OM begint onderzoek naar huisartsenketen Co-Med wegens verdenking valsheid in geschrifte

Het Openbaar Ministerie heeft een strafrechtelijk onderzoek geopend naar Co-Med, de commerciële keten van huisartsenpraktijken die vorig jaar ten onder ging. Volgens justitie is „de verdenking gerezen” dat valsheid in geschrifte is gepleegd bij de keten. Die verdenking bestaat ten aanzien van de declaraties die bij zorgverzekeraars werden ingediend.

Een woordvoerder van het OM bevestigt dat „vrij recent” een strafrechtelijk onderzoek is geopend en benadrukt dat het onderzoek zich in de beginfase bevindt. Het onderzoek zal zich ook richten op de toenmalige directie van de huisartsenzorgketen.

Uit onderzoek van NRC bleek dat op het hoofdkantoor van Co-Med op grote schaal declaraties bij zorgverzekeraars opnieuw werden ingediend. In het najaar van 2022 was een medewerker in Maastricht er getuige van dat zij met collega’s binnen enkele weken meer dan een meter aan uitgeprinte declaraties opnieuw indienden. Daarmee werd volgens interne schattingen 1,5 miljoen euro verdiend.


Lees ook

Einde Co-Med zorgelijk voor artsen én patiënten: ‘Niemand neemt me aan, want niemand heeft plek’

CoMed patienten John  en Grietje Hof zijn aangewezen op de ‘spoedzorg’ die is opgetuigd in het Medisch Spectrum Twente.

Meldingen

Uit een reconstructie van NRC bleek dat zeker drie jaar lang serieus onderbouwde meldingen bij toezichthouders, inspecties, opsporingsinstanties en zorgverzekeraars binnenkwamen over de praktijken van Co-Med. De waarschuwingen waren afkomstig van patiënten, huisartsen, medisch specialisten en werknemers van Co-Med uit alle lagen van de organisatie, onder wie eigen dokters en assistenten. Harde ingrepen bleven uit.

Zorgverzekeraar CZ liet NRC vorig jaar weten dat de verzekeraars in 2023 een fraudeonderzoek zijn begonnen. Het was verzekeraars opgevallen dat grote hoeveelheden declaraties opnieuw waren ingediend door de huisartsenketen. Dat onderzoek is min of meer vastgelopen, laat CZ weten. De verzekeraar heeft om extra informatie verzocht, bij de curator en toezichthouder, de Nederlandse Zorgautoriteit.

Dit bericht wordt aangevuld.