Andrew en Tristan Tate hebben Roemenië donderdagochtend verlaten. Dat heeft de Roemeense openbaar aanklager bekendgemaakt. De broers zijn per privévliegtuig onderweg naar de Verenigde Staten, schrijven internationale persbureaus.
De gebroeders Tate, die zowel de Britse als Amerikaanse nationaliteit hebben en in Roemenië woonden, zijn omstreden. De onder jonge mannen zeer populaire influencers worden er in Roemenië verdacht van mensenhandel, ontucht en witwaspraktijken. Ook in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten lopen strafzaken tegen de broers.
Ze werden in 2022 opgepakt en kregen in afwachting van hun proces huisarrest. In januari verliep dat en konden Andrew en Tristan Tate binnen het land vrij bewegen. Omdat hun paspoorten waren afgepakt konden ze niet naar het buitenland.
De berichten over de broers komen op een saillant moment. Volgens Roemeense media zou hun volgende verhoor eind maart in de hoofdstad Boekarest plaatsvinden. Eerder deze maand schreef Financial Times dat de Verenigde Staten druk heeft gezet op de Roemeense autoriteiten om de broers hun paspoorten terug te geven, waardoor zij weer zouden kunnen reizen.
Lees ook
Mijn puberzoon is fan van de vrouwenhatende influencer Andrew Tate: wat nu?
Van Ton naar Tom: het had zomaar de slogan kunnen zijn waarmee Jumbo de leiderschapswissel aankondigde. Donderdag maakte het supermarktbedrijf bekend dat retailveteraan Tom Heidman tijdelijk aantreedt als opvolger van vertrekkend topman Ton van Veen. De komst van Heidman moet rust brengen in de zoektocht naar een definitieve opvolger.
De mededeling volgt op de verrassende aankondiging over Van Veens vertrek, enkele weken terug. Pas twee jaar was hij hoogste baas bij Jumbo en de eerste die niet uit eigenaarsfamilie Van Eerd kwam. Eigenlijk zou hij langer blijven, maar Van Veen noemde het onlangs „een logisch moment” om de positie over te dragen.
Het is algemeen bekend dat de topman onder moeilijke omstandigheden opereerde na het gedwongen aftreden van voormalig topman Frits van Eerd. Die is verdachte in een omvangrijk witwasonderzoek en daarover komen nog steeds nieuwe details naar buiten. Ook is de familie Van Eerd nog altijd nauw betrokken, wat belangrijke besluitvorming soms moeilijk maakt.
Lees ook
De plotseling vertrekkende Ton van Veen moest bij Jumbo opereren in een complex krachtenveld
Jumbo had niet direct een nieuwe bestuursvoorzitter klaarstaan, vandaar dat er is gekozen voor een tijdelijke vervanger. Met Heidman, die door president-commissaris Collette Cloosterman-Van Eerd geprezen wordt vanwege „persoonlijkheid, kwaliteiten en ruime ervaring”, koopt het bedrijf tijd om met een definitieve opvolger te komen die de goedkeuring kan wegdragen van de familie.
Lees ook
Als Ton van Veen het niet wil, doet de familie Van Eerd het niet
C1000 en Ahold
Heidman en Jumbo zijn geen volledige onbekenden van elkaar. Hij was topman van concurrent C1000 toen het Veghelse bedrijf die in 2012 overnam. Daarin speelde Van Veen, als het financiële brein achter de groei van Jumbo vorig decennium, een belangrijke rol. Ook werkte Heidman jarenlang voor Albert Heijn, onder meer als commercieel en operationeel directeur.
In 2015 was Heidman commissaris bij vleesbedrijf Vion toen dat in financiële problemen kwam. Hij werd toen tijdelijk tot bestuursvoorzitter gepromoveerd. De afgelopen jaren deed de nu 66-jarige Heidman het wat rustiger aan met commissariaten bij sausfabrikant Remia en kruidenverkoper Euroma. Heidman: „Na vele jaren actief te zijn geweest in directieposities nam ik het besluit om mij te focussen op diverse commissarisrollen en mijn passie voor het ontwikkelen van voedingsproducten.” Voor een interimklus bij Jumbo maakt hij echter „graag ruimte”.
De tijdelijke topman wacht een flinke uitdaging: Jumbo heeft nog steeds last van de rechtszaak tegen Van Eerd, die nog in volle gang is. Hij wordt naast witwassen verdacht van valsheid in geschrifte en corruptie. Bij een inval in Van Eerds huis in 2022 vond opsporingsdienst FIOD onder meer 198.000 euro in cash, en op zijn werkkamer bij Jumbo nog eens 250.000 euro. De inhoudelijke behandeling van die zaak begint in juni.
Lees ook
Hoe kwam Jumbo-topman Frits van Eerd terecht in de wereld van louche autohandelaar Theo Eggens?
Hoewel de supermarkt gevrijwaard werd van betrokkenheid, leverde de zaak veel negatieve publiciteit op. Het kwam de resultaten niet ten goede. Had het bedrijf in 2021 nog een marktaandeel van 21,6 procent, in 2024 resteerde nog 20,5 procent. Eerder werd vol de aanval ingezet op de leidende positie van Albert Heijn. De winst lag afgelopen jaar met 28 miljoen euro wel iets beter dan in 2023, maar kwam nog altijd niet in de buurt van topjaar 2020 (137 miljoen euro).
Daarom werd de afgelopen tijd flink in de kosten gesneden. Op het hoofdkantoor verdwenen vorig jaar 350 banen. Door zich aan te sluiten bij inkooporganisaties Everest en Epic Partners kon het bedrijf gunstiger inkoopvoorwaarden bedingen en zich op prijsgebied weer meer afzetten tegen Albert Heijn. Restaurantketen La Place werd daarnaast verzelfstandigd.
Commisarissen vertrekken
Voor de definitieve opvolging van Van Veen wordt onder meer de naam van Saskia Egas Reparaz genoemd. Zij is nu nog directeur van Hema, dat deels in handen is van de familie Van Eerd. De raad van commissarissen zal daarover komende maanden een besluit moeten nemen. Twee leden gaan dat niet meer meemaken: Wilco Jiskoot (74 jaar) en Antony Burgmans (78) gaan na zestien jaar niet meer op voor een nieuwe termijn. Met name voor die laatste kan het wel eens zijn laatste grote baan in het Nederlandse bedrijfsleven zijn geweest na onder meer het topmanschap bij Unilever en het tijdelijk voorzitterschap bij AkzoNobel. Wie hun vervangers worden, zal Jumbo op een later moment bekendmaken.
Leg de wapens neer en vecht voortaan voor jullie rechten met vreedzame middelen! Zo luidt de oproep deze donderdag van Abdullah Öcalan, de leider van de Koerdische PKK die al ruim een kwart eeuw gevangen zit op een eilandje bij Istanbul wegens landverraad en separatisme. Met die oproep zou een einde kunnen komen aan de gewapende opstand van de Turkse Koerden, die in 1984 begon en aan ruim 40.000 mensen het leven heeft gekost.
Zelf mocht de 75-jarige Öcalan, die sinds zijn proces in 1999 nooit meer in het openbaar is verschenen, het nieuws niet aan zijn Koerdische achterban vertellen. Dat gebeurde via een delegatie van de pro-Koerdische DEM-partij, die hem eerder op de dag had mogen bezoeken. De Turkse autoriteiten waren kennelijk beducht voor onrust, als Koerden en Turken dit rechtstreeks uit de mond van Öcalan hadden kunnen vernemen. Waar Öcalan voor veel Koerden nog altijd een held is, wordt hij door nationalistische Turken intens gehaat.
„Ik doe een oproep tot het neerleggen van de wapens en ik neem de historische verantwoordelijkheid op me voor deze oproep”, aldus Öcalan in een brief die hij meegaf aan de DEM-delegatie. De PKK-leider spoorde zijn partijgenoten aan spoedig een congres te organiseren, waarbij de PKK zichzelf wat hem betreft zou moeten opheffen.
Een hoge functionaris van de AKP, de partij van de Turkse president Erdogan, zei dat de regering er van uitgaat dat de PKK-strijders gehoor zullen geven aan de oproep van hun gevangen leider.
Aarzelende strijders
Of dat inderdaad gebeurt, is onzeker. Hoewel Öcalan nog altijd veel aanzien geniet binnen de PKK, zullen veel strijders die gecommitteerd zijn aan de Koerdische zaak, aarzelen alleen op grond van zo’n brief die aan derden werd meegegeven de strijd op te geven. „Ze hebben overtuigingen en zijn bereid daarvoor offers te brengen”, verklaarde Murat Karayilan, de militaire leider van de PKK, begin februari in een gesprek met de Koerdische zender Sterk TV. Ze zouden de zaak eerst met Öcalan zelf en andere partijleiders willen bespreken.
Het is ook niet voor het eerst dat Öcalan de PKK’ers oproept om de gewapende strijd te staken. Dat deed hij in 2015 ook al eens, nadat hij in 2012 had ingestemd met een wapenstilstand. De PKK beloofde toen zijn strijders terug te trekken uit Turkije in de bergen van het overwegend Koerdische Noord-Irak. Nieuw geweld over en weer leidde echter in de loop van 2015 tot een hervatting van de strijd.
De delegatie van de pro-Koerdische DEM-partij die het nieuws van Öcalan naar buiten bracht. Foto Umit Bektas/Reuters
De Koerdische Arbeiderspartij (PKK) is eind jaren zeventig ontstaan toen een groep jonge Koerden, onder wie Öcalan, zich aaneensloot om zich – na tientallen jaren van discriminatie en achterstelling – actief te verzetten tegen de Turken. In 1984 voerden zij hun eerste gewapende acties uit. Ze streefden aanvankelijk een eigen staat en later autonomie voor de Koerden na, die ongeveer een kwart van de Turkse bevolking uitmaken.
Vooral in de jaren tachtig en negentig was de PKK zeer actief in het overwegend Koerdische zuidoosten van Turkije, terwijl het Turkse leger met veel geweld terugsloeg. Ook pleegden PKK-strijders regelmatig terroristische aanslagen in Turkse steden. Mede hierdoor plaatsten ook veel Europese staten de PKK op hun lijst van terroristische organisaties. Hoewel de strijd in 2015 na een wapenstilstand van een paar jaar toch weer oplaaide, is het de laatste jaren rustiger in het zuidoosten van Turkije. Veel PKK-strijders zitten in Noord-Irak, waar de Iraakse Koerden eveneens een grote mate van autonomie kennen, of in Syríë.
Afgezette burgemeesters
Al sinds afgelopen herfst zijn er weer contacten tussen de Turkse regering en Öcalan, veelal via de DEM-partij, over een akkoord. In ruil voor het opgeven van de gewapende strijd door de PKK zou de Turkse regering een aantal afgezette Koerdische burgemeesters in hun functie kunnen herstellen en politieke gevangenen zoals DEM-leider Selahattin Demirtas kunnen vrijlaten. Daarnaast zouden de Koerden meer culturele rechten kunnen krijgen, onder meer onderwijs in hun eigen taal. Öcalan, die levenslang kreeg, zou zelf strafvermindering tegemoet kunnen zien.
Sinds vorige herfst is de onderhandelingspositie van de Koerden echter aanzienlijk verzwakt. Dit heeft vooral te maken met de val van het bewind van president Assad in Syrië. Onder diens regime zag de SDF, een samenwerkingsverband van Koerdische en enkele Arabischemilities dat op zijn beurt nauw samenwerkt met de PKK, de laatste jaren kans een grote mate van autonomie te verwerven in het noordoosten van Syrië. Daarbij kregen ze steun van de Verenigde Staten, die in de Syrische Koerden een nuttig bolwerk tegen Islamitische Staat zagen. Dit alles tot irritatie van president Erdogan en de Turkse regering.
De nieuwe Syrische leider, Ahmed al-Sharaa, daarentegen onderhoudt zeer vriendschappelijke betrekkingen met Turkije en lijkt zelfs militair nauw te willen samenwerken. Tegenover de Koerden stelt hij zich harder op. Hij wil dat de SDF, de voornaamste Koerdische militie in Syrië, zijn wapens neerlegt en nodigde de Koerden deze week bij voorbeeld niet uit voor de ‘nationale dialoog’ over de toekomst van Syrië, die in Damascus met enige honderden mensen uit allerlei bevolkingslagen werd gehouden.
Bovendien vrezen de Syrische en Turkse Koerden dat de nieuwe Amerikaanse president Trump hen niet langer zal steunen. In deze omstandigheden, vermoeden analisten, ziet Erdogan zijn kans schoon om af te rekenen met het gewapende verzet van de Koerden, niet alleen in eigen land, maar ook in Syrië. Vorige week nog werden er 282 verdachten gearresteerd op verdenking van banden met de PKK.
Lees ook
Val van Assad versnelt onderhandelingen tussen PKK en Ankara
The Washington Post doet niet kinderachtig over de golf van kritiek die de krant – opnieuw – over zich heeft afgeroepen. Onder een nieuwsbericht over een belangrijke koerswijziging die eigenaar Jeff Bezos woensdag aankondigde, staat op de site nog een extra stukje. Het is geschreven door kunstmatige intelligentie (AI) – en die spaart de krant niet.
Van de vele duizenden reacties op het nieuwe beleid heeft de AI namens de krant een samenvatting gemaakt. „In de commentaren komt aanzienlijke ontevredenheid tot uitdrukking”, concludeert de AI droogjes. De nieuwe aanpak heeft tot „talrijke opzeggingen” geleid.
Wie wil kan de reacties stuk voor stuk doornemen. De krant had er donderdag tegen het eind van de middag (Nederlandse tijd) meer dan 9.000 binnengekregen. Slecht nieuws voor de Post, die afgelopen jaar bij een eerdere affaire een kwart miljoen lezers verloor en volgens The Wall Street Journal een verlies leed van 100 miljoen dollar.
Steen des aanstoots is nu een bericht dat miljardair en Amazon-oprichter Bezos (die de krant in 2013 voor 250 miljoen dollar kocht) woensdag aan de medewerkers van de Post stuurde. Ook op sociale media verspreidde hij het bericht. Voortaan zullen op de opiniepagina’s iedere dag stukken staan die steun uitspreken voor „twee pijlers”: persoonlijke vrijheden en vrije markten, kondigt hij aan. „Visies die in strijd zijn met die pijlers, zullen we aan andere publicaties overlaten.”
Achterhaald
Bezos vindt het idee achterhaald dat opiniepagina’s een breed overzicht van verschillende visies moeten presenteren. „Dat doet het internet nu.”
Niet alleen onder lezers, maar ook op de eigen redactie kwam dat hard aan. Is dit een nieuw teken dat Bezos de krant acceptabeler wil maken voor president Trump en zijn aanhang?
Kort voor de verkiezingen had Bezos al een commentaar tegengehouden waarin de krant steun zou uitspreken voor Kamala Harris
Kort voor de verkiezingen had Bezos al een commentaar tegengehouden waarin de krant steun zou uitspreken voor Kamala Harris. Dat leidde tot 250.000 opzeggingen en het vertrek van enkele prominente redacteuren naar The New York Times. Op 20 januari had Bezos, net als andere technologie-bazen, een ereplaats bij de inauguratie van president Trump – die hem in zijn eerste termijn herhaaldelijk op de korrel had genomen vanwege kritische stukken in The Washington Post.
De gezaghebbende economieredacteur van de Post, Jeff Stein, reageerde woensdag fel op de aankondiging van Bezos. Hij noemde het „een grote inbreuk op de opiniepagina’s, die duidelijk maakt dat afwijkende meningen niet meer gepubliceerd of getolereerd zullen worden”. Een oud-redactiechef die nog af en toe voor de krant werkt zegde verdere medewerking op, vanwege de „onacceptabele erosie van het streven naar een gezonde diversiteit aan meningen en argumenten”.
Stein schrijft dat de nieuwsredactie van de Post nog geen last heeft van inmenging van Bezos in haar journalistiek. „Maar als hij dat probeert zal ik onmiddellijk opstappen.” Bij Amerikaanse kranten bestaat een sterke scheiding tussen enerzijds de nieuwsredactie, onder leiding van de hoofdredacteur, en anderzijds de opinieredactie en de commentaren, waar de uitgever en de eigenaar over gaan.
Lees ook
Een krant die zich uitspreekt voor een presidentskandidaat – is dat nog wel van deze tijd?
Ideologisch geladen
De ergernis over de koerswijziging richt zich niet alleen op de oekaze – nog wel in naam van de vrijheid – dat op de opiniepagina’s geen plaats meer zal zijn voor meningen die afwijken van de ‘twee pijlers’. Ook de onschuldig klinkende toewijding aan „persoonlijke vrijheden” en „vrije markten” wekt kritiek. Deze termen zijn volgens critici sterk ideologisch geladen. Ze zouden bij rechtse denktanks al jaren gebruikt worden om te pleiten tegen Obamacare, belastingen, vakbondsrechten en regulering van bedrijven door de overheid.
Op de website Unherd schreef de conservatieve journalist Sohrab Ahmari dat Bezos van de opiniepagina van de Post „een denktank voor miljardairs” maakt. „Zo blijft The New York Times over als enige landelijke papieren krant waar auteurs nog kunnen pleiten voor meer vakbonden en een steviger aanpak van kartels of monopolies.”
<dmt-util-bar article="4884712" headline="De lezers zijn boos, krijgt The Washington Post van zijn AI te horen” url=”https://www.nrc.nl/nieuws/2025/02/27/de-lezers-zijn-boos-krijgt-the-washington-post-van-zijn-ai-te-horen-a4884712″>