De week van cabaretier Nathalie Baartman: ‘De was wacht en volgende week ga ik in première’

Dinsdag 25 maart Huishoudelijke hulpen

Op dit moment neem ik m’n teksten door in een hoogst ongebruikelijke kleedkamer. Het is een gemeenschappelijke woonruimte van flatbewoners. Er staat een biljarttafel. Onderin het gebouw bevindt zich een bierproeflokaal, waar ik dadelijk ga spelen voor tientallen Haagse huishoudelijke hulpen van Buurtdienst. Buurtdienst is de huishoudelijke tak van Buurtzorg. Een wijkzorgorganisatie naar mijn hart, omdat ze werkt zonder zinloze managementlagen. Niets vermakelijker dan spelen voor huishoudelijke hulpen. Het gros is vrouw. En dat giechelt als een tierelier.

Terwijl ik mijn krullen drapeer, komt een oudere man binnen met een natte paraplu. Deze schudt hij vlak voor mijn gezicht uit. Ik veeg de druppels weg. De man spreekt Engels en vertelt dat hij Turks is. „I am a human right watcher.” Ergens valt de naam Erdogan. Niet eerder had ik een ‘human right watcher’ in mijn kleedkamer. Ik pak m’n accordeon en speel een klein liedje voor hem. Hij glimlacht. In deze tijd kan er niet genoeg gezongen worden voor human right watchers.

Woensdag 26 maartGevarenzone

„Kom je nog een drankje doen in de publieksfoyer?”, vraagt directeur Jos Kraan van theater Geert Teis in Stadskanaal. De publieksfoyer is voor mij een gevarenzone. Ik blijf plakken. Desalniettemin: ‘een glas witte wijn en tussen de mensen zijn’ is het beste afzakkertje. Anders blijf ik eenzaam na stuiteren. Ook is zo’n publieksfoyer een vat vol vondsten. Laatst zei een toeschouwer naderhand tegen me: „Ik kon jouw dialect heel goed verstaan. Mijn hond komt ook uit de Achterhoek.”

Stadskanaal geeft me tragikomische inzichten. Een vrouw vertelt, naar aanleiding van mijn betoog tegen de onstuitbare opkomst der scrollende mens: „Je hebt gelijk, Nathalie. Schermpjes zijn een ramp. Ik ben basisschooljuf en hoorde van een logopediste dat ze steeds meer peuters in de praktijk heeft met openhangende mondjes. Peuters die zó vaak achter een scherm met filmpjes worden gezet, dat hun gezichtsuitdrukking is blijven steken in standje ‘apathische verbazing’. Die kinderen hebben problemen met hun slik-reflex en kaakspieren. Tsss. Ik huiver van deze opmars van jonge onnozelen.

Je kan me wakker maken om mijn ongezouten mening te mogen geven over de BBB.

„Maar deze onnozelaar moet echt naar huis”, meld ik. Het oppasmeisje is een stok achter de deur. De terugreis is de hemel. Rust op de donkere snelweg, terwijl ik mijn gedachten laaf aan een podcast. Meestal eentje over de Nederlandse politiek, zodat ik alvast in de stemming kan komen voor het schrijven van mijn wekelijkse column. Je kan me wakker maken om mijn ongezouten mening te mogen geven over de BBB. Mijn vriend baalt daar soms van. Die vindt romantiek leuk. En van praten over stikstof heeft nog nooit iemand goesting gekregen.

Nathalie Baartman voor haar optreden in Voorburg
Foto Bart Maat

Donderdag 27 maart Column voor Tubantia

Column voor Tubantia schrijven, hernieuwd slotlied repeteren, met mijn regie-adviseuse Jessica Borst het script aanscherpen, fotoshoot en daarna met herziene teksten de planken op in Hoftheater Raalte.

Het repeteren met Jessica is een waar genot. Cabaret is zo solo. Dit zijn de schaarse momenten waarop ik niet alleen ploeter. We nemen de verhalen en grappen door die behoefte hebben aan een snufje meer peper en zout. Ook wordt er een flinke darling gekilled. Na de gezamenlijke poke bowl (en spareribs voor mijn gewaardeerde technicus Ramon, want die houdt niet van vegetarische fratsen), sprint ik de kleedkamer in om mijn kapsel te vervolmaken voor de fotosessie.

Vijf minuten voor aanvang van de voorstelling sta ik enigszins bescheten in de coulissen. Soms is dat zo. Dan voel ik me meer iemand in de kassarij met een half brood onder de arm dan een vakvrouw die een volle zaal bij de kladden moet grijpen. Het spotlicht gaat aan. Ik zal toch uit die coulissen moeten verschijnen. Het publiek blijkt gul en geeft me vleugels. Mijn ouders zijn er. De ogen van mijn vader zijn de beste graadmeter. Als ik naderhand zijn tranen van vreugde zie, weet ik dat het goed was.

Nathalie Baartman in Theater Ludens.

Foto’s Bart Maat

Vrijdag 28 maart Dagelijkse kloffie

Theater Ludens in Voorburg vandaag. De NRC-fotograaf komt. Aangezien hij de gang van de zaken gaat vastleggen, besluit ik mijn dagelijkse kloffie aan te houden en omwille van de authenticiteit niks aan mijn uiterlijke verschijning te doen. Dat had ik beter wel kunnen doen.

Zaterdag 29 maart Moedermonologen

„Mama, moet je vandaag wéér weg? Dat vind ik heel stom.” Mama vindt het ook stom. Mama heeft behoefte aan huiselijkheid. Mama is moe. Notabene doe ik vanavond mee aan de Moedermonologen in Deurne. Al kan daar, qua levensvreugde, nauwelijks iets tegenop. Samenwerken met Jennifer Evenhuis en Renate Reijnders is een feestje. Voor het spel van vier monologen draag ik straks de blije verantwoordelijkheid. De eerste heet Waterpas en is geschreven door Claudia de Breij, maar ook op mijn lijf. Het gaat over de makke van onhandigheid, terwijl je afstamt van een bloedlijn van louter vrouwen die gezegend zijn met een enorm praktisch vernuft. Prutsen is mijn lifestyle.

Na het diner zie ik dat ik vijf gemiste oproepen van mijn dochter (12) heb. Ze is deze dag (hoogst uitzonderlijk) een paar uur alleen, voordat de oppas komt. Haar berichtjes luiden: ‘Mama, pak nou op’ en ‘Heb mezelf buitengesloten’.

„Mijn dochter kan het huis niet meer in”, roep ik uit. Complete paniek. Iedereen schrikt mee. „Neeeee!” Ik bel haar terug. Het schatje heeft een huilerige stem. „Ga naar de buren”, troost ik haar. Even is het stil. Dan zegt ze: „Grapje!”

Zondag 30 maartWarme croissantjes

Zondag = warme croissantjes van de bakker. Mijn dochter wil me helemaal en onvoorwaardelijk. Daar heeft ze recht op. Al kruip ik ongemerkt wel achter mijn nieuwe keyboardje voor de blues over huishoudelijke chaos. Ze zit tegenover me en maakt een poes van lego. Soms zingt ze een aantal regels mee. Haar doel is om mij vandaag hoelahoepen te leren, zegt ze. Mijn behoefte ligt daar minder. De was wacht en volgende week ga ik in première. Elke minuut wil ik gebruiken voor de laatste perfectionering. O ja, en sommige verse boerenkoolstronken van het Twentse groenten-abonnement beginnen geel uit te slaan. Koken is nu een verademing. Samen stamppot eten aan een door mijn oma geborduurd tafellaken is dat ook.

Maandag 31 maart Hoelahoepen

De zon schijnt. De was droogt. In hoelahoepen maak ik grote sprongen. Met opgewonden gemoed zie ik uit naar de première.