Bart De Wever moet als nieuwe premier het ‘zieke’ België genezen

De inkt op het Belgische regeerakkoord is nog nat, de ministerpuzzel wordt nog gelegd en zowel de volledige politieke achterban als het parlement moeten formeel hun zege nog geven. Maar binnen alle politieke onzekerheid overheerst een zekerheid. Bij groen licht zal politicus Bart De Wever het ‘Schoon Verdiep’ van het Antwerpse stadhuis verruilen voor de ‘Zestien’, zoals de zetel van de Belgische eerste minister in Brussel wordt genoemd.

De Wever wordt daarmee de eerste Vlaams-nationalistische premier van België, al is de Antwerpse burgemeester de Vlaamse politiek allang ontstegen. Niet voor niets wordt hij in de media de ‘pater familias’ van de Belgische politiek genoemd.


Lees ook

België heeft bijna een nieuwe regering en als de achterbannen steun geven gebeurt iets historisch: voor het eerst een Vlaams-nationalistische premier

Formateur Bart De Wever ging vrijdagavond langs bij de Belgische koning Filip om verslag uit te brengen.

In de bijna acht maanden durende formatie – die daarmee de top drie van de langstdurende formaties in België haalde – bleef zijn positie onbetwist. Alleen al voor zijn uithoudingsvermogen verdient De Wever krediet, stelt Bert Bultinck, hoofdredacteur van politiek weekblad Knack. „Hij heeft maandenlang steeds opnieuw ongeveer dezelfde formatienota voorgelegd, een bizarre strategie. Een beetje meer creativiteit, zowel inhoudelijk als onderhandelingstechnisch, was ongetwijfeld nuttig geweest.”

Maar het tekent ook de standvastigheid van de bestuurder aan zijn politieke agenda: België sociaal-economisch grondig hervormen. „Ik adem politiek, ik ben hiervoor geboren”, zegt De Wever in de documentaire BDW. Politiek Beest, die afgelopen najaar tienduizenden Belgen naar de bioscoop trok.

Arbeidersfamilie

Geboren in 1970 in Mortsel, groeide De Wever in de provincie van Antwerpen op in een arbeidersfamilie met Vlaams-nationalistische wortels. Als scholier was hij al lid van het Vlaams Nationaal Jeugdverbond. Na twee jaar rechten te hebben gestudeerd, schakelde hij over op de studie geschiedenis aan de Universiteit van Leuven, en was hij actief in liberale studentenbewegingen. Eind jaren negentig studeerde hij af en werkte in de academische wereld, voor hij zich in 2002 voltijds op de Vlaamse politiek toelegde. In 2004 werd hij partijvoorzitter van de Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA), een rol die hij tot op de dag van vandaag bekleedt.

Hij verklaarde zich bereid dat voorzitterschap op te geven als de N-VA onder de 22 procent zou uitkomen bij de verkiezingen in juni 2024. Het werd 23,9 procent. En waar hij vorige maand nog zijn derde eed als burgemeester van Antwerpen aflegde, maakt hij zich nu op voor het premierschap.

De Wever is de crisismanager die België niet bankroet moet laten gaan

Carl Devos
hoogleraar politieke wetenschappen

Bijtende kritiek

De Wever is kritisch over de complexiteit van België: een land met hoge belastingen en hoge schulden dat te weinig diensten levert aan zijn burgers. Lange tijd werd hij gezien als provocatief, als hij uithaalde naar vakbonden, „wereldvreemde rechters” en andere politici. Kenners stellen dat zijn bijtende kritiek op België – in 2010 noemde hij het land in het Duitse blad Der Spiegel „de zieke man van Europa” – moet verhullen dat hij een weifelend politicus is. „Hij is de winnaar die niet zoveel met de overwinning doet: goed in verkiezingen winnen, minder goed in het veranderen van het land”, aldus Bultinck.

Als burgervader van Antwerpen (sinds 2013) maakte hij het thema veiligheid tot een van zijn politieke speerpunten. Maar de havenstad bleef kampen met drugscriminaliteit en terroristische dreigingen. De Wever zelf kreeg politiebeveiliging na publieke doodsbedreigingen, een varkenskop voor zijn voordeur en een bijl door de ruit.

De afgelopen jaren matigde hij zijn toon, zonder zijn boodschap te verliezen. Carl Devos, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit Gent: „De Wever is de crisismanager die België niet bankroet moet laten gaan. Is hij een bijzonder figuur? Ja, maar ook een uitzonderlijk politicus. Als iemand het kan, is hij het.”

‘Klassiek-rechts’

Waar hij als Vlaams-nationalist ooit op de Waalse harten trapte, wint hij tegenwoordig aan populariteit buiten de Vlaamse grenzen. „Uiteindelijk is De Wever toch meer een conservatief dan een Vlaams-nationalist”, aldus Bultinck. Ook niet onbelangrijk: zijn ferme houding in de strijd tegen opkomend radicaal-rechts. Voor de verkiezingen sloot hij in het VRT-verkiezingsprogramma Eerste keus een samenwerking met de radicaal-rechtse partij Vlaams Belang van Tom Van Grieken uit. En hij hield voet bij stuk. Opvallend, in een politiek klimaat waarin uiterst rechtse partijen steeds vaker de weg naar de macht vinden met de hulp van centrum-rechts, zoals ook gebeurde in de Nederlandse samenwerking tussen de VVD en de PVV.  


Lees ook

Radicaal-rechts in Europa was de afgelopen decennia nooit zo groot als nu, blijkt uit analyse

PVV-leider Geert Wilders op de Haagse markt voor de campagne voor de Europese verkiezingen van juni dit jaar.

Dit leverde de ‘klassiek-rechtse’ De Wever in Wallonië respect op, net als zijn uitstekende beheersing van het Frans. De Wever zorgde zo voor een van de „grootste turnarounds” in de Vlaamse politieke geschiedenis, aldus een verbaasde De Wever in de documentaire over het verlies van Vlaams Belang.

Hij is niet bang verantwoordelijkheid te nemen voor het „noodlot” dat hem treft door premier te worden, stelt hij. „Wie in dit land zegt: ‘Joepie, ik kan premier worden’, is op zoek naar eer en is eigenlijk niet geschikt voor de job. Er staan ons zeer onpopulaire maatregelen te wachten”, schetste De Wever eind december in de Gazet van Antwerpen.

Maar volstaan zijn politieke ervaring en gezag om het tot een ware staatsman te schoppen, om België te ‘genezen’? De ideologische verschillen in de zogeheten Arizona-coalitie zijn groot, met risico op gerommel tussen de vijf partijen. De Wever: „Als ik hierop in 2029 word afgerekend, dan is dat maar zo. Ik ben dan bijna zestig. Mijn vrouw en ik leven sober en hebben gespaard. Ik hoef me over de toekomst geen zorgen te maken.”