of Paypal ook standaard buy now pay later aan als betaaloptie. Winkeliers die gebruikmaken van de dienst betalen een fee aan bedrijven als Klarna of Riverty (voorheen AfterPay), klanten betalen niets extra’s, behalve als zij in gebreke blijven. Dan lopen de kosten hard op. En Klarna wil niet alleen online, maar ook in de winkelstraat een deel van de betalingen gaan overnemen. De politiek is daar tegen, maar Klarna houdt voet bij stuk.
Gespreid of achteraf betalen (op krediet) kan in voorkomende gevallen handig zijn, maar het is ook gevaarlijk. Het is voor veel mensen in toenemende mate ingewikkeld geworden om zicht te houden op de eigen financiën. Maandelijkse abonnementen op van alles en nog wat, betalen via de telefoon, of andere digitale middelen vertroebelen het zicht op het besteedbare inkomen. Nu al neemt het aantal mensen met schulden fors toe (volgens het CBS zijn er nu 726.210 huishoudens met problematische schulden en dat aantal stijgt).
Geld in chartale vorm (biljetten, munten) is nauwelijks nog zichtbaar in de maatschappij. De tijd dat gezinnen een keer per week naar de bank moesten om het huishoudgeld op te nemen is gelukkig ook voorbij, maar het had onmiskenbaar voordelen. Zicht op het einde van het budget, op het einde van de maand, op de eigen financiële situatie kortom. Inmiddels ziet bijna de helft van de jongeren een aankoop met contant geld tegenwoordig als gratis, omdat hun banksaldo gelijk blijft.
Daar komt bij dat de bank-app op de telefoon de strijd aan moet gaan met allerhande andere apps waar de ene na de andere verleiding wordt voorgeschoteld. Weerstand bieden aan de verlokkingen van het consumentisme is moeilijk, zeker voor jongeren. Zij zouden wat dat betreft beter beschermd moeten worden tegen het al te gemakkelijk aangaan van leningen. Maar beter controleren is meer symptoombestrijding dan een echte oplossing.
Hoe dan wel? Simpel: de financiële geletterdheid van consumenten moet omhoog. Deze week is het De Week van het Geld, een jaarlijks initiatief van platform Wijzer in Geldzaken. Scholen kunnen met speciale lespakketten aandacht besteden aan verantwoord financieel leven. Trap niet in de vage verhalen van finfluencers, pas je bestedingspatroon aan aan je inkomsten. Basale kwesties, maar helaas noodzakelijk om te benadrukken. Een derde van de jongeren geeft aan zich onvoldoende voorbereid te voelen om later hun eigen geldzaken te regelen. Maar ook ouders hebben hier een rol te spelen: leer kinderen al van jongs af aan de tering naar de nering te zetten. Laat ze een kasboekje bijhouden waarin het zakgeld en de uitgaven staan. En help ze het ongebreidelde consumentisme dat via de smartphones op ze afkomt te beteugelen. Financieel verantwoordelijk leven is te leren, en je hebt er een leven lang plezier van.
De vraag is bijna niet te beantwoorden: wat is het effect van de economische sancties die westerse landen Rusland hebben opgelegd nadat dit land Oekraïne is binnengevallen?
Russische autoriteiten houden data over hun economie achter, wat het lastig maakt een compleet beeld te krijgen. De Amerikaans-Britse journalist Stephanie Baker schreef er onlangs een boek over: Punishing Putin.
Volgens haar probeert de Russische president „de sancties weg te wuiven” en zegt hij „dat ze eromheen weten te werken”. Maar bekijk het eens zo, zegt Baker: „Een van Poetins centrale eisen voor een vredesakkoord is opheffing van de sancties. Als die níét zouden werken, zou het Kremlin ze ook niet steeds als voorwaarde noemen.”
Lees ook
Oekraïners voelen zich verraden nu Trump de Russen beloont met sanctieverlichting voor een gevechtspauze
Baker schat dat de economische strafmaatregelen Rusland voor enkele honderden miljarden euro’s schade hebben toegebracht. En de oligarchen, rijke Russische ondernemers die hun kapitaal vooral verwierven bij de privatisering van Russische staatsbedrijven in de jaren negentig, kregen te maken met bevriezing van en beslag op tientallen miljarden aan banktegoeden, jachten en villa’s. „Zij willen hun geld terug. Dat legt ook druk op Poetin om tot een vredesakkoord te komen.”
Stephanie Baker werkt voor financieel persbureau Bloomberg. Op het Europese hoofdkantoor van Bloomberg in hartje Londen, met uitzicht op St. Paul’s Cathedral, spreekt ze met journalisten over de jongste ontwikkelingen rond die sancties.
Een vraag die nu speelt, is wat de Verenigde Staten, de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk gaan doen met de 300 miljard dollar (zo’n 275 miljard euro) aan bevroren Russische staatsgelden. De G7, de groep van zeven grote geïndustrialiseerde westerse landen, besloot vorig jaar al de verwachte rente over die tegoeden, 50 miljard euro, aan Oekraïne te lenen. En er ontstaat, vooral in Europa, steeds meer momentum om ook de in beslag genomen tegoeden zelf aan Oekraïne beschikbaar te stellen.
Kún je die tegoeden wel in beslag nemen, volgens het internationaal recht?
Baker: „Veel juristen geloven dat zo’n stap legaal zou zijn, al kunnen beperkingen gelden voor de doelen waarvoor Oekraïne het geld gebruikt. Dat geld in wapens steken zou vragen oproepen, maar je kunt het zeker voor de wederopbouw van infrastructuur, gezondheidszorg of oorlogsveteranen gebruiken. Juridisch zou dit kunnen vallen onder tegenmaatregelen treffen – al is die route niet vaak gebruikt. Maar de argumenten hiervoor zijn sterk, gezien de verpletterende schade die Rusland Oekraïne heeft toegebracht.”
Zou het een riskant precedent scheppen voor de internationale financiële markten?
„Vooral België is daar bezorgd over, omdat daar het meeste geld staat geparkeerd, zo’n 200 miljard euro. Het Belgische bedrijf Euroclear beheert een groot deel van de internationale financiële geldstromen en heeft ook de Russische tegoeden onder zich. Daardoor is de Belgische premier bang dat zijn land een rechtszaak tegen zich aangespannen krijgt.
Als de sancties níét werken, waarom zou Poetin ze steeds als voorwaarde noemen voor een vredesakkoord?
„Ook Christine Lagarde van de Europese Centrale Bank is kritisch. De euro zou er minder aantrekkelijk door worden als valuta om je reserves in aan te houden. Maar de druk op de Europese staatsbegrotingen is zó groot dat regeringen het gebruik van die Russische tegoeden steeds meer als logische stap zien. Waarom zouden Europese belastingbetalers voor hulp aan Oekraïne moeten opdraaien als er zo’n grote pot Russisch geld beschikbaar is? Rusland zou toch ook herstelbetalingen aan Oekraïne moeten doen, en dat gebeurt niet.”
President Trump suggereerde dat de VS en Rusland afspraken zouden moeten maken over nauwere economische samenwerking. Beweegt hij dan niet precies de andere kant op?
„Ik had de magere hoop dat Trump bereid zou zijn geweest de sancties rond Russische olie aan te scherpen. Dat hij misschien zelfs afspraken met Mohammed bin Salman van Saoedi-Arabië zou maken, waardoor de Saoediërs de Russische olie wereldwijd deels kunnen vervangen. Dat is het type deal dat je Trump wel had kunnen zien sluiten, en zoiets zou de druk op president Poetin in onderhandelingen enorm vergroten. Hardere sancties rondom olie kunnen nog steeds effectief zijn, omdat Rusland zijn olie-inkomsten echt nodig heeft om de oorlog te betalen. Maar westerse landen zijn daar voorzichtig mee geweest, omdat ze niet wilden dat de olieprijs zou stijgen. President Joe Biden nam in zijn laatste dagen in het Witte Huis eindelijk flinke maatregelen, gericht tegen twee grote Russische oliebedrijven. Maar het probleem is nu dat iedereen beseft dat de regering-Trump die sancties niet krachtig zal handhaven.”
Een passant loopt voorbij een leegstaande winkel in Moskou. Foto Yuri Kochetkov, EPAinwMoskoviet loopt leegstaande
Heeft de EU nog íéts van een onderhandelingspositie voor een eventueel vredesakkoord, door te dreigen met inbeslagname van die Russische tegoeden?
„Rusland heeft die reserves al min of meer afgeschreven. Ik denk niet dat het Kremlin nog verwacht dat ze dat geld terugkrijgen. De oligarchen gaan dat wel proberen. Die hebben scherpe ellebogen en willen hun miljarden terug. En ze zullen hun geld voortaan ergens anders onderbrengen, in China of een ander land dat niet meedoet aan de westerse sancties.”
Hoe zit het met de rol van het Verenigd Koninkrijk? De Britse hoofdstad was altijd een populaire bestemming voor Russische oligarchen. De bijnaam was ‘Londongrad’.
„Het VK is van nul naar honderd gegaan wat sancties tegen Rusland betreft. Het meeste geld van oligarchen hier is bevroren. Over die respons bestond politieke consensus. Als gevolg is Londongrad nu vervangen door Moskou aan de Golf: er was een alternatief nodig voor al dat Russische vermogen en die rol heeft Dubai gepakt. De meeste Russische oliehandelaren zijn daar nu een bedrijf begonnen. Dubai heeft zich als het Zwitserland van het Midden-Oosten gepositioneerd: neutraal in de economische oorlogsvoering en open voor zaken.”
Geweldloos verzet valt moeilijk te overschatten. „Eerst negeren ze je. Dan lachen ze je uit. Dan bestrijden ze je. Dan win je.” Deze uitspraak, vaak onterecht toegewezen aan Mahatma Gandhi, zegt veel over de kracht ervan. Protesteren voor beginners, het nieuwe boek van schrijver Lodewijk van Oord, gebruikt deze woorden als inspiratiebron. Van Oord heeft geen gebruiksaanwijzing voor demonstranten of protestpamflet geschreven, daarvan zijn er al genoeg. Wel bevraagt hij de relatie tussen ongehoorzame burgers en de heersende macht. Deze relatie ligt gevoelig, en binnen Nederland lopen de meningen enorm uiteen over kwesties als vreedzame wegblokkades en het protestbeleid van de politie. Maar, schrijft van Oord, bakkeleien over de vorm van protesten of over de ‘werkelijke intenties’ van demonstranten leidt vooral de aandacht af van de inhoud van het protest. In een woud van belangen en meningen probeert hij vooral te onderzoeken hoe het allemaal werkt. Hoe beelden gevormd worden over of acties wel of niet gerechtvaardigd zijn, en hoe geweld zomaar uit de hand kan lopen.
Gandhi en Mandela
Twee sleutelfiguren in het verhaal zijn Mahatma Gandhi en Nelson Mandela. Gandhi, altijd strikt tegen het gebruiken van geweld, drukt volgens Van Oord nog steeds zijn stempel op „vrijwel alle protestbewegingen van de twintigste en eenentwintigste eeuw”. Hij inspireerde wereldwijd talloze verzetsacties en zijn werk vormt nog steeds de grondslag van het hedendaagse denken over geweldloos protest. Nelson Mandela, ook geïnspireerd door Gandhi, besloot uiteindelijk wèl over te gaan tot gewapend verzet. Nadat tijdens een anti-apartheidsprotest in Sharpeville negenenzestig vreedzame demonstranten door de Zuid-Afrikaanse politie werden doodgeschoten, werd hij mede-oprichter van uMkhonto weSizwe: de gewapende tak van bevrijdingsorganisatie ANC.
Als geweldloosheid steeds met geweld wordt beantwoord, wat doe je dan? Welke manieren zijn er dan nog om verandering teweeg te brengen? Van Oord presenteert geweldloos protest als iets wat nagestreefd moet worden, in lijn met Gandhi, maar zoekt ook de grenzen op door te kijken hoeveel geweld er door leger en politie gebruikt kan worden voordat de vreedzaamste demonstrant het genoeg vindt en er zelf ook op slaat.
Vanaf het begin is het duidelijk dat Protesteren voor beginners vooral ook over Gaza gaat. De Grote Mars van de Terugkeer wordt aangehaald als voorbeeld van een protest dat met grof geweld vanuit de heersende instanties werd beantwoord. Dit Palestijnse protest vond plaats in 2018 en 2019, bij de grens tussen Israël en Gaza, om een beroep te doen op het recht op terugkeer van Palestijnse vluchtelingen. Het Israëlische leger reageerde met traangas en scherpschutters, waardoor meer dan 200 demonstranten om het leven kwamen. Van Oord laat zien dat protesten meer dan eens uit de hand lopen vanwege disproportioneel leger- en politiegeweld.
Geweld in Gaza
De studentenprotesten tegen het geweld in Gaza, in het voorjaar van 2024, vormden de aanleiding voor dit boek. In Amsterdam en andere universiteitssteden wereldwijd werden deze protesten met harde hand door de politie neergeslagen. Van Oord gaat diep in op hoe deze reacties gerechtvaardigd werden, vooral door universiteiten zelf. De beeldvorming rond de demonstranten blijkt hierbij een belangrijke troef te zijn. Hoe je het ook wendt of keert, politiegeweld is een stuk eenvoudiger te rechtvaardigen als het gericht is tegen „tuig, antisemieten of ‘externe oproerkraaiers’”, in plaats van tegen idealistische studenten. De strijd om de beeldvorming rond de pro-Palestinaprotesten werd minstens even hard gevoerd als het protest zelf. Dit had niet alleen gevolgen voor politiegeweld: een artikel in NRC kaart bijvoorbeeld aan dat rijke donateurs hun steun aan Harvard dreigden in te trekken, als reactie op de protesten. Sinds de verkiezing van Donald Trump als president is de situatie rond het recht op protest en academische vrijheid in de VS alleen maar grimmiger geworden. En als reactie op de nieuw ingevoerde censuur gericht tegen ‘linkse’ begrippen als gender en discriminatie aan Amerikaanse universiteiten, hebben Nederlandse universiteiten nu ook aangeboden om bedreigde onderzoekers met onderzoek en al naar Nederland te halen. Het helpen van mensen die blootgesteld worden aan politieke onderdrukking kan wat dat betreft ook gedaan worden zonder protestbord in de hand.
Dit zijn goede voorbeelden om Van Oords eerdere punt kracht bij te zetten: wat er uiteindelijk toe doet is dat het gesprek over de redenen voor een protest op gang komt. Het recht op vreedzaam verzet moet altijd een recht blijven, ongeacht de politieke windrichting van het moment. Van Oord verwoordt het treffend: „Geweldloos protest verdient onze steun, als alternatief voor het onrecht waarmee wij leven.”
Lees ook
Gaza: 60 doden en 2.700 gewonden voor een heel klein beetje lucht
Vier dagen voor de première van HAMLET in de Amstelveense Schouwburg. Ik ben opvallend rustig; gelaten. Vannacht tot 3.00 uur gewerkt aan de hand-out die we bij de voorstelling uitdelen en een ontwerp van een digitale handtekening. Ik hou van de stilte van de nacht waarin de dag ervoor geen einde kent. In de ochtend werk ik aan de lijst genodigden voor de première en verwerk ik de aanvragen voor vrijplaatsen van de acteurs.
Ja, zo’n karig gesubsidieerd zaakje als Studio Antigone doet alles zelf. Julien Croiset (Hamlet), zijn vrouw Noor en Yannick Bronkhorst (Horatio) proberen samen met mij de ballen in de lucht te houden. Dat valt niet altijd mee, maar we blijven knokken voor ons ideaal: boeiend theater maken en het produceren van toneelstukken uit het wereldrepertoire. De stukkeuze laten we bepalen door de verbinding die een stuk kan maken met de huidige tijd én de aanwezigheid van aantrekkelijke thema’s voor jongeren.
Mijn plan om voor de première nog één dag te repeteren mislukte. Op een paar acteurs na hadden de meesten al andere plannen. De moed zakte in mijn schoenen. Ik heb het niet laten merken; een regisseur moet sterk zijn. Uiteindelijk perste ik er drie deelrepetities uit. Pover.
Woensdag 19 maartWe voelen ons niet oud
Best wel een beetje brak. In de middag kwam een fotograaf opnamen maken van de repetitie van Shakespeare’s ‘Ga in een klooster!’-scène met Lidewij Mahler (Ophelia) en Julien. Helaas richtte ze heel vaak de lens op mij. ‘Opdracht’, riep ze. Ik voelde me ongemakkelijk. Achteraf sprak de fotograaf haar verbazing uit over de steeds andere emotie die je onder een en dezelfde tekst kan leggen. Voor die verbazing wilde ik wel poseren.
Thuisgekomen vroeg Hans Croiset, mijn diamanten echtvriend, bezorgd: „Hoe ging het?” Hij en ik zitten in een wonderlijke levensfase. We zijn tachtigers. Niet oud toch? Vinden anderen wel. „Wilt u niet gaan zitten?” Elke keer voel ik een steek. Ik voel me 30, ik weiger. Ze duwen me een ander gevoel in. Althans, dat proberen ze.
<figure aria-labelledby="figcaption-1" class="figure" data-captionposition="icon" data-description="Agaath Witteman en zoon Julien Croiset (Hamlet). ” data-figure-id=”1″ data-variant=”grid”><img alt data-description="Agaath Witteman en zoon Julien Croiset (Hamlet). ” data-open-in-lightbox=”true” data-src=”http://nltoday.news/wp-content/uploads/2025/03/cultuurdagboek-regisseur-agaath-witteman-zestig-jaar-onrustig-wakker-worden-na-vele-premieres-heeft-diepe-sporen-getrokken-1.jpg” data-src-medium=”https://s3.eu-west-1.amazonaws.com/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/03/26115956/data129900234-7ae167.jpg” decoding=”async” src=”http://nltoday.news/wp-content/uploads/2025/03/cultuurdagboek-regisseur-agaath-witteman-zestig-jaar-onrustig-wakker-worden-na-vele-premieres-heeft-diepe-sporen-getrokken-11.jpg” srcset=”http://nltoday.news/wp-content/uploads/2025/03/cultuurdagboek-regisseur-agaath-witteman-zestig-jaar-onrustig-wakker-worden-na-vele-premieres-heeft-diepe-sporen-getrokken-9.jpg 160w, http://nltoday.news/wp-content/uploads/2025/03/cultuurdagboek-regisseur-agaath-witteman-zestig-jaar-onrustig-wakker-worden-na-vele-premieres-heeft-diepe-sporen-getrokken-10.jpg 320w, http://nltoday.news/wp-content/uploads/2025/03/cultuurdagboek-regisseur-agaath-witteman-zestig-jaar-onrustig-wakker-worden-na-vele-premieres-heeft-diepe-sporen-getrokken-11.jpg 640w, http://nltoday.news/wp-content/uploads/2025/03/cultuurdagboek-regisseur-agaath-witteman-zestig-jaar-onrustig-wakker-worden-na-vele-premieres-heeft-diepe-sporen-getrokken-12.jpg 1280w, https://images.nrc.nl/nT11upEKjs86D-th-WSJMv3D7Nc=/1920x/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2025/03/26115956/data129900234-7ae167.jpg 1920w”>
Foto’s Saskia van den Boom
Donderdag 20 maartRommelige generale
Vandaag spannende dag: generale in Amstelveen! Na driemaal in het uitverkochte Paradijs boven in de Koninklijke Schouwburg – grondoppervlak zes bij zeven en zonder microfoons en decor (Slot Elseneur) – staan we weer op een groot toneel waar het decor wél kan staan. Als dat maar goed gaat.
Met Scott Reniers (Claudius) had ik vooraf een gesprek over het weglaten van een serie Engelse ‘Trumpzinnen’ uit zijn rol. Ik vond het inmiddels te stuitend om tiran Trump een podium te geven. Scott vond het jammer. „Probeer het vanavond uit, morgen is het première”, suste ik.
Na afloop wisten we dat we een doorloop hadden moeten hebben. De voorstelling was slordig, rommelig, acteurs stonden niet in het licht, er werd slecht gearticuleerd en het Slot met zijn vele gangetjes werd genegeerd. Herbert Janse (decorontwerper) was daar niet blij mee en ik moest Scott Claudius meedelen dat de ‘Trumpvarianten’ exit moesten.
Gelukkig zorgden trouwe familieleden na afloop voor ontspanning: Hans was enthousiast, zag veel mogelijkheden en was trots op zijn zoon Julien. Kleinzoon Chaim was er met Maaike en zijn vader, onze oudste zoon Alexander. Wat wil je nog meer dan omringd worden door onvoorwaardelijke liefde?
Vrijdag 21 maartOnbeholpen buigen
Het wonder geschiedt. De première is scherp, verstaanbaar, helder, heeft ook humor. In de eerste helft een goede afwisseling van tragisch, dramatisch en lichtvoetig en licht en geluid in evenwicht met het geheel. Er wordt goed gezongen, ook als koor; een triomf voor Henri Overduin, onze maestro. Hamlet (Julien) weet – bij gebrek aan medestanders in het hof – subliem de zaal voor zich te winnen. De tijd vliegt met af en toe een grinnik. Mooi applaus. Buigen met veel bloemen. Ik vind buigen afschuwelijk en doe het onbeholpen.
Na afloop veel mensen, maar vooral: dochter Esther, vriendin Loes, nichtje Gabriella en Bestuur: Cita, Tjade en Kirsten. Iedereen vindt het mooi. Omdat Hans in Meppel een try-out heeft van zijn voorstelling Requiem voor de onwerkelijkheid, brengt onze chauffeur Reinier Schat met zijn vrouw mij naar huis.
Foto’s Saskia van den Boom
Zaterdag 22 maartDe onrust na een première
The day after. Meteen een kritiek op Theaterkrant.nl. Kester Freriks is er snel bij. Na een première wordt hier ten huize niet prettig ontwaakt. Zestig jaar onrustig wakker worden na vele premières – met wisselend succes – heeft diepe sporen getrokken. Op onze HamletCastApp wordt uitgelaten gereageerd: „Wat een mooie recensie.” Felicitaties gaan over en weer, vooral tussen acteurs die genoemd worden. Ik reageer voorzichtig. Het is een recensie met vragen en aantekeningen door een kritische geest opgetekend. Daar hou ik wel van, je leert ervan of je kan het ermee oneens zijn.
Een ding vind ik merkwaardig: de tekst over de leeftijd van Hamlet. „Hierdoor is er een ingreep gedaan die van deze HAMLET niet echt een generatieconflict maakt.” Nee, moet dat dan? „Zo werd het stuk decennia lang wèl gespeeld”, gaat Freriks verder. Huh? Lees het stuk, zou ik zeggen. HAMLET gaat helemaal niet over een generatieconflict. En geheel in de tijdgeest hebben we bij de casting niet gelet op leeftijd of gender. Claudius bijvoorbeeld is 22. Hier doet de tekst haar werk. De tekst geleidt de interpretatie, niet het paspoort. Bovendien, bij genie Shakespeare roept de tekst het beeld op – dat hoef je dus niet meer te tonen.
Hans speelt de laatst jaren veel oude, stervende mannen en ik kan er goed naar kijken
Echtgenoot heeft ’s avonds première in de Duif, een kerk op de Prinsengracht: Requiem voor de onwerkelijkheid. Tekst: Toon Telligen, muziek: Corrie van Binsbergen, productie: Silbersee. Hans speelt de strijdende mens die probeert de dood in eigen hand te houden. Een mooie, ontroerende voorstelling.
Hans speelt de laatst jaren veel oude, stervende mannen en ik kan er goed naar kijken. Sterven is voor ons bekend terrein, dus stellen we het maar uit. Op naar de 100 – dan kijken we verder.
Zondag 23 maartGeen drive
Wat een fijne vrije dag had moeten worden, werd een lege dag. Had me verheugd op Buitenhof, maar viel halverwege in slaap. Had nog veel uitgestelde taken naar deze dag geschoven, maar geen drive om ze aan te pakken.
Maandag 24 maartWillen recensenten ons straffen?
Vroeg opgestaan om op tijd de allernieuwste versie van de hand-out te maken, zodat-ie gedrukt is voor Terneuzen; met andere foto’s en mogelijke reacties op de kritieken. Nou ja, op die ene kritiek. Yannick heeft ze tot tweemaal toe uitgenodigd, de recensenten. Misschien willen ze ons straffen voor de hubris dat ons arme kluppie de grote Shakespeare op de planken denkt te kunnen brengen.
„Het Parool is voor Requiem ook mooi”, roept mijn echtgenoot, zwaaiend met de krant. „Operagezelschap Silbersee prikkelt je zintuigen en maakt je domweg gelukkig”, leest hij voor. Vanochtend was hij ook al door Theaterkrant.nl de lucht in gestoken. Ik was blij voor hem. We zijn nooit jaloers op elkaar, altijd trots, alsof we elkaars vader en moeder zijn.
Dinsdag 25 maart Blije gezichten
Morgen naar Terneuzen met HAMLET. Ik ga altijd mee om de voorstelling bij te houden en hand-en-spandiensten te verlenen. Het is leuk om de blije gezichten te zien. Komen jullie helemaal naar ons toe?
Jenny: „In 2020 is mijn man Jean-Marc overleden. Samen woonden we bijna vijfentwintig jaar in België, hij was een Fransman. Na zijn overlijden ben ik teruggegaan naar Nederland, ik had nog een appartement in Leiden. Het was een zware tijd, want zes maanden na Jean-Marc overleed ook mijn beste vriend Hans, mijn ex. En in 2019 waren mijn beide ouders gestorven. Ik heb mijn werk als coach en trainer voor managementteams en leidinggevenden toen een poosje stilgelegd.
„Na een half jaar ben ik weer aan de slag gegaan. Geen week is hetzelfde. Soms werk ik in één week bij vier verschillende klanten, soms heb ik één coachingsgesprek. Het aantal werkuren per week varieert dus enorm. Ik werk daarnaast met andere zelfstandigen aan grotere klussen, bijvoorbeeld voor ministeries en rechtbanken. Ik heb ook klanten in België, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk en moet goed plannen om het reizen enigszins binnen de perken te houden.
„Tweeënhalf jaar na de dood van Jean-Marc voelde ik dat ik toe was aan een nieuwe relatie. Ik wilde weer bij iemand horen. Als kind wilde ik altijd boer worden, terwijl mijn ouders alleen maar een balkonnetje hadden. Mijn vader had een volière en ik een cavia. Maar ik was gek op de natuur. Toen heb ik op Google gezocht: ‘Vrouw zoekt Boer’. Via de datingsite Farmdate kwam ik in contact met boer Jos uit de Achterhoek. Twee weken lang hebben we elke dag uren met elkaar gebeld, toen ben ik bij hem gaan logeren. Het klikte, hoe verschillend we ook zijn. Al op de eerste dag zat ik op de trekker. Ik help nu met hooien, stro halen, de koeien verplaatsen, ik voer de kippen en de kalfjes. Het eerste wat ik doe als ik bij Jos kom, is al mijn ringen afdoen en mijn koeiekleren aan.
„Hij is een heel lieve man, die me de ruimte geeft. Samen wild spotten doen we graag. Ik vind het zo’n bijzonder leven, dat boeren. Je werkt keihard, doet alles om de grond optimaal voor te bereiden, je kiest het beste gewas en dan is het afwachten wat de natuur in petto heeft. Mee bewegen met de seizoenen en het weer. Volledige overgave dus. Dat vind ik zó mooi! Ja, ik ben heel happy daar.”
Glitterjurk
„Op het erf van Jos wordt elk jaar een wagen gebouwd voor het bloemencorso in Lichtenvoorde. Ik ben lid geworden van deze wagenbouwvereniging en van de sponsorcommissie. Ik kom er heel verschillende mensen tegen, ik hou van die diversiteit. Jos’ achterbuurvrouw, die ook weduwe is, is een goede vriendin van me geworden, dat is heel fijn.
„Ik integreer, maar blijf ook mezelf in de Achterhoek. Zo drink ik in het weekend een aperitiefje rond het middaguur, dat deden mijn ouders ook. Ik hou van verfijning en luxe, én van het boerenleven. Ik zit er niet mee wat men ervan vindt als ik in een glitterjurk over het erf loop of in mijn koeiekleren boodschappen ga doen. Ik ben wie ik ben, wie moet ik anders zijn?
„Natuurlijk zijn er flinke verschillen tussen Jos en mij, maar hij hoeft niet al mijn behoeften in te vullen. Als ik naar een museum wil, ga ik met een vriendin. Af en toe komt hij een weekend naar Leiden, dat vindt hij heel leuk. Dan gaan we naar de markt en uit eten.
„In mijn hoofd woon ik al in de Achterhoek, al breng ik meer tijd door in Leiden. Ik wil dat appartement altijd aanhouden. Het is mijn pied-à-terre, mijn familie en vrienden wonen daar in de buurt. Ik kan financieel best stoppen met werken, maar dat wil ik nog lang niet. Ik vind mijn werk veel te leuk. Maar als ik ooit met pensioen ga, ga ik wel grotendeels in de Achterhoek wonen.”
Ooievaarsnest
„In mijn vrije tijd werk ik graag in de tuin van Jos. Voor mijn verjaardag heb ik een ooievaarsnest gekregen! Het lijkt me geweldig om die elegante vogels een veilige broedplaats te geven bij ons op het erf. Ik ben dol op vogels. Ik geef veel geld uit aan vogelvoer. Ik koop pindanetjes niet per drie stuks, maar meteen een doos van honderd tegelijk. Ik heb een ‘vogelboom’ gemaakt op het erf en mag aan het hoofd van de tafel zitten, zodat ik daar uitzicht op heb.
„Ook koop ik elke week bloemen op de markt. Daarna naar de viskraam, de groenteboer en de poelier. Mijn passie is koken en bakken, dat heb ik geleerd van Jean-Marc en Hans. Ik geef dus graag geld uit aan lekker eten, uit of thuis, dat maakt me niet uit. Allemaal pure luxe natuurlijk, ik realiseer me heel goed dat heel veel mensen zich dat niet kunnen veroorloven.
„Mijn vakanties breng ik door zonder Jos, hij geeft daar niet om. Een weekendje samen weg is genoeg voor hem. Ik ga elk jaar naar Kreta om een vriendin te bezoeken. En elk jaar rond de sterfdag van Jean-Marc ga ik met zijn dochter een week weg.
„Ik heb geen flauw idee hoe de toekomst eruitziet. Ik hoop dat ik nog heel lang mag leven zoals ik nu leef. Want ik ben dankbaar voor wat ik heb. En als ik iets niet meer leuk vind, heb ik de vrijheid om dat te veranderen.”